Hoe onafhankelijk zijn Curaçao en Sint Maarten nu eigenlijk?

In 2010 hielden de Nederlandse Antillen op te bestaan. Hierbij werden de BES eilanden - Bonaire, St. Eustacius en Saba - een Nederlandse gemeente en Curaçao en Sint Maarten onafhankelijk. Vijf jaar na dato maakt gastauteur Jan Post de balans op van de vooruitgang die is geboekt - althans financieel.

Na de verzelfstandiging van Curaçao en Sint Maarten is de Rijkswet Financieel Toezicht tot uitvoer gebracht waarbij een aantal afspraken tussen Nederland, Curaçao en Sint Maarten is gemaakt over deugdelijk en verantwoordelijk financieel beheer. Vanaf 2010 is een onafhankelijk toezichtsorgaan College Financieel Toezicht (CFT) aanwezig op Curaçao en Sint Maarten om toezicht te houden op de eilanden en om bij eventueel financieel wanbeheer door middel van een aanwijzing te kunnen ingrijpen.

Financiële onafhankelijkheid

De afgelopen drie maanden hebben Tweede Kamerlid André Bosman en ik onderzocht of onafhankelijkheid van Curaçao en Sint Maarten ook tot financiële onafhankelijkheid heeft geleid. Hierbij zijn door de vaste Kamercommissie voor koninkrijksrelaties op 29 april jl. vragen ingediend aan minister Plasterk over de halfjaarrapportage van het College Financieel Toezicht (Cft) over Curaçao en Sint Maarten, tweede helft 2014.
minister Plasterk: er hoeft geen sprake te zijn van goedgekeurde     jaarverslagen
Hierbij kwam naar voren dat er nog steeds geen financiële grip is op de verschillende overheidsentiteiten op Curaçao en dat nog steeds sprake is van gebrekkige kwaliteit van financieel beheer op Sint Maarten.  Verontrustend is dat minister Plasterk heeft aangegeven dat er geen sprake hoeft te zijn van goedgekeurde jaarverslagen door een onafhankelijke accountant om een lening te kunnen goedkeuren. Hierdoor kan kortom niet worden vastgesteld of de aangeleverde gegevens inderdaad correct en accuraat zijn bevonden door de controlerende accountant.

Terugblik

Een terugblik naar het jaar 2010: Nederland deed toen een kwijtschelding voor het land de Nederlandse Antillen: 733 miljoen euro (afgerond) en voor het eilandgebied Curaçao: 902 miljoen (afgerond). Dit is een kwijtschelding van ongeveer 6.000 euro per inwoner van Curaçao in 2010.  

Bron: Centrale Bank Curaçao en Sint Maarten Bron: Centrale Bank Curaçao en Sint Maarten

Bovenstaande tabel laat een lichte stijging zien van de schulden van Curaçao. Hiervan wordt ongeveer 90 procent vanuit Nederland gefinancierd (tabel 2). Dit komt voornamelijk doordat Curaçao en Sint Maarten volgens de Rijkswet kunnen lenen tegen het rentetarief op Nederlandse Staatsobligaties. Hiermee profiteren Curaçao en Sint Maarten van de hoge kredietwaardigheid en projecteert dit niet de financiële risico’s van de financiële huishouding op de eilanden. Hierboven valt uit te lezen dat de vordering van Nederland richting Curaçao oploopt richting de 2 miljard ANG , omgerekend in euro is dit ongeveer 981 miljoen euro.5

Bron: Centrale Bank Curaçao en Sint Maarten Bron: Centrale Bank Curaçao en Sint Maarten

  Nederland dient zich verplicht in te schrijven voor leningen aan Curaçao en Sint Maarten volgens de Rijkswet Financieel Toezicht. Bovendien liggen de financiële risico’s van incourante leningen bij Curaçao en Sint Maarten hoger dan bij Nederland.
externe partijen zullen niet financieren tegen het lage rentetarief waarvoor Nederland verplicht is zich in te schrijven
Hierdoor zullen externe partijen niet financieren tegen hetzelfde lage rentetarief waarvoor Nederland zich verplicht dient in te schrijven. Dit is onder andere gebleken bij een nieuwe lening voor de bouw van een het ziekenhuis HNO hospital, dat voor 100 procent gefinancierd gaat worden vanuit Nederland. Kortom, er kan gezegd worden dat er juridisch inderdaad een onafhankelijkheid is ontstaan, maar dat Curaçao en Sint Maarten financieel voor een groot gedeelte afhankelijk zijn van Nederland als financier.

Tweede Kamer onvoldoende kritisch

Veel Tweede Kamerleden kijken naar mijn mening onvoldoende kritisch naar de aangeboden rapporten van het CFT en stellen zich niet de vraag waarom er geen goedgekeurde begrotingen en jaarverslagen beschikbaar zijn. Bovendien dient hier ook de vraag gesteld te worden welke risico’s hierbij voor de Nederlandse belastingbetaler aanwezig zijn.  Hopelijk staan de bewindspersonen kritisch tegenover de antwoorden en zal er aankomende 21 mei om actie worden gevraagd aan de minister tijdens een algemeen overleg. Jan Post is persoonlijk medewerker van Tweede Kamerlid André Bosman (VVD). De afgelopen drie maanden deed hij tijdens zijn werk en ter afsluiting van een masterstudie accountancy een onderzoek naar het functioneren van het College Financieel Toezicht (CFT). Dit opiniestuk over het functioneren van CFT op Curaçao en Sint Maarten en de problemen die daar nog steeds spelen schreef hij op persoonlijke titel.

Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

Over de auteur

Gastauteur

Gevolgd door 338 leden

FTM.nl biedt opiniemakers de gelegenheid om – op uitnodiging – een bijdrage aan maatschappelijke discussies te leveren.