De Universiteit van Amsterdam (UvA) heeft Henk Volberda benoemd tot hoogleraar Strategic Management & Innovation. Dat is opmerkelijk: de wetenschappelijk integriteit van Volberda staat ter discussie. Er loopt een integriteitsonderzoek naar zijn handelen bij zijn oud-werkgever, de Erasmus Universiteit (EUR).

    Begin dit jaar stapte Henk Volberda plots op als hoogleraar Strategic Management and Business Policy aan de Rotterdam School of Management (RSM), de grootste faculteit van de Erasmus Universiteit (EUR). Na 22 jaar trouwe dienst kijkt Volberda terug op ‘een goede tijd’, waarin hem ‘fantastische mogelijkheden werden geboden’. Nu is hij echter ‘klaar voor een nieuwe uitdaging’, aldus het persbericht van de RSM.

    Met Volberda verliest de RSM een prominente hoogleraar met talloze publicaties op zijn naam en uitstekende banden met het bedrijfsleven. Volberda is bovendien expertlid van het World Economic Forum en een graag geziene media-gast bij gesprekken over innovatie en het Nederlandse vestigingsklimaat.

    Een aderlating voor de RSM dus, zou je op basis van die informatie zeggen. In het persbericht wordt echter met geen woord gerept over het minder fraaie hoofdstuk uit Volberda's RSM-carrière: hij verzuimde zijn opdrachtgevers en financiers te vermelden op een onderzoeksrapport dat hij in 2009 vervaardigde voor vijf grote multinationals en VNO-NCW. Hoewel de opdrachtbevestiging is afgedrukt op Shell-briefpapier, houdt Volberda tot op de dag van vandaag vol dat alleen VNO-NCW opdrachtgever voor het rapport was en dat hij niets verkeerds heeft gedaan.

    Het rapport deed vervolgens meermaals dienst in de lobby voor belastingverlagingen, en bleek vorig jaar de enige wetenschappelijke bron van het kabinet voor de afschaffing van de dividendbelasting. Methodologisch viel er op het rapport nochtans het nodige af te dingen: ‘Als het een scriptie was die ik moest beoordelen, dan zou ik de student adviseren om daar toch nog eens goed naar te kijken,’ oordeelde hoogleraar onderzoeksmethodologie Bernard Veldkamp vorig jaar.

    In 2017 kwam uit onderzoek van duurzaamheids-denktank Changerism naar voren dat Shell de rekening voor het onderzoeksrapport van Volberda had betaald. Uit nader onderzoek van Follow the Money bleek later dat ook Unilever, DSM, Philips en Akzo Nobel tot de opdrachtgevers behoorden. Het feit dat Volberda deze opdrachtgevers en financiers niet vermeldde op het onderzoeksrapport, is in strijd met de Nederlandse Gedragscode Wetenschapsbeoefening.

    Na het noemen van de naam ‘Follow the Money’ verbrak Volberda abrupt de verbinding

    Vatan Hüzeir, hoofdonderzoeker van Changerism en promovendus aan de EUR, diende daarom in november 2017 een tuchtklacht in tegen Henk Volberda wegens vermeende schending van de wetenschappelijke integriteit. Die zaak is in behandeling bij de Commissie Wetenschappelijk Integriteit van de EUR. 

    Aanstelling bij de Universiteit van Amsterdam

    Het is niet bekend of het integriteitsonderzoek aanleiding vormde voor Volberda’s vertrek bij de RSM. Volberda zelf was niet bereid om zijn vertrek toe te lichten: hij belde terug na een gemiste oproep, maar na het noemen van de naam ‘Follow the Money’ verbrak hij abrupt de verbinding. Bij pogingen daarna nam hij helemaal niet meer op. 

    De RSM meldt Follow the Money dat Volberda op eigen initiatief heeft gekozen voor een overstap naar de Amsterdam Business School (ABS), een faculteit van de Universiteit van Amsterdam (UvA). Aan die faculteit wordt Volberda hoogleraar Strategic Management & Innovation, een nieuw gecreëerde leerstoel.

    Dat de ABS Volberda heeft benoemd, is opmerkelijk: de Amsterdamse universiteit onderschrijft immers de VSNU-gedragscode Wetenschappelijke Integriteit. In die gedragscode is opgenomen dat onderzoekers open moeten zijn over de rol van externe belanghebbenden (zoals financiers en opdrachtgevers).

    Op basis van openbare informatie valt onomstotelijk vast te stellen dat Volberda allesbehalve open was over de financiers en opdrachtgevers van zijn omstreden onderzoek. Je zou dus mogen verwachten dat het lopende integriteitsonderzoek bij de sollicitatieprocedure van Volberda in ieder geval voor een red flag heeft gezorgd.

    Geheimhoudingsplicht

    Ook opmerkelijk aan de aanstelling is de timing: Volberda is benoemd terwijl het integriteitsonderzoek nog in behandeling is. De UvA achtte het kennelijk niet nodig om de uitslag daarvan af te wachten. Het zou dus zomaar kunnen dat Volberda officieel wordt veroordeeld voor het schenden van de wetenschappelijke integriteitsnormen vlak nadat de eerste groep Amsterdamse studenten zich aan zijn bureau heeft gemeld.

    Dit is geen goede reclame voor de universiteiten

    De UvA-persvoorlichter zegt aan een zorgvuldige benoemingsprocedure te hechten en schrijft: ‘De UvA is op de hoogte en kent de zaak. De lopende procedure was voor het College van Bestuur geen aanleiding om de heer Volberda niet te benoemen, danwel de benoeming uit te stellen.’

    Maar op basis van welke informatie is het College van Bestuur van de UvA tot die conclusie gekomen? Over de voortgang van de zaak is officieel immers niets bekend: de Klachtenregeling Wetenschappelijke Integriteit van de EUR schrijft een geheimhoudingsplicht voor. Op vragen van Follow the Money meldt de RSM geen inhoudelijke uitspraken te mogen doen gedurende de looptijd van het onderzoeksproces.

    Op de vraag of het College van Bestuur inzicht heeft gehad in de lopende procedure, of dat zij zich slechts op de openbare berichtgeving in de media baseert, antwoordt de UvA: ‘Er is contact geweest tussen beide instellingen, dus niet alleen uit de media vernomen.’ Op de vraag wat dit 'contact' precies inhield, geeft de UvA geen antwoord. De RSM wil niet bevestigen dat er inhoudelijke informatie is gedeeld en verwijst naar het eerdere antwoord: 'Het betreft procedures die moeten worden afgewikkeld op basis van vertrouwelijkheid.’

    De UvA heeft Volberda dus ofwel benoemd op basis van onvolledige informatie over de lopende tuchtzaak, ofwel heeft de EUR haar geheimhoudingsplicht geschonden omwille van de sollicitatieprocedure. In het eerste geval zou de UvA het niet zo nauw nemen met haar eigen integriteitsbeleid. In het tweede geval zou de EUR informatie hebben gedeeld over een lopend integriteitsonderzoek, hetgeen niet bepaald vertrouwenwekkend is voor de onafhankelijke behandeling van de tuchtklacht. Welk scenario ook gevolgd is, het is geen goede reclame voor de integriteit van de universiteiten. 

    De uitslag van het integriteitsonderzoek zal uiteindelijk worden gepubliceerd op de website van de VSNU. De UvA wil niet vooruitlopen op de eventuele gevolgen voor Volberda wanneer het integriteitsonderzoek hem niet volledig vrijpleit van verwijtbaar gedrag of integriteitsschending. 

    RSM beëindigt contract met Shell

    Wat de uitkomst van het integriteitsonderzoek naar Volberda ook zal zijn, de openbaringen van Changerism en berichtgeving van Follow the Money daarover hebben in elk geval geleid tot een herziening van de nauwe banden tussen Shell en de RSM. Het onderzoeksinstituut zei onlangs de samenwerking met het oliebedrijf op. Het Shell & RSM Partnership dat beide partijen in 2012 ondertekenden, werd in mei 2018 al herzien, maar het aangepaste contract was geen lang leven beschoren. In december 2018 werd het contract met wederzijdse instemming beëindigd. 

    Vatan Hüzeir, initiatiefnemer van Changerism, claimt die beëindiging in NRC Handelsblad als een 'historische overwinning.' Hij schrijft: 'Het is de eerste keer dat in Nederland een universiteit een formeel samenwerkingsverband met een fossiel energiebedrijf voortijdig en volledig beëindigt en dat dat gebeurt in het kader van de discussie over de rol van universiteiten in het faciliteren van klimaatverandering.' 

    De RSM zegt echter niets over de maatschappelijke discussie over klimaatverandering in de besluitvorming. Specifieke vragen van Follow the Money over het aandeel van het Changerism-onderzoek in de beëindiging van het contract met Shell worden in eerste instantie niet beantwoord door de persvoorlichter van de RSM. Na aandringen schrijft ze in tweede instantie: 'Changerism heeft daar geen rol bij gespeeld.' 

    Dat is zeer ongeloofwaardig. Hoewel de RSM het Changerism-rapport in de eerste instantie nog ‘tendentieus, vooringenomen, feitelijk onjuist en beneden academische standaard’ noemde en de beschuldigen aan het adres van Volberda bestempelde als 'ongefundeerd', laaide ereen hevige maatschappelijke discussie over integriteit en onafhankelijkheid bij de RSM op. Daarna zag de RSM zich genoodzaakt de commissie-Mols aan te stellen en het omstreden contract met Shell opnieuw te bekijken.

    Het is nog niet openbaar welke maatregelen inmiddels zijn doorgevoerd naar aanleiding van de aanbevelingen van de commissie-Mols. Wel heeft RSM-decaan Steef van de Velde een voortgangsrapportage over de verzochte aanpassingen binnen de faculteit verstuurd naar het College van Bestuur (CvB) van de EUR. ’Het CvB zal het rapport eerst zelf bestuderen, voordat de voortgang van de aanbevelingen uit het rapport-Mols, samen met EUR-brede acties op het gebied van wetenschappelijke integriteit, publiekelijk worden gedeeld’, aldus de RSM-woordvoerder.

    Lees verder Inklappen

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Thomas Bollen

    Gevolgd door 1585 leden

    Onderzoekt als financieel econoom de 'economische religie' om nuttige inzichten van dogma's te scheiden.

    Volg Thomas Bollen
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren
    Dit artikel zit in het dossier

    Wetenschap op bestelling

    Gevolgd door 426 leden

    Het onderzoeksbudget aan universiteiten is de afgelopen jaren afgeknepen. Academische onderzoekers gaan daardoor noodgedwonge...

    Volg dossier