Hugo de Jonge tijdens het debat over de mondkapjesdeal met met Sywert van Lienden in de Tweede Kamer.

De coronapandemie zet de wereld op zijn kop. Wie betaalt de rekening? En wie profiteert? Lees meer

Het virus SARS-CoV-2, beter bekend als het coronavirus, dook eind 2019 op in de Chinese provincie Hubei. In een paar weken tijd veroorzaakte het een epidemie, waarna het zich over de rest van de wereld verspreidde. Begin maart 2020 verklaarde de World Health Organisation de ziekte tot een pandemie en gingen landen wereldwijd 'op slot'.

Met het coronavirus is een crisis van historische proporties ontstaan, niet alleen medisch, maar ook economisch. In de vorm van steunfondsen en noodmaatregelpakketen werden bedrijven wereldwijd met vele miljarden op de been gehouden.

Waar met geld gesmeten wordt, liggen misbruik en fraude op de loer. Daarom volgt FTM de ontwikkelingen op de voet. Wie profiteert van de crisis? En welke oplossingen dienen welke belangen? 

206 artikelen

Hugo de Jonge tijdens het debat over de mondkapjesdeal met met Sywert van Lienden in de Tweede Kamer. © Peter HIlz / ANP

Hugo de Jonge, Sywert en de mondkapjesdeal: in het buitenland zou dit corruptie heten

Minister Hugo de Jonge en voormalig minister Martin van Rijn gunden Sywert van Lienden een grote deal, mede om hem als criticus van het kabinet tot zwijgen te brengen. Volgens deskundigen valt het handelen van de bewindslieden onder de noemer ‘handel in invloed’, een vorm van corruptie die in veel landen strafbaar is. Maar hier niet, omdat Nederland de lobby niet in de weg wil zitten. ‘We moeten die informele circuits een halt toeroepen, want dit raakt het hart van de democratie.’

‘Nepotisme’ en ‘vriendjespolitiek’. Slechts een enkel Kamerlid nam deze woorden donderdag 7 april in de mond toen het ging over de ‘verkwisting’ van 100 miljoen euro voor mondkapjes die helemaal niet nodig bleken te zijn. Meer dan een schampschot kreeg minister Hugo de Jonge niet te verduren.

Met dekking van coalitiepartijen wurmde De Jonge zich uit het precaire Kamerdebat. Dat hij als minister van Volksgezondheid (VWS) in april 2020 ambtenaren had aangespoord om zaken te doen met Sywert van Lienden en partners, was volgens De Jonge geen probleem. Dat hij de Kamer daarover niet juist had geïnformeerd was dat wel. Er volgden excuses.             

Een dag later sloeg De Jonge al terug. In een interview met tv-programma Hart van Nederland zei hij dat de Kamer zijn integriteit te ‘gemakkelijk’ ter discussie stelt, wat het ‘wantrouwen’ in de politiek alleen maar voedt. Met zijn integriteit is niets mis, suggereerde de bewindsman. Premier Mark Rutte verdedigde de uitspraken van zijn collega-minister als onderdeel van een ‘robuuste bestuurscultuur’. 

Van Lienden moest zwijgen

Is de integriteit van De Jonge ten onrechte ter discussie gesteld? Of heeft zijn handelen wel degelijk te maken met nepotisme en vriendjespolitiek? Terechte vragen, want Van Lienden kreeg zijn deal mede om hem als criticus van het kabinet het zwijgen op te leggen. 

Er was bij de start van de pandemie zware kritiek op het kabinet vanwege de schaarste aan beschermingsmiddelen. Als oprichter van de stichting Hulptroepen Alliantie – bedoeld om de zorg zonder winstoogmerk van mondkapjes te voorzien – zei Van Lienden dat de krapte de schuld was van VWS. Op het departement werd dit gezien als een bedreiging. Van Liendens twittertirade was op 10 april 2020 voor De Jonge de directe aanleiding om zijn mensen contact met hem te laten zoeken.                 

Hugo De Jonge en toenmalig minister voor Medische Zorg Martin van Rijn – verantwoordelijk voor de inkoop van mondkapjes – waakten over hun politieke prestige en dat van hun departement. Zij waren dus gebaat bij een milde Van Lienden om te voorkomen dat ze politiek averij zouden oplopen. Het leidde tot de inmiddels beruchte uitspraak van De Jonge: ‘You better have him inside the tent pissing out, than outside pissing in.’ 

Zwaar protest genegeerd

Bij het gunnen van de deal in april 2020 kreeg Van Lienden een vergaande voorkeursbehandeling, zoals blijkt uit het boek Sywerts miljoenen. Vanuit het Landelijk Consortium Hulpmiddelen (LCH), de inkooporganisatie van de overheid, klonk zwaar protest, vooral omdat er toen al meer dan genoeg mondkapjes waren ingekocht. Het protest werd genegeerd. De inkoop werd niet openbaar aanbesteed, andere leveranciers hadden het nakijken. 

'Er was politiek gewin, het was handel in invloed'

Het handelen van de betrokkenen is een vorm van corruptie, stelt Willeke Slingerland, lector Weerbare Democratie aan de Hogeschool Saxion, die promoveerde op ‘netwerkcorruptie’. Die ontstaat als mensen op invloedrijke posities elkaar de bal toespelen voor eigen of andermans gewin en daarbij misbruik maken van hun posities. Ze deed onderzoek naar vriendjespolitiek en de manier waarop dat international strafbaar is gesteld.  

‘Niet doelbewust crimineel’

De mondkapjesdeal en de aanzet daartoe door De Jonge is volgens Singerland te kwalificeren als ‘handel in invloed’, een fenomeen dat tegen omkoping aanschuurt, maar niet hetzelfde is. ‘Dit is geen doelbewust crimineel gedrag. Bij handel in invloed ligt de tegenprestatie in de toekomst. En het gaat hier om meerdere personen. Veel mensen hadden baat bij de deal, die bedoeld was om de overheid te beschermen tegen kritiek. Er was dus politiek gewin. Handel in invloed is een groter en grijzer gebied dan omkoping: het is de verwevenheid van gunsten en personen die het zo diffuus maakt.’  

Oud-officier van justitie en advocaat Robert Hein Broekhuijsen zit op dezelfde lijn als Slingerland. ‘Bij omkoping gaat het om een directe trade-off, zoals een ambtenaar die geld krijgt voor een vergunning. In dit geval is de trade-off onduidelijk, daarom is dit geen omkoping. Maar het valt wel onder het ruimere begrip handel in invloed.’   

‘Dat De Jonge de kritiek omdraait en zijn pijlen op de Kamer richt is wel het toppunt’

Niet luisteren naar interne kritische geluiden is een ‘echt Nederlands fenomeen’, stelt Slingerland. ‘Het netwerk komt dan met volle kracht in actie en keert zich tegen de kritiek. Dat zie je ook aan de manier waarop we met klokkenluiders omgaan.’ 

Ze omschrijft de gang van zaken als een ‘symptoom’ van netwerkcorruptie. Meestal herkent het netwerk dit niet als zodanig. Ons zelfbeeld is dat we het beste jongetje van de klas zijn. Dat De Jonge de kritiek omdraait en zijn pijlen op de Kamer richt, is wel het toppunt.’    

Nederlands voorbehoud op verdragen          

In landen als Frankrijk, Spanje, Portugal en België is handel in invloed (ook trading in influence of influence peddling genoemd) strafbaar gesteld. Dat is een uitvloeisel van artikel 18 van het anti-corruptieverdrag van de VN (UNcac) uit 2008, dat ook voor Europese landen bindend is. Het is eveneens opgenomen in artikel 12  van de Criminal Law Convention on Corruption van de Council of Europe, dat Nederland ratificeerde, maar waarbij het een uitzondering maakte voor trading in influence.       

‘De bewustwording over netwerkcorruptie staat hier nog in de kinderschoenen’ 

De artikelen zijn nooit opgenomen in het Wetboek van Strafrecht, met als argument dat het bestaande omkopingsartikel voldoende is om handel in invloed te kunnen vervolgen. Bovendien zou criminalisering hiervan slecht zijn voor de mogelijkheid om te lobbyen – en dus onwenselijk voor een land waarin laagdrempelige belangenbehartiging centraal staat. Dit blijkt uit de officiële reacties van de regering in 2010 op aanbevelingen van Greco, de anticorruptie-instantie van de Council of Europe.   

Nederland wacht altijd tot er iets mis is,’ reageert Lousewies van der Laan, directeur van de Nederlandse tak van anti-corruptiewaakhond Transparency International. ‘De aanbevelingen zijn er niet voor niets. Waarom zou Nederland een uitzondering bedingen op een anti-corruptieverdrag? De bewustwording over netwerkcorruptie staat hier nog in de kinderschoenen.’ 

‘Zwakke argumenten’

Ook Slingerland pleit voor strafbaarstelling. ‘Ik vind het Nederlandse voorbehoud bij die verdragen niet passend en ik vind de argumenten zwak. Bij mijn weten is handel in invloed hier nog nooit vervolgd. Het omkopingsartikel is niet toereikend omdat het te veel op individueel gedrag gericht is. Maar bij handel in invloed gaat het om collectief gedrag. Je kunt niet meer met droge ogen volhouden dat het belang van de lobby zwaarder weegt. Daarmee suggereer je dat de lobby alleen maar positief is en vrij spel moet hebben, terwijl er zo veel schandalen zijn.’   

‘Handel in invloed zou strafbaar gesteld moeten worden, het is nu bijna niet te vervolgen’

Ook Broekhuijsen vindt het huidige strafrecht ontoereikend: ‘Handel in invloed zou strafbaar gesteld moeten worden, het is nu bijna niet te vervolgen.’ Het Openbaar Ministerie liet weten niet tijdig te kunnen reageren op vragen hierover.   

Waarom is de mondkapjesdeal mogelijk te kenmerken als handel in invloed? Welke aanwijzingen zijn er dat de deal is gegund vanwege politiek gewin? Daarvoor een flashback naar de gebeurtenissen van april 2020.   

Het CDA-netwerk

Sywert van Lienden was net als De Jonge een prominente CDA’er. Hij zat in de commissie die het verkiezingsprogramma samenstelde en had ambities om Kamerlid te worden. Hij genoot flinke bekendheid als politiek commentator dankzij talloze tv-optredens. Zijn twitteraccount telde meer dan 50 duizend volgers, en werd ook in Haagse kringen goed gelezen. 

Als ingewijde van het CDA beschikte hij over de telefoonnummers van Hugo de Jonge en zijn politieke rechterhand Bart van den Brink. Kortom, Van Lienden zat in het netwerk en maakte daar gretig gebruik van om zijn frustraties over de overheid te ventileren.       

Minister van VWS Hugo de Jonge ontving op 10 april 2020 de berichten van Van Lienden aan Bart van den Brink ook, blijkt uit het vrijgegeven appverkeer. Ook kreeg De Jonge de serie kritische tweets van de opiniemaker doorgestuurd. Die stuurde de minister door aan topambtenaar Bas van den Dungen, bedoeld als aansporing. Met succes: Van den Dungen antwoordde de minister op 10 april: ‘Mijn idee is om hem in een call te krijgen met Martin [van Rijn, red.], [...] en onze mensen om nu echt meters te [laten] maken. Keep you posted.’ De Jonge antwoordt: ‘Is echt een goed idee!’

Angst voor Van Liendens kritiek 

De Jonge ontkent dat zijn bemoeienis was ingegeven door de ‘beeldvorming’, die Van Lienden nadelig beïnvloedde met zijn tweets. De echte reden om hem binnen te halen als leverancier, zo stelde De Jonge vorige week in de Kamer, was dat het risico bestond dat de stichting Hulptroepen zou ‘concurreren’ met de eigen inkooporganisatie voor de overheid: het Landelijk Consortium Hulpmiddelen (LCH). 

Echter, het appverkeer wijst erop dat de beeldvorming wel degelijk een rol speelde. 

De kritiek verstomde niet na de deal, ook al had Sywert dat ‘beloofd’ aan de minister

Zo schreef De Jonge dat VWS Van Lienden beter ‘pissing out [the tent]’ kan hebben dan ‘pissing in’, verwijzend naar een beroemd citaat van de Amerikaanse president Lyndon Johnson. Ook schreef de minister op 10 april 2020 aan een ambtenaar: ‘De kritiek is te massief.’ Een bron uit de top van het ministerie zei eerder tegen Follow the Money dat men zeer beducht was op de kritiek, die terug zou kunnen komen in debatten; debatten die De Jonge destijds deed als ‘chef corona’.

Voormalig minister voor Medische Zorg Martin van Rijn onderhandelde met Van Lienden. Een paar weken na het sluiten van de deal had Van Lienden opnieuw kritiek op het LCH. Van Rijn appte op 29 april aan De Jonge dat Van Lienden een grote order voor 40 miljoen mondkapjes had gekregen: ‘Hij had nog geen productervaring! [...] Hij heeft een hele goeie deal kunnen sluiten. [...] Vind het heel teleurstellend dat hij [Van Lienden, red.] vervolgens zo negatief doet over het LCH. Dat had hij juist beloofd niet te doen.’ De Jonge antwoordde: ‘Oei, geen impuls in de relatie geweest…:-)’. 

Dit wekt de schijn dat niet alleen de verwachting leefde dat de opiniemaker zich koest zou houden na een deal, maar dat er zelfs afspraken (‘beloofd’) zijn gemaakt hierover. Welke afspraken dit zijn, blijkt mogelijk uit het onderzoek van de forensische accountants van Deloitte, waarvan de uitkomsten voor juli worden verwacht.     

‘Hoe voorkom je de volgende Sywert?’ 

Daarin zal waarschijnlijk ook aandacht zijn voor het niet-aanbesteden van de inkoop van mondkapjes. Dat is onderdeel van het probleem, zegt hoogleraar aanbestedingsrecht Elisabetta Manunza (Universiteit Utrecht). Alleen dankzij omzeiling van de aanbestedingsregels kon VWS de deal immers direct gunnen aan Van Lienden en zijn partners. 

Volgens de hoogleraar was de crisis geen grond voor een uitzondering op de aanbestedingsplicht. ‘De Europese Commissie zei: als er sprake is van grote urgentie mag je een verkorte procedure volgen of niet-aanbesteden. Het probleem is dat bij de mondkapjesdeal de inkooporganisatie zei: er zijn genoeg mondkapjes. Dan vervalt de grond voor de urgentie om geen procedure te volgen.’ 

‘Aanbesteden is het meest doeltreffende instrument om ​vriendjespolitiek, belangenverstrengeling en corruptie tegen te gaan’

Aanbestedingsrecht speelde bij VWS tijdens de crisis nauwelijks een rol, stelt de hoogleraar. Dat noemt ze gevaarlijk. ‘Aanbesteden is het meest doeltreffende instrument om ​vriendjespolitiek, belangenverstrengeling en corruptie tegen te gaan.’ Daarbij valt het Manunza op dat de minister niet is teruggefloten: ‘Sommige ethisch belangrijke zaken worden te licht beoordeeld in Nederland. Hiermee wordt het signaal aan de samenleving gegeven dat boven de wet staan is toegelaten.’

Het verbaast Manunza niet dat de regels terzijde zijn geschoven. ‘De Jonge heeft zich vaak negatief uitgelaten over aanbesteden.’ Daarmee doelt de hoogleraar op de lobby van De Jonge tegen aanbesteden in de zorg, wat volgens hem alleen maar ‘veel tijd en geld’ kost, zonder dat het de zorg wat oplevert.

Willeke Slingerland hoopt dat het nu eindelijk tot een debat komt over netwerkcorruptie. ‘Hoe ga je om met corruptie die niet klassieke omkoping is? Hoe voorkom je de volgende Sywert? We moeten die informele circuits een halt toeroepen, want dit raakt het hart van de democratie.’ 

Een woordvoerder van Hugo de Jonge liet weten niet te reageren op vragen. Ook Martin van Rijn wil niet reageren.