Met de aanschaf van acht JSF’s zijn we volgens Defensieminister Hennis definitief 'het point of no return' voorbij. Dossier gesloten? Nou nee, we weten nog niet wanneer ze gaan vliegen en we tasten nog in het duister over kosten en kunnen van deze straaljager. Dat heeft consequenties voor de Nederlandse krijgsmacht. Het JSF-dossier blijft een black box, maar nog geen gesloten dossier. Nog lang niet.

    In 2019 zouden ze moeten gaan vliegen, de acht Joint Strike Fighters (JSF’s) die minister Hennis van Defensie vorige maand bestelde na jarenlange discussies, politiek gedraai en oplopende kosten. Maar de projectleider van de JSF, de Amerikaanse generaal Harragian, meldde vorige week dat de JSF op z´n vroegst in 2021 volledig operationeel zal zijn. Een nieuwe tegenvaller, maar met de aankoop van acht stuks spreekt Hennis nu zelf van een 'point of no return'. Dat zijn we nu gepasseerd. 'De facto is het point of no return inderdaad bereikt”, bevestigt defensie-expert Christ Klep, auteur van het enige Nederlandstalige boek over de JSF.
     'Met de handtekening komt een reeks verbintenissen tot stand die zich niet eenvoudig laat terugdraaien, zoals opleidingen en infrastructurele aanpassingen'
    'Met de handtekening komt een reeks verbintenissen tot stand die zich niet eenvoudig laat terugdraaien, zoals opleidingen en infrastructurele aanpassingen.' Wie de minister van Defensie in 2019 ook zal zijn, hij of zij zit vast aan de handtekening van Hennis. 'Het zal nu alleen maar interessanter worden om de voortgang van het JSF-project te volgen', verzekert Klep. Want waar heeft Hennis voor getekend?

    De JSF als industrieproject

    Met een totaal budget van 4,5 miljard euro kopen we niet alleen straaljagers. Van begin af aan is deelname aan het internationale JSF-project verkocht als impuls aan de Nederlandse defensieindustrie en werkgelegenheid. 'Het partnerschap zorgt voor nauwe industriële betrokkenheid bij de ontwikkeling', benadrukt Hennis de economische overwegingen die dit miljardenproject van het begin af aan gedomineerd hebben. In 2002 besloot Nederland deel te nemen aan de ontwikkeling van de JSF, voor een groot deel ingegeven door de wens vliegtuigbouwer Fokker van een faillissement te redden. De Nederlandse regering hield de Nederlandse vliegtuigenproducent overeind om de luchtvaartsector te steunen en de daarmee gepaard gaande kennis en innovatie voor ons land te behouden. Door deelname aan het project zou de Nederlandse defensieindustrie – met name Fokker - op de eerste rij zitten bij het verdelen van orders die gemoeid zijn met de ontwikkeling, bouw en onderhoud van de JSF. Verschillende orders zijn binnen, maar de door de defensie-industrie zeker geachte 8 tot 10 miljard aan Nederlandse omzet is verre van zeker. 'Dit orderbedrag is gebaseerd op 4500 JSF’s die van de productieband moeten rollen', vertelt woordvoerder van het Ministerie van Economische Zaken Jeroen Beekman eerder tegen Follow The Money. Opvallend daarbij is dat Beekman aangeeft dat het ministerie zich baseert op gegevens van de defensie industrie. De voorspellingen van de industrie moeten we met een korreltje zout nemen, betoogt de kritische JSF-kenner Johan Boeder: 'De helft van het aantal JSF’s is realistischer.' De helft van het aantal te bouwen JSF’s leidt maximaal tot de helft aan geprognotiseerde orders. À raison van vier tot vijf miljard euro, berekent Boeder, die op verzoek van de Tweede Kamer de volksvertegenwoordigers op de hoogte houdt van het JSF-project. Boeder verwacht zelfs dat de orderportefeuille op maximaal drie miljard euro uitkomt.

    JSF als haperende banenmotor

    Die miljarden aan orders zouden als vanzelfsprekend banen opleveren. 'Nederlandse bedrijven benutten de kansen en dat is goed voor de werkgelegenheid', zo ziet minister Hennis het nog steeds voor zich bij de aanschaf van de acht JSF’s. Terwijl uit een onderzoeksrapport van economisch onderzoeksbureau SEO uit 2012 blijkt dat deelname aan de JSF amper extra banen oplevert, zij het mogelijk wel meer technisch hoogstaand werk. Later werd dit beeld bevestigd door het nieuws over de banen die een order voor Fokker Elmo opleverden. Die gingen lang niet allemaal naar Nederland. Van de in totaal 200 banen gingen er 120 naar Fokker in het Turkse Izmir. 'De F-35 is het modernste jachtvliegtuig dat voor diverse taken inzetbaar is', verklaart Hennis de haar militaire keuze voor de JSF. Op de tekentafel lijkt het daarop, maar het is nog niet duidelijk wat daar in de praktijk van terecht komt. Defensie-expert Klep noemt het 'onmiskenbaar' dat de JSF voordelen heeft op de vorige generatie straaljagers, zoals de Saab Gripen. 'Vooral de mogelijkheden om het slagveld te overzien met elektronische systemen en radar. Als piloot heb je simpelweg meer info ter beschikking. Het toestel heeft méér de mogelijkheid om clean te opereren, dus zonder externe wapens, zoals tanks.' Volgens Klep is de JSF ook op andere punten waarschijnlijk beter. Het vliegbereik zou bijvoorbeeld groter zijn.

    Militaire capaciteiten - op de tekentafel

    Nederland committeerde zich begin deze eeuw aan de JSF, waardoor onze industrie in de slipstream van hoofdaannemer Lockheed Martin omzet mee zou kunnen draaien. Nadeel van deze manier van een straaljager kopen is dat de prestaties van het multifunctionele gevechtsvliegtuig in den beginne alleen nog maar op de tekentafel bestaan. En eigenlijk is dat voor een groot deel nog steeds het geval, nu Nederland naast twee testvliegtuigen acht JSF’s gekocht heeft. De JSF maakt testvluchten, maar heeft geregeld huisarrest wegens technische mankementen en slecht weer. De motor vliegt in de fik en de JSF heeft een flinke tijd niet mogen vliegen bij kans op onweer. De verwachting van producent Lockheed Martin is dat dergelijke kinderziektes op te lossen zijn, net zoals dat bij de F-16 lukte. Een groot verschil ligt volgens experts in de software. In tegenstelling tot de F-16 zit de JSF vol met software. Het ultramoderne gevechtsvliegtuig is één grote vliegende computer, maar het testen van deze kritische succesfactor heeft een enorme vertraging opgelopen. JSF-experts en de Amerikaanse Rekenkamer maken zich grote zorgen: Software is probleem nummer één. Zonder goed functionerende software zal de JSF niet veel meer kunnen dan rondjes vliegen. Volgens de Amerikaanse Rekenkamer brengen de softwareproblemen de 'verwachte gevechtscapaciteiten' in gevaar. Door fouten in de software doet het boordkanon het bijvoorbeeld nog niet.
    'Stealth is overgewaardeerd'
    De JSF heeft ook de tijd tegen zich. Toen de technici de JSF op papier vorm gaven, was stealth een gegeven, én een van de unique selling points van de JSF. Het ontwerp van de JSF zou ervoor zorgen dat de volgens Hennis 'meest moderne' straaljager ongezien door de vijandelijke radar zou kunnen vliegen. De technologische ontwikkelingen op het gebied van vliegtuigdetectie staan intussen echter niet stil. Zelfs bij de toekomstige Amerikaanse gebruikers zijn er twijfels. Jonathan Greenert, hoofd van Amerikaans marine operaties, is uitermate sceptisch en noemt de stealthcapaciteiten van de JSF 'overgewaardeerd'. 'Het maakt me niet uit hoe goed de motor gekoeld wordt, de JSF wordt gezien.'
    'De JSF is geen beter toestel op het gebied van luchtsteun aan grondtroepen. Dan kun je nog beter de Apache helikopter gebruiken'
    'Diverse vergelijkingen hebben aangetoond dat het toestel voldoet aan de Nederlandse eisen', zegt minister Hennis toch wat zuinigjes ten opzichte van eerdere kwalificaties, bijvoorbeeld uit de JSF-lobby. Voormalig commandant der strijdkrachten en oud-straaljagerpiloot Dick Berlijn, die inmiddels voor de defensieindustrie werkt, noemde de JSF het beste materieel voor zijn vliegers. 'Dat de Saab Gripen véél minder goed zou zijn dan de JSF is eenvoudigweg niet waar', vindt defensie-expert Klep; hij geeft een toelichting van één van de alternatieve straaljagers die Nederland zou kunnen kopen. 'Je kunt er negentig procent van de taken even goed of afdoende mee uitvoeren in de komende decennia. De JSF is bijvoorbeeld geen beter toestel op het gebied van simpele luchtsteun aan grondtroepen. Dan kun je nog beter de Apache helikopter gebruiken.' De Saab is naar verwachting beduidend goedkoper dan de JSF, en aanschaf levert volgens producent Saab ook orders op voor de Nederlandse industrie, maar daar staat tegenover dat ook de nieuwste versie slechts op de tekentafel bestaat.

    Creatief boekhouden met JSF-budget

    Nederland koopt de JSF van de tekentafel, met onzekerheid over militaire capaciteiten, maar dat is niet de enige blinde vlek in de aanschaf van de vervanger van de F-16. Er is geen concrete prijsafspraak gemaakt. In 2002 dachten we voor 4,5 miljard euro 85 JSF’s te kunnen kopen, maar nu moeten we er 37 JSF’s voor kunnen krijgen, zo is de politieke deal tussen regeringspartijen VVD en PvdA. Dat is de ondergrens. En zo niet, dan toch. 'Het ligt er allemaal aan hoe je rekent en waar je de kosten boekt', legde defensie-expert Klep eerder uit aan Follow The Money. Als de aanschafkosten door het dak van 4,5 miljard schieten, dan kan producent Lockheed Martin deze kosten verschuiven. Klep acht de kans daar op groot: 'Je zult zien dat in de loop der jaren de overige kosten hoger uitvallen.' Bovenop de eerder genoemde investeringskosten is er nog geld nodig om te kunnen vliegen met de JSF, zoals simulatoren, gereedschap en onderhoud.

    JSF bepaalt toekomst krijgsmacht

    Instituut Clingendael ziet een krijgsmacht met de JSF als een krijgsmacht met een hoofdrol voor de Luchtmacht en met stijgende operationele kosten van de JSF zal dat nog meer ten koste van Marine en Landmacht gaan. De handtekening van Hennis voor de aankoop van de JSF, drukt dus een stempel op de toekomst van de Nederlandse krijgsmacht. Terwijl vragen die hier logischerwijs aan vooraf hadden moeten gaan, nog niet beantwoord zijn. Wat wil en kan Nederland met defensie en wat voor straaljager past daar bij? Wat is Nederland bereid daarvoor betalen? Zit de Nederlandse krijgsmacht nu helemaal vast aan de JSF? 'Formeel kun je altijd nog van grote aanschafprojecten af', zegt defensie-expert Klep. 'Daarvoor betaal je een prijs, die we niet precies kennen. Het is al vaker voorgekomen dat landen alsnog laat uit projecten stappen of dat projecten op het laatste moment alsnog worden stopgezet. Er zitten hoe dan ook ontsnappingsclausules in het contract.' Deze hebben onder andere te maken met overschrijding van kosten en gebrekkige technologische ontwikkeling.
    'Er zitten hoe dan ook ontsnappingsclausules in het contract'
    Realistisch lijkt een escape niet. Klep: 'Misschien is het belangrijkste punt wel de psychologische en politieke waarde van de handtekening. Alsnog inbinden zou de geloofwaardigheid van Nederland als betrouwbare partner een enorme deuk opleveren. Het politieke argument is in dit multinationale programma altijd al van enorm gewicht geweest.'

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Krijn Schramade

    Gevolgd door 281 leden

    Krijn Schramade (1980) krijgt een jaar na de val van Lehman Brothers (2008) de tegenwoordigheid van geest om zijn veilige lev...

    Volg Krijn Schramade
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren
    Dit artikel zit in het dossier

    JSF

    Gevolgd door 154 leden

    De Joint Strike Fighter (JSF) is als een black box. Het is onduidelijk wat de beoogde vervanger van onze F-16's gaat kosten. ...

    Volg dossier