De verhuurderheffing werd in 2013 in het leven geroepen om de staatskas te spekken. Nu begrotingsevenwicht binnen handbereik ligt, lijkt de heffing vooral een instrument om de corporatiesector woningen te laten verkopen. Er zijn echter slimmere manieren om dat te bereiken.

    Recent was er weer een nieuwe ontwikkeling rond de verhuurderheffing van minister Stef Blok (Wonen en Rijksdienst). Particuliere sociale verhuurders met een bezit tot 50 woningen worden vrijgesteld van deze heffing. Maar omdat de regering geen gaten in haar financiële dekking wil hebben, moeten de woningcorporaties het weggevallen bedrag bijpassen. Dat heeft iets kroms.  Particuliere ondernemers krijgen in feite een cadeautje op kosten van de corporaties. Je zou dat als het weglekken van maatschappelijk gebonden vermogen kunnen zien. In de semipublieke sector is dat een hoofdzonde.

    Corporaties laten opdraaien voor het compenseren van kortingen is ondertussen de gebruikelijke aanpak. Zo kunnen corporaties die extra investeren een korting krijgen op de verhuurdersheffing, maar de overige corporaties moeten dat bedrag bijpassen. Dat zullen de huurders van die corporaties linksom of rechtsom ergens gaan voelen. Je kunt het natuurlijk ook als een vereveningsmechanisme beschouwen, waarbij niet investerende corporaties hun actieve collega’s bijstaan.

    Fel bekritiseerd

    De verhuurderheffing was al vanaf het begin een van de minst elegante bestuurlijke bedenksels van de afgelopen jaren. Sinds 2013 moeten de woningcorporaties een steeds verder oplopend bedrag afdragen aan de overheid in de vorm van een heffing. In 2017 zal dat bedrag 1,7 miljard euro belopen.

    Iedereen moest zijn steentje bijdragen

    In 2011 kwam Piet-Hein Donner, de toenmalige minister van Binnenlandse Zaken, voor het eerst met plannen voor een verhuurderheffing. Die heffing was nodig om de deplorabele toestand van het vaderlandse huishoudboekje een beetje te verbeteren. Het was volgens de minister de bijdrage van de corporatiesector aan de begroting. Iedereen moest zijn steentje bijdragen. Het voorstel werd echter fel bekritiseerd.

    Greep uit de kas

    De oppositie sprak van een greep uit de kas en had het over misbruik van de corporatiesector als pinautomaat voor de staat. De redenering was dat je in een land met lange wachtlijsten voor sociale woningen, corporaties vooral diende te prikkelen om extra te bouwen en ze zeker geen geld afhandig moest maken.

    Er waren ook serieuze berekeningen die aantoonden dat investeringen in nieuwe woningen juist tijdens een recessie heel belangrijk zijn. Bouwvakkers raken dan niet werkloos en krijgen niet te maken met inkomensdalingen. Dat betekent dat de overheid minder uitkeringen en huurtoeslag hoeft uit te keren en dat loopt al snel in de papieren. De detailhandel zou profiteren van de aanhoudende stroom verhuizingen. Al met al zou volgens de berekeningen het totaal aan inverdieneffecten niet eens ver achterblijven bij de inkomsten van de beoogde heffing.


    "Berekeningen toonden aan dat investeringen in nieuwe woningen juist tijdens een recessie heel belangrijk zijn"

    Bij Aedes, de belangenbehartiger van de corporaties, werd de noodklok geluid. Corporaties zouden failliet gaan door de heffing. Verder zou de nieuwbouw ernstig stagneren, de wachtlijsten zouden weer langer worden en de huren stijgen. Om nog maar te zwijgen over massaontslagen bij de corporaties zelf.

    Afromen

    Het hielp allemaal weinig. In 2013 wist minister Blok de heffing door de Tweede Kamer te loodsen. Dat lukte vervolgens — na wat schermutselingen met PvdA-senator Adri Duivesteijn — ook in de Eerste Kamer. Weliswaar was de beoogde 2 miljard euro gereduceerd tot 1,7 miljard, maar het grote afromen kon beginnen.

    Op 21 juni 2016 was er een evaluatie van de maatregel. De minister stelde bij die gelegenheid tevreden vast dat de corporaties alleen maar sterker uit de strijd waren gekomen en weer volop konden investeren. Dat de betaalbaarheid in de sector enorm had geleden, zodat 20 procent van de sociale huurders ondertussen kampt met risicoschulden en een derde voortdurend loopt te goochelen met rekeningen, liet hij buiten beschouwing. Ook het gegeven dat het aantal betaalbare woningen sinds 2010 met 171.000 is gedaald bleef buiten beschouwing.

    Merkwaardig verschijnsel

    De VVD, de partij van minister Blok, is ondertussen zeer verknocht aan de heffing. In het verkiezingsprogramma staat dat de verhuurdersheffing alsnog wordt opgehoogd tot de oorspronkelijke 2 miljard euro per jaar. De partij wil op die manier corporaties dwingen om woningen die kwalitatief gezien thuishoren in het middensegment naar de markt te brengen. Daarvan heeft de sector er vele honderdduizenden.

    De VVD is ondertussen zeer verknocht aan de heffing

    Met die paragraaf in het verkiezingsprogramma van de liberalen wordt meteen een merkwaardig verschijnsel zichtbaar. De VVD, inclusief minister Blok, zien de heffing tegenwoordig vooral als een instrument om bepaalde politieke doelen te realiseren.

    Politiek instrument

    Maar als we even teruggaan naar minister Donner en zijn plannen in 2011, is het duidelijk dat deze de heffing helemaal niet als politiek instrument zag. De heffing was vooral bedoeld als middel om de staatskas een beetje aan te vullen. Ook als je kijkt in de Memorie van Toelichting bij de wet die de heffing mogelijk maakte, valt er te lezen dat het: ‘belangrijk is om te constateren dat de primaire doelstelling van de heffing is gelegen in het genereren van inkomsten.’  Blok was toen al minister. De woordvoerder van de minister bevestigt dat die primaire doelstelling nog steeds staat, maar voegt daar aan toe dat dit niet wegneemt dat er neveneffecten zijn die voor een deel ook wenselijk kunnen zijn.

    Het genereren van inkomsten in een moeilijke periode stond dus centraal bij invoering van de verhuurderheffing. De invloed op de woningmarkt was een neveneffect. Maar ondertussen bazuint minister Jeroen Dijsselbloem van Financiën rond dat begrotingsevenwicht binnen handbereik ligt. De noodsituatie waarin werd besloten tot de heffing is dus voorbij.


    "Het lijkt erop dat de inkomsten voor de schatkist een aangenaam neveneffect zijn geworden"

    Maar ergens onderweg is die verhuurderheffing van gedaante veranderd, van een fiscale maatregel werd het een politiek instrument. Het heeft er veel van weg dat het oorspronkrlijke neveneffect ondertussen primair is en de inkomsten voor de schatkist een aangenaam neveneffect zijn geworden. De wet is daar niet op aangepast.

    Botte bijl

    In de zomer van 2016 kwam het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (COELO), een afdeling van de Universiteit van Groningen, met een vernietigend rapport over de verhuurderheffing. De heffing ging onder meer niet uit van de principes dat de sterkste schouders de zwaarste lasten moeten dragen en dat gelijke gevallen gelijk belast moeten worden.

    Volgens COELO-onderzoeker Jacob Veenstra is er bij dat onderzoek van uitgegaan dat het primair een fiscale regeling betrof. ‘Ik heb in een bijeenkomst met Kamerleden ook gezegd dat er duidelijkheid moet zijn over de aard van de heffing. Als het fiscale aspect niet langer primair is, dan moet je je afvragen of zo’n algemene heffing wel de beste manier is om de doelen van de minister te verwezenlijken. Zo’n heffing is wel heel erg een botte bijl. Er zijn slimmere manieren te bedenken om het beoogde resultaat te bereiken.’

    Huurverlaging

    Dat is een interessant punt. Je zou bijvoorbeeld met Aedes en de Woonbond, de belangenorganisatie voor huurders, een systeem kunnen uitdokteren waarbij de inkomsten van de corporaties aan banden worden gelegd door huurverlagingen. Voor scheefhuurders kun je de huren dan nog wel laten stijgen. Daarmee zouden de huurders ook weer wat lucht krijgen.

    De woordvoerder van Blok denkt dat afschaffing geen optie is

    De minister kan ook per corporatie bekijken welke er te ruim in haar middelen zit. Dat overschot zou kunnen worden afgeroomd. Zo kun je het beleid veel beter afstemmen op de financiële situatie van de individuele corporaties. Het is bijvoorbeeld logisch dat de huidige heffing minder pijn doet in de regio Eindhoven, waar per bestaande woning 26.500 euro aan investeringsruimte beschikbaar is, dan in de regio rond Rotterdam en Den Haag, waar per bestaande woning maar 9.700 euro kan worden geïnvesteerd. 

    Meerjarenbegroting

    Voor de minister zou ook belangrijk moeten zijn dat de gemeenten — de lokale overheden die samen met de corporaties de volkshuisvesting gestalte geven — niets ophebben met de heffing. Jantine Kriens, directievoorzitter van de Vereniging Nederlandse Gemeenten, zei op 9 juni 2016 al tegen de NOS: ‘De heffing was louter bedoeld om het begrotingstekort tegen te gaan. Het is nu zaak om weer te investeren.’

    De woordvoerder van minister Blok stelt dat afschaffing geen optie is. Hij legt uit dat dit niet kan, aangezien er dan in de meerjarenbegrotingen een gat ontstaat oplopend naar 2 miljard euro.


    "De verhuurdersheffing lijkt het symbool te zijn geworden van een soort liberale onbuigzaamheid"

    Inkomstenbelasting

    Het vreemde is dat de partijgenoten van de minister daar anders tegenaan kijken. Zoals eerder gezegd, wanneer de VVD weer in de regering komt is het heel goed mogelijk dat die heffing alsnog naar 2 miljard euro gaat. Zeer interessant is de laatste zin van de verkiezingsparagraaf over de verhuurderheffing: ‘De opbrengst van de verhuurdersheffing geven wij terug door de inkomstenbelasting te verlagen.’ Blijkbaar is het idee van een verhuurderheffing om de schatkist te spekken volledig overboord gegooid. De plannen van de VVD betekenen dat de sociale huurders moeten opdraaien voor een belastingverlaging waar vooral de middenklasse van profiteert.

    Je zou wensen dat een wet die is bedoeld om de begroting te ondersteunen, ook wordt gebruikt om precies dat te doen. Om de corporaties te stimuleren tot bepaald beleid zou een andere en beter geschikte wet moeten worden ontworpen. Maar de verhuurdersheffing lijkt ondertussen het symbool te zijn geworden van een soort liberale onbuigzaamheid. Minister Blok heeft de rug rechtgehouden onder zware druk en dat straalt af op de partij.

    Dit artikel krijg je cadeau van Follow the Money.

    Diepgravende onderzoeksjournalistiek kost tijd en geld. Steun ons en

    word lid