Ha fijn, ha fijn een euro en florijn

    Wat velen al vermoedden werd eergisteren bevestigd: de Nederlandse regering heeft een Plan B achter de hand om de gulden weer in te voeren mocht het fout lopen met de euro. Is het beter om terug te keren naar de gulden?

    Eergisteren gaf Dijsselbloem het dan eindelijk toe: de Nederlandse regering heeft een scenario klaarliggen, met de weinig aan de verbeelding overlatende codenaam 'Florijn', mocht het misgaan met de euro. Het is opmerkelijk dat de minister van Financiën zich hier openlijk over uitlaat, want financiële markten weten nu dat ons land (en Duitsland) een noodscenario achter de hand heeft, waarmee vergeleken de 'bazooka' van Draghi kinderspel is. Overigens voegde Dijsselbloem er begrijpelijkerwijs onmiddellijk aan toe dat zijn voorkeur uitging naar het behouden van de euro. Hij had in zijn hoedanigheid ook moeilijk wat anders kunnen zeggen. De hamvraag die zich aandient is: is de euro wel houdbaar? En zo niet, wat dan? In deze bijdrage zal ik nader ingaan op deze vragen.

    Debat over alternatieven begint nu ook in NL op gang te komen

    In Duitsland wordt al veel langer en in alle hevigheid gedebatteerd over de houdbaarheid van de euro als gemeenschapsmunt. Niet alleen onder economen, maar juist en vooral in dag- en weekbladen. Vrijwel elke dag staat er wel een stuk in één van de Duitse kranten. Ook van buitenlandse economen. Recent nog pleitte de Amerikaanse econoom Allan Meltzer voor een opdeling in een Noord- en Zuid euro, daarbij aansluitend op de visie van Hans-Olaf Henkel van AfD.
    Ook in Nederland vragen steeds meer mensen zich af of er nog wel een toekomst is voor de euro
    Het debat over alternatieven begint nu dan ook in Nederland eindelijk op gang te komen. Eergisteren was er ook een een economendebat in het ABNAMRO hoofdkantoor over de vraag of er nog wel een toekomst is voor de euro. Het lijkt er langzaam op dat Nederland een taboe minder heeft. Beter laat dan nooit zou je bijna zeggen. Schrijver dezes houdt zich nu ruim vier jaar met de eurocrisis bezig, hij heeft er zelfs een boek over geschreven, met uitgebreid voorwoord van de eerdergenoemde professor Hans-Olaf Henkel. Het valt me op dat het debat over de euro geen rationeel debat is. Dat komt omdat de euro een munt is, die om politieke redenen is ingevoerd. Het is daarom in mijn ogen verstandig dat er een scherp onderscheid wordt gemaakt tussen de monetair-economische aspecten en de politieke. Als het gaat over de monetair-economische aspecten zijn er zeer veel goede redenen om het bestaansrecht van de munt in twijfel te trekken. Preciezer geformuleerd: om de constructie van deze eurozone in twijfel te trekken, want dáár wringt de schoen. De eurozone is geen optimaal valutagebied en de economische verschillen tussen de deelnemende lidstaten zijn groot. En niet alleen de economische verschillen, ook de politieke, de culturele en de institutionele verschillen zijn groot. Om over de taalverschillen nog maar te zwijgen.
    'Ook de Verenigde Staten hebben er 150 jaar over gedaan om één land met één munt te worden'
    Sommige voorstanders van de euro wijzen er op, dat óók de Verenigde Staten er anderhalve eeuw over hebben gedaan om één land te worden en de dollar uit te laten groeien tot wereldmunt. Dat is waar, maar men kan zich afvragen of een dergelijk scenario ook voor de vele Europese landen haalbaar is. We zijn pas vijftien jaar onderweg met de euro en in plaats van de beloofde welvaart en werkgelegenheid kregen we een nachtmerrie van massale werkloosheid en stagnerende economieën. Eerst in het zuiden en nu ook in het noorden. Moeten we nog 135 jaar in het donker zitten dan?

    Het kan ook anders

    Het kan ook anders. Laten we eens kijken naar de belangrijkste oorzaak van de problematiek. Dat is zonder enige twijfel het keurslijf die de munt de deelnemende landen oplegt, waardoor het concurrentievermogen van de zwakke lidstaten afgebrokkeld is. Die landen konden vroeger hun nationale munt monetair devalueren waardoor ze in één klap weer concurrerend werden. Dat kan nu niet meer. Ook konden de centrale banken van die landen vroeger een rentebeleid voeren, dat specifiek was toegesneden op de kracht (zwakte) van hun economie. Ook dat kan nu niet meer. In vrijwel alle gevallen helpt het om bij het oplossen van problemen naar de oorzaken ervan te kijken.
    Ingenieurs hebben er een handje van naar oplossingen te willen zoeken
    Zeker ingenieurs hebben daar een handje van. Zo ook Euro-researcher André ten Dam, die een allesomvattend ontwerp maakte, dat zowel de euro als enig wettig betaalmiddel handhaaft, de eurozone in tact laat, als de noodzakelijke monetaire flexibiliteit mogelijk maakt, waardoor de deelnemende landen zich uit de euro-gevangenis kunnen bevrijden. Over dat ontwerp, The Matheo Solution, is ook op FTM al de nodige keren geschreven. Zie hier en hier bijvoorbeeld.

    Stabiliteits- en Groei Pact juist gemaakt voor de euro

    Als we er van uit mogen gaan dat zowel voor- als tegenstanders van de euro in elk geval het beste willen voor iedereen (meer welvaart, meer banen), dan is dat een fraai gemeenschappelijk vertrekpunt. Het roept dan wel onmiddellijk de vraag op waarom de eurozone al binnen tien jaar na introductie van de euro in de economische problemen kwam. Een crisis die nu al vijf lange jaren voortmoddert en waarbij nog geen uitzicht is op structureel herstel. Ligt dat dan aan het Stabiliteits en Groei Pact (SGP)? Als dat zo is dan is dat wel vreemd, want dat Pact is juist gesloten om de euro te laten werken. Immers, alle economieën moesten naar elkaar toe convergeren. Maar nu de crisis haar eerste dubieuze lustrum heeft gevierd gaan er stemmen op om dit Pact maar op te zeggen. Vroegere vurig pleitbezorger Coen Teulings is bijvoorbeeld die mening toegedaan. Volgens hem zit dat Pact Europa alleen maar in de weg. Partijgenoot en Eurogroep voorzitter Dijsselbloem daarentegen wil dat het Pact gehandhaafd blijft, want 'het biedt voldoende flexibiliteit'. Handhaving vindt de Dijs juist 'heel belangrijk', omdat het de markten 'vertrouwen' geeft in de eenheidsmunt. Wat echter wel weer opmerkelijk is, is dat het scenario van ‘terug naar nationale munten’ door minister Dijsselbloem als een ‘rampscenario’ wordt getypeerd, terwijl de Nederlandse regering in nauwe samenspraak met DNB wel een dergelijk scenario klaar had liggen.
    Dijsselbloem noemt 'Florijn' een 'rampscenario', maar de realiteit is massale werkloosheid en stagnatie
    Klaarblijkelijk kiest de regering voor een terugkeer naar nationale munten en niet voor een splitsing van de eurozone in een noordelijk en zuidelijk deel, zoals Meltzer opperde. Maar wie kijkt naar de afgelopen vijf jaren ziet natuurlijk dat het werkelijke rampscenario de door de EU ingevoerde ‘one-size-fits-all’ euro is. De economische data inzake groei en werkgelegenheid tonen dat feitelijk aan. Zelfs de Duitse economie hapert en moest haar groeiverwachtingen bijstellen. Van alle grote economische blokken in de wereld doet de eurozone het 't slechtst. Er is dus iets mis daarmee. En wat nu?

    Doormodderscenario slechtste van allemaal

    Economisch researcher en DFT-columnist Harry Geels van vermogensbeheerder Inmaxxa vergeleek diverse alternatieven voor de euro en stopte die in een matrix, zie onder (klik op afbeelding voor vergroten): Euro-oplossingsmatrix Hieruit blijkt, dat het huidige 'doormodderscenario' van het dozijn onderzochte alternatieven er het slechtst vanaf komt: helemaal onderaan op de twaalfde plaats. De beste drie scenario's worden gevormd door het scenario dat voorziet in een gecontroleerde terugkeer naar nationale munten (op plek 3); het scenario waarbij nationale valuta parallel aan de euro worden ingevoerd (op plek 2); en als verreweg beste scenario komt The Matheo Solution (TMS) uit de bus. Alle deze drie scenario's scoren hoog op de belangrijke criteria 'economische groei' en 'aflossingscapaciteit staatsschulden'. Echter, TMS scoort daarnaast ook bijzonder goed op de criteria 'Europese Eenheid', 'Politieke Stabiliteit', 'Acceptatie door bevolking', 'Eurozone private investeringen, 'Stabiliteit Financieel Stelsel','Monetaire Stabiliteit', 'Duurzame Prijsstabiliteit' en 'Uitvoerbaarheid'. Bovendien scoort TMS -als enige- op geen enkel criterium negatief.

    Eurocrisis is tweezijdige vraagcrisis

    We hebben met de eurocrisis in feite te maken met een tweezijdige vraagcrisis. Aan de ene kant zorgt de te dure euro in de economieën van de zwakkere eurolanden voor ernstige vraaguitval als gevolg van de rigoureuze interne devaluatie die wordt afgedwongen door het hervormingsbeleid van de troika (EC, ECB en IMF). Deze vraaguitval belet het herstel van de economie, aangezien de vraag naar producten en diensten in die landen voor een belangrijk deel is ingestort.
    De eurocrisis duurt maar en duurt maar; genomen maatregelen zijn vooral symptoombestrijding
    En zo duurt de crisis in die landen dus eindeloos voort. Overigens zou zelfs een succesvol doorvoeren van die hervormingen in die landen (waar men in Frankrijk en Italië nog niet eens aan begonnen is) nog altijd ruim onvoldoende zijn om de gapende concurrentiekloof met de sterkere landen te kunnen dichten, doch dat terzijde. Toch zal hoe dan ook het loon- en prijsniveau in die zwakkere landen drastisch verlaagd moeten worden. Zonder aanpassing van de wisselkoers van de zwakkere landen tegenover die van de sterkere landen leidt een dergelijk proces natuurlijk tot deflatie en nog verdere vraaguitval. Een deflatoire spiraal dreigt. Herstel in de zwakke landen kan dus uitsluitend worden gevonden in aanpassing (verlaging) van de wisselkoers van de zwakkere landen ten opzichte van die van de sterkere landen en een voor ieder individueel zwak euroland specifiek opgesteld rentebeleid. Alle tot nu toe genomen (en nog te nemen) crisismaatregelen zijn niets meer dan symptoombestrijding in plaats van het wegnemen van de (hoofd)oorzaak daarvan. Tegelijkertijd blokkeert de voor de sterkere landen juist te goedkope euro een gezonde koopkrachtontwikkeling. De te goedkope euro stimuleert in de sterkere landen weliswaar de export (naar markten buiten de eurozone), maar verlaagt tevens de veel belangrijkere binnenlandse koopkracht en binnenland-gerelateerde economie. Dus ook in de sterkere eurolanden veroorzaakt de eenheidseuro vraaguitval en malaise. Investeringen beperken zich voornamelijk tot export-gerelateerde investeringen. En zo duurt de crisis in die sterkere landen dus ook onnodig voort. Herstel in de sterkere landen kan bespoedigd worden door aanpassing (verhoging) van de wisselkoers van de sterkere landen tegenover die van de zwakkere landen en een voor ieder individueel sterk euroland specifiek opgesteld rentebeleid. Deze tweezijdige vraagcrisis als gevolg van het Europact heeft in de eurozone dus geresulteerd in een Japan-scenario. Voor een economisch herstel, investeringen en banengroei in de eurozone is derhalve een herintroductie van wisselkoersen en een landenspecifiek rentebeleid nodig, die recht doen aan de economische verschillen tussen de diverse eurolanden. Dan kunnen de economische onevenwichtigheden tussen de landen in één klap gecorrigeerd worden. Uiteraard zal vanzelfsprekend ook de schulden- en bankenproblematiek adequaat geadresseerd moeten worden, maar niet via bankschulddeling, maar op een veel slimmere manier (zie TMS website). Echter, zolang de Europese beleidsmakers en nationale regeringen blijven weigeren hun ‘holy grail’ te 'offeren', zal van het gewenste krachtige economisch herstel en banengroei in de eurolanden geen sprake kunnen zijn. Die 300 miljard euro die Juncker daarvoor uit wil trekken levert geen bijdrage aan een structurele oplossing van de europroblematiek en betekent uitstel van executie. Klik hier om mij te volgen op twitter Klik hier voor een overzicht van mijn stukken

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Jean Wanningen

    Gevolgd door 229 leden

    Jean Wanningen (Weert, 1957) is een veelkleurige persoonlijkheid. Ging na ‘verkeerde’ studies bij een gerenommeerde investmen...

    Volg Jean Wanningen
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren