© Campus Duisenberg / Hubertl / Wikimedia Commons

    Het kabinet reageerde voor het weekend eindelijk op de initiatiefnota ‘Lobby in daglicht’. Het plan van Tweede-Kamerleden Bouwmeester en Oosenbrug is het enige concrete politieke voorstel voor meer regels rondom lobbying. Een verdeeld kabinet heeft nu eindelijk de intentie om lobby-invloed inzichtelijker te maken.

    Bijna een jaar heeft de brief van het kabinet over de initiatiefnota 'Lobby in daglicht' op zich laten wachten. Pas afgelopen donderdag verstuurde minister van Binnenlandse Zaken Ronald Plasterk een reactie op het plan van de Kamerleden Bouwmeester en Oosenbrug. In de nota, die december vorig jaar werd gepresenteerd, deden de kamerleden veertien voorstellen om iedereen een eerlijke kans te geven op het beïnvloeden van wet- en regelgeving. Het is het enige concrete politieke plan om iets meer inzicht te krijgen in de Haagse lobbyactiviteiten.

    De twee PvdA’ers doen in hun plan voorstellen aan lobbyisten, Kamerleden en de regering. Op groot enthousiasme konden ze bij alle drie niet rekenen. ‘Lobbyisten voelen zich ontzettend aangevallen,’ zei Bouwmeester vorig jaar al. Op dat moment verzamelde ze nog ideeën voor haar initiatief; inmiddels staat de beroepsgroep positiever tegen de voorgestelde plannen, nu voor hen vergaande maatregelen — zoals een uitgebreid lobbyregister — niet aan de orde zijn. De initiatiefnota is dan ook vooral gericht op het kabinet en de Tweede Kamer.

    Lauwe ontvangst

    In het parlement kwamen de handen ook maar moeizaam op elkaar voor het initiatief. In het plan staan vijf maatregelen waar de Tweede Kamer zich over moet buigen: de belangrijkste is dat Kamerleden zelfs meer inzicht moeten geven over hun contacten met lobbyisten. Verder moet het door iedereen onzinnig geachte lobbyregister van de Tweede Kamer op de schop. Nu is dat een lijst van de ongeveer honderd lobbyisten in het bezit van een Kamerpas — de pas die toegang verschaft tot het parlementsgebouw. Dit register geeft echter een vertekend beeld van het aantal lobbyisten in Den Haag en bevat geen informatie over specifieke afspraken met Kamerleden.

    Vooral de rechtse partijen hebben maar weinig op met de voorstellen

    Vooral de rechtse partijen hebben maar weinig op met de voorstellen. Zij zien weinig gevaar in lobbyen en wijzen op de eigen verantwoordelijkheid van volksvertegenwoordigers. De angst voor een bureaucratische rompslomp is bovendien groot bij CDA, D66 en VVD. Op links kan het voornemen op meer instemming rekenen: zowel de SP als GroenLinks doen in hun verkiezingsprogramma's voorstellen om lobby-invloed zichtbaarder te maken. Van een harmonisch blok is echter nauwelijks sprake. De SP was namelijk niet gelukkig met de alleingang van de PvdA op dit thema en voelde zich gepasseerd; een parlementaire werkgroep over het plan kende daardoor een uiterst stroef begin.

    Kabinet moet aan de bak

    Van de veertien voorstellen richten de helft zich op de regering. Vooral de ministers en staatsecretarissen moeten ervoor zorgen dat het wetgevingsproces voor iedereen toegankelijk is. Plasterk laat namens het kabinet in de reactie weten het doel van het initiatief te onderschrijven. ‘Een brede inbreng vanuit de samenleving bevordert een brede afweging van belangen en komt de kwaliteit van beleid, besluitvorming en wetgeving ten goede. Meer zicht op de besluitvormings- en wetgevingsprocessen en de belangenafwegingen leidt bovendien tot meer begrip en acceptatie’.  

    Het plan eist dat het kabinet burger veel eerder betrekt bij het maken van nieuw beleid. De kritiek is dat in de fase van brede betrokkenheid de beleidsvoorstellen al veel te veel zijn vastgelegd. Alleen professionele organisaties met ruime middelen weten de ambtelijke kluwen waar nieuw beleid in geboren wordt binnen te dringen. Het kabinet zegt nu te experimenteren met nieuwe manieren om al eerder breed te overleggen. Zo is er voor het wetstraject een LinkedIn-discussiegroep opgericht waarin ‘organisaties en burgers actief werden uitgenodigd om in een vroeg stadium te participeren.’

    Voorlopig geen actie tegen draaideurgedrag

    Bij het voorstel voor een lobbyparagraaf bij elk wetsvoorstel verwijst het kabinet ook naar al bestaande instrumenten. In de lobbyparagraaf zou worden vermeld met wie er is gesproken en welke belangenafweging het ministerie heeft gemaakt. Op dit punt komt het kabinet de wens nauwelijks tegemoet; het stelt dat in de memorie van toelichting van een wetsvoorstel al ruimte is voor verantwoording over inbreng van lobbyisten en gemaakte de belangenafweging. Deze ruimte blijft in veel gevallen echter onbenut.

    Het kabinet ziet geen noodzaak in het aanpakken van het draaideurprobleem

    Nog minder noodzaak ziet het kabinet in het aanpakken van het draaideurprobleem. Voorlopig mogen de bewindspersonen na hun ambt elke functie aannemen die ze willen, ook als dat zich begeeft op hetzelfde terrein als hun ministerschap. Nederlandse ex-ministers en -staatsecretarissen kunnen de verlokkingen van een gevoelige overstap maar moeilijk weerstaan. De Europese Commissie riep Nederland in 2014 al op om het draaideurgedrag aan te pakken; in een Europees anti-corruptierapport was juist dit het enige serieuze kritiekpunt op Nederland.

    Het kabinet is niet van plan hier iets aan te doen en stelt dat het ‘in de rede ligt’ dat oud-bewindspersonen een baan zoeken dat past bij hun ervaring. Het is dan ook aan hen zelf om met eventuele samenlopende belangen verantwoordelijk om te gaan. Desondanks gaat het kabinet zich nog buigen over ‘een eventuele nadere kaderstelling.’ Eenzelfde voornemen hebben de bewindspersonen bij het verantwoorden van lobbycontacten en hun belangenafwegingen en bij het vaker inzetten van internetconsulatie.

    Agenda’s ministers openbaar

    De verwijzing naar toekomstig beleid komt bij veel punten terug. Het kabinet doet weinig concrete toezegging op de zeven voorstellen voor meer lobbytransparantie, maar komt wel met veel voornemens. Het belangrijkste directe resultaat is dat de agenda’s van alle bewindspersonen openbaar worden gemaakt. Dat is het resultaat van een WOB-verzoek van De Volkskrant vorig jaar, waardoor alle afspraken van ministers en staatssecretarissen van het afgelopen jaar bekend werden. Bovendien publiceren enkele ministers — zoals Dijsselbloem, Koenders en Ploumen — hun agenda al op de site van hun ministeries.

    Een andere toezegging is een investering in een wetsgevingskalender. Hiermee moet iedereen de voortgang van wetsvoorstellen kunnen volgen. Nu is dat een haast onmogelijke opgave, omdat belangrijke informatie op talloze plekken is te vinden. Het kabinet zegt toe dit in de loop van volgend jaar beschikbaar te stellen. De exacte invulling wordt echter pas later bekend.

    Enkele ministers publiceren hun agenda al op de site van hun ministeries

    Verdeeld kabinet

    De inhoud van de brief van de minister biedt geen antwoord op de vraag waarom de reactie zo lang op zich heeft doen wachten. In juli, een half jaar na de presentatie van het plan, kondigde minister Blok aan meer tijd nodig te hebben voor een antwoord. ‘De benodigde interdepartementale afstemming vergt meer tijd dan initieel was voorzien,’ luidde zijn verklaring.

    Dat het lang duurde voordat alle ministeries op een lijn zaten, kan erop duiden dat er binnen het kabinet verschillend over het onderwerp gedacht wordt. Vorig jaar werd al duidelijk dat een aantal ministers anders dacht over transparantere lobby en de rol van het kabinet hierin. Waar Jeroen Dijsselbloem weinig bezwaren had tegen een lobbyparagraaf en voor eigen wetgeving toezeggingen deed op dat gebied, moest Henk Kamp er bijvoorbeeld niets van hebben.

    Diezelfde Dijsselbloem sprak zich daarnaast meermaals uit voor een afkoelperiode van een paar jaar om draaideurgedrag aan te pakken. In een reactie op geruchten dat ze na haar kabinetsperiode van plan was over te stappen naar Schiphol zei minister Schultz juist weer niets te zien in een afkoelperiode: ‘De afweging hangt heel erg af van je eigen integriteit.’ Bovendien gaf ze aan geen schijn van belangenverstrengeling te herkennen, indien ze de overstap ook daadwerkelijk zou maken.

    Hoopvol en teleurgesteld

    Ondanks de weinig concrete toezeggingen van de regering is Lea Bouwmeester hoopvol gestemd. ‘Het uitgangspunt is positief. Het kabinet erkent dat we goede voorstellen hebben. Ook staat het nu op de agenda. De regering heeft nooit over deze onderwerpen nagedacht en heeft dat nu voor het eerst gedaan. Nu moeten we nog van mooie woorden naar concrete daden.’

    'Nu moeten we nog van mooie woorden naar concrete daden'

    Anne Scheltema Beduin van Transparency International is teleurgesteld dat er weinig concrete maatregelen zijn genomen. ‘Het blijft opmerkelijk dat men zo lang heeft gedaan over een reactie waarin bijna uitsluitend wordt verwezen naar andere, toekomstige notities. Alleen het besluit meer inzicht te geven in agenda-afspraken van de bewindspersonen, door hen afgelegde werkbezoeken en gehouden toespraken, is een concreet voornemen. De rest valt voorlopig eerder onder de noemer “goede voornemens” zoals “minder snoepen in het nieuwe jaar”. Het valt te bezien wat er van terecht komt.’

    De BVPA, de beroepsvereniging van lobbyisten, is wel tevreden met de reactie van het kabinet en zegt dat er belangrijke stappen zijn aangekondigd. De vereniging is ook blij dat ministers en staatsecretarissen zelf transparanter willen worden: ‘de politiek, zoals Tweede Kamerleden, kunnen zelf een bijdrage leveren aan meer transparantie door ook openheid te bieden in de eigen agenda’s met betrekking tot lobby-contacten’, aldus voorzitter Jaap Jelle Feenstra.

    Over de auteur

    Pieter van der Lugt

    Pieter van der Lugt (1990) studeerde politicologie aan de Radboud Universiteit. Tijdens zijn studie zette hij zijn eerste sta...

    Lees meer

    Volg deze auteur
    Dit artikel zit in het dossier

    De #Lobbycratie

    Gevolgd door 229 leden

    Leven we in een lobbycratie of is lobbyen een wezenlijk element van een gezonde democratie? Zeker is dat de lobbywereld wordt...

    Lees meer

    Volg dossier

    Dit artikel krijg je cadeau van Follow the Money.

    Diepgravende onderzoeksjournalistiek kost tijd en geld. Steun ons en

    word lid