Kabinet Rutte was niet alleen knetterrechts

    Dankzij Mark Rutte mogen we roken in kleine cafés en 130 kilometer hard rijden. Maar de gestruikelde rechts-liberale premier gaat ook de geschiedenis in als voorvechter van inkomensnivellering.

    Het kabinet-Rutte is niet meer. Na achttien maanden van regeren krijgt Rutte vanmiddag van de Koningin niet alleen een koekje bij de thee maar ook op zijn verzoek onmiddellijk  ontslag voor hem en zijn ploeg van ministers en staatssecretarissen.

     

    Na zeven weken praten in het Catshuis op en neer pendelen per fiets is premier Mark Rutte geen steek verder gekomen. In het zicht van een politiek akkoord over een nieuw bezuinigingspakket ter waarde van 14 mijard euro extra trok Geert Wilders zich terug uit de onderhandelingen vanwege extra bezuinigingen op de AOW’ers. De PVV-leider past ervoor dat de ouderen te hard zouden worden getroffen door ‘de onzinnige eisen van Brussel.

     

    Met alle gevolgen vandien: het op orde brengen van de begrotingsnorm van een tekort van 3 procent conform de EU-afspraken, lijkt verder weg dan ooit, de financiële markten reageren onrustig op de crash in het Catshuis , de triple A-status van Nederland is niet meer zo vanzelfsprekend en nu al is de verwachting dat de rente op Nederlandse staatsleningen flink zal oplopen.

    Janneke Willemse, hoofredacteur van belegger.nl, heeft ondertussen uitgerekend dat Wilders het kabinet-Rutte heeft laten vallen voor het luttele bedrag van 10 euro en 46 cent per alleenstaande AOW’er.

     

    Daarnaast heeft het beraad in het Catshuis ons land bijna 90 miljoen euro per dag gekost. Na zeven weken van vruchtenloze onderhandelingen staat de teller op bijna zeven miljard. Daarmee staat het kortstondige CDA-VVD-kabinet te boek als een bijzonder kostbare post in het Nederlandse huishuidboekje.

     

    'Alles gaat wat langzamer in Nederland’

    Maar wat heeft anderhalf jaar regeerperiode van Rutte ons land nou opgeleverd? Meer dan je zou verwachten, zo leert het opmaken  van een snelle balans. 

     

    Alles wat nagenoeg onbespreekbaar was onder het kabinet-Balkenende toen de financiële crisis zich ontvouwde eind 2008, was ineens bespreekbaar voor de regering-Rutte: van verhoging tot de pensioenleeftijd, versoepeling van het ontslagrecht, bezuinigingen in de zorg en aanpak van de WW tot en met het op de schop nemen van het stelsel van de hypotheekrenteaftrek. 'Alles gaat wat langzamer in Nederland’, is dan ook de terechte constatering  van socioloog Herman Vuijsje in De Volkskrant, vorige maand. 'Maar als het dan komt, gaat het heftig.’

     

    Op 14 oktober 2010 werd het Kabinet-Rutte door Koningin Beatrix beëdigd. De door de PVV gedoogde minderheidscoalitie was er gebrand op om van start te gaan met allerlei baanbrekende ideeën. Het land ingaan om ‘honderd dagen’ te praten , zoals kabinet Balkende IV dat deed, was taboe. Nederland moest immers sterker uit de crisis komen.

     

    'Snoeien om te groeien'
    Rutte kondigde aan alles op alles te zetten om Nederland er weer bovenop te helpen met als motto ‘snoeien om te groeien’. En dat voor de lieve som van een bezuinigingspakket van 18 miljard euro. Hiervan mocht niet worden afgeweken, benadrukte de premier. Aan de vooravond van de Statenverkiezingen in mei 2011 waarschuwde Rutte zelfs de kiezer voor politieke instabiliteit. Nederland zou te maken krijgen met 'Belgische toestanden' als de coalitie geen meerderheid in de Eerste Kamer zou behalen.

    In de loop van 2011 werd steeds duidelijk waarop de departementen gingen korten: van minder geld in het hoger onderwijs en in speciaal onderwijs, een schraler studiefinancieringstelsel voor studenten, kleiner budget voor kunstsubsidies, van de bezuinigingen op de wajong en de bijstand, minder geld naar natuur en milieu tot de forse inkrimping van de krijgsmacht.


    Maar ook het rijk zelf moest van Rutte flink de broekriem aanhalen: provincies kregen fors minder geld, ministeries werden samengevoegd, ambassades en ambtenarenbanen geschrapt.


    Ook hamerde Rutte erop dat Nederland meer besparingen moest gaan realiseren op de miljardenposten van de zorg en de AOW. Maar in 2011 wilde de premier samen met het CDA en de PVV nog niet te morrelen aan het kostenverslindende stelsel van de hypotheekrente-aftrek.


    'Opkomen voor de hardwerkende Nederlander.’

    Verder lanceerde Rutte een nieuw belastingsplan met een hogere btw maar met met een lagere inkomstenbelasting. Met deze maatregelen hoopte het kabinet te bewerkstelligen dat werken meer lonend moet worden. Niet voor niets is het credo van Rutte altijd geweest dat hij wil 'opkomen voor de hardwerkende Nederlander.’

     

    Bijna een jaar geleden scoorde Rutte redelijk hoge rapportcijfers bij de kiezer. Niet in de laatste plaats omdat zijn transparante en mediagenieke optreden een wereld van verschil was met zijn voorganger Balkenende, zo oordeelden Binnenhof-watchers. Veel mocht het niet baten: een jaar verder krijgt Rutte een onvoldoende als rapportcijfer.

     

    Dat laat onverlet dat Rutte bij de doorsnee Nederlander de nodige waardering moet hebben geoogst. Zo mag er op minstens acht  snelwegen mag je 130 kilometer per uur worden gereden rijden, mag er in de meeste kleine café's weer gerookt worden en hoeft de politie hoeft niet meer per se boetes uit te schrijven puur om te voldoen aan de bonnenquota.

     

    'Werk moet lonen'
    Opmerkelijk genoeg heeft Rutte als de eerste liberale premier sinds Cort van der Linden zich ook ontpopt als pleitbezorger van inkomensnivellering. Henk Kamp, minister van Sociale zaken, heeft echt werk gemaakt van het kabinetsmotto “werk moet lonen.”  Nadat Kamp eerder al de lagere inkomens goeddeels ontzag bij de kortingen in de subsidies voor de kinderopvang, heeft hij ervoor gezorgd dat de lagere inkomens er verder op vooruitgaan. In tegenstelling, tot alleenstaande ouders met hogere inkomens die moeten inleveren.

     

    Dankzij Kamp gaat Rutte de parlementaire geschiedenis in als rechtsliberale minister-president met een sociaal gezicht. En daarmee was de VVD-premier, die voortdurend zowel de gedoogsteun nodig had van de PVV als van de ultra-conservatieven van de SGP, veel meer dan alleen regisseur van een "knetterrechts" regeringsbeleid.

     

    Maar het is de vraag of Rutte na een eervolle vermelding in de Donald Duck - bijgenaamd ‘s lands vrolijkste weekblad - met zijn anders zo vertrouwde glimlach kan terugkijken op deze wapenfeiten.

     

    'Dik 10 miljard aan rente op leningen'

    Sinds het vierde kwartaal van 2011 bevindt Nederland zich in een recessie met een score van 0,9 procent krimp en zal dat nauwelijks anders zijn volgens de ramingen van het CPB. Daarnaast is sinds voorjaar 2011 is de werkloosheid van bijna 400 duizend Nederlanders naar 469 duizend gestegen: 6 procent van de beroepsbevolking zit nu zonder baan. Het lachen moet Rutte al helemaal zijn vergaan als hij kijkt naar het begrotingstekort: de teller staat nu op 28 miljard euro.

     

    De nationale staatsschuld moet Rutte echt pijn aan de ogen doen: bijna 400 miljard euro. ‘Dat is bijna 25 duizend euro per Nederlander’, constateert website de "Staatsschuldmeter" op basis van berekeningen van minister van Financiën Jan Kees de Jager, ‘En hoe hoger de schuld, hoe meer geld we uitgeven aan rente. Ten opzichte van andere landen kan Nederland relatief goedkoop lenen, maar toch betalen we in 2012 dik 10 miljard euro aan rente.’

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Libben Reeskamp

    Libben Reeskamp studeerde rechtsgeleerdheid en politicologie aan de Universiteit van Amsterdam. Met de studie rechten hield h...

    Volg Libben Reeskamp
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren