Het spook van 3 procent

    Nederland leeft onnodig in een angstcultus, de staatsschuld is niet te hoog en radicaal bezuinigen is geen must, stelt FTM-columnist en financieel geograaf Rodrigo Fernandez.

    In korte tijd heeft een bijna apocalyptische angst zich meester gemaakt van brede lagen van de Nederlandse bevolking. De staatsschuld is te hoog, wel meer dan 400 miljard euro en de rentelasten zijn met 12 miljard euro ondraaglijk. Er is geen uitweg. Als we snel keihard bezuinigen en ons houden aan een begrotingstekort van de uitverkoren 3 procent van het bruto binnenlands product, dan is ons land gered. Als we het niet doen worden we afgestraft door de 'markt' en stijgt de rente nog verder. Het verhaal heeft veel weg van het brengen van levende offers aan de berggoden om te voorkomen dat de aarde trilt.

     

    Vox Populi
    Het is beangstigend te zien hoe snel een bevolking dit verhaal weet te internaliseren en zelfs als volleerd masochist bezuinigingen eist. Eenieder die in de weg staat wordt weggezet als ongelovige, als iemand die het niet begrepen heeft. Het verhaal zelf, ongestoord door feiten of door studies van gezaghebbende instellingen uit binnen- en buitenland, wordt nu gedragen door de vox populi, aangezwengeld door de VVD, het CDA. En nu overgenomen door D66, GroenLinks en de ChristenUnie in een 'principeakkoord' over de begroting.

     
    De rentelasten die Nederland betaalt zijn 2,1 procent van het BNP. Sinds 1920 behoren de rentelasten hiermee tot de laagste op jaarbasis. De staatsschuld is met 65 procent van het BNP een van de allerlaagste van het eurogebied. De schuldquota in het eurogebied is 87 procent, in Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en België respectievelijk 83, 86 en 98 procent. Als we kijken naar de ontwikkeling van de staatsschuld dan is te zien dat deze in Nederland piekte in 1996 met 76 procent om daarna te dalen tot 45 procent in 2007. Daarna kwam de kater van het bankiersfeest.
     
    Grafiek 1: Renteuitgaven van de overheid als % van het bbp 1969-2010 (Bron: CBS)
     
    Lange adem
    Wat dit duidelijk maakt, is dat het afbouwen van de staatsschuld een zaak van de lange adem is. De economie is in de periode 1980 en 2007 door verschillende conjunctuurcycli gegaan, waarbij de economische groei omhoog en omlaag ging. De tijd om de schulden af te bouwen is altijd in de zonnige periode geweest. Het is ook onzinnig om het dak te repareren als het regent. Dit heet conjunctuurpolitiek. Het is ontstaan na de Tweede Wereldoorlog toen de jaren 30 hadden aangetoond dat het omlaag brengen van de staatsschuld in een periode dat bedrijven en huishoudens minder te besteden hebben een beetje dom is. Het was Jan Tinbergen, de eerste winnaar van de Nobelprijs voor de economie en de eerste directeur van het CPB, die de grondlegger werd van deze politiek.
     
    Het Catshuisakkoord betekent dat de economie door de bezuinigingen in 2015 minstens 6 miljard kleiner is dan bij ongewijzigd beleid. Ook betekent het dat de werkloosheid toeneemt tot ruim 6,5 procent waardoor vooral jongeren worden geraakt. Dit alles is de prijs om te voldoen aan de heilige 3-procentsgrens in 2013. Over de inhoud van het noodpakket dat VVD, CDA, GroenLinks, D66 en ChristenUnie gistermiddag bereikten, was toen ik dit stuk schreef nog weinig bekend. Wel werd duidelijk dat er fors wordt bezuinigd en zei D66-leider Pechtold over de 3-procentsgrens: ,,Ik denk wel dat we die kant opgaan". Waar het om gaat, is de vraag of we er twee jaar langer over doen om op hetzelfde begrotingstekort uit te komen, met een iets hogere staatschuld, zonder daarbij de werkloosheid te laten stijgen en de economie op andere plekken onnodig schade toe te brengen. In plaats van bezuinigen voor de korte termijn is er dan ruimte voor structurele veranderingen op de lange termijn.
     
    Rente
    Maar de rente? Die schiet toch direct door het dak als we niet voldoen aan de dictaten van de markt? Het is een misvatting dat de 'markt' bezuinigingen eist. Beleggers willen simpelweg een goed product tegen een zo laag mogelijke prijs. Een goed product is een staatsobligatie van een staat die op de lange termijn aan zijn verplichtingen kan voldoen. Hierbij tellen een groot aantal variabelen waar Nederland hoog op scoort. De hijgerige discussie over een begrotingstekort van 3 procent in 2013 valt in het niet bij de overschotten op de lopende rekening, de waarde van de gasbaten plus andere activa en het concurrentievermogen van de Nederlandse economie.
     
    Hiernaast hebben we de prijs. Het belangrijkste deel van de rente die Nederland betaalt, komt tot stand door vraag en aanbod naar obligaties op de wereldmarkt. Hier tellen andere zaken dan discussies in het navelstaarcircuit van Den Haag. Er is wereldwijd een structureel tekort aan kwalitatief goede staatsobligaties. En dit tekort neemt alleen maar toe. Dat komt doordat aan de ene kant de vraag is toegenomen. Institutionele beleggers hebben wereldwijd spaarpotten van meer dan 60.000 miljard euro die ze ergens moeten beleggen. Maar vooral is vanuit banken en centrale banken de vraag naar staatsschuld toegenomen als gevolg van de financiële crisis.
     
    Staatsschuld dient als cruciaal onderpand voor transacties in het postcrisis-tijdperk. Tegenover deze grotere vraag is er sprake van een snelle daling van de totale staatsschuld. Het IMF berekende onlangs dat het aanbod van kwalitatief goede staatsschuld is gedaald van 68 procent van de publieke schuld van ontwikkelde landen naar 52 procent, als gevolg van de schuldencrisis. Hierdoor is kwalitatief goede staatsschuld een schaars goed aan het worden en blijft de rente laag.
     
    Conclusie
    Dit laat zien dat het speelveld waarin de Nederlandse rente tot stand komt, groter is dan de discussies in Den Haag. Het verhaal is complex en daarom moeilijk te communiceren in een hysterische mediacratie die bloed wil zien. Politici projecteren angstbeelden voor electoraal gewin. De 3-procentsgrens is niet heilig maar onderdeel van een ondoordacht plan van Europese regeringsleiders. De gedachte dat het vertrouwen van de markt terugkeert als alle landen van de EU te midden van een recessie tegelijkertijd drastisch bezuinigen is niet veel anders dan een pleidooi om meisjes in een vulkaan te werpen om de berggoden gerust te stellen.
    Over de auteur

    Rodrigo Fernandez

    Lees meer

    Volg deze columnist

    Dit artikel krijg je cadeau van Follow the Money.

    Diepgravende onderzoeksjournalistiek kost tijd en geld. Steun ons en

    word lid