Het schip in met ABN Amro

    Staatsbank ABN Amro moest na het trauma van de nationalisatie weer een degelijke bank worden: geen grote buitenlandse avonturen meer, maar gewoon doen waar een bank voor bedoeld is. Maar waarom neemt de bank dan miljoenenrisico’s door een halve Russische ijsbreker te kopen en voor honderden miljoenen mede-eigenaar te worden van containerschepen en olietankers?

    Al zo’n tien jaar vaart de ijsbreker Polar Pevek van het Russische vasteland op en neer naar het Russische eiland Sachalin, bekend om de grootschalige olie- en gaswinning die er plaatsvindt. De specialiteit van het bijna 75 meter lange schip: het begeleiden van olie- en gasschepen in ruige weersomstandigheden. Onder de ultimate benificial owners van dat schip — om in Panama Papers-terminologie te spreken — bevindt zich sinds vorig jaar de Nederlandse belastingbetaler.

    In een heel ander deel van de wereld, een paar kilometer voor de kust van de Congolese havenstad Pointe-Noire, ligt de BassDrill Alpha te dobberen. Het schip, dat normaal gesproken naar olie boort voor de kust van Congo, ligt al een jaar lang voor anker vanwege de gedaalde olieprijzen. De beheerder van deze tender assist barge, BassDrill Inc., gaat bij allerlei potentiële opdrachtgevers langs, maar tevergeefs. Geen goed nieuws voor, opnieuw, de Nederlandse belastingbetaler, want staatsbank ABN Amro is voor een kwart eigenaar van dit bijna honderd meter lange gevaarte.

    Het genationaliseerde ABN Amro is mede-eigenaar van containerschepen, olietankers, car carriers, een boorschip en een ijsbreker

    De beursgenoteerde staatsbank ABN Amro heeft in 2015 via een dochterbedrijf voor minimaal 15 miljoen dollar de helft van de Russische ijsbreker Polar Pevek gekocht van een op omvallen staande scheepvaartmaatschappij die gespecialiseerd is in het werken onder winterse omstandigheden. De BassDrill Alpha staat al vele jaren in de boeken van de bank. Het zijn niet de enige schepen waar de bank van topman Gerrit Zalm zich mede-eigenaar van mag noemen: in totaal heeft ABN Amro voor minimaal 225 miljoen euro aan belangen in allerlei soorten schepen: van containerschepen tot olietankers en car carriers — en dan zijn de Russische ijsbreker en het Congolese boorschip in die totaalsom nog niet eens meegerekend.

    Het zijn opvallende investeringen voor een bank die als kerntaak heeft om geld uit te lenen. Wie geld uitleent, krijgt — als er geen gekke dingen gebeuren — datzelfde bedrag ook terug, plus rente. Wie aandelen koopt, is veel minder zeker van de opbrengst: aandelen kunnen sky high gaan, maar ze kunnen net zo goed helemaal in elkaar zakken. Dat is voor een bank een flink risico, want aan de andere kant van de bankbalans zitten honderdduizenden spaarders tegen wie je niet zomaar kunt zeggen: de aandelen die we hadden gekocht zijn de helft minder waard geworden, dus we halveren je spaarrekening.

    Het staat ook in schril contrast met de Nederlandse praktijk. Veel middelgrote en kleine ondernemers zien zich in hun investeringsmogelijkheden beperkt. Na jaren van economische crisis en geslonken vastgoedprijzen bezitten zij vaak niet genoeg buffers meer om een bankfinanciering los te peuteren: geen buffer, geen banklening. Hoe gemakkelijk zou het voor mkb’ers zijn als banken de buffers van de mkb’ers zouden willen versterken met risicodragend kapitaal, net zoals ABN dat doet bij deze schepen? Als banken dat zouden doen op dezelfde schaal als waarop ABN in de scheepvaartindustrie investeert, zou het een miljardenimpuls voor het mkb kunnen betekenen.

    Maar waarom koopt de genationaliseerde bank, die zich voorstaat op zijn ‘gematigd risicoprofiel’ en stelt dat zij ‘alleen risico’s [neemt] die bij bankieren horen,’ überhaupt halve schepen aan de andere kant van de wereld?

    Brokstukken van Fortis

    Toen ABN Amro in 2007 werd opgekocht en in stukken werd gescheurd door een consortium van drie banken, verloor het zijn prestigieuze zakenbank aan Royal Bank of Scotland. Een jaar later kwam de bank in staatshanden en besloot de nieuwe eigenaar om ABN te laten samensmelten met het Nederlandse deel van Fortis, dat tegelijkertijd ook in staatshanden was gekomen. Zo kon ABN onder meer Fortis-onderdeel Mees Pierson, dat het geld van vermogende mensen beheert, gebruiken om een redelijk grote private bank uit de grond te stampen.

    Tussen de brokstukken van Fortis vond ABN een Rotterdams bankfiliaal dat gespecialiseerd was in het uitlenen van geld aan bedrijven die actief zijn in de energie- en grondstoffenhandel en in de transportsector. Daaraan gelieerd kreeg ABN Maas Capital in de schoot geworpen, een B.V. van Fortis waarmee die bank voor eigen rekening en risico aandelenbelangen nam in diezelfde ECT-sector: energy, commodities and transportation.

    'Als je een lading graan financiert die van Oekraïne naar Londen gaat, kom je langs verschillende jurisdicties — het is allemaal best complex'

    ‘In het financieren van ECT-klanten is de midoffice heel belangrijk,’ zegt een woordvoerder van ABN Amro, die daarmee doelt op de afdeling van de bank die er achter de schermen voor zorgt dat alles soepel verloopt. ‘Als je een lading graan financiert die van Oekraïne naar Londen gaat, kom je langs verschillende jurisdicties — het is allemaal best complex.’ En juist daarin was het Rotterdamse kantoor van Fortis gespecialiseerd: in welk land de lading zich ook bevond, en hoe financieel (on)gezond de koper van de lading ook mocht zijn, in het filiaal aan de Rotterdamse Coolsingel wisten de bankiers precies hoe ze de risico’s in de gaten hielden, hoe ze in ieder land hun onderpand moesten veiligstellen voor het geval er iets mis mocht gaan en hoe ze hun uitgeleende geld terugkregen.

    Onversneden groeiambitie

    Er was alleen een probleem: de buitenlandse filialen waarmee Rotterdam moest samenwerken, waren in de boedelscheiding bij de Belgische tak van Fortis gebleven. Wilde ABN het ECT-spelletje mee blijven spelen, dan moesten er in diverse grote (haven)steden nieuwe filialen worden opgezet. En dat gebeurde ook. Het was daarmee een van de weinige bankafdelingen die nog een onversneden groeiambitie mocht hebben na de nationalisatie. Terwijl in Nederland filialen werden gesloten, zette ECT juist nieuwe vestigingen in het buitenland op. Vorige week maakte ABN Amro bekend dat er in het eerste kwartaal van 2016 in totaal 25,3 miljard euro is uitgeleend aan ECT-klanten, een verdubbeling ten opzichte van 2012. In diezelfde periode slonk bijvoorbeeld de hypotheekportefeuille van de bank met een paar procent, tot 146,6 miljard euro.

    De leningportefeuille die in een paar jaar tijd verdubbelde, komt nu al een jaar lang niet meer van zijn plaats

    Ondanks die onstuimige groei worden er weinig risico’s genomen, zo benadrukt ABN telkens. Dat is opmerkelijk, omdat de ECT-handel erg volatiel is: in de energiehoek doken de olieprijzen van meer dan 100 dollar in 2014, tot onder de 50 dollar nu. Ook veel grondstoffenbedrijven kregen de maken met forse prijsdalingen. En in het transport, waar de Baltic Dry Index een belangrijke graadmeter is, komen fikse prijsschommelingen voor. De index staat iets boven de 600 punten. Dat is ongeveer gelijk aan de stand van een jaar geleden, maar in de tussentijd is de index ook de 1200 punten gepasseerd en heeft deze een dal gekend van 290. Door die ingeklapte prijzen in de ECT-sector is de groeibriljant van ABN Amro plots tot stilstand gekomen: na binnen enkele jaren de portefeuille te hebben verdubbeld, is deze het afgelopen jaar stabiel gebleven.

    ‘Risico's niet toegenomen’

    Toen de prijzen over de afgelopen tijd in elkaar klapten ‘veranderde het risicoprofiel niet,’ zei topman Gerrit Zalm op 7 april bij een bijeenkomst van de Nederlandse Vereniging van Banken over de uitstaande ECT-leningen. De bank vraagt volgens Zalm altijd voldoende onderpand, en hoeft daardoor naar eigen zeggen nauwelijks af te boeken op slechte leningen. ‘Wat je merkt is dat er minder behoefte is aan krediet [bij ECT-klanten, red]. Maar over een periode van vier jaar ben ik er tamelijk zeker van dat die kredietportefeuille gaat groeien,’ stelde Zalm geruststellend vast.

    Dat kan dus bijna niet mis gaan, is de boodschap van de bank. Bij de presentatie van de kwartaalcijfers vorige week, dook ABN nog iets dieper in de cijfers om beleggers gerust te stellen. De bank had een soort stress test gedaan op de uitstaande transportleningen (van de 25,3 miljard euro aan ECT-klanten staat 8,9 miljard uit bij transporteurs, zoals de rederijen). Zelfs ‘under the most severe scenario’ zouden de verliezen daar beperkt blijven tot 225 miljoen euro, schrijft ABN Amro.

    Daar toont een bank haar waarde: de prijzen in een sector mogen halveren of verdubbelen, als bank leen je geld uit en zolang er geen gekke dingen gebeuren krijg je het met rente terug. Zo worden de schommelingen in de economie opgevangen. Een uitermate degelijke business, dat bankieren.

    ABN zwijgt over waarde

    Er is echter een pijnpunt waarover ABN Amro zich liever in stilzwijgen hult. In de scheepvaart is het volgens ABN namelijk normaal dat je als bank ook mede-eigenaar wordt van een schip als je een lening verstrekt. ‘Het gaat voor scheepvaartbedrijven om grote investeringen die niet alleen met schuld kunnen worden gefinancierd,’ zegt een woordvoerder. Dat is waar Maas Capital om de hoek komt kijken: de aandelenbelangen zijn niet ondergebracht bij de ECT-afdeling, maar bij dat andere voormalig Fortisonderdeel. En daar is ABN een stuk minder scheutig met informatie.

    Hoe de investeringen van de staatsbank in de scheepvaartindustrie er precies voor staan, is niet bekend. De woordvoerder zegt dat ABN geen uitspraken doet over hoeveel er in totaal is geïnevsteerd. Hij wil alleen zeggen dat er ‘aan minder dan tien shippingklanten eigen vermogen beschikbaar is gesteld voor investering in een schip’. In het jaarverslag van ABN Amro is bij slechts een deel van die investeringen te herleiden om hoeveel geld het gaat.

    In het jaar dat ABN Amro naar de beurs ging, werden de scheepsinvesteringen 'geherclassificeerd' waardoor de waarde niet meer zichtbaar is

    In 2014 ging het om minimaal 225 miljoen euro, precies gelijk aan het bedrag dat ABN naar eigen zeggen under the most severe scenario kan verliezen op transportleningen. Hoeveel die belangen vorig jaar waard waren, is niet bekend. In het jaar dat de bank naar de beurs ging, zijn de scheepsinvesteringen namelijk allemaal ‘geherclassificeerd,’ waardoor de waarde niet meer wordt weergegeven. Het bedrag uit 2014 is overigens iets hoger dan dat uit 2013 (205 miljoen euro) doordat de aandelenbelangen meer waard werden. Het ene belang werd wat meer waard, het andere wat minder. Dat betekent echter niet dat de bank geen grote risico’s loopt.

    Niet alle jaarrekeningen van de bedrijven waar ABN in participeert, zijn te achterhalen. Dat komt omdat ze vaak in het buitenland geregistreerd staan. Maar de jaarrekeningen die wel te vinden zijn, en de andere informatie die er te vinden is, schetsen een weinig florissant beeld. Van de 42,5 miljoen dollar die aandeelhouders bijvoorbeeld in de BassDrill Alpha hebben gestoken, het schip voor de kust van Congo, is ruim 18 miljoen verdampt. ABN heeft een belang van 26 procent in het schip.

    Miljoenen afboeken en miljoenen bijstorten

    Ook Car Carriers Management B.V., voor de helft in handen van de staatsbank, schrijft rode cijfers. Het Zeeuwse bedrijf, dat grote ladingen auto’s en vrachtwagens vervoert, zag de omzet in 2014 met 14 procent dalen tot 16 miljoen euro. De markt verslechterde dusdanig dat het bedrijf voor het tweede jaar op rij flink moest afschrijven op de vloot. Dat leidde tot de wonderlijke situatie dat het bedrijf op een omzet van 16 miljoen euro een negatief nettoresultaat van 27 miljoen euro boekte (het jaar daarvoor was dat 19 miljoen euro verlies). Het aandeelhouderskapitaal (waarvan ABN dus recht heeft op de helft) slonk in 2014 met ruim een kwart tot 72 miljoen euro (waarmee het bedrijf overigens nog steeds een solvabiliteit van bijna 50 procent heeft).

    Daarnaast is er nog Graig, een bedrijf uit Wales waar ABN, blijkens haar jaarverslag, een belang van 49 procent in heeft. Dit bedrijf maakte in 2014 1,4 miljoen dollar verlies op een omzet van 6,5 miljoen dollar. Het jaar daarvoor werd er al een verlies geleden van 1,7 miljoen dollar. Van de 26,9 miljoen dollar aan kapitaal die de aandeelhouders in het bedrijf hebben gestopt, is volgens de jaarrekening van het bedrijf eind 2014 4,7 miljoen dollar verdampt door opeengestapelde verliezen. In 2014 stopten de aandeelhouders nog eens 900.000 dollar aan extra kapitaal in het bedrijf, dat al sinds jaar en dag mede wordt bestuurd door ABN-bankiers.

    "ABN heeft een 39-procentsbelang in het schip in de boeken staan, maar meldt er verder niets over"

    Het Noorse schip Iceman IS is een ander zorgenkind van ABN Amro. Opgeleverd in 2014 om te helpen bij de olieproductie op de Noordzee, hadden de aandeelhouders de hoop dat het schip op termijn ook in de Barentszee aan te slag kon. ABN heeft een 39-procentsbelang in het schip in de boeken staan, maar meldt er verder niets over. Een medeaandeelhouder is iets scheutiger met informatie: de Noordzeemarkt is veel slechter dan verwacht. In plaats van richting de noordelijke Barentszee te varen, moet het schip naar Egypte om daar wat geld bij elkaar te sprokkelen. Periodes waarin het schip de eigen broek maar net weet op te houden, worden afgewisseld met periodes waarin het geld eruit spuit. De aandeelhouders moesten vorig jaar een paar miljoen euro op tafel leggen om het schip in de vaart te houden. Hoewel het nu wat beter gaat met het schip — volgens medeaandeelhouder Pareto World Wide Offshore AS ziet het er naar uit dat er niet opnieuw geld hoeft te worden bijgelegd — blijven de vooruitzichten volgens hen ‘bleak’

    Mislukte beursgangen

    Ook in Poseidon, een Grieks bedrijf met bijna twintig containerschepen, meldt ABN een belang; dit bedraagt 6 procent. Het bedrijf wilde een beursgang in Amerika maken en diende daarvoor ook allerlei papierwerk in bij de toezichthouder, maar moest de beursgang vorig jaar uiteindelijk afblazen. De containervervoerder maakte in het eerste kwartaal van 2014 nog 5,8 miljoen dollar winst, maar over het gehele jaar kwam die winst flink lager uit, op 1,2 miljoen dollar. In het eerste kwartaal van 2015 dook het Griekse bedrijf in de rode cijfers: de schepen waren minder vol geladen met containers en het verlies bedroeg 1,8 miljoen dollar. ABN Amro had 119 miljoen dollar uitgeleend aan Poseidon, maar dat is dus niet de totale blootstelling die de bank heeft aan de Griekse containervervoerder: het 6-procentsbelang van ABN stond in 2014 voor 24 miljoen euro in de boeken.

    Poseidon is niet de enige beursgang van een ABN-deelneming die voor de eindstreep is gestrand. Ook Alma Maritime blies in 2010 zijn beursplannen af. Het eveneens Griekse bedrijf is de grootste scheepsinvestering in de boeken van de bank: het stond in 2014 voor 71 miljoen euro in de boeken. Dat is overigens wel 10 miljoen euro minder dan twee jaar eerder. 

    Winstverdriedubbelaar

    Lees hier een verhaal dat Follow the Money eerder maakte over de risico's die ABN Amro op zich neemt door de grootste hefboom te hanteren van de top-30 van Europese banken: met zo weinig mogelijk eigen vermogen zoveel mogelijk winst proberen te behalen. ‘Dijsselbloem gedraagt zich als een kortzichtige belegger.’

    Lees verder Inklappen

    Stilte over winsten én verliezen

    Hoe de scheepsinvesteringen van ABN in 2015 hebben uitgepakt, het jaar waarin de grondstoffenprijzen een duikvlucht maakten, meldt de bank niet in haar jaarverslag. De woordvoerder van ABN benadrukt dat de bank alleen mee-investeert met ‘grote kredietwaardige spelers in de scheepvaart. [...] Maas Capital stelt alleen eigen vermogen beschikbaar als dat in lijn is met het gematigd risico profiel van de bank.’ Het bedrag dat ABN in deze schepen steekt is bovendien ‘zeer gering’ op het balanstotaal, zo benadrukt de woordvoerder. 

    Poseidon is niet de enige beursgang van een ABN-deelneming die voor de eindstreep is gestrand

    De nieuwe ECT-zakenbank van ABN Amro is in veel opzichten niet te vergelijken met de vroegere zakenbank van ABN. Een ding is zeker veranderd: de successen worden niet meer op de voorpagina’s van de kranten uitgemeten. In tijden van hoogconjunctuur dragen de investeringen bij aan goede cijfers, zonder daar hoog van de toren over te blazen. De keerzijde van de medaille is dat in slechte tijden de verliezen in stilte worden genomen. ABN Amro voelt als beursgenoteerde staatsbank uit vele hoeken de ogen op zich gericht, van belastingbetalers tot beleggers en financiële toezichthouders. Desondanks is één ding niet veranderd bij de bank: een van de meest risicovolle activiteiten van ABN Amro — investeringen in de zeer volatiele scheepsmarkt — spelen zich nog steeds af in een donker hoekje, buiten het zicht van pottenkijkers.

    De BassDrill Alpha ligt nu al een jaar lang stil. De bemanning is nog wel aanwezig en staat paraat voor het geval er zich plots een opdrachtgever meldt. Dat kost echter geld — geld dat BassDrill Inc. eigenlijk niet meer heeft, nu er geen cent meer binnenkomt. Veel langer kan het bedrijf dat niet volhouden: rentebetalingen zijn stilgelegd, aandeelhouders zagen al bijna de helft van hun inleg verdampen en één van hen heeft zijn belang zelfs al helemaal afgeschreven. Op korte termijn moet er een oplossing komen, want zonder tegemoetkoming van de aandeelhouders en schuldeisers, is op 12 juni de bodem van de kas bereikt. Terwijl ABN Amro richting de buitenwereld de schone schijn blijft ophouden van het ‘gematigd risicoprofiel’ van haar scheepsinvesteringen, zal de zij binnenkort in stilte hoogstwaarschijnlijk een nieuw verlies nemen op haar dobberende boorschip.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Joris Heijn

    Joris Heijn (1985) studeerde Internationale Betrekkingen in Groningen, maar wilde eigenlijk liever journalist worden. Deed da...

    Volg Joris Heijn
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren