Beeld door Wikipedia-gebruiker David van der Mark
© CC BY-SA 3.0

Hoe rijker de wijk, hoe meer 'Tesla-subsidie'

    Analist Roel Gooskens toonde op FTM aan dat subsidies voor elektrisch rijden op dit moment vooral bij de 'happy few' terecht komen en zo de kloof tussen arm en rijk verdiepen. Vandaag een andere invalshoek: waar wonen die elektrische autorijders eigenlijk?

    Begin in een willekeurig gezelschap een gesprek over ‘elektrisch rijden’, en je hebt meteen een heftig debat. Of het nou aan de borreltafel is, op kantoor of op internetfora – het thema werkt als de spreekwoordelijke rode lap op een stier. Voor- én tegenstanders ontsteken in razernij als de merites ervan ter discussie worden gesteld, dan wel worden bezongen.

    Zo ook op Follow the Money. In zijn artikel ‘Elektrische auto’s laten rijken lachend rijden’ liet analist Roel Gooskens zien hoe het subsidiëren van elektrische auto’s in de praktijk uitpakt. Op grond van een nuchtere, op feiten gebaseerde analyse van de cijfers kwam Gooskens daarbij tot drie belangrijke conclusies:

    1. Als de overheid haar eigen doelstelling wil halen – 10 procent van de in 2020 verkochte auto’s moet elektrisch zijn – zal ze ook particuliere kopers fiscaal moeten subsidiëren;

    2. Elektrische auto’s zijn gezien hun hoge kostprijs alleen interessant voor zakelijke rijders, voor particulieren zijn ze alleen weggelegd voor mensen met een zeer hoog inkomen;

    3. Eén Tesla kost de samenleving zo’n 19.000 euro per jaar. En daar blijft het niet bij: de Nederlandse overheid verstrekt in de praktijk jaarlijks ruim 145 miljoen euro indirecte subsidie om momenteel 7500 elektrische auto’s te kunnen laten rondrijden. ‘Zonder deze stimulering zou Tesla in Nederland vrijwel geen enkele auto kunnen slijten,’ schreef Gooskens.

    Kortom: voor ‘gewone’ mensen is elektrisch rijden veelal te duur. Subsidies voor elektrische voertuigen komen vooral bij de rijken terecht, en werken dus denivellerend. De CO2-doelstellingen worden met de 'Tesla-subiside' nauwelijks sneller gehaald.

    Gooskens’ cijferwerk vergalde het plezier van menig Tesla-rijder

    Die conclusie kwam hard aan. Elektrische auto’s, vooral die van Tesla, werken statusverhogend; de eigenaar maakt er een statement mee. ‘Ik geef om het klimaat, geloof in de vooruitgang, hou van mooie auto’s, maar draag met mijn keuze toch een steentje bij aan een beter milieu.’

    Gooskens’ cijferwerk vergalde het plezier van menig Tesla-rijder. Ineens was hij of zij niet meer cool, maar werd hij neergezet als een ordinaire subsidieprofiteur. 

    Maar hoe zit het nu? Komen de subsidies voor elektrische auto’s daadwerkelijk terecht bij de hogere inkomens? Om de vraag ook op een andere manier te bekijken hebben we – met hulp van onze collega’s van LocalFocus – een paar grafieken gebouwd.

    De eerste is een kaart van Nederland die laat zien hoe welvarend de inwoners per wijk zijn, hoeveel openbare laadpalen er zijn en hoeveel dat er per 1000 inwoners zijn. Het aantal laadpalen – waarvan de aanleg ook wordt gesubsideerd – is een goede inidicator voor de concentratie elektrische auto's. De kaart is goed voor het nodige speelplezier – hoe zit het in jouw omgeving – en bevestigt de bevindingen van Gooskens.

    Hoeveel laadpalen zijn er in jouw gemeente?

    Om te zien of er een samenhang bestaat tussen gemiddeld inkomen en aantal laadpalen heeft LocalFocus een aparte grafiek gemaakt voor de wijken met meer dan duizend inwoners in de vier grote steden. De correlatie blijkt inderdaad aanwezig:

    Correlatie laadpalen en gemiddeld inkomen

    Omdat gemiddeld inkomen niet alles zegt – je kunt immers zeer vermogend zijn en op papier toch een laag inkomen genieten – hebben we ook bekeken of er voor dezelfde wijken een correlatie bestaat tussen laadpalen en WOZ-waarde van woningen. Die blijkt er wel te zijn, maar is toch minder duidelijk dan de samenhang met het gemiddeld inkomen.

    Correlatie WOZ-waarde en aantal laadpalen

    De grafieken ondersteunen de conclusies van Roel Gooskens: de rijkere wijken zijn ook bevoorrecht met een hoger aantal laadpalen per inwoner. Vooral daar wordt elektrisch gereden — en dat duidt erop dat de subsidies voor elektrische auto’s vooral bij de rijkere medeburgers terecht komen. De logische vervolgvraag is dan: is het wel verstandig en effectief om dat subsidiegeld op deze manier rond te strooien? Draagt de subsidie bij aan de doelstelling? Op die vraag komen we binnenkort terug.

    Optimisme

    Nu zijn er de afgelopen week ook een aantal dingen gebeurd die optimisten de ‘revolutie’ over de elektrische auto deden uitroepen. Zoals meestal is dat overdreven, ook al zijn de verwachtingen over de opmars van de elektrische auto flink naar boven bijgesteld. Zo rolden bij Tesla in de eerste week van juli de eerste Model 3-auto’s van de band. Tot nu toe was Tesla met zijn Model S en Model X louter een merk voor de happy few, en fiscaal extra interessant voor mensen die hun auto op naam van de zaak kunnen zetten. De Model 3 is veel goedkoper en bedoeld voor de massamarkt. Voor het nieuwe model bestaat een wachtlijst van enkele jaren. Het ziet er naar uit dat de Model 3 een hit wordt, ondanks het toch nog vrij forse prijskaartje. Met een instapprijs vanaf 35.000 dollar kun je het met de beste wil van de wereld niet een volkswagen noemen. 

    De transitie naar elektrisch rijden gaat veel sneller dan een jaar geleden was voorspeld

    Er was meer goed nieuws: een rapport van Bloomberg trekt de conclusie dat de transitie naar elektrisch rijden veel sneller gaat dan een jaar geleden nog was voorspeld. Zo zou 54 procent van het aantal verkochte auto’s in 2040 elektrisch aangedreven zijn.

    Ook de ‘oude’ automerken komen op stoom met de transitie. Zo liet het Chinees-Zweedse Volvo weten dat in 2019 de helft van zijn auto’s (deels) op stroom zal rijden. De bedoeling is dat het merk vanaf circa 2025 alleen nog maar elektrisch aangedreven wagens zal produceren. De Fransen konden niet achterblijven en kondigden aan dat de verkoop van diesel- en benzineauto’s vanaf 2040 geheel zal worden verboden. Ongetwijfeld springt de Franse auto-industrie daar op in.

    Het zijn ontwikkelingen die ook door sceptici worden toegejuicht: het zet de olieprijs immers verder onder druk en maakt fossiele brandstof goedkoper. Zo worden we er uiteindelijk allemaal blij van.

    Over de auteur

    Arne van der Wal

    Gevolgd door 207 leden

    Mede-oprichter van Follow the Money. Houdt zich onder meer bezig met technologie-ontwikkeling en de voedingsindustrie.

    Lees meer

    Volg deze auteur

    Dit artikel krijg je cadeau van Follow the Money.

    Diepgravende onderzoeksjournalistiek kost tijd en geld. Steun ons en

    word lid