Klaas Knot opent de beurs ter gelegenheid van het 200-jarig bestaan van DNB.
© ANP / Evert Elzinga

Klaas Knot zet de aandelenmarkt op scherp

    Het is oktober. De bladeren vallen, de wind giert om het huis, Sinterklaas is in aantocht. En traditioneel presenteert de president van De Nederlandse Bank dan zijn najaarswaarschuwing. Die van Klaas Knot luidt dit jaar: 'de beurskoersen kunnen niet veel langer zo hoog blijven'. Dat is terecht, maar de timing is nogal ongelukkig. Oktober is namelijk ook de maand van de beurscrashes.

    Het is onvermijdelijk dat de koersen van aandelen en obligaties op de financiële markten zullen gaan dalen. Dit zeg ik niet; het zijn de woorden van Klaas Knot, President van De Nederlandsche Bank (DNB). Volgens de hoogste monetaire ridder van ons land is het onmogelijk te weten wat de daling in gang zal zetten, maar is het zeker dat ‘de combinatie van zeer hoge waarderingen en historisch lage volatiliteit niet in het oneindige kan doorgaan.’ 

    Op zich is dat niets nieuws. Koersen stijgen, koersen dalen — altijd. Maar het is op zijn zachtst weinig geruststellend dat een belangrijke maatstaf van de waardering van de aandelenkoersen, een koers-winstverhouding gemaakt door de hoogleraar Robert Shiller, in de geschiedenis op slechts twee momenten hoger heeft gestaan: vlak voor het barsten van de dotcomzeepbel in 2000, en vlak voor de beurskrach in 1929.

    Wat Knot hier met zoveel woorden zegt, is wat velen in zijn positie niet durven of willen zeggen: onze financiële markten vormen op dit moment één grote verzameling van zeepbellen. En die staan op het punt van knappen. In de Verenigde Staten zijn sinds het begin van de ergste crisis sinds de Grote Depressie de aandelenkoersen bijna onafgebroken gestegen. Dat klinkt niet echt logisch: tussen aandelenkoersen en de onderliggende economieën bestaat meestal een verband. Het wordt begrijpelijker als we de rol van de centrale banken bekijken. 

    Geldpersen

    De Fed, de Europese Centrale Bank (ECB) en andere centrale banken hebben sinds het begin van de crisis duizenden miljarden dollars, euros, etcetera bijgedrukt. Dat heeft de aandelen- en obligatiekoersen aangejaagd. Maar niet alleen dat: wat ook enorm bij heeft gedragen aan het optimisme op de aandelenmarkt, is het feit dat die centrale banken bij elke hint dat de koersen wel eens zouden kunnen dalen, de geldpersen overuren lieten draaien om dat te voorkomen. De belangrijkste verantwoordelijken voor de zeepbellen zijn dan ook, hoe ironisch, de centrale banken en bankiers. 

    Als ik persoonlijk adviseur van Knot was geweest, dan zou ik hem aangeraden hebben voor dat gevaar inderdaad te waarschuwen – zie het als zijn zorgplicht jegens de samenleving en beleggers – maar ik zou hem óók hebben geadviseerd hebben dat op eenieder ander moment in het jaar te doen.

    Beleggers zijn in oktober namelijk toch al bovengemiddeld nerveus. En dat is niet zomaar: enkele van de ergste koersdalingen in de geschiedenis vonden plaats in deze maand. Op 24 oktober 1929 begon de koers op de beurs in New York te dalen, hetgeen culmineerde in de crash van 28 en 29 oktober. De koersen verloren in totaal ruim één derde van hun waarde en de daling luidde de Grote Depressie in. Die 29ste oktober staat sindsdien bekend als ‘de zwarte dinsdag’, met 24 oktober als ‘de zwarte donderdag’. Op 19 oktober 1987 kregen we er ook een ‘zwarte maandag’ bij: op die dag verloor de aandelengraadmeter in New York bijna 23 procent. En op maandag 27 oktober 1997 doken aandelenkoersen wereldwijd omlaag als gevolg van de Azië-crisis

    "Het is geen wonder dat beleggers in oktober extra nerveus zijn"

    Vrijdag 13, jawel, oktober 1989 hoort ook in dit rijtje. Ook toen tuimelden de aandelenkoersen. U raadt het al: voor beleggers heet die dag sindsdien ‘zwarte vrijdag’.

    Het is dus geen wonder dat beleggers in oktober extra nerveus zijn. Dat geldt zeker dit jaar omdat wij mensen nou eenmaal ronde getallen extra opmerken. Het is 30 jaar geleden dat zwarte maandag plaatsvond en 20 jaar na de Azië-crisis. In dat licht is het nogal onhandig dat een bestuurslid van de Europese Centrale Bank (ECB) juist in oktober olie op het vuur gooit. 

    Rampzalig

    Een beurscrash is nooit het vrolijkste moment voor een belegger, maar zou nu een kettingreactie kunnen veroorzaken die rampzalig kan uitpakken. Een forse daling van de obligatiekoersen bijvoorbeeld, betekent dat de rente die overheden van de eurolanden voor hun leningen afsluiten omhoog zou spuiten. Dat zou zomaar tot betalingsproblemen kunnen leiden — en dan heb ik het niet over de Griekenlanden van deze wereld. Op basis van mijn berekeningen van de rentelasten bij een forse rentestijging, zie ik niet in hoe landen zoals Frankrijk, Spanje of Italië een faillissement zouden kunnen voorkomen. Zelfs voor een sterk land als Nederland zou de extra renterekening ettelijke miljarden euro per jaar bedragen. Voor Duitsland gaat het om extra tientallen miljarden euro's — jaar in, jaar uit. 

    Maar denk ook aan de Nederlandse pensioenen. Aan het eind van het tweede kwartaal van dit jaar zat er bijna 1.386 miljard euro in de pensioenpot. Een geruststellende gedachte, totdat we ons realiseren dat ruwweg 35 procent van dat geld in aandelen wereldwijd zit en de helft in staatsobligaties van allerlei landen. Als datgene waar Knot voor waarschuwt ook daadwerkelijk gebeurt, dan zou dat enorme gevolgen voor onze pensioenen hebben. En in ons pensioensysteem is het dan onvermijdelijk dat de pensioenpremies zullen stijgen. 

    We hebben een zwarte maandag, zwarte dinsdag, zwarte donderdag en een zwarte vrijdag gehad. De enige dag die in dat straatje nog ontbreekt is de woensdag. Er is wel eens een ‘zwarte woensdag’ geweest, maar die had geen betrekking op de aandelenmarkt: op 16 september 1992 moest het Britse pond het Europese wisselkoersmechanisme verlaten. De regering in Londen bleek niet meer bij machte om de koers van het pond binnen de afgesproken bandbreedte te houden. De reden: aanvallen van speculanten, met voorop ene George Soros.

    De zwarte woensdag staat dus in meerdere opzichten nog open. Hopelijk hebben pensioenfondsen en verzekeraars hun risico’s deze keer wel voldoende afgedekt. 

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Edin Mujagic

    Gevolgd door 813 leden

    Een onafhankelijke macro-econoom, spreker en publicist. Zijn nieuwste boek gaat over de Nederlandse monetaire geschiedenis.

    Volg Edin Mujagic
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren