Exterieur van chemieconcern DuPont in Dordrecht. Mensen die in de buurt hebben gewoond van de chemiefabriek DuPont/Chemours, zijn jarenlang via de lucht blootgesteld aan de stof perfluoroctaanzuur (PFOA). Die waarden waren hoger dan door het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) is toegestaan.
© ANP / Robert Vos

Zorg om reputatie weerhield chemiereus DuPont niet om dood en verderf te zaaien

5 Connecties

Onderwerpen

Milieu Vervuiling PFOA Luigi ZIngales

Organisaties

DuPont
17 Bijdragen

Een groot bedrijf met een ‘groene’ reputatie nam een beslissing met verschrikkelijke gevolgen: chemieconcern DuPont maakte duizenden mensen ernstig ziek door de schadelijke stof PFOA in het milieu te dumpen. Een vergissing? De Amerikaanse econoom en bestsellerauteur Luigi Zingales dook in de zaak. In zijn studie over de vraag of vervuiling aandeelhouderswaarde maximaliseert laat hij zien dat DuPont een bewuste keuze maakte.

Luigi Zingales heeft zich door een enorme stapel interne memo’s, e-mails en rapporten van chemieconcern DuPont heen geworsteld. De documenten zijn naar buiten gekomen vanwege de rechtszaken tegen het chemieconcern. ‘Zelden krijgen we zo’n inkijk in de keuken van een multinational. Nu kunnen we zien wat klopt van onze ideeën over hoe deze grote bedrijven te werk gaan.’ Zijn studie Is pollution value-maximizing? is aanleiding hem uit te nodigen voor een seminar op Universiteit Tilburg dat vanwege corona noodgedwongen via Zoom plaatsvindt. De Amerikaanse hoogleraar economie vertelt over zijn paper vanuit de studio van Stigler Center van de Universiteit van Chicago dat hij leidt.

Voor wie deze zaak niet heeft gevolgd: DuPont dumpte tientallen jaren de gevaarlijke stof PFOA in het milieu. De stof zit in consumentenartikelen zoals pannen met een teflon antiaanbaklaag en gore-tex jassen, maar ook in producten als vloerbedekking en bluswater. PFOA werd in de rivier geloosd en kwam op stortplaatsen terecht. Omwonenden kregen er vooral mee te maken door vervuild drinkwater. Het is een akelige stof want een forever chemical: de stof bouwt zich in het lichaam op. Blootstelling in zeer lage concentraties kan daardoor over langere tijd toch schadelijk zijn. Duizenden mensen kregen door blootstelling nier- en zaadbalkanker, schildklieraandoeningen, chronische darmontsteking, hoog cholesterol en hoge bloeddruk, zo blijkt uit het grootste volksgezondheidsonderzoek ooit uitgevoerd. DuPont heeft in 2017 met 3.500 getroffenen geschikt. Het bedrijf moet honderden miljoenen dollars aan schadevergoedingen betalen. Al eerder moest DuPont boetes betalen in schikkingen met toezichthouders.

Blootstelling aan PFOA gebeurde niet alleen in de Verenigde Staten, thuishaven van de multinational, maar over de hele wereld. Ook medewerkers en omwonenden van DuPonts teflon-fabriek in Dordrecht zijn bezorgd. DuPont heeft nooit schuld bekend. Het bedrijf heeft in 2013 PFOA vervangen door een andere stof waarvan het risico voor de volksgezondheid nog onbekend is.

Onderzoek naar vriendjespolitiek

Luigi Zingales is hoogleraar aan de University of Chicago Booth School of Business. Hij richt zijn onderzoek op de schadelijke gevolgen van wat hij vriendjespolitiek-kapitalisme (‘crony capitalism’) noemt. De overheid moet er alles aan doen om niet in de greep van grote bedrijven te komen. Beleid moet in zijn ogen niet pro-business zijn, maar pro-market. Het eerste zorgt voor schandalen zoals dat van DuPont; het tweede zorgt voor gezonde concurrentie tussen bedrijven die niet met alles wegkomen. Zingales heeft zijn ideeën over hoe kapitalisme zou moeten werken vervat in twee boeken: Saving Capitalism from Capitalists (2004) en A Capitalism for the People: Recapturing the Lost Genius of American Prosperity (2012). ‘Zeker hier in de VS zie je dat de meeste mensen óf de vrije markt prediken óf die willen afschaffen,’ zegt Zingales. ‘Ik zit er tussenin.’ Op dit onderwerp heeft hij ook de podcast Capitalisn’t , samen met Bethany McLean van Vanity Fair.

Lees verder Inklappen

Het milieuschandaal beroert Zingales, vertelt hij in een persoonlijk interview. Hij is een van de weinige economen die structureel onderzoek doet naar witteboordencriminaliteit, dus hij is wel wat gewend, maar deze zaak slaat alles wat hij tot nog toe gezien heeft. ‘Boekhoudschandalen treffen mensen in de portemonnee, dat is vervelend, maar hier jaagt een bedrijf moedwillig mensen de dood in. En dit was geen vergissing.’

Zingales is in de zaak gedoken nadat hij las over het werk van advocaat Rob Bilott in de New York Times. Het is aan Bilott te danken dat DuPont na jarenlange rechtzaken schadevergoedingen moet betalen. Zingales: ‘Ik heb Bilott meteen uitgenodigd in Chicago om een lezing te geven.’ Hij wist DuPont na jarenlange rechtzaken tot eerder genoemde schikking te dwingen, maar DuPont heeft nooit schuld bekend. De strijd van Bilott is verbeeld in de begin vorig jaar uitgekomen speelfilm Dark Waters en was het onderwerp van de documentaire The Devil We Know. Nieuwe rechtszaken zijn in voorbereiding, zo vertelde advocaat Rob Bilott eerder aan FTM.

Dankzij het verzamelen en ordenen van een enorme hoeveelheid documenten door deze advocaat kan Zingales nu de beslisprocessen binnen de multinational stap voor stap nagaan, zonder zich in allerlei bochten te wringen om toegang te krijgen tot dergelijke gegevens. ‘Weinig economen bestuderen bedrijven van binnenuit. De meesten van hen verworden tot instrumenten van propaganda voor deze bedrijven, omdat ze anders geen toegang tot gegevens krijgen.’

"Boekhoudschandalen treffen mensen in de portemonnee, dat is vervelend, maar hier jaagt een bedrijf moedwillig mensen de dood in"

‘Dumpen was goedkoper’

Zingales werkt binnen een bolwerk van vrije markt predikende economen, de Universiteit van Chicago, maar ziet grote bedrijven die voornamelijk zichzelf reguleren als groot gevaar voor ons welzijn. ‘Het kapitalisme zoals we dat nu hebben georganiseerd heeft gefaald. Dat nodigde DuPont uit medewerkers en omwonenden moedwillig de dood in te jagen.’ Zingales heeft een andere kijk dan die van de beroemde Chicago-econoom Milton Friedman die stelde dat managers zich alleen dan zorgen moeten maken om het milieu als dat in het directe, financiële belang is van de aandeelhouders. De managers van DuPont deden precies wat Friedman stelde, maar dit leidde volgens Zingales evident niet tot een maatschappelijk gewenste uitkomst.

Hij laat een memo uit 1984 zien met een berekening op basis waarvan DuPont besloot door te gaan met dumpen van PFOA. ‘Direct betrokkenen wisten heel goed dat de stof levensgevaarlijk was. Maar doorgaans maximaliseerde de aandeelhouderswaarde.’ Zelfs een goedkope manier om de milieu- en gezondheidsschade in ieder geval fors te beperken door PFOA te verbranden en schadelijke uitstoot af te vangen, kwam er niet door. Deze optie had toentertijd elke discussie over de aanvaardbaarheid van blootstelling aan PFOA kunnen afkappen, zegt Zingales. ‘Maar dumpen was goedkoper.’ Het gevolg: duizenden mensen rond de teflon-fabriek in Parkersburg, West Virginia kregen kanker en andere ziekten.

Zingales wijst erop dat het hier gaat om een meer dan tweehonderd jaar oud bedrijf dat zich nadrukkelijk profileert als milieubewust. Het chemieconcern heeft zelfs een tak die zich volledig richt op veilig omgaan met gevaarlijke stoffen. Het schandaal gaat recht in tegen het verhaal dat het bedrijf over zichzelf verkoopt, aldus Zingales. ‘Rob Bilott vertelde me dat de toenmalige bestuursvoorzitter van DuPont tijdens het proces echt pissed werd over de manier waarop het bedrijf werd geportretteerd.‘ Die voorzitter was Chad Holliday, iemand met een uitgesproken groen imago. Het schandaal heeft zijn carrière niet in de weg gezeten: de inmiddels 73-jarige Holliday is sinds 2015 chairman van Shell, een functie die vergelijkbaar is met president-commissaris.

‘Het kapitalisme zoals we dat nu hebben georganiseerd heeft gefaald’

Toen hij de leiding had over DuPont – en dus ook eerst verantwoordelijke was voor het PFOA-schandaal – schreef Holliday het boek Walking the talk. Daarin promoot hij duurzame ontwikkeling als businessmodel. Bij Shell was Holliday in 2015 ook nog voorzitter van het Corporate and Social Responsibility Committee; later waren dit onder meer Hans Wijers en Gerrit Zalm. Op de website van Shell staat te lezen dat Holliday als bestuursvoorzitter van DuPont niet alleen ‘veel ervaring heeft opgedaan op het gebied van veiligheid en risicomanagement’, maar dat hij zich ook sterk heeft ingezet ‘voor het bereiken van de hoogste standaarden op het gebied van corporate governance, veiligheid, ethiek en naleving van regels’.

‘Je kan hier dus mee weg komen,’ zegt Zingales. ‘Dit is misdaad zonder gezicht.’

‘Twintig jaar is een eeuwigheid’

Zorg om een goede reputatie heeft Holliday en andere leidinggevenden van DuPont dus niet weerhouden van het begaan van misstappen, vervolgt Zingales. ‘Nogal wat collega’s van mij hier in Chicago schermen met het reputatiemechanisme als reden om de markt zijn werk te laten doen.’ Hoe kan het dat dit niet zo werkt? Het antwoord is volgens Zingales eenvoudig: vertraging. ‘Tussen Bilotts eerste juridische stappen tegen het bedrijf en de uiteindelijke schikking zat twintig jaar. Dat was dertig jaar na bovengenoemd memo van 1984. Als het zo lang duurt voordat de zaak rond is, dan zijn alle prikkels weg. Daar heeft het management van DuPont op gegokt.’

Het is volgens Zingales beleid van grote bedrijven als DuPont om juridische processen maximaal te traineren. Dat kan decennia tijdswinst opleveren. ‘Zeker met de beursgekte van de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw was twintig jaar een eeuwigheid.’ Het gevolg: ‘Van de 29 direct betrokken directeuren waren er 19 al overleden of met pensioen toen de pers in 2003 lucht kreeg van het schandaal. Voor de overige tien die nog actief waren, vonden we in de berichtgeving geen link tussen hun naam en het schandaal. Holliday is een van die tien.’

Het is beleid van grote bedrijven als DuPont om juridische processen maximaal te traineren

Voor boetes geldt hetzelfde verhaal. De eerste boete werd opgelegd in 1997 vanwege de dood van de koeien van een boer met land naast een vuilnisbelt met veel PFOA. Twee andere boetes volgden in 2005. De boete van de federale toezichthouder was bovendien ‘maar een fractie van wat kon worden opgelegd’. Zingales laat in zijn studie over de vraag of vervuiling aandeelhouderswaarde maximaliseert zien dat de vertraging niet toevallig is. Medewerkers van DuPont stapten over naar de toezichthouder, waar zij op leidinggevende posities terecht kwamen. Medewerkers van de toezichthouder werden weer geronseld door DuPont. ‘Bedrijven kunnen handhaving van de wet tegenhouden zonder dat er koffers met geld van eigenaar wisselen.’

Op het niveau van het bedrijf werkt het reputatiemechanisme ook niet goed, stelt Zingales. Precies rond de tijd dat DuPont serieus moest bloeden voor het schandaal werden de ‘besmette’ activiteiten afgesplitst. Dochter Chemours gaat er sinds 2015 over, niet DuPont zelf. Ook op het fabriekscomplex in Dordrecht prijkt nu deze naam. DuPont probeert zich duidelijk te distantiëren van het schandaal. ‘Wie Chemours belt krijgt te horen: dat was van voor onze tijd,’ zegt Zingales.

Ook investeert het bedrijf fors in pr-campagnes die een imago schetsen van een fatsoenlijk, duurzaam bedrijf. Nog voor uitfasering van de stof PFOA werd de open science-campagne gelanceerd om de boodschap over te brengen dat het bedrijf steden ‘veiliger en duurzamer’ maakt. ‘Het is een open vraag of investeren in corporate social responsibility een betere verzekering biedt tegen imagoschade dan daadwerkelijk milieumaatregelen nemen,’ zegt Zingales.

De macht van multinationals als DuPont om aanklachten en ook boetes te vertragen en zich van misstappen te distantiëren door veranderingen in de bedrijfsstructuur zorgt er dus voor dat de mensen achter deze misstappen er weg mee kunnen komen.

"DuPont was groen als het eraan kon verdienen"

Losgezongen van de gemeenschap

Het probleem ligt volgens Zingales in hoe bedrijven als DuPont zijn georganiseerd. Ze zijn te groot en te zeer over de landkaart verspreid om de effecten van wanbeleid direct te voelen. ‘Verantwoordelijkheden zijn door die groei zo versnipperd geraakt, dat niemand zich meer echt verantwoordelijk voelt.’ De relatie tussen beslissingen van managers op het hoofdkantoor en de uiteindelijke gevolgen rond een fabriek ergens honderden kilometers verderop is zeer indirect. Laat staan als het gaat om gevolgen hier te lande in Dordrecht. Wanneer de slachtoffers onbekend zijn, is het voor een manager makkelijker schadelijke beslissingen te nemen. Dat liet Zingales al in eerder werk naar boekhoudschandalen zien (zie kader ‘Onderzoek naar vriendjespolitiek’), bij milieucriminaliteit is dat niet anders.

Grote bedrijven zijn losgezongen van een gemeenschap waaraan ze rekenschap hebben af te leggen, zegt Zingales. ‘Het zijn gezichtsloze molochs. Het is wat anders als de bestuursvoorzitter ter kerke gaat met medewerkers, zijn kinderen naar school gaan met de kinderen van medewerkers en aandeelhouders voornamelijk lokaal zijn.’ De betrokken leidinggevenden van DuPont ziet Zingales niet als afwijkend: ‘Ze waren simpelweg afgeschermd van de schadelijke gevolgen van hun handelen.’

‘Wie de kennis heeft, heeft de macht’

Maar hoe zit het dan met het zogenaamde groene imago van DuPont? ‘Tsja, in andere gevallen dan PFOA viel de rekensom anders uit en namen ze wel maatregelen,’ zegt Zingales. Aan de ene kant milieuvriendelijk zijn en aan de andere kant de gemeenschap vergiftigen is dus niet strijdig met elkaar, beide zijn het resultaat van het maximaliseren van aandeelhouderswaarde.

In dit licht moeten we de veelgeprezen beslissing van DuPont zien om de productie van CFK’s stop te zetten in de jaren tachtig van de vorige eeuw. Deze stoffen werden gebruikt in airconditioners en koelkasten, maar droegen ook bij aan het toen snel groeiende gat in de ozonlaag. DuPont maakte goede sier met dit besluit, genomen toen het voor iedereen duidelijk was dat CFK’s direct bijdroegen aan dit milieuprobleem. Alternatieven waren toen al uit-ontwikkeld en concurrenten waren er al mee bezig. Kortom, DuPont was groen als het eraan kon verdienen.

‘Bilott wist eerst niet waar hij het moest zoeken’

Het beter benutten van klokkenluiders ziet Zingales als een belangrijke manier om dit soort witteboordencriminaliteit in te dammen. Bedrijven monopoliseren informatie, ook informatie over de schadelijkheid van hun producten. Daar gaat volgens Zingales een externe onderzoeker niet achter komen, zeker niet als bedrijven hen actief tegenwerken, zoals DuPont dat deed. Advocaat Bilott kreeg de informatie uiteindelijk wel boven water, maar het kostte hem jaren gepuzzel en bijna zijn huwelijk en eigen gezondheid.

‘Bilott wist eerst ook totaal niet waar hij het moest zoeken,’ benadrukt Zingales. ‘Niemand kende PFOA, zelfs de chemische expert op zijn kantoor niet. Een klokkenluider had schadelijke blootstelling aan de stof met tientallen jaren kunnen bekorten. Een kleine cirkel van mensen binnen DuPont wist van het gezondheidsrisico van het dumpen van PFAS. Als een van hen had geopenbaard dat de stof in het drinkwater zat, dan was het schandaal direct naar buiten gekomen.’

Het fors verhogen van beloningen voor klokkenluiders is effectief

Medewerkers klappen alleen niet vaak uit de school, omdat ‘de kosten daarvan groter zijn dan de beloning’, zegt Zingales. Het fors verhogen van beloningen voor klokkenluiders is effectief, zo heeft hij in eerder onderzoek naar boekhoudschandalen laten zien. De Amerikaanse beurstoezichthouder SEC betaalt sinds 2012 klokkenluiders 10 tot 30 procent van de boetes die dankzij de melding zijn geïnd. Zo ontving afgelopen oktober een klokkenluider 114 miljoen dollar als beloning, een record. ‘Het trekt mensen over de drempel. Het helpt om het belang van de gemeenschap boven het belang van de eigen werkomgeving te plaatsen.’ Klokkenluiders kunnen de beloning goed gebruiken om advocaten van hun werkgever van het lijf te houden. Zingales lacht: ‘De beloning is niet zozeer voor de klokkenluider, maar voor zijn of haar advocaat.’

Uiteindelijk draait het volgens Zingales allemaal om het doorbreken van het informatiemonopolie. ‘Wie de kennis heeft, heeft de macht. DuPont heeft hier maximaal van geprofiteerd.’ Het centraliseren en ontoegankelijk maken van informatie over milieuvervuiling zet burgers buiten spel. ‘Dat is een serieus gevaar voor de democratie.’

Ben Vollaard
Ben Vollaard
Misdaadeconoom, universitair hoofddocent bij Tilburg University.
Gevolgd door 55 leden