Het zelfde oude slavenliedje

2 Connecties

Onderwerpen

Slavernij Mali

De strijd in Mali is niet in de laatste plaats een slavenhandelsoorlog, aldus Jacob Gelt Dekker, oprichter van slavernijmuseum Kura Hulanda

Een land uit de fabels van duizend en één nachten omringt de exotische Sahara woestijnstad, Timboektoe.  Volgens een lokale legende, groeide de 12de-eeuwse handelspost van een Bella slavin, mevrouw Buktu, uit tot een El Dorado, een bloeiende stad van goudhandel.

De stad, opgetrokken uit kolossale  zandkastelen, is gelegen aan  de top van een piramidevormige driehoek die wordt gevormd door twee 2000 kilometer lange zijden, de lopen van de Niger rivier, die stroomt van Guinee naar Nigeria. Menig Hollander die opgroeide met stripboekheld Kuifje, herinnert zich de wilde avonturen in de Dogon, Djenne en Timboektoe. Bij anderen ligt juist de verkettering van racistische revisionisten en kolonisten van 'Kuifje in Afrika' nog vers in het geheugen 
 
De beroemde reporter met zijn sneeuwwitte hondje
 
Slavernij, een bloeiende negotie
Voor duizend jaar arriveerden iedere dag karavanen na een schier onmogelijke tocht over de verzengend hete zandduinen van de Sahara. Lange rijen traag voortbewegende kamelen met grote zoutblokken reisden heen en weer van de zoutmijnen in Taoudenni naar Timboektoe. De Toeareg-handelaren, de mannen in het blauw, kwamen hun kostbare zout ruilen voor goud en slaven.
 
In 1324 schonk Mansa Musa, de Machtige Malinese Keizer van Onbeperkte hoeveelheden Goud, de stad haar beroemde Sankore Moskee en Universiteit, en aldus werd het ook nog een heilige stad van religieuze Koranstudies.
 
De bijna 4000 kilometer lange Niger stroomt van de hooglanden van Guinee in West-Afrika, in noord-oostelijke richting naar de enorme binnenlandse Niger Delta bij Timboektoe, en buigt vervolgens af naar het zuid-oosten af richting de Atlantische Oceaan. De rivier is de slagader van al het leven in de omringende gebieden, al meer dan duizend jaar de toevoerweg van alle handel en verkeer. De Mende-, Mandigo-, Fulani-, Kon-, Kissi- en Hausa-volkeren en talloze anderen van de meer dan drieduizend stammen die in dit gebied leven, verkochten gretig hun slaven aan de rivierhandelaren. Afrikaanse volkeren kenden geen gevangenissystemen en losten hun penitentiaire behoeften op praktische wijze op zodat het ook nog wat geld in het laadje bracht: met slavernij.
 
In Timboektoe werden in de loop van de jaren vele tienduizenden slaven verkocht aan Toeareg handelaren, die ze transporteerden door de Sahara naar de Barbarijse Kust, het huidige Algerije en Tunesië. Anderen bleven op de rivier en eindigden in de Baai van Benin, thans Nigeria geheten.
 
Hollands tintje
Portugese en andere Europese handelaren begonnen aarzelend de Trans-Atlantische slavenhandel vanaf ongeveer 1518 voor het leveren van 'werknemers' aan Spaanse koloniën in Zuid-Amerika, onder de zogenaamde asiento overeenkomsten.
 
Het eiland Curaçao begon in die slavenhandel een rol te spelen middels de West Indische Compagnie (WIC) onder gouverneur Beck in 1658. De WIC verloor in 1713 met het Verdrag van Utrecht echter haar trans-Atlantische handels- en scheepvaartrechten aan Engeland. In 1733, verloor de WIC ook nog eens haar lokale monopolierecht op slavenhandel. Daarna werd de slavenhandel een lokale activiteit tussen de Antillen eilanden en de Zuid-Amerikaanse Spaanse koloniën.
 
Hoewel de eigenlijke trans-Atlantische WIC slavenhandel slechts 55 jaar duurde, zijn de meeste nakomelingen met negroïde etniciteit op Curaçao vandaag, directe afstammelingen van de slaven van de Timboektoe-rivierhandel in Mali.
 
Handelsbelangen
Vandaag is Mali weer verwikkeld in een nieuwe, bittere en bloedige oorlog tussen Jihadisten in Timboektoe, die de Sharia - de Islamitische wet - willen vestigen en meer liberale Islamitische facties in het Zuiden. Hoewel de slavernij in die streken pas in 1981 werd afgeschaft duurde het nog tot 2007 voordat de slavernij door alle omringende landen van Mali en Timboektoe officieel als misdaad werd aangemerkt. Misdaad of niet, de vraag naar slaven in Mauritanië, Niger, Tsjaad, Mali en Soedan is onverminderd sterk.
 
De handel vormt nog steeds een belangrijke bron van inkomsten van de Toeareg en Bella handelaren. De nieuwe oorlog is in veel opzichten veel meer dan een Jihadistische oorlog over fundamentalistische religieuze interpretatie van een vrome levensstijl, het is een handelsoorlog. Een slavenhandelsoorlog wel te verstaan.
 
Vele mensen met Afrikaanse wortels op de eilanden van de voormalige Nederlandse Antillen en op heel veel andere plekken op aarde hebben zeer sterke emoties over de historische slavenhandel van de 17e en 18e eeuw. Ik vraag me af hoeveel zich nu geroepen voelen om zich te melden als vrijwilligers teneinde hun bloedbroeders in Mali in de strijd tegen deze mensonterende handel van de Toeareg-Jihadisten te helpen?
 
 
Zakenman, mecenas en FTM-columnist Jacob Gelt Dekker is onder andere de oprichter van het slavernijmuseum Kura Hulanda op Curaçao