Is er nog verzoening mogelijk tussen Frankrijk en Duitsland?

    De voorstellen van Frankrijk over de aanpak van de eurocrisis en de inrichting van de eurozone zijn in Duitsland slecht gevallen. Gaan deze oude rivalen het Europese ideaal van samenwerking en verzoening ooit waarmaken? Vandaag deel 2: 'The status quo means the dismantling of the eurozone, de facto. So we have to move forward.'

    Frankrijk en Duitsland vormden samen de drijvende kracht achter de totstandkoming van de Economische en Monetaire Unie. Voor Frankrijk was het uiteindelijke doel vooral het verkrijgen van invloed op het Europese monetaire beleid, om ervoor te kunnen zorgen dat het land minder afhankelijk zou zijn van de Duitse rentepolitiek. Duitsland stond de vorming van een Europese politieke unie als ultieme doelstelling voor ogen. Het opgeven van de sterke D-mark en de ondergeschikte rol van de Bundesbank na het opgaan in een Europese Centrale Bank was een hoge prijs, maar de Duitsers waren bereid die te betalen. Mits die ECB gemodelleerd zou worden naar het Bundesbankmodel.

    Multi-interpretabel

    De verdragsteksten werden vaag gehouden. Ze konden daardoor op zoveel verschillende manieren geïnterpreteerd worden, dat er nieuwe onderhandelingen nodig waren om te bepalen wat er nu precies was bedoeld. Geen onbekend fenomeen in het proces van de Europese integratie, zoals voormalig DNB-directielid André Szász het beschrijft in zijn terugblik op zijn ervaringen aan de Europese onderhandelingstafels. Duitsland wilde een monetair onafhankelijke ECB (Europese Centrale Bank), terwijl Frankrijk het uiteindelijke monetaire primaat bij de Europese Raad van regeringsleiders wilde onderbrengen. In 1996 omschreef de toenmalige Franse president Jacques Chirac die wens als volgt: 'De ECB moet staan tegenover een verantwoordelijke instelling. (...). Die verantwoordelijke regering, die verantwoordelijke politieke instelling, dat moet gewoon de Europese Raad zijn, natuurlijk met leden die meedoen aan de euro. Maar zij die meedoen aan de euro moeten een regering vormen, dat wil zeggen een politieke autoriteit, in een positie van waaruit zij de monetaire autoriteit duidelijk kan laten weten wat de grenzen van haar acties zijn en die haar ter verantwoording kan roepen'.
    De Franse wens voor een aparte eurozone regering met een eigen minister van Financiën is een lang gekoesterde wens
    We zien nu dat het recent gelanceerde idee van Hollande voor een aparte eurozoneregering met een aparte minister van Financiën een lang gekoesterde Franse wens is, die niet werd vergeten, maar rustig lag te wachten op een goed moment om weer op tafel gelegd te worden. Crises zijn daarvoor een bij uitstek geschikt moment, getuige de woorden van de Duitse minister van Financiën Wolfgang Schäuble in The New York Times van 18 november 2011: 'We can only achieve a political union if we have a crisis'.

    Beperking soevereiniteit

    Beperking van de bevoegdheden van nationale parlementen met betrekking tot hun overheidsfinanciën raakt aan de kern van de nationale soevereiniteit, zoals we recent nog gezien hebben in het Griekse drama.  De toenmalige president van De Nederlandsche Bank, M.H. Holtrop noemde in 1963 geld 'een attribuut van soevereiniteit'. Dat idee zien we ook terug in een standpuntbepaling van de Duitse Bundesbank op 6 september 1990: 'Uiteindelijk is een monetaire unie daarmee een niet-opzegbare solidariteitsgemeenschap, die, op grond van alle ervaring, om duurzaam te kunnen zijn een verdergaande verbinding vereist in de vorm van een meeromvattende politieke unie'.

    Einde EMS

    Voor een juist begrip van de totstandkoming van de euro-muntunie en de daarvoor afgesloten pacten is het nuttig om nog een enkel woord te wijden aan de belangrijkste oorzaak van de uiteindelijke mislukking van het EMS (Europees Monetair Stelsel). Die mislukking had te maken met onoverbrugbare verschillen van inzicht over het te voeren rentebeleid van de diverse centrale banken om de wisselkoersen van hun munten binnen de afgesproken bandbreedte te houden en toch de binnenlandse koopkracht zoveel mogelijk te handhaven. Het fundamentele probleem binnen het EMS was de politieke onenigheid over de vraag hoe de lasten van 'aanpassing' verdeeld zouden moeten worden over de deelnemende landen. Net als de meeste deelnemende landen stond Frankrijk daarbij tegenover Duitsland en Nederland.
    Groot-Brittannië noch Frankrijk wilde de implicaties aanvaarden van de rol van de D-mark als ankermunt
    Groot-Brittannië noch Frankrijk kon en wilde de implicaties aanvaarden van de rol van de D-mark als ankermunt. In tegenstelling tot de Britten was Frankrijk meer gericht op het vasteland van Europa, maar de Fransen wilden al vanaf de jaren zestig monetaire medezeggenschap en ze hadden fundamentele bezwaren tegen een door Duitsland gedomineerd monetair stelsel, zo schrijft voormalig DNB-directielid André Szász in zijn boek (pag. 227).  Vooral om die reden streefde de Franse regering naar een Europese Monetaire Unie (EMU) en omdat de onafhankelijke Bundesbank daarbij een sta-in-de-weg vormde, moest die worden vervangen door een Europese Centrale Bank. Het zijn derhalve geen monetair-economische, maar politieke motieven geweest die uiteindelijk geleid hebben tot de oprichting van de EMU en - later - de euromuntunie. André Szász' slotconclusie: 'De euro is een politiek project, geïnspireerd door het hoogste politieke niveau en gebaseerd op politieke motieven'.

    Pacten

    Om de Duitsers over te halen hun sterke D-mark op te geven en de Bundesbank op te laten gaan in de ECB werd het ene pact na het andere gesloten, die moesten de verzekering geven dat het strenge Duitse monetaire beleid zou worden voortgezet in Europees verband. Het in 1997 opgestelde Stabiliteits en Groei Pact (SGP) voorzag in een economisch raamwerk voor alle eurozone lidstaten met als doel een grotere economische convergentie te bereiken tussen de deelnemende landen. Immers, de afspraken behelsden een betere afstemming op elkaars beleid en het doorvoeren van hervormingen. Ook tijdens de eurocrisis afgesloten pacten als het six-pack, het euro plus pact, het two-pack en het fiscal compact beperken de nationale soevereiniteit ten gunste van een centralistisch beleid gecoördineerd door de Europese Commissie in Brussel.
    Frankrijk en Duitsland willen allebei een Europese politieke unie, maar verschillen van opvatting over de weg ernaartoe
    We zien dus dat Frankrijk en Duitsland allebei de vorming van een Europese politieke unie voorstaan, maar verschillen in opvatting over de weg ernaartoe en - vooral - over de rol die monetair beleid daarbij moet spelen. Het committeren aan overeengekomen begrotingsafspraken en hervormingen telt voor de Duitsers zwaar, voor de Fransen vormen die eerder een richtlijn. Deze verschillen komen niet alleen duidelijk tot uiting in de wensen van Hollande voor een aparte eurozoneregering met een eigen minister van Financiën, maar misschien nog wel duidelijker in de woorden van zijn minister van Economische Zaken Emmanuel Macron tijdens een bezoek aan Berlijn eerder deze maand.

    Transferunie

    In een toespraak voor een gezelschap van Duitse ambassadeurs waarschuwde Macron dat het gehele Europese project uiteen zou kunnen vallen als de EU er niet in zou slagen om nieuwe, betere, instituties te bouwen, die economisch beleid beter zouden coördineren en financiële risico's zouden delen.  In feite pleitte Macron daar voor een permanente transferunie van rijke naar arme eurozonelanden, waarbij hij in het midden liet in welke categorie Frankrijk zich bevond. 'Today, in the current situation, no vision means the status quo, and the status quo means the dismantling of the eurozone, de facto. So we have to move forward', zei Macron, die zijn rede in het Engels uitsprak.  Deel van het probleem, zo voegde hij er aan toe, was het ontbreken van een geschikt 'transfermechanisme' waarmee sterke landen de 'economische schokken' van zwakke eurozone landen zouden kunnen opvangen. Bovendien, zo vond hij ook, hebben 'we' de divergentie tussen eurozone lidstaten vergroot en is er dus een 'urgent need' voor een versnelde sprong voorwaarts. Vertraging betekent slechts meer 'austerity' voor 'the people', aldus de Fransman. De euro is een project dat verdere economische convergentie vraagt van haar lidstaten, maar ook geldtransfers tussen diezelfde lidstaten, zo zei hij.
    De Franse vakbonden wijzen elke hervorming van de verworven rechtspositie af

    Het is de vraag of de Duitsers de Franse mening over een transferunie delen. Minister van Buitenlandse Zaken Frank-Walter Steinmeier verklaarde deze maand nog daar beslist geen voorstander van te zijn. Hetzelfde gold voor de Duitse ondernemers die bij de toespraak van Macron aanwezig waren: zij lieten weten uiterst sceptisch te staan tegenover de plannen van de Fransman. Zij wezen Macron op de enorm ingewikkelde wetgeving in Frankrijk en op de belemmeringen voor wie in dat land een bedrijf wil beginnen. Ook wezen ze op de macht van de Franse vakbonden, die elke hervorming van de verworven rechtspositie afwijzen en tegenhouden.

    Opmerkelijk is overigens dat Macron een eventuele Verdragswijziging pas haalbaar acht na de Franse en de Duitse verkiezingen, in 2017. Intussen heeft het beleid van Hollande geen nieuwe banen gecreëerd, is de Franse werkloosheid tot recordhoogte gestegen en ziet het land zich geconfronteerd met een invasie van immigranten uit Afrika en het Midden-Oosten.

    In september wordt het Franse voorstel voor een Verdragswijziging verwacht. Niet veel politiek analisten verwachten daar wonderen van.

    Gisteren verscheen op ftm.nl het eerste deel van deze korte geschiedschrijving over de relatie Duitsland - Frankrijk. Klik hier om het te lezen.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Jean Wanningen

    Gevolgd door 231 leden

    Jean Wanningen (Weert, 1957) is een veelkleurige persoonlijkheid. Ging na ‘verkeerde’ studies bij een gerenommeerde investmen...

    Volg Jean Wanningen
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren