© ANP / Robin van Lonkhuijsen

    Als minister van Volksgezondheid was Ab Klink belast met het vraagstuk van de stijgende zorgkosten. Het is daarom niet verwonderlijk dat hij als bestuurder van zorgverzekeraar VGZ het voortouw neemt in het aanjagen van 'zinnige zorg’. Onder de vleugels van de verzekeraar ontwikkelen tien zorginstellingen methodes om efficiëntere, betere én goedkopere zorg kunnen leveren. Hoe staat het daarmee?

    Zorgverzekeraar VGZ vormt samen met negen ziekenhuizen en één ggz-instelling de Zinnige Zorg-alliantie. Het doel van die alliantie is, u raadt het al, het bevorderen van zinnige zorg.  Kostenbeheersing dus, want zinnige zorg is volgens VGZ vooral betaalbare zorg.

    Om dat te bewerkstelligen helpt de alliantie zorginstellingen werkwijzen te ontwikkelen die leiden tot betere én goedkopere zorg. Die ontwikkeling gebeurt in zogenoemde ‘leertuinen’: plekken waar nieuwe projecten worden uitgeprobeerd en waar nieuwe ideeën ontstaan. Wanneer deze succesvol blijken is het de bedoeling dat ze op meerdere plekken in Nederland worden overgenomen.

    Leertuinen

    Tot nu toe hebben de leertuinen volgens VGZ al veertig voorbeelden opgeleverd van praktijken die de zorg zinniger maken. Bij de zorginkoop voor het jaar 2018 zal de verzekeraar zich gaan richten op het uitbouwen van deze goede voorbeelden. Zorginstellingen die bij de verzekeraar in een goed blaadje willen komen, doen er verstandig aan te leren van de alliantie. Want, zo laat VGZ weten: ‘Zorgaanbieders die mee-ontwikkelen en goede voorbeelden willen overnemen hebben een streepje voor in de contractering.’ 

    Het motto luidt: meer doen met minder

    Voormalig minister van Volksgezondheid en huidig bestuurder van VGZ Ab Klink is enthousiast over de leertuinen: ‘Het is fantastisch om te zien hoeveel energie deze benadering losmaakt bij professionals en bestuurders in de zorg. Als we de nu gevonden good practices kunnen gaan toepassen in alle ziekenhuizen, kunnen we het komende jaar al tientallen miljoenen euro’s besparen én betere zorg voor de patiënt realiseren,' zo laat hij weten in een persbericht.

    Van die leertuinen is het ziekenhuis Bernhoven misschien wel de bekendste. Dit ziekenhuis heeft al meerdere malen aandacht gekregen in de media omdat het er bewust voor kiest te krimpen. Normaal gesproken zijn ziekenhuizen huiverig voor zo’n beleid: het leidt namelijk tot een verlies aan inkomsten. Daarom is er hulp nodig van bijvoorbeeld de zorgverzekeraar om deze krimp te faciliteren. Dennis Verschuren, woordvoerder van VGZ, zegt daarover: 'Stimulering vanuit zorgverzekeraars, maar ook vanuit de overheid is belangrijk. We moeten ziekenhuizen helpen te krimpen. VGZ doet dat op dit moment met ziekenhuis Bernhoven: wij stimuleren dit ziekenhuis om minder onnodige of inefficiënte activiteiten uit te voeren.’

    Dat stimuleren doet de verzekeraar door een meerjarig contract met het ziekenhuis aan te gaan en het verlies aan inkomsten de eerste vijf jaar te compenseren. Op die manier blijft de omzet voor die periode verzekerd en kunnen beide partijen rekenen op een langdurige relatie.

    "Medisch specialisten krijgen nu ook een vergoeding als zij níét opereren"

    In de praktijk

    Het motto luidt: ‘meer doen met minder.’ Maar hoe werkt dat nu in de praktijk? Een voorbeeld is te vinden op de afdeling chirurgie, waar specialisten worden betaald per verrichting. Die financiële prikkel leidde volgens directeur van Bernhoven Peter Bennemeer tot ‘productiegerichte ziekenhuiszorg’, hetgeen inhoudt dat artsen te snel de beslissing namen om te opereren. Medisch specialisten krijgen nu ook nog een vergoeding als zij níét opereren; zo wordt de prikkel tot overproductie weggenomen. De omzet van het ziekenhuis is sinds 2014 met 11 procent omlaag gegaan. Als het ziekenhuis minder inkomsten heeft, omdat er bijvoorbeeld minder operaties worden uitgevoerd dan compenseert de verzekeraar dat verlies voor de eerstkomende vijf jaar. Op die manier krijgen specialisten voorlopig hetzelfde salaris voor minder werk.

    Ook op de spoedeisende hulp zijn er veranderingen merkbaar. Daar heeft het ziekenhuis gekozen voor ‘versterking aan de poort’: zeven dagen per week, 24 uur per dag, is er nu een spoedeisende hulparts aanwezig. Tijdens kantooruren wordt de aanwezigheid van zo’n arts aangevuld met een internist, cardioloog en een chirurg. Op die manier wordt een patiënt die op de spoedeisende hulp binnenkomt direct door een professional gezien; vroeger zag de patiënt de spoedeisende hulparts pas later in het proces. Door het versterken van de bezetting zijn het aantal opnames ten gevolge van een behandeling op de spoedeisende hulp, de opnameduur van die opnames en het aantal vervolgafspraken gemiddeld met zeven procent afgenomen.

    Veel huidklachten kunnen goed behandeld worden in de praktijk van de huisarts

    Een ander voorbeeld uit de zinnige zorg-leertuinen is het overhevelen van zorg in het ziekenhuis naar de huisarts. Zo zijn er in de leertuinen dermatologen die aantal keer per week spreekuur houden bij huisartspraktijken in de regio. Dat gebeurt bijvoorbeeld bij ziekenhuis Bernhoven, maar ook andere ziekenhuizen nemen die benadering over. Tijdens die spreekuren helpen zij mensen met huidproblemen. Op die manier bespaart dat patiënten niet alleen een ritje naar het ziekenhuis, maar het scheelt ook een rekening voor tweedelijnszorg die normaliter ten koste gaat van het eigen risico. Uit het experiment blijkt dat veel huidklachten goed behandeld kunnen worden in de praktijk van de huisarts.

    Elektronische mogelijkheden

    Door toenemende elektronische mogelijkheden is het ook mogelijk bepaalde delen van de zorg te verplaatsen van het ziekenhuis naar het huis van de patiënt. Uit onderzoek van zorgadviesbureau Gupta Strategists blijkt dat maar liefst 45 procent van de ziekenhuiszorg op den duur verplaatst kan worden naar de woning van de patiënt.

    In de Zinnige Zorg-proeftuinen worden met het monitoren van astma- en hartpatiënten op dat gebied nu de eerste stappen gezet. Door middel van thuismeetapparatuur of een app kan de patiënt met enige regelmaat informatie naar zijn behandelaar sturen; bij een afwijkende meting gaat er direct een signaal naar de zorgverlener, die vervolgens contact opneemt met de patiënt. Dankzij deze benadering kunnen veel onnodige ziekenhuisbezoeken worden voorkomen.

    Ook het Deventer ziekenhuis neemt deel aan de Zinnige Zorg-alliantie. In dat ziekenhuis worden medicijnen tegenwoordig gescand door een kastje genaamd MedEye. Met dat apparaat controleert een verpleegkundige de medicatie die eerder is voorgeschreven en samengesteld. De verpleegkundige haalt de tabletten en capsules uit de verpakking en stopt die in de lade van de MedEye. Omdat alle tabletten en capsules van kleur, grootte, inscripties, structuur en breukstreep verschillen, kan de MedEye dan ‘zien’ of de patiënt de juiste medicatie krijgt.

    Als alles klopt, geeft het apparaat een signaal en kan de verpleegkundige de medicijnen veilig aan de patiënt toedienen. Dankzij het gebruik van dit apparaat komen per afdeling dagelijks drie tot vier medicatiefouten aan het licht; verwacht wordt dat het uitsluiten van dergelijke fouten een besparing 18 miljoen euro per jaar zal opleveren.

    De Zinnige Zorg-alliantie markeert een trend die belangrijk zal zijn voor de toekomst van de gezondheidszorg: minder zorg in het ziekenhuis en meer zorg in het huis van de patiënt. Daarbij zullen digitale innovaties hoogstwaarschijnlijk een belangrijke rol spelen — tot grote vreugde van elektronicabedrijven en app-ontwikkelaars. FTM zal met regelmaat aandacht blijven schenken aan dergelijke zorginnovaties en de invloed daarvan op de zorgkosten en ons welzijn.

    Over de auteur

    Jeffrey Stevens

    Gevolgd door 232 leden

    Jaagt op mensen en systemen die de Nederlandse zorg schade toebrengen.

    Lees meer

    Volg deze auteur
    Dit artikel zit in het dossier

    Wat maakt onze zorg zo duur?

    Gevolgd door 800 leden

    In het dossier 'wat maakt onze zorg zo duur?' doen wij onderzoek naar de zorgkosten. Ieder jaar geven we met z'n allen weer m...

    Lees meer

    Volg dossier

    Dit artikel krijg je cadeau van Follow the Money.

    Diepgravende onderzoeksjournalistiek kost tijd en geld. Steun ons en

    word lid