'Het grootste medische schandaal sinds WO II'

    Belangenverstrengeling, miljardenwinsten, angstcampagnes, experimentele vaccins en geheime contracten: dat is het verhaal van de Mexicaanse griep. Eerste deel van een tweeluik.

    Dit verhaal is opgetekend door onderzoeksjournalist Daan de Wit in zijn boek Dossier Mexicaanse griep. In zijn artikel voor FTM haalt hij enkele belangrijke elementen uit het boek naar voren.
     
    Dossier Mexicaanse griep - Een kleine griep met grote gevolgen
     
    Voortdurend werden we eraan herinnerd: we moesten rekening houden met een nieuwe Spaanse griep. Maar inmiddels is bekend dat de Mexicaanse griep honderd maal minder dodelijk was dan de beruchte griep uit 1918. Sterker, onderzoek van de Amerikaanse gezondheidsautoriteit CDC laat zien dat de Mexicaanse griep de helft minder slachtoffers maakte dan een gemiddelde seizoensgriep. Epidemioloog Luc Bonneux: ‘De Mexicaanse griep is het grootste medische schandaal sinds de Tweede Wereldoorlog.’
     
    Hoe heeft het zo ver kunnen komen?
     
    Het virus dat alle records zou breken, breekt inderdaad records. Maar precies tegenovergesteld aan wat de deskundigen en de autoriteiten beweerden. 
    Er sterven in Nederland 63 mensen aan de gevolgen van de Mexicaanse griep. Aan de gewone seizoensgriep overlijden jaarlijks tussen de 1000 en 2000 mensen. In andere landen is het net zo: in België gaan er 19 mensen dood, in buurland Duitsland sterven 189 mensen (in contrast met de 10.000 doden die de normale seizoensgriep er eist), in Engeland overlijden 450 mensen, in tegenstelling tot de verwachte 65.000.
     
    Omgekeerd evenredig zijn de gemaakte winsten. Vaccinproducent Novartis ziet in het vierde kwartaal van 2009 zijn nettowinst stijgen met 54 procent. Ook de elfduizend huisartsen die een bedankbriefje krijgen van minister Klink, klagen niet. Zij kregen acht euro per prik. ‘Ik hou er netto een wereldreis aan over,’ zegt huisarts Hans van der Linde uit Capelle aan den IJssel.
     
    Het verhaal begint in februari 2009, als een vijfjarig jongetje in Mexico pijn in zijn keel krijgt. Anderhalf jaar later worden alleen al in Europa meer dan honderd miljoen griepvaccins vernietigd. Overheden hebben enorme verliezen geleden – de farmaceutische industrie maakte een miljardenwinst. Alles wat daar tussen is gebeurd en relevant is, staat in Dossier Mexicaanse griep, een boek dat het dossier wil zijn voor een parlementaire enquête naar de Mexicaanse griep.
     
    Een belangrijke rol in het verhaal over de Mexicaanse griep is weggelegd voor viroloog Ab Osterhaus. Hij personificeert eigenlijk alles wat mis aan de Mexicaanse griepaffaire.
     
    Eind april 2009 schetst Osterhaus in het televisieprogramma De Wereld Draait Door wat presentator Matthijs van Nieuwkerk een ‘apocalyptisch scenario’ noemt. De Mexicaanse griep is de eerste pandemie in 41 jaar; Nederland, België en de rest van de wereld staan historische tijden te wachten.
    Later blijkt echter dat Osterhaus diezelfde ochtend heel anders tegen deze ‘ernstige’ boodschap aankeek. ‘Knetterpositief!’ zegt hij enthousiast tijdens een vergadering met zijn staf over het eerste geval van Mexicaanse griep dat in Nederland is geconstateerd: een kind van vier jaar. De camera van VPRO’s Tegenlicht registreert hoe Osterhaus een fles whisky laat aanrukken om met zijn team te toasten op de primeur.
    ‘Soms krijg je de indruk dat er een hele industrie bijna staat te trappelen voor een volgende grieppandemie,’ zegt griepexpert Tom Jefferson. Carrières, reputaties van instituten en vooral veel geld staan op het spel.
     
    Na de ontdekking, in februari 2009, van ‘niño cero, jongen nul’ – de eerste mens die ziek wordt van de nieuwe ziekte – gaat de machinerie draaien. Onderzoekers gaan aan het werk om de moleculaire structuur van het virus te bestuderen. De farmaceutische industrie begint met de voorbereidingen voor de productie van vaccins. Overheden halen hun rampenplannen tevoorschijn op advies van de wereldgezondheidsorganisatie WHO, dat het zenuwcentrum wordt van de nieuwe griep. Het enige waaraan iedereen voorbij gaat, is dat het nieuwe virus relatief mild is.
     
    De invloed van de industrie
    In 1999 is het WHO-document geschreven waarop alle overheden hun draaiboeken baseren om een pandemie te lijf te gaan. Er staat de handtekening onder van zes mensen: vijf van hen zijn lid van ESWI en de zesde is er adviseur voor.
    ESWI is de European Scientific Working Group on Influenza. Dit gezelschap van naar eigen zeggen ‘onafhankelijke wetenschappers’ spant zich sinds de oprichting in 1992 in om de wereld te doordringen van het gevaar van een grieppandemie. Deze lobbygroep van deskundigen wordt voor honderd procent gefinancierd door de industrie. ESWI wordt dus betaald uit de winsten die worden gegenereerd als gevolg van de adviezen die het uitbrengt. Toch is ESWI een belangrijke adviseur voor de directeur-generaal van de WHO.
    Twee van de tien farmaceutische producenten die ESWI financieren zijn GSK en Novartis, de bedrijven die de Nederlandse minister Ab Klink en zijn Belgische collega Laurette Onkelinx hun contractvoorwaarden hebben opgelegd. Voorzitter van ESWI is Ab Osterhaus. Hij is de ultieme vertegenwoordiger van en voor de industrie, met directe, persoonlijke toegang tot de beleidsmakers en besluitnemers van de overheid. Hij kent iedereen en iedereen kent hem.
     
    Angstcampagne
    Epidemioloog Luc Bonneux noemt de leden van ESWI ‘zware academische jongens’. ‘Het zijn deze zware jongens die, gelukkig niet in België, niet van het televisiescherm te vegen zijn.’
    De zwaarste jongen is zondermeer Ab Osterhaus, een van de meest vooraanstaande virologen ter wereld. Voorafgaand en tijdens de Mexicaanse griep is hij voortdurend te zien en te horen. De media hangen aan zijn lippen. Eind april 2009 is hij te gast bij De Wereld Draait Door. Hij pareert ernstige kritiek van viroloog Huub Schellekens. Die noemt de griep een hype en vindt dat Osterhaus onverantwoordelijk handelt.
    Osterhaus zegt vastberaden: ‘Laten we over twee, drie maanden een keer met Huub Schellekens praten, dan zien we wel wat er écht aan de hand is. Misschien mag ik meneer Schellekens daarbij ter overweging geven te kijken naar wat er gebeurde met de Spaanse griep van 1918. Aan het eind van de Eerste Wereldoorlog waren er acht miljoen mensen overleden aan oorlogshandelingen. Maar er gingen minstens vijftig miljoen mensen dood aan deze griep. Als je terugleest wat er in die tijd gebeurde, zie je dat men daar toen een griep had die zich op precies dezelfde manier manifesteerde als wat we nu zien gebeuren.’ Het 1918-argument zal hij in zijn diverse media-optredens nog talloze malen herhalen.
    Maar, zegt Osterhaus, het belangrijkste punt dat hij in de uitzending wil maken - en dat hij diezelfde avond ook in Pauw en Witteman maakt - is dat de overheid snel moet overgaan tot de aanschaf van vaccins.
    Huub Wijfjes, mediahistoricus aan de Universiteit van Amsterdam, ziet in de oproep van viroloog Ab Osterhaus bij De Wereld Draait Door een sleutelmoment in de hype rond de Mexicaanse griep: ‘Dan komt het hele media-apparaat in beweging en is het bijna niet meer te stoppen.’
    Jarenlang werd er gewaarschuwd voor een pandemie, legt mediasocioloog Peter Vasterman uit. Een schrikbeeld dat werd ‘geactiveerd’ door de komst van de Mexicaanse griep. ‘Er werd gesproken over een pandemie. Dat bracht het idee in ons hoofd van een catastrofe en dat wilden veel media bevestigd zien.’
    Volgens Vasterman had Ab Osterhaus het idee dat hij ervoor moest zorgen dat er draagvlak kwam voor de maatregelen die hij voorstelde, daarom zette hij het gevaar fors neer. Daarbij wordt hij geholpen door de informatieverschaffing door de overheid, die hij overigens net zo goed vertegenwoordigt, dankzij zijn invloed bij de Gezondheidsraad, het RIVM, het Outbreak Management Team en de WHO.
     
    Het is opvallend dat Ab Osterhaus in de mediacampagnes rond de griepen steeds weer een voorname rol speelt. Osterhaus: ‘Meestal als ik op televisie kom, is er iets mis: sars vogelgriep en nu Mexicaanse griep.’ Wat ook opvalt, is dat de paniekverhalen, steeds groter zijn dan de impact van het virus.
     
    Bioloog-epidemioloog Jos Frantzen: ‘Meneer Osterhaus opereert binnen een zeer beperkt vakgebied, namelijk de virologie, en daarin is hij natuurlijk een autoriteit. Maar bij epidemieën komt veel meer kijken. Zoals de vraag of mensen zich wel wíllen laten vaccineren. Osterhaus is heel betrokken, maar hij heeft ook een zekere blikveldvernauwing. Hij focust sterk op zijn reageerbuisjes en vertaalt wat hij in het laboratorium vindt één-op-één naar populatieniveau, terwijl een van de lessen van epidemiologie is dat wat je in het klein waarneemt op bevolkingsniveau nooit zo ernstig wordt. Hij komt steeds in de media met verschillende angstscenario’s zonder enig wetenschappelijk bewijs, en zo maak je mensen bang en verspeel je hun vertrouwen.’
     
    ‘Zo iemand als Osterhaus is na de Mexicaanse griep niet ter verantwoording te roepen,’ zegt Bonneux. ‘En je weet nu al dat hij bij de eerst volgende paniekerige situatie weer bovenop de tafel springt om te roepen dat het einde van de wereld nabij is.’
     
    De campagne van Osterhaus rond de Mexicaanse griep komt volgens zijn werkgever, het Erasmus Medisch Centrum, voort uit ‘zijn maatschappelijke verantwoordelijkheid als onderzoeker, omdat hij het beste voor heeft met de gezondheid van mensen’.
     
    Ook andere partijen dragen bij aan de promotie van de Mexicaanse griep. ‘In het ernstigste scenario zal er sprake zijn van 5 miljoen zieken, 80.000 doden, grote economische schade en verstoring van het dagelijkse leven. Geschat wordt dat er sprake zal zijn van 30 tot 50 procent uitval van medewerkers bij bedrijven en overheidsinstanties. Daardoor komen basisvoorzieningen voor de bevolking in gevaar’. Dit zijn geen uitspraken van een onheilsprofeet of delen van een dialoog uit een rampenfilm, maar is de officiële mededeling op de website van het Nederlandse ministerie van Binnenlandse Zaken. Militairen staan paraat om op het hoogtepunt van de griepgolf compleet ingerichte noodziekenhuizen te bouwen. Ook liggen er draaiboeken klaar om patiënten met marinehelikopters uit moeilijk bereikbare gebieden zoals de Waddeneilanden te halen en onder te brengen in kazernes.
     
    Na de paniek over sars en de vogelgriep zit de angst er bij de overheden goed in. Het gevolg is dat na de uitbraak van de vogelgriep veel overheden voorlopige contracten sluiten met de farmaceutische industrie. Het idee erachter is dat op het moment dat er een nieuwe pandemie uitbreekt, deze contracten in werking worden gesteld en de industrie de pandemische vaccins levert. Niet iedereen vindt dit een wijze beslissing.
     
    Professor Ulrich Keil is directeur van het Collaborating Centre for Epidemiology van de WHO. Hij vindt het onverstandig de verwachtingen voor een nieuwe pandemie te enten op wat hij de ‘angstcampagne’ noemt rond de vogelgriep. Hij haalt daarom een aantal cijfers aan: ‘Van de 827.155 doden die in 2007 in Duitsland vielen, overleden er ongeveer 359.000 aan hart- en vaatziekten, 217.000 aan kanker, kwamen 4.978 mensen om bij verkeersongelukken en stierven er 461 aan HIV/Aids. En er overleed niemand aan sars of de vogelgriep!’
     
    Belangenverstrengelingen
    Bij een invloedrijke organisatie als de WHO is onafhankelijkheid cruciaal. Daarom is het gerechtvaardigd te kijken naar de inkomstenbronnen. In 1998 is het overgrote deel van de inkomsten van de WHO afkomstig van overheden. Maar dat verandert in 2004 wanneer er ‘publiek private partnerschappen’ (PPP’s) worden aangegaan. Vanaf dan is het grootste deel van de inkomstenstroom afkomstig van de industrie, waarna hun invloed navenant toeneemt. Wolfgang Wodarg, van de Raad van Europa: ‘De private invloed is overweldigend. En dat is de reden dat we niet kunnen begrijpen dat de WHO die we zo liefhadden onherkenbaar is geworden.’
    Met betrekking tot de Mexicaanse griep is de invloed van de industrie terug te vinden in het schrijven in 1999 van het eerdergenoemde basisdraaiboek voor de pandemieparaatheid. Maar ook al daarvoor al was de invloed van de industrie op de WHO merkbaar. Bijvoorbeeld bij het advies aan de overheden voor het gebruik van virusremmers. De voorbereiding van dat WHO-advies gebeurt onder anderen door vier mensen die hun diensten hebben bewezen aan Roche, de producent van virusremmer Tamiflu. Eén van hen is Ab Osterhaus. En dan is er SAGE, de Strategic Advisory Group of Experts, het voornaamste adviesorgaan voor de WHO op het gebied van vaccinatie- en immunisering. Het wordt gevormd door vijftien leden. Ook Ab Osterhaus is als expert aan SAGE verbonden. Net als hij, hebben de meeste leden van dit gezelschap banden met de industrie.
    WHO-directeur Chan wordt met betrekking tot de Mexicaanse griep ook bijgestaan door een speciaal aangesteld noodcomité van zestien mensen. Op basis van het advies van dit noodcomité wordt op 11 juni 2009 de pandemie uitgeroepen. De namen blijven tot ver in 2010 geheim. Dan wordt bekend wat al veel langer werd vermoed, namelijk dat een belangrijk deel van hen banden heeft met de industrie. En, alsof dat nog niet genoeg is, worden kort voor de pandemieverklaring vertegenwoordigers van de dertig belangrijkste farmaceutische bedrijven onthaald door WHO-directeur Chan en de secretaris-generaal van de VN, Ban Ki-Moon.
     
    In december 2009 presenteert de WHO een onderzoek naar corruptie in de farmaceutische industrie. De oplossing van het probleem wordt als volgt geformuleerd: ‘Verantwoord beleid omvat transparantie, verantwoording, het bevorderen van bedrijfsmatige integriteit en moreel leiderschap.’ Die omschrijving verwoordt precies datgene waaraan het de WHO lijkt te hebben ontbroken in verband met de aanpak van de Mexicaanse griep. 
     
    De WHO speelde een cruciale rol in de Mexicaanse griepaffaire, maar stond niet alleen.
     
    Tom Jefferson van de Cochrane Collaboration: ‘Het zijn de WHO en de volksgezondheidsautoriteiten, de virologen en de farmaceutische bedrijven die deze machinerie rond de dreigende pandemie hebben opgebouwd. En er hangt een hoop geld van af, net als macht, carrières en volledige instituten!’
     
    Fase 6
    Een cruciaal element in het verhaal van de Mexicaanse griep is WHO-fase 6: de hoogste alarmfase waarin sprake is van een pandemie. In 2006 is volgens de WHO sprake van een pandemie als er (onder andere) ‘enorme aantallen doden en zieken’ vallen. In februari 2009 wordt echter de definitie van de pandemie bijgesteld. Een pandemie is opeens niet meer afhankelijk van de ernst van de ziekte, maar of één virus heerst ‘in minimaal twee van de regio’s waarin de wereld door de WHO wordt verdeeld’.
     
    Dankzij deze herdefiniëring kan de WHO op 11 juni 2009 met betrekking tot de Mexicaaanse griep fase 6 uitroepen. De Mexicaanse griep is officieel een pandemie: de voorbereide contracten worden in werking gesteld en de farmaceutische industrie zal de vaccins gaan leveren.
     
    Grootste experiment
    Een belangrijk gevolg van het ingaan van fase 6 is dat bepaalde unieke procedures in gang worden gezet. Die zijn in opdracht van de Europese Unie ontworpen door het Europese Medicijnagentschap met als doel pandemische vaccins snel voor het publiek beschikbaar te maken.
    Voorafgaand aan de pandemie ontwikkelen fabrikanten pre-pandemische vaccins. Die hebben de kenmerken van een pandemisch vaccin, maar worden gemaakt op basis van een bestaand virus, bijvoorbeeld H5N1. Dat virus wordt in het geval van een pandemie vervangen door het virus dat de pandemie veroorzaakt.
    Aangezien dat nieuwe vaccin dezelfde eigenschappen wordt toegedicht als het vorige vaccin mag het al na enkele weken testen worden beoordeeld, in plaats van na achttien tot vierentwintig maanden, zoals normaal het geval is.
    Verschillende artsen waarschuwen tegen deze manier van werken omdat volgens hen zo niet goed is te meten wat de bijwerkingen zullen zijn. Toch wordt deze procedure gebruikt bij de Mexicaanse griep. Zodra het nieuwe vaccin goed is bevonden, wordt het binnen vijf dagen op de markt gebracht. Ingebouwde systemen die waken voor de veiligheid van de volksgezondheid worden op deze manier omzeild.
    Het gevolg is is dat het vaccin in feite wordt getest in de praktijk.
    ‘Dit wordt een grootschalig experiment op het Duitse volk’, schrijft Wolfgang Becker-Brüser van het onafhankelijke medische tijdschrift Arznei-Telegramm. Hij had maar gedeeltelijk gelijk. Het Mexicaanse griepvaccin wordt een grootschalig experiment op een groot deel van de wereldbevolking. 
    ‘In plaats van de normale registratieonderzoeken hebben de in Nederland gevaccineerde kinderen in feite een fase II-onderzoek doorlopen, aangezien het vaccin niet was onderzocht bij kinderen jonger dan drie jaar en ook niet bij zwangeren. De volwassenen doorliepen een verkort fase III-onderzoek’, schrijven viroloog Huub Schellekens en hoofdredacteur Dick Bijl, medio november 2010 in het Geneesmiddelenbulletin. ‘Het verkorte fase III-onderzoek met het pandemische vaccin bij volwassenen is uitgevoerd in de open Nederlandse populatie en gefinancierd door de Nederlandse overheid.'
     
    De belangenverstrengelingen op een rij
    Wie de feiten nog even op een rij zet, ziet dat de WHO in 1999 het document maakt waarop de overheden hun pandemieplannen kunnen baseren. Dat basisdocument is geschreven door zes mensen die alle zes verbonden zijn aan de vaccinlobbyorganisatie ESWI, honderd procent gesponsord door de industrie, voorzitter: Ab Osterhaus. Dezelfde Osterhaus is deel van de paniek die maakt dat mede op zijn advies pandemische vaccins worden geproduceerd, met daarin versterkende middelen die hij zelf heeft helpen ontwikkelen en zelf heeft getest, ondermeer voor GSK, de producent van de Mexicaanse griepvaccins die in Nederland zijn gebruikt. De vaccins staan centraal in geheime contracten (meer hierover in deel 2 van dit artikel).
    Mede onder invloed van de industrie wordt in februari 2009 de definitie van wat een pandemie is versoepeld. Dan wordt in mei de industrie persoonlijk ontvangen door de directeur-generaal van de WHO en de hoogste baas van de VN. Vervolgens wordt een maand later op aanraden van een noodcomité dat voor een derde bestaat uit mensen die banden hebben met de industrie, de pandemie uitgeroepen, terwijl al bekend is dat het een milde griep is. Intussen bestaat de belangrijkste adviesorganisatie binnen de WHO op het gebied van vaccinatie, SAGE, voor het meerendeel uit mensen die banden heeft met de industrie. 
     
    De volgende fase in de Mexicaanse griep-affaire is de goedkeuring van de vaccins. Ook daar is de invloed van de industrie zichtbaar.
     
    Op Europees niveau worden medicijnen en dus ook vaccins gekeurd door het Europees Medicijnagentschap EMA. Dat is voor driekwart afhankelijk van geld van de industrie. In Nederland worden de medicijnen gekeurd door het CBG, het College ter Beoordeling van de Geneesmiddelen: voor zo'n negentig procent afhankelijk van geld van de industrie. Dat dit de praktijk is, is tot daar aan toe. Want het is onze minister van Volksgezondheid die uiteindelijk beslist wat er in Nederland gebeurt op het gebied van vaccinaties. Maar ook deze buffer is minder robuust dan gedacht. 
     
    Daan de Wit
     
     
    >> Klik hier voor het vervolg van dit artikel.
     
    Zie ook de website: www.dossiermexicaansegriep.nl 
     
    Het boek Dossier Mexicaanse griep is te koop bij bol.com
     
     
    Over de auteur

    Redactie

    Lees meer

    Volg deze auteur

    Dit artikel krijg je cadeau van Follow the Money.

    Diepgravende onderzoeksjournalistiek kost tijd en geld. Steun ons en

    word lid