Het dodelijke broodje Foppen-zalm [Reconstructie]

    De salmonellavergiftiging in 2012 door zalm van de firma Foppen trof tienduizenden mensen, er vielen doden. Onderzoeksjournalisten Marcel van Silfhout & Jan Taco te Gussinklo leggen in een reconstructie het drama bloot en staan stil bij de onbegrijpelijk coulante houding van de Onderzoeksraad.

    Door Marcel van Silfhout & Jan Taco te Gussinklo Heel Europa herinnert zich de paardenvleesaffaire. Toch ging daar in Nederland een ernstiger en dodelijker voedselramp aan vooraf die veel minder media-aandacht trok: de uitbraak van een salmonellabesmetting bij het familiebedrijf Foppen uit Harderwijk. In zomer en najaar van 2012 vielen er in Nederland zeker vier en misschien wel 24 doden. 1200 mensen werden flink ziek, terwijl het aantal besmettingen zo’n 23.000 mensen betrof. Foppen, marktleider in gerookte zalm in Nederland en tevens leverancier in Europa en de VS, kreeg te maken met de Onderzoeksraad. De raad kwam met een voor het bedrijf opmerkelijk mild oordeel. Veel te mild, blijkt nu. Omroep Gelderland ontdekte recentelijk al dat het megabedrijf flink wat boetes op zijn naam had heeft staan bij de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit (NVWA), Foppen grossiert er haast in. Volgens Nvwa-bronnen gaat het eindelijk wel wat beter bij Foppen door maandenlang boven op het bedrijf te zitten. 'Onze zorg gaat eigenlijk op dit moment uit naar andere bedrijven in de visverwerkende industrie.' Maar in het rapport van de Onderzoeksraad werd niets over deze boetes gemeld, terwijl het bedrijf ook daarna nog in de NVWA-categorie ‘rood stoplicht’ blijkt te zitten. Oud-voorzitter van de Onderzoeksraad, prof. mr. Pieter van Vollenhoven, stelde op Omroep Gelderland dat de Onderzoeksraad heeft gefaald en dat het onderzoek opnieuw moet. Kan gebeuren toch, dat er eens een onderzoek niet goed genoeg is?

    Alsnog aangifte op komst

    Van Vollenhovens pleidooi voor hernieuwd onderzoek haalde de nationale pers niet. Ook in de Kamer bleef een reactie op zijn toch opmerkelijke harde oordeel uit.
    De salmonella-zalm-affaire krijgt ondanks het zwijgen van pers en tweede kamer alsnog een flinke staart
    De salmonella-zalm-affaire krijgt niettemin alsnog een flinke staart. In de Verenigde Staten dreigt een letselschadezaak. Twee personen uit één gezin werden ziek van gerookte zalm en stellen Foppen aansprakelijk. Hoewel het Harderwijkse bedrijf die aansprakelijkheid ontkent, heeft het volgens de Nederlandse letselschade-expert Yme Drost wel een ‘coulance-uitkering’ gedaan van enkele honderden euro’s. ‘Saillant,’ noemt hij deze betaling. Of er hard bewijs is tegen Foppen in de VS, is nog de vraag. Maar de Foppen-familie mag hoe dan ook juridisch de borst nat gaan maken, want Drost zal deze week aangifte doen tegen de producent van gerookte zalm en paling bij het parket in Arnhem. Drost: ‘Door het milde rapport van de Onderzoeksraad heeft het Openbaar Ministerie in 2014 waarschijnlijk nagelaten om Foppen strafrechtelijk te vervolgen. We hebben nu echter steeds meer signalen dat dit rapport onvoldoende was en dat de bedrijfsprocessen niet op orde waren en zijn.’

    Enge ontwikkeling

    Omdat er hoogstwaarschijnlijk door het Openbaar Ministerie geen officieel besluit is genomen om wel of niet te vervolgen – en er dus ook geen sprake is van een seponering – dient Drost nu zijn aangifte in. Daarmee lokt hij alsnog een besluit uit. Officier van Justitie Ingeborg Koopmans, verbonden aan het Functioneel Parket in ’s Hertogenbosch en degene die veel NVWA- en voedselgerelateerde kwesties doet zoals de paardenvleesaffaire, ziet deze zaak met belangstelling tegemoet. Ook zij stelt: ‘Wellicht is niet ieder rapport van de Onderzoeksraad even goed.’ En: ‘In Nederland wordt het economisch belang nogal eens centraal gesteld.’
    'Wellicht is niet ieder rapport van de Onderzoeksraad even goed'
    Ze noemt dat een enge ontwikkeling wanneer er zoveel doden vallen als met de Q-koorts en Salmonellazalm-affaire. Koopmans: ‘In die gevallen snap ik dat mensen verwachten dat de overheid harder zou ingrijpen.’ 'En,' zegt ze erachteraan, ‘al helemaal wanneer het om een bedrijf gaat dat erg groot is. Want als het daar mis gaat, gaat het meteen op grote schaal mis.’

    Blijvend letsel

    Een strafzaak zal voor menig Salmonella-slachtoffer die Drost heeft bijgestaan een nieuwe dimensie van boetedoening zijn. De meeste slachtoffers hebben een uitkering van Foppens schadeverzekeraar gehad, maar de letselschade is daarmee niet weggepoetst. Neem Peter en Anna de Vries (gefingeerde namen), uit het hoge noorden van Nederland. Hooguit één of twee stukjes zalm, meer was het niet. Na het kerkbezoek op zondag 9 september 2012 was het echtpaar bij hun dochter en kleinkinderen op de koffie gegaan. Daar aten ze een stukje stokbrood met gerookte zalm. Al snel werd Peter ernstig ziek. Anna niet. Een buikgriep, dachten ze. Toen hij een week later niet meer op zijn benen kon staan, schakelde zijn zoon de huisartsenpost in. Een ambulance bracht hem meteen naar de intensive care waar hij, inmiddels buiten westen, aan de beademing ging. Diagnose: longembolie, zenuwletsel, nierfalen, een buik vol bloedstolsels en overal vocht. Wekenlang werd hij in coma gehouden, met de nodige paardenmiddelen om hem in leven te houden. Daarna werd hij overgeplaatst naar een academisch centrum en vervolgens een revalidatieoord. Pas vele maanden later kon hij naar huis.

    dvris Foto: Salmonellaslachtoffer De Vries in het ziekenhuis

     

    Epidemische darminfectieziekte

    De infectie was veroorzaakt door de zalm die hun dochter had gekocht bij de plaatselijke Albert Heijn. De Vries was een van de 1200 Nederlanders die in de zomer van 2012 ziek werden door de grootste salmonellabesmetting ooit in ons land: een epidemische darminfectieziekte die vier oudere mensen fataal werd, maar ook jonge gezonde mensen trof en bij sommige slachtoffers blijvend letsel veroorzaakte. Al deze mensen hadden zalm gegeten die afkomstig was van de Griekse vestiging van het visverwerkende bedrijf Foppen uit Harderwijk. De consument kon de Foppenzalm, ook na bekendmaking van de uitbraak, nauwelijks vermijden omdat bij huismerken de naam van de producent niet wordt vermeld – in de etiketteringsrichtlijnen is dat nog steeds niet veranderd.
    'Hij was helemaal weg’
    Dochter en kleindochter De Vries kregen ook maag -en darmklachten. In de ontlasting van het meisje (2) werd dezelfde bacteriologische infectie gevonden: Salmonella thompson. Het zou toch niet zo zijn dat ook haar dochtertje totaal in shock zou raken? Maar kleindochter en dochter herstelden. Opa niet. ‘Het was vreselijk te zien hoe hij daar in het ziekenhuis lag,’ zegt zijn dochter. ‘Hij was helemaal weg.’ De Vries worstelt tot op de dag van vandaag met zijn gezondheid; hij loopt moeilijk. Van de supermarkt is nooit iets vernomen. Wel heeft de schadeverzekeraar van Foppen aansprakelijkheid erkend. De Vries heeft een financiële genoegdoening gekregen.

    Risico maagzuurremmers

    Hoewel de naam salmonella anders doet vermoeden, heeft de bacterie niets met zalm van doen. De ziekmaker is vernoemd naar zijn ontdekker: de Amerikaanse diergeneeskundige Daniel Elmer Salmon (1850-1914). De veterinair specialist trof de bacterie in 1885 toevallig aan tijdens zijn zoektocht naar de oorzaak van varkenspest, als bijvangst. Het is bekend dat salmonellavergiftigingen – vrijwel altijd het gevolg van besmet voedsel – vooral gevaarlijk zijn voor kinderen, ouderen en mensen met een zwakke gezondheid. De bacterie zit meestal op eieren (39 procent van alle besmettingen) en rauw vlees. Kippenvlees (25 procent), varkensvlees (21 procent) en rundvlees (11 procent) volgen. Al kan Salmonella ook op tomaten, komkommers, kaas of aardbeien zitten. In principe worden de bacteriën onschadelijk gemaakt door ons maagzuur. Als de bacteriën de zure maag overleven, komen ze terecht in de dunne darm. Ook in galblaas en vetafbrekende zouten lossen salmonellabacteriën op. Als de ziekmakende bacteriën toch verder komen en giftige stoffen afscheiden die de darmwand beschadigen, dan leidt dat tot uitdrogingsverschijnselen en kan het lichaam geen voeding en vocht meer opnemen.
    'iedereen die maagzuurremmers slikt, moet zich bewust zijn van een verhoogd risico op voedselinfecties'
    Niet bij iedereen werkt deze natuurlijke barrière tegen micro-organismen, al helemaal niet bij mensen die maagzuurremmers gebruiken. Midden in de zomer van 2014 – de komkommernieuwsperiode – concludeerde het RIVM dat iedereen die dergelijke middelen slikt, zoals ook Peters, zich bewust moet zijn van een verhoogd risico op voedselinfecties. Inclusief jonge mensen. Vrijwel alleen het NOS-journaal maakte hier melding van.

    60.000 besmettingen per jaar

    Dat ook gezonde mensen de dupe kunnen worden van een besmetting ondervond ook letselschade-expert Drost, die dus het echtpaar en diverse andere Foppen-slachtoffers bijstaat. Drost: ‘Mijn plannen om beroepsmilitair te worden, werden doorkruist door een ernstige, gecompliceerde salmonella-infectie’, zegt hij op zijn kantoor in Enschede. ‘Tijdens een oefening aten we een half-rauwe kippenpoot. Ik ontwikkelde langdurige gewrichtsklachten.’ Met succes stelde hij Defensie aansprakelijk, het begin van zijn loopbaan. Zijn eigen infectiegeschiedenis maakt dat hij fel wordt wanneer mensen de gevolgen van een salmonellabesmetting bagatelliseren.
    'Er zijn niet vier, maar zeker zes bewezen sterfgevallen'
    In totaal treft zo’n dit zo’n 60.000 mensen per jaar. Drost heeft Foppen voor ruim 550 mensen met succes aansprakelijk gesteld, bijna de helft van alle getraceerde patiënten. Hij trof ook een bruid wiens bruiloft totaal werd verpest omdat zij en veel gasten plots ziek werden. Drost zegt dat er niet vier, maar zeker zes bewezen sterfgevallen zijn. Het RIVM stelt op basis van statistische extrapolaties dat er waarschijnlijk 24 mensen zijn overleden van de in totaal 23.000 mensen die besmet zijn geraakt. Vooral vrouwen in de leeftijd van 15 tot 25 jaar werden ziek, die houden wel van een gezonde salade met gerookte zalm.

    Geschiedenis van een uitbraak

    Ingrid Friesema, epidemioloog bij het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) in Bilthoven, zal nooit vergeten hoe de uitbraak op hun radar kwam. Op het Centrum Infectieziektebestrijding (CIb) zat een andere analist dan gewoonlijk achter de computer van het RIVM-surveillance-systeem – de centrale databank van infectiemeldingen van huisartsen, GGD’s en ziekenhuizen. De analist zag medio augustus meldingen over menselijke ontlastingmonsters met de zeldzame Salmonella thompson bacterie. Het surveillancesysteem, dat al sinds 1987 draait, slaat automatisch alarm op grond van een algoritme dat afwijkingen signaleert. Deze keer was de analist echter sneller dan de computer. Hij dacht: thompson? Normaal hebben we er daar zeven van in een heel jaar, nu in drie weken tijd al veertien? Dit kan niet goed zijn! Toen Friesema dat hoorde, wist ze meteen: hier moet een gemeenschappelijke bron zijn. Friesema maakte deel uit van het uitbraakteam van RIVM en NVWA. Het was nog een geluk dat het een zeldzame soort salmonella betrof, ‘want anders’, zegt ze, ‘was de epidemie wellicht niet eens opgemerkt’.

    Usual suppects: gehakt, groenten en ijs

    Soms wordt een oorzaak na pakweg twintig ingevulde vragenlijsten onder patiënten gevonden, deze keer waren er veel meer nodig. Net als bij de EHEC-bacterie uitbraak in Hamburg in mei 2011 (53 doden) kwamen de usual suspects eerst onder de loep: gehakt, gesneden groenten en ijs. Lastig waren salades; daar zit van alles in. Pas bij de honderdste vragenlijst was het duidelijk. De beslissende aanwijzing kwam van verschillende supermarktketens die via dezelfde inkooporganisatie zalm hadden ingekocht: de zalm van het familiebedrijf Foppen uit Harderwijk. Het bedrijf werd bezocht en vier dagen later, op een donderdagavond, lukte het om de dader te vinden: de salmonella zat inderdaad in de Foppen-monsters.
    'Voor we wisten dat het zalm was, waren we zes weken verder’
    Onduidelijk was of het de thompson variant betrof, maar er was voldoende bewijslast om te waarschuwen en een terughaalactie te starten. Friesema erkent dat de zoektocht lang duurde. ‘Voor we wisten dat het zalm was, waren we zes weken verder.’ En daar mogen de weken bij worden opgeteld waarin mensen al ziek werden. Het systeem is afhankelijk van huisartsen die hun patiënten vragen om poepmonsters voor laboratoriumonderzoek. ‘Dat is balen,’ want het RIVM loopt dus per definitie ‘achter de feiten aan,’ zegt Friesema.

    Walhalla voor bacteriën

    Eigenaar Jan Foppen doorbrak pas maanden later zijn zelfverkozen stilzwijgen. Tegen NRC (17 november 2012, ongeveer de datum waarop in Ierland de paardenvleesaffaire werd ontdekt) zegt hij dat het bedrijf was overdonderd. Wellicht een misverstand, was de eerste gedachte. Een foutje met monsters? Noch het bedrijf, noch de branche, stelt Foppen, zou bekend zijn met het feit dat salmonellabacteriën ook vis kunnen besmetten. Zoiets was nog nooit gebeurd. Toch was snel duidelijk dat de besmetting uit zijn Foppen-vestiging in Griekenland kwam. En dat was schrikken, want die fabriek, gebouwd met EU-subsidies en geopend in 2010, was een precieze kopie van die in het Nederlandse Harderwijk. Met Nederlanders in het management. Foppen vertelde dat het een nachtmerrie was, want duizend zieken en zelfs doden, ondanks zijn hypermoderne productielijnen, dat deed pijn, financieel en mentaal.

    Besmettingshaard

    De problemen waren begonnen na invoering van nieuwe flexibele en herbruikbare schalen om de gerookte zalm over de productielijnen te transporteren. Duurzaamheidsredenen en wellicht ook kostenbesparingen lagen hieraan ten grondslag. De oude methode, met eenmalig gebruikte gecoate kartonnen platen, leverde een dagelijkse afvalberg van zo’n tienduizend transportschalen op. De nieuwe schaal had een harde en gladde kant met daartussen een laag kunststofschuim. Het bedrijf wist niet dat de tussenlaag poreus was; een walhalla voor ophopende salmonellabacteriën. Het warme Griekse zomerweer deed de temperatuur in de gekoelde ruimtes ook nog eens oplopen. Optimaal voor bacteriën.
    Het bedrijf wist niet dat de tussenlaag poreus was; een walhalla voor ophopende salmonellabacteriën
    In Griekenland is de voedselcontrole mager. Pas in 1999 werd er een controlebureau opgericht, het zogeheten EFET. Griekse kranten publiceerden regelmatig verontrustende berichten over een gebrekkige voedselveiligheid voor de consument omdat de dienst niet of nauwelijks controles uitvoerde. Inmiddels is EFET wel iets beter opgetuigd dan in 1999, maar Europese experts houden hun zorgen, zeker na de Griekse crisis en mega-overheidsbezuinigingen. Deze zalmaffaire roept de vraag op waarom Nederlandse bedrijven in de voedselbranche hun productieprocessen zonder veel kritiek naar landen met een zwakker toezicht hebben verplaatst.

    Boetes drastisch verhoogd

    Overigens gaf EFET Foppen wel een fikse boete van 50.000 euro, vele malen hoger dan de Nederlandse NVWA-boetes die doorgaans hooguit enkele duizenden euro’s bedragen. De lage boetes zijn overigens verleden tijd. Onlangs ging de Kamer akkoord met een wetswijzingen die het mogelijk maken boetes op te leggen tot wel 810.000 euro. 50 tot 80 procent van alle verkochte gerookte zalm in Nederland komt van Foppen. Een riant marktaandeel. Even riant is de ramp als het bij Foppen misgaat. Jaarlijks eten in Nederland een half miljoen mensen bij elkaar zo’n dertig ton gerookte zalm. Het overgrote deel van de 4300 Nederlandse supermarkten verkocht in 2012 de zalm van Foppen, ook in salades. De salmonella-uitbraak verspreidde zich daardoor snel.
    ‘De handel in zalm is net als die van varkens en kippen een vechtmarkt’
    Noorwegen is de wereldmarktleider in vette roze vis. Waar in Nederland begin jaren zeventig de intensieve veeteelt met ongekende aantallen varkens, kippen en (melk)runderen begon, startte Noorwegen in deze periode met het kweken van zalm in de fjorden. Het land heeft een marktaandeel van zestig procent in de wereldwijde zalmproductie. Drost vindt het niet vreemd dat er een Salmonella-uitbraak op zalm is ontstaan. ‘De handel in zalm is net als die van varkens en kippen een vechtmarkt,’ een intensieve, mondiale business waarin kleine marges het concurrentieverschil maken.

    Het onderzoeksrapport

    In november 2013 kwam het rapport van de Onderzoeksraad uit onder de titel Salmonella in gerookte zalm. Opmerkelijk is dat de conclusies kritisch zijn over de NVWA en mild over Foppen. Dat bedrijf, aldus de Raad, zou bij een eerdere besmetting door listeriabacteriën zijn best hebben gedaan om daar iets aan te doen. De raad spreekt over ‘een modern en goed gestructureerd bedrijf met een positief imago’. Foppen werd getroffen door ‘een onfortuinlijke samenloop van omstandigheden’.
    Opmerkelijk is dat de conclusies van de Onderzoeksraad kritisch zijn over de NVWA en mild over Foppen
    Elders in het rapport, in de passages die doorgaans door ‘de pers’ ongelezen worden gelaten, kraakt de Raad wel harde noten over de zalmproducent. Zo waren er al maanden verontrustende cijfers bekend over de zogeheten enterowaarden die wijzen op aanwezigheid van ziektekiemen in het bedrijfsproces. Een medewerker zegt dat voedselveiligheid nu ‘echt een issue is’ om er in één adem achteraan te zeggen: ‘Dat was het niet.’ Een ander punt uit het rapport: ‘Het bedrijf leverde de gevraagde distributielijst na vier of vijf dagen in plaats van binnen vier uur.’ Het bedrijfssysteem werkte niet naar behoren, daardoor wist Foppen niet precies te melden in welke salades hun zalm was verwerkt.

    Censuur

    De terughaalactie begon op 28 september. Vanaf dat moment waren betere en snellere maatregelen mogelijk geweest, aldus de raad. De voedselautoriteit was teveel bezig met toezicht en handhaving en te weinig met crisisbeheersing.
    Wonderlijk is een passage in het rapport waarin de Onderzoeksraad min of meer pleit voor het achterhouden van informatie
    Wonderlijk is een passage in het rapport waarin de Onderzoeksraad min of meer pleit voor het achterhouden van informatie: ‘Het RIVM berichtte op 18 oktober 2012 dat het aantal besmettingen toenam en een derde persoon was overleden die besmet was met Salmonella thompson.’ Dit bericht had volgens de Raad beter niet openbaar gemaakt kunnen worden. Deze informatie zou bij de consument voor onduidelijkheid zorgen omdat de firma Foppen twee dagen ervoor een persbericht stuurde waarin was vermeld dat de oorzaak van de besmetting was weggenomen. Bovendien had de NVWA haar vertrouwen uitgesproken en was de productie weer gestart. Toen letselschadeadvocaat Drost deze tekst las, kon hij zijn ogen niet geloven. ‘Lees ik hier een oproep tot censuur?’

    Aperte nonsens

    De raad stelt dat een betere communicatie de crisis eerder de kop in had kunnen drukken en vindt dat de NVWA samen met het bedrijf moet bepalen wat er wel of niet wordt gecommuniceerd. In de crisisdraaiboeken van VWS en de NVWA over voedselveiligheids-incidenten wordt echter ‘geen rol toegekend aan private partijen zoals in dit geval de voedselbedrijven’, stelt de raad. Nogal logisch, zegt veterinair Paul Peters, hoogleraar, vroegere hoofdinspecteur bij de Keuringsdienst van Waren en de VWA, SP-senator en tot voor kort werkzaam bij de Europese Voedselwaakhond EFSA. Hij kan haast niet geloven dat de Onderzoeksraad het zo heeft opgeschreven, maar het staat er echt: ‘een gezamenlijke communicatiestrategie.’ Hij noemt het aperte nonsens. ‘Als er ergens gescheiden verantwoordelijkheden zijn tussen het staatstoezicht en het bedrijfsleven, dan is het wel bij grote voedselincidenten. Die verantwoordelijkheden op één hoop gooien is vragen om fundamentele problemen.’ Ook oud collega’s van Peters reageren vol onbegrip. ‘Goede communicatie met het bedrijf is van levensbelang, maar in gezamenlijkheid optreden, nee dat kan echt niet’, aldus de tot voor kort nog aan de NVWA-verbonden, inmiddels overleden expert Henk Verburg – evenals Peters een terzake kundig voormalige Veterinaire Hoofdinspecteur van de Volksgezondheid.

    Noorse zeemeeuwen of Nederlandse injector?

    Tot dusver is nog steeds niet opgehelderd waar de salmonellabesmetting in de Griekse Foppenvestiging ontstond. In NRC Handelsblad zei Bertus van Panhuis, de voedselveiligheidsdeskundige van Foppen, dat dit niet meer te achterhalen is. ‘Het kan één vlieg zijn geweest, of één mug.’ De Onderzoeksraad zegt het hem na: de werkelijke bron van de besmetting is niet meer vast te stellen. Maar de raad heeft nauwelijks moeite gedaan, vindt voedseltechnoloog IJsbrand Velzeboer. ‘Een gemiste kans’, zegt hij. Uit het rapport maakt hij op dat de raad de Griekse vestiging hooguit heeft ‘geschouwd’. Desgevraagd meldt een woordvoerder van de raad dat een onderzoeksteam vijf dagen in Griekenland is geweest en zijn er toen medewerkers en Griekse organisaties geïnterviewd. Velzeboer: ‘Dit lijkt in niets op een echt deskundige inspectiecontrole.’ Hij had verwacht dat de raad een tandje dieper zou gaan. Al weet hij: de raad heeft daar geen bevoegdheden voor, die ligt in Griekenland bij de Griekse autoriteiten. ‘Wie weet,’ zegt hij, kwam de salmonella mee met de aanvoer van de vis uit Noorwegen. Van zeemeeuwen is bekend dat die nogal eens besmet zijn, ook met de thompson-variant. ‘Die vogels schijten met enige regelmaat boven de Noorse en Schotse wateren.’ Wanneer salmonella eenmaal in de fabriek is, kan die zich snel verspreiden. Velzeboer wijst op ‘de injector,’ een apparaat dat wordt gebruikt om vis met pekel in te spuiten ter conservering en om gewicht (lees: een hogere verkoopprijs) toe te voegen. Andere methoden om te zouten – een proces dat vocht en dus gewicht onttrekt – worden nauwelijks meer gebruikt omdat die minder rendabel zijn.
    één besmette zalm die langs de injector gaay kan alle zalmfilets besmetten. ‘Maar die hele injector is buiten schot gebleven’
    Het probleem van het injecteren is dat één besmette zalm die langs dat apparaat gaat, alle zalmfilets kan besmetten. ‘Maar die hele injector is buiten schot gebleven’, zegt Velzeboer. Er staat inderdaad geen woord over een injector in het rapport. Ook Drost vindt dit onbegrijpelijk. ‘De zalm van Foppen wordt koud gerookt. Het is gebruikelijk dat de vis daarna wordt geïnjecteerd met vocht.’ Velzeboer noemt koud roken een extra risico, want bij het warm roken rond zeventig graden wordt de vis gegaard en de meeste bacteriën gedood; bij koud roken niet. Pas onlangs heeft Velzeboer vernomen dat er daadwerkelijk gebruik gemaakt wordt van injectoren bij Foppen, vijf om precies te zijn.

    Besmettingsrisico allang bekend

    Peters kijkt ervan op dat Foppen veel microbiologische gevaren niet identificeerde, zoals de raad opmerkt. In de omgeving van de Griekse fabriek wemelt het van de salmonella. Er leven nogal wat insecten, amfibieën, reptielen en zeevogels die bijna allemaal bekend staan als mogelijk drager van Salmonella thompson, vaak zelfs met gevaarlijk multiresistente varianten. Ook meldt de Raad dat er in Griekenland waterbronnen worden gebruikt die makkelijk besmet kunnen raken vanuit de omgeving. Foppen bouwde ‘naast de fabriek een eigen afvalwaterzuiveringsinstallatie’ waarvan ‘het onderhoud door personeel werd verricht dat ook de fabriek betrad’. De raad noteert het bestaan van ‘een theoretisch risico op kruisbesmettingen’. Peters schampert daarover: ‘In de jaren zestig van de vorige eeuw publiceerde Dan Kampelmacher, destijds verbonden aan het RIVM en hoogleraar in Wageningen, in het wetenschappelijke blad The Lancet al over vogels die waterzuiveringsinstallaties kunnen besmetten met ziekmakende salmonella’s.’

    Illustratief

    Een meeuw, vlieg of mug, interessant aan de salmonella-zalmaffaire is dat hij raakt aan de essentie van wat er in de afgelopen decennia is veranderd bij de productie van ons voedsel, zonder dat nationale overheden en de Europese Unie hierop voldoende hebben ingespeeld door de voedselcontroles en wetgeving aan te passen. Foppen is hét voorbeeld van een uit de kluiten gewassen familiebedrijf in een uitgebreide voedselketen met processen die internationaal en complex zijn. De zalm uit Noorwegen of Schotland wordt met koelwagens naar de duizenden kilometers verderop gelegen Griekse havenplaats Preveza gereden. En na het verwerkingsproces reist de inmiddels gerookte zalm opnieuw een flink aantal kilometers ‘terug’ voordat het in de Nederlandse, Europese of Amerikaanse schappen komt te liggen.
    de Onderzoeksraad spreekt niettemin doodleuk van ‘een duurzame en korte keten van grond- en hulpstoffen’
    De woordvoerder van de Onderzoeksraad spreekt niettemin doodleuk van ‘een duurzame en korte keten van grond- en hulpstoffen’, omdat Foppen al jarenlang gebruikmaakt van dezelfde gecertificeerde kwekers en pakstations. De leveranciers worden meermalen per jaar bezocht. De raad zegt het in het voorjaar van 2014 bijna hardop: er bestaan bedrijven die dit minder op orde hebben. Dat Foppen inmiddels ‘de rode kaart’ van de NVWA heeft gekregen en Minister Schippers van Volksgezondheid bedrijfssluiting overweegt, geeft te denken over de Nederlandse voedselveiligheid.

    Strafrechtelijk onderzoek

    Onlangs bleek uit door Omroep Gelderland openbaar gekregen NVWA-documenten, dat Foppen haast grossiert in boetes, zonder dat de raad hier melding over had gemaakt. Nu er, een jaar na het onderzoeksrapport, sprake is van een rode kaart, komt hoogleraar. mr. Pieter van Vollenhoven met de opmerkelijk harde kritiek dat de door hem opgerichte Onderzoeksraad heeft gefaald en het onderzoek opnieuw moet doen. Bronnen binnen de NVWA weten trouwens inmiddels ook dat het hebben van een certificering ook niet alles is. Sterker nog, ‘vrijwel alle bij de paardenvleesaffaire betrokken partijen en fraudeurs hadden heel netjes een Brits retail-certificaat,’ aldus een ingewijde. Peter de Vries vindt het onbegrijpelijk en kwalijk dat de zalm van Foppen nog lang in de schappen lag nadat de besmetting was ontdekt. Na het interview laat hij zien waarom hij zo moeilijk loopt. Zijn linkerbovenbeen is een stuk smaller geworden. Toch houdt hij de moed erin. Hij beleeft elke dag die hij leeft als een geschenk. Dat er mogelijk een strafzaak komt tegen Foppen vindt De Vries prima, maar hij voorziet een belangrijk obstakel en onderling zwartepieten. ‘De vestiging waar de besmetting vandaan kwam staat in Griekenland, dat zal een lastig aspect zijn voor zo’n strafrechtelijk onderzoek.’ -------------------------------------------------------------------------------------------------------------- De directie van Foppen is herhaaldelijk om wederhoor gevraagd. Een lijst met kritiekpunten is voorgelegd. Ondanks herhaald aandringen, bleef commentaar uit. Om privacyredenen is de naam De Vries gefingeerd. Dit artikel is een geactualiseerde en bewerkte versie van een hoofdstuk uit het boek Uitgebeend, hoe veilig is ons voedsel nog? dat vorig jaar uitkwam bij Uitgeverij Oostenwind.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Marcel van Silfhout

    Marcel van Silfhout (1968) is onderzoeksjournalist, auteur, en voedselveiligheid- en spoorwegenexpert. Hij werkte voor region...

    Volg Marcel van Silfhout
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren