Follow the Money onderzoekt de lobby in de zorg. Vandaag: een kijkje achter de schermen bij een belangenvereniging van de farmaceuten. De vertegenwoordigers van deze miljardenindustrie oefenen flinke druk uit om de markt naar hun hand te zetten, en zien kritische artsen daarbij als een blok aan hun been. Hoe gaan de lobbyisten te werk?

    Woensdag 30 maart. In de pleinzaal van Sociëteit De Witte in Den Haag hebben zich bijna tweehonderd mensen verzameld voor een congres over machtsverhoudingen in de zorg. Al deze mannen en vrouwen zijn daar op uitnodiging van een gezelschap van farmaceuten. Ze dragen een koord waaraan een kaartje bungelt met hun naam. Wel zo handig voor de borrel na afloop van het programma.

    Tijdens dit AmCham Zorg Forum staat de presentatie van een onderzoeksrapport centraal. De conclusie van het rapport weerspreekt de heersende opvattingen over artsen en andere zorgverleners: ‘De dominante percepties over de onderlinge machtsverhoudingen stroken lang niet altijd met de feitelijke situatie. Zo zijn de huisartsen en ziekenhuizen, anders dan het beeld dat bestaat, zeker niet kwetsbaar en afhankelijk van machtige zorgverzekeraars. Ook voor apothekers lijkt geen sprake van ongelijke machtsverhoudingen.’ Wetenschappers van het instituut Beleid en Management Gezondheidszorg komen tot die conclusies. In opdracht van en betaald door de belangenvereniging van farmaceuten.

    Missie

    Het gaat hier, om precies te zijn, om de farmaceutische afdeling van AmCham (de Amerikaanse Kamer van Koophandel). Die behartigt de belangen van de farmaceutische industrie in Nederland. In dit farmaceutisch comité, gevestigd te Amsterdam, hebben vertegenwoordigers van de grootste farmaceutische bedrijven zitting. Enkele namen zijn Neale Belson, die namens GlaxoSmithKline meedoet, en Wiebke Rieb, die als vertegenwoordiger van Pfizer aan tafel zit. De missie van dit comité is helder uiteengezet op zijn website. Zo streven de farmaceuten naar ‘het garanderen van een brede, tijdige en optimale toelating van innovatieve geneesmiddelen, het garanderen van een gezond en positief innovatieklimaat met een focus op farmaceutica en het garanderen van een gunstig zakelijk klimaat voor de handel met de Verenigde Staten.’

    Het beïnvloeden van beleidsmakers en de publieke opinie door het financieren van dit soort onderzoeken maakt onderdeel uit van de lobbytactiek van de farmaceuten. Maar de tactiek omvat meer dan dat, want er is ook een jaarlijks zorgcongres, het bovengenoemde AmCham Zorg Forum, waar de resultaten van die rapporten worden getoond. Dit jaar werd deze bijeenkomst al voor de zestiende maal georganiseerd. Op de eerste rij zaten onder anderen Ab Klink, oud-minister van Volksgezondheid en tegenwoordig de baas bij zorgverzekeraar VGZ, Lodi Hennink, directeur van de Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV), Frederik van Doorn, beleidsmedewerker bij het ministerie van Volksgezondheid en Bart Broers, directeur Zorg bij de Autoriteit Consument en Markt. Zij luisterden aandachtig naar de resultaten van het onderzoek en hielden zelf ook een praatje. Jaarlijks besteden de farmaceuten zo’n 35.000 euro aan de organisatie van dit evenement.

    Een slordige 75.000 euro gaat jaarlijks naar de beïnvloeding van zorgverleners

    Beïnvloeden van zorgverleners

    Een nog groter bedrag besteden de farmaceuten aan wat zij noemen physician empowerment. Een slordige 75.000 euro gaat jaarlijks naar de beïnvloeding van zorgverleners. Dat gebeurt onder andere door het organiseren van bijeenkomsten en het onderwijzen van zorgverleners aan de hand van rapporten en andere documentatie. Over het precieze doel van de beïnvloeding zijn de farmaceuten niet erg duidelijk. Ze schrijven over het ‘attent maken van zorgverleners op hun rol in de totstandkoming van richtlijnen’.

    Voor het comité is het van belang dat de geesten van Nederlandse beleidsmakers doordrongen zijn van het belang van het Amerikaanse farma-comité. In de presentatie op de website van het comité staan vijf centrale boodschappen die overgebracht moeten worden:

    1. Farma voegt veel waarde toe aan de samenleving: het zorgt voor investeringen, kennis, economische groei en werkgelegenheid.
    2. Er is een positieve relatie tussen een innovatieomgeving en een hoog bnp (bruto nationaal product).
    3. Gezondheid leidt tot welvaart.
    4. De farmaceutische industrie is de motor van de kenniseconomie.
    5. Geneesmiddelen kosten niet alleen geld, maar leveren de samenleving ook geld op.

    Met deze vijf boodschappen proberen de farmaceuten beleidsmakers gunstig te stemmen.


    Edith Loozen

    "Huisartsen zijn machtiger dan zorgverzekeraars"

    Invloed op de media

    Het door de farmaceutische industrie gesponsorde onderzoek heeft direct effect op de berichtgeving in de media. Kort na publicatie van het rapport verschijnen twee berichten op de site van Skipr, een nieuwsplatform voor beslissers in de zorg. Eerst een artikel met de kop : Huisartsen zijn machtiger dan gedacht. Een tweede bericht draagt de titel: Zorgverzekeraar is minder machtig dan gedacht. Vervolgens wordt het onderwerp op BNR Nieuwsradio uitgebreid besproken. De dag wordt afgesloten met een item in de uitzending van het EO-programma Dit is de dag.

    In een interview met dat televisieprogramma gaat de projectleider van het onderzoek naar machtsverhoudingen, Edith Loozen, nog iets verder dan het rapport door te stellen: ‘Huisartsen zijn machtiger dan zorgverzekeraars.’ Een conclusie waar de Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV) allerminst gelukkig mee is. ‘Wij hebben ervaren dat vooral de verzekeraar de macht heeft over de inkoop van de zorg, en dat de dokter de verzekeraar nooit van dichtbij ziet. Wij vinden dat er een gelijkwaardige positie moet zijn tussen de beide partijen,’ aldus directeur Lodi Hennink.

    ‘Ordinair lobbywerk’

    Ook de Vereniging Praktijkhoudende Huisartsen laat geen spaan heel van het rapport. Zij beweert dat de onderzoekers zich bediend hebben van een ‘puur theoretisch economisch denkmodel zonder enige relatie met de werkelijkheid’. In het commentaar betoogt de huisartsenvereniging dat de onderhandelingsmacht van huisartsen zeer beperkt is. Huisarts in ruste Wim Jongejan spreekt in zijn blog zelfs van ‘ordinair lobbywerk’ door Big Farma.

    ‘Ik zou de relatie tussen apothekers en zorgverzekeraars eerder willen vergelijken met David en Goliath’

    FTM zocht naar aanleiding van het rapport contact met de apothekersvereniging KNMP. Net als de huisartsen, reageren de apothekers verbolgen op de conclusies. Woordvoerder Mariël Croon laat weten: ‘Dit is absoluut niet wat wij ervaren. Apothekers lijden juist heel erg onder ongelijke machtsverhoudingen. Veel apothekers hebben het gevoel in onderhandelingen te moeten tekenen bij het kruisje. We worstelen op dit moment met medicijntekorten. Dat is een onbedoeld gevolg van de aanbestedingen van medicijnen door zorgverzekeraars. In januari was 10 procent van de medicijnen al niet meer leverbaar. Onlangs was er een middel voor borstkankerpatiënten niet verkrijgbaar. Apothekers moeten dan ergens anders die medicijnen zien in te kopen en draaien zelf op voor de kosten. Ik zou de relatie tussen apothekers en zorgverzekeraars eerder willen vergelijken met David en Goliath.’

    Maar als dit de dagelijkse werkelijkheid is voor veel apothekers, waarom concludeert het rapport dan iets anders? We vragen het de woordvoerster. Croon lacht en antwoordt: ‘Ik zou zeggen: follow the money.’

    Wetenschappelijke vrijheid

    Wij bellen met het instituut Beleid en Management Gezondheidszorg (iBMG) onderdeel van de Erasmus Universiteit Rotterdam. Na een kort gesprek met de persvoorlichter verbindt hij ons door met de projectleider van het onderzoek, Edith Loozen. Het gesprek duurt slechts twee minuten. Als wij haar bevragen over de financiering door de club van farmaceuten reageert zij geërgerd: ‘Ja dat staat toch op de voorkant. Wij voeren wel vaker onderzoeken uit voor de Amerikaanse Kamer van Koophandel, daarmee komt de wetenschappelijke vrijheid niet in het geding.’ Verdere vragen weigert Loozen op dat moment te beantwoorden. Zij vraagt FTM de vragen te mailen zodat zij die eerst kan inzien.

    ‘Natuurlijk wordt er wel teruggekoppeld met de opdrachtgever en het gebeurt ook wel eens dat die opdrachtgever druk probeert uit te oefenen’

    Twee dagen later is Loozen bereid om een korte toelichting te geven op de schriftelijke vragen die wij haar hebben gestuurd. Ze vertelt over de relatie tussen het onderzoeksinstituut en het farmaceutisch comité. ‘Jaarlijks organiseert het farmaceutisch comité van AmCham een congres waar met verschillende mensen uit het veld gesproken wordt over het functioneren van ons zorgstelsel. Die bijeenkomsten worden ondersteund door een rapport over een bepaald onderwerp. In de afgelopen jaren hebben wij die rapporten in opdracht van AmCham geleverd. Vorig jaar deden wij onderzoek naar uitkomstbekostiging in de zorg — het betalen voor kwaliteit in plaats van voor volume — en het jaar daarvoor waren wij verantwoordelijk voor een evaluatie van het Nederlands zorgstelsel. Wij bedingen daarbij altijd volledige publicatievrijheid, want door het publiceren van resultaten garandeer je transparantie. Natuurlijk wordt er wel teruggekoppeld met de opdrachtgever, en het gebeurt ook wel eens dat die opdrachtgever druk probeert uit te oefenen. Maar door een goede onderbouwing van je resultaten en het vervolgens publiceren van die resultaten weersta je die druk. Overigens hebben wij wel meer opdrachtgevers. Wij voeren ook onderzoeken uit voor zorgverzekeraars, de NZa en patiëntenvereniging NPCF. Daarnaast ontstaat een groot deel van ons onderzoekswerk op eigen initiatief.’

    Zorgverzekeraars oververtegenwoordigd

    Hoeveel geld er is betaald voor het onderzoek, wordt niet duidelijk. Wat opvalt is dat er voor de opzet van het onderzoek elf mensen geïnterviewd zijn, een beperkt aantal voor dergelijke verregaande conclusies. Vijf van de geïnterviewden zijn vertegenwoordigers van zorgverzekeraars, en drie van hen staan op de loonlijst bij Achmea. Zorgverleners komen er wat dat  betreft bekaaid van af. Zo is er gesproken met één apotheker, twee bestuurders van ziekenhuizen, één vertegenwoordiger van de medisch specialisten en twee huisartsen. Daarmee is de beroepsgroep van zorgverzekeraars oververtegenwoordigd. Loozen ziet dat anders: ‘Wij zien zeven zorgaanbieders en drie zorgverzekeraars, dat lijkt ons een mooi evenwicht.’ Als wij de onderzoekster de kritiek van diverse zorgverleners voorleggen, antwoordt zij: ‘Daar ga ik nu niet op in. Het staat allemaal al uitgebreid in ons rapport beschreven. Misschien moet je die teksten maar aan ze voorleggen.’

    Weg met de vrije artsenkeuze?

    Een rapport van de OESO ondersteunt de argumenten van artsen en apothekers. Dit rapport concludeert dat Nederlandse zorgverzekeraars een oligopolie vormen, omdat vier zorgverzekeraars ongeveer 90 procent van de markt beheersen. Maar voor dat argument zijn de Rotterdamse onderzoekers niet gevoelig: ‘De machtspositie van zorgverzekeraars zit niet primair in de omvang van hun marktaandeel, maar in de mogelijkheid om hun verzekerden te kunnen sturen naar voorkeuraanbieders. Zonder sturingsmogelijkheden hebben verzekeraars de facto geen geloofwaardige onderhandelingspositie.’ Met andere woorden: zorgverzekeraars zouden hun rol pas optimaal kunnen vervullen als zij patiënten kunnen sturen naar de zorgaanbieder die de voorkeur van de verzekeraar heeft. Op dit moment is dat nog niet het geval. Is het dan de bedoeling dat zorgverzekeraars machtiger worden? Het lijkt erop dat het door de farma gesponsorde onderzoek hint op een afschaffing van de vrije artsenkeuze. Dat is een beleidswijziging die veel farmaceuten als muziek in de oren zal klinken.

    Bij ons onderzoek naar de lobby in de zorg kunnen wij uw hulp goed gebruiken. Tips kunt u sturen naar: jeffrey.stevens@ftm.nl

    Over de auteur

    Jeffrey Stevens

    Gevolgd door 236 leden

    Jaagt op mensen en systemen die de Nederlandse zorg schade toebrengen.

    Lees meer

    Volg deze auteur
    Dit artikel zit in het dossier

    Zorglobby

    Gevolgd door 279 leden

    Follow the Money hield enkele maanden geleden samen met Yournalism een grote crowdfunding-actie om een onderzoek te starten n...

    Lees meer

    Volg dossier

    Dit artikel krijg je cadeau van Follow the Money.

    Diepgravende onderzoeksjournalistiek kost tijd en geld. Steun ons en

    word lid