Het is knallen met die bitterballen in China

5 Connecties

Relaties

Productie bitterballen contractor

Locaties

China

Werkvelden

Ondernemerschap

De Rotterdammer Benjamin Broekman vertrok ruim 40 jaar geleden naar Azië voor de (kleding)handel. De ondernemer hoopt nu de Chinese markt te overspoelen met zijn Dutchy bitterballen en kroketten. 'Dit land is zo crazy groot.'

‘2014 wordt het eerste jaar dat we gaan knallen met die ballen,’ bezweerde Benjamin Broekman (61) vorig jaar met een bitterbal in zijn hand in een Ierse pub in de Chinese stad Guangzhou. De in Rotterdam geboren ondernemer - zwart shirt, bovenste drie knopen open, achter de bar een eigen fles Absolut Vodka met zijn naam erop - is vergezeld door verschillende expats waaronder zijn vrouw Petra, vicevoorzitter van de Benelux Kamer van Koophandel in Guangzhou, Hermen van den Burg, Smart-Watch fabrikant, en een Ierse aardappelhandelaar die over de kop is gegaan. Zijn masterplan: bitterballen en kroketten produceren én verkopen in China. ‘Ik dacht daar al heel lang aan, maar de tijd moest rijp zijn. Ik heb eerst gekeken of ik kroketten kon importeren uit Nederland, maar niet één kroket die in Nederland wordt gemaakt, is hier toegestaan. Niet één. Je kunt zeggen: “Er komt alleen maar troep uit China”, maar de wetten met betrekking tot voedsel zijn strenger dan bij jullie. Zelfs met de Olympische spelen kon er niet geïmporteerd worden, ze hebben koks uit Nederland over moeten laten komen om in Beijing kroketten en bitterballen te laten maken,’ aldus Broekman, die in de Ierse pub het resultaat trots omhoog houdt. ‘Ze zijn groter dan in Nederland: geen 20 grams maar 30 grams ballen. Een portie van 5 bitterballen wordt hier verkocht voor 55 renminbi (6,60 euro, red.). Dat is voor Chinese begrippen duur.’

2013-08-28 22.17.08 Bitterballen-pionier Benjamin Broekman in de Ierse pub The Paddy Field in Guangzhou, ch

Chinese bitterballen

Inmiddels is er een jaar verstreken. Wat is de stand van zaken? ‘We hebben al onze vergunningen binnen en produceren nu ouderwetse bitterballen met vers rundvlees, dubbel broodkruim en géén ve-tsin [een smaakversterker red.]. Via iemand die lang heeft gewerkt bij een bekende krokettenfabrikant ben ik aan een recept gekomen,’ zegt de ondernemer door de telefoon. Hij is nu nog bezig met het neerzetten van het basisassortiment van de Dutchy Snacks: bitterballen, kroketten en saucijzenbroodjes. In de tweede helft van het jaar worden daar nieuwe producten aan toegevoegd zoals ham-kaas croissants, bitterballen en kroketten met Peking Duck en saucijzen kip-kerrie. ‘Maar we doen het langzaamaan, want dit land is zo crazy groot. Als je 1 of 2 producten hebt die hard lopen dan zit je al zowat vol qua productie.’
'We doen het langzaam, want dit land is zo crazy groot'
Hij produceert en levert enkel in China. Tot zijn clientèle rekent hij Nederlandse en Chinese bedrijven, pubs, consulaten en Chinese horeca variërend van Ierse pubs tot Marriott en Peninsula hotels. ‘Die grote vijfsterrenhotels hebben 20 bruiloften en party’s per week waar onze bitterballen en mini-saucijzen dan verschijnen als makkelijke canapé-tjes. Het wordt ook gebruikt voor ontbijtbuffetten waar dan 20 saucijzen onder een warme lamp liggen.’ De Dutchy Snacks raken volgens Broekman ook steeds meer in trek bij Chinezen. ‘Ze wilden vroeger enkel kippenvoetjes, maar ze worden moderner en willen nu ook wat anders erbij. Het wordt steeds leuker,’ zegt Broekman, die tijdens het WK Voetbal flink heeft moeten doorbakken. ‘Wauw, toen vlógen de dozen eruit. In een goede maand verkopen we nu meer dan 500 duizend stuks per maand en in een slechte zomermaand neemt dat af tot 100 duizend stuk. Het begint ergens op te lijken. We zijn de enige in China, want de grote jongens zoals Kwekkeboom en Mora zitten niet in China. Ze proberen het al jaren maar komen niet door de strenge keuring.’ [**]

Top Gun-jacks uit Taiwan

De bitterballen-pionier is opgegroeid in een Rotterdams middenstandsgezin en ‘uit nieuwsgierigheid’ vertrok hij begin jaren ‘70 naar Azië en kwam vrijwel nooit meer terug in Nederland. ‘Ik ben als twintiger een keer in Korea gaan kijken. En ben daar blijven kijken, haha. Korea was toen hét land, want het begon toen heel voorzichtig Japan na te apen. Ik heb daar leuke centen verdiend in de kleding. Ik deed vooral militaire spullen zoals holsters, leger-belts, puckels, en rugzakken die ik dan verkocht aan importeurs in Nederland en Engeland.’ Broekman verplaatste een paar jaar later zijn handel naar een nieuw opkomend land: Taiwan. En profiteerde van de hype rondom de film Top Gun (1986). ‘Wij maakten die bruinleren jas van Tom Cruise na. Die jacks met al die emblemen waren niet aan te slepen. We produceerden wat we konden, gooiden ze zo snel mogelijk in een container en verscheepten ze. Wij hebben daar wereldwijd honderd duizenden van verkocht en ik denk dat we zelfs even marktleider waren,’ zegt de Rotterdammer met een brede grijns op zijn gezicht.
'Die Top Gun jacks met al die emblemen waren niet aan te slepen'
Hij vertrok daarna naar het nieuwe beloofde land China. ‘Het krijgen van een visum was onmogelijk, want het was nog in de tijd van Mao. Enkel via Hong Kong kon ik een permit krijgen om China in en uit te gaan. Ik ging toen twee keer per jaar naar de Canton Fair, de grootste beurs ter wereld. Mijn eerste handel in China was het inkopen van werkkleding: Kaki-werkpakken voor timmerlieden, donkerblauw voor loodgieters en groen voor tuinlieden. Als die containers in Nederland, Duitsland en België aankwamen dan waren ze meteen al verkocht.’

Contractor

De laatste jaren werkt Broekman als “fixer” vanuit Guangzhou. ‘We zijn geen agent, maar een contractor. Stel jij hebt een meubelbedrijf en je zegt: Benjamin, ik wil deze tafel laten maken in China, maar ik wil alleen met jou te maken hebben. Alle shit die jij hier hebt, prima, moet je lekker weten, maar jij moet zorgen dat dát [wijst naar de tafel, red] op tijd bij mij op de stoep staat. That’s it. Ik maak een contract met jou. En jij maakt in China een contract met de fabrikant. Wij zorgen dan dat de juiste materialen gebruikt worden en dat het voldoet aan alle Europese standaarden zoals CE en alle NEN-normen. Dat is onze taak, dat is ons beroep en daar zijn we goed in.’ Zijn klanten variëren van ketels voor bierbrouwers tot importeurs van visproducten, winkelketens op het gebied van meubels, keukens, glasproducten, verlichting en houten producten zoals wijnkistjes en babystoelen.
'Ik weet wat hij kan, wat hij níet kan, hoe hij denkt, hoe zijn vrouw heet, hoe zijn vriendin heet en of hij kan zuipen'
‘Wij doen zaken in 23 Chinese provincies en we hebben ons netwerk opgebouwd toen er nog geen internet was. Daardoor hebben we hele lange relaties opgebouwd met fabrikanten.’ De Chinese manier van zakendoen is tijdintensief. ‘Ik probeer altijd een beeld te krijgen wat een fabrikant allemaal kan maken. Je gaat erheen, thee drinken, dan laat hij de fabriek zien want daar is hij natuurlijk trots op. ’s Avonds zit je aan diner, te eten en te zuipen. Nog niks over zaken gegaan. Dan zegt hij: morgen gaan we over zaken praten en daarna weet ik 90 procent. Ik weet wat hij kan, wat hij niet kan, hoe hij denkt, hoe zijn vrouw heet, hoe zijn vriendin heet en of hij kan zuipen. En als ik hem dan bel: Hé Joris – hij heet geen Joris natuurlijk - hoe is het nou? “Hé Benjamin, ja goed. We hebben het gezellig gehad, hè.” Kijk, dan kan ik daarna potjes breken. Maar daar heb je wel tijd voor nodig.’ Het opbouwen van een goede relatie is volgens hem essentieel bij zakendoen in China. ‘Dingen gaan zo anders in China. Je hebt bijvoorbeeld vanuit Nederland een deal gesloten met een Chinese manager en de helft al aanbetaald. Maar die manager krijgt 500 renminbi meer aangeboden bij een ander bedrijf en die is dan opeens foetsie. En hij heeft een waardeloze file over jouw product achtergelaten. De Chinese fabrikant zal jou dan niet gaan bellen, omdat hun manager is vertrokken. Chinezen vragen niet vanwege hun cultuur. Zonder overleg zoeken ze gewoon iets vergelijkbaars als ze iets niet weten. Klanten krijgen dan producten binnen die ze helemaal niet besteld hebben. “Nee, maar het is wel bíjna hetzelfde,” zeggen ze dan in China. En in China is het kansloos om geld terug te vragen. Ze zeggen dan: “bestel maar 50 duizend producten en je krijgt 1 dollar korting.”’

Kantoor in China

De contractor annex bitterballen-mogol heeft inmiddels 12 medewerkers in Guangzhou. Zijn vrouw Petra staat als ceo aan het hoofd van zijn Tof and Company dat zetelt in Hong Kong met een zogeheten representative office in China. De reden? ‘Dat is belastingtechnisch beter. In China betalen we dan 10 procent belasting over onze uitgaven op het gebied van personeel, energie en water. En alles wat we via ons Hong Kong-bedrijf offshore verdienen is belastingvrij.’
'vroeger vloog ik me de rambam en had ik een platinum met diamanten-kaart'
Een fysiek kantoor heeft hij niet meer. ‘Vroeger wilde ik overal een kantoor hebben, maar dat is met internet niet meer nodig. We hebben nog één klein kantoor, maar daar ben ik al heel lang niet geweest. Als er hardware moet zijn aangekomen voor een product dan vraag ik de mevrouw in de noordelijke provincie Shangdong of ze op Skype komt. Dan legt ze witte A4-tjes neer, legt de hardware erop en ik vraag of ze alles heeft gecontroleerd. Ik stuur nu heerlijk vanuit mijn kantoortje 23 provincies aan. Het is veel relaxter via Skype, QQ, WhatsApp en WeChat. Het kost niks en ik houd met iedereen contact. Kijk, dit is mijn bulldozer-gozer in Shanghai. Dit is mijn tassenfabrikant in Fujian. En dit is de Canadese man die de bloem levert voor mijn kroketten en bitterballen. Dat was vroeger onmogelijk. Toen vloog ik me de rambam en had ik een platinum met diamanten-kaart.’   [*] Een woordvoerder van Royaan (Kwekkeboom en Van Dobbe) laat desgevraagd weten geen zaken te doen in China, maar dat zou niet te maken hebben met vergunningen. Mora heeft geen reactie gegeven.