De klok luiden doe je niet in een ongeloofwaardig overheidshuis

    Het Huis voor Klokkenluiders staat op instorten. Het Huis, dat na veel tamtam werd opgericht, heeft na iets meer dan een jaar laten zien dat het een mislukking is. Dat stemt Eric Smit tot nadenken: over klokkenluiders, overheidsbemoeienis, en Deep Throat.

    In de zomer van 2005 bracht het Amerikaanse glossy tijdschrift Vanity Fair een onthulling die het hart van iedere onderzoeksjournalist sneller deed kloppen. Nou ja, in elk geval de journalist die iets van het Watergateschandaal wist en de woorden deep throat op waarde kon schatten.

    Deep Throat was de legendarische codenaam die de Washington Post-journalisten Bob Woodward en Carl Bernstein in de jaren ’70 van de vorige eeuw voor hun anonieme bron gebruikten. Met behulp van de informatie van deze bron wisten Woodward en Bernstein de machtigste man op aarde ter verantwoording te roepen: de president van de Verenigde Staten, Richard – ‘Tricky Dicky’ – Nixon. De serie onthullingen die de twee onderzoeksjournalisten van de inbraak in het Watergate-gebouw in Washington DC brachten, leidde uiteindelijk tot de val van Nixon. Sindsdien werd er wild gespeculeerd over de identiteit van de bron der bronnen die de Amerikaanse president had laten struikelen. Totdat Vanity Fair met het definitieve antwoord kwam. Mark Felt, de vroegere tweede man van de FBI, had op 91-jarige leeftijd, meer dan dertig jaar na het aftreden van Nixon, zijn identiteit prijsgegeven. Ik werkte destijds op de redactie van Quote en daar verslonden we het verhaal. De drie woorden die Deep Throat in All the President’s Men – de film over het Watergate-schandaal – werden toegedicht, vormden jaren later de inspiratiebron voor de naam van deze website: ‘follow the money.

    Mark Felt had iets gepresteerd wat heel veel andere klokkenluiders niet lukt: anoniem blijven

    Ik pakte het artikel er onlangs weer eens bij en dat had een specifieke reden: het gelazer rondom het Huis voor Klokkenluiders. Je weet wel: het Huis dat onder auspiciën van het ministerie van Binnenlandse Zaken in 2016 tot stand kwam na de nodige door klokkenluiders aangekaarte schandalen en na vele jaren van overleg en politiek debat. In dat Huis bleek een crisis te zijn uitgebroken, onthulde NRC in oktober. Meer dan een jaar na oprichting was er nog geen onderzoek naar een misstand afgerond. Niet veel later bleek de boel op instorten te staan toen voorzitter Paul Loven, een ex-bankier, de eer aan zichzelf hield en opstapte. In maart had NRC ook al onthuld dat er een voormalig AIVD’er in het Huis werkte. Dat is bepaald geen aanbeveling voor een plek waar mensen met zeer gevoelige informatie naartoe moeten kunnen stappen.

    De berichten deden mij nog eens nadenken over dat verhaal van de ultieme klokkenluider. Want Mark Felt had iets gepresteerd wat heel veel andere klokkenluiders niet lukt: anoniem blijven. Die anonimiteit is een groot goed voor iemand die een misstand naar buiten wil brengen die maatschappelijk van groot belang is. Zelfs als anonieme bron met beschikking over extreem gevoelige informatie krijg je al te maken met de krachten die loskomen als de inhoud publiekelijk bekend wordt. Je kunt door betrokkenen als het lek worden aangemerkt. Dat gebeurde ook bij Deep Throat Mark Felt. Er werd jarenlang over zijn rol gespeculeerd. ‘Hij moest tegen zijn familie, vrienden en collega’s liegen, ontkennen dat hij ons had geholpen,’ zei Bob Woodward tijdens een toespraak in 2003. 

    De krachten die loskomen wanneer klokkenluiders geen anonimiteit hebben, zijn nog vele malen groter. Het komt er kortweg op neer dat zo iemand kapot wordt gemaakt door de lieden die de informatie onder de pet willen houden, zo durf ik na meer dan achttien jaar ervaring met klokkenluiders wel te zeggen.

    Een golf negatieve berichten

    Een sprekend voorbeeld hiervan zagen we bij Follow the Money toen we in oktober een lek in de e-mailserver van de Tweede Kamer aan het licht brachten. We kregen daarbij de openlijke hulp van hacker Maarten Boone, die jarenlang voor het IT-securitybedrijf Fox-IT had gewerkt. Fox-IT levert zijn diensten aan de overheid. In de Tweede Kamer werd een mail rondgestuurd waarin Kamervoorzitter Khadija Arib aangaf dat ze het betreurde dat Boone de zaak had aangekaart. Die mail belandde vervolgens bij de Telegraaf, die Boone afschilderde als ‘rancuneuze’ ex-medewerker, waarna hij een golf negatieve berichten over zich heen kreeg. Het lag anders. Boone was niet rancuneus en dat werd ook door zijn vroegere werkgever bevestigd. In plaats van dat de Kamer dankbaar was dat het euvel op een speelse manier door FTM in de publiciteit werd gebracht, werd gepoogd de ‘klokkenluider’ (belletje-trekker is hier meer van toepassing) in diskrediet te brengen.

    ‘Begin niet aan klokkenluiden als je nog carrière wilt maken’

    Mensen die openlijk klokkenluider zijn of zijn geweest hebben stuk voor stuk een verhaal te vertellen over de negatieve krachten die vrijkomen. ‘Klokkenluiders worden altijd geliquideerd,’ zegt mij een voormalig klokkenluider die er om moverende redenen voor kiest om dit keer anoniem te blijven. ‘Begin niet aan klokkenluiden als je nog carrière wilt maken,’ zeiden enkele voormalige klokkenluiders eerder tegen NRC. Hun andere advies luidde: ‘Begin geen procedure bij het Huis voor Klokkenluiders.’

    Deze klokkenluiders deden de uitspraken voor het aftreden van het bestuur van het Huis, medio december. Dat gebeurde na de publicatie van het onderzoeksrapport van voormalig topambtenaar Maarten Ruys over het Huis. Ik las het rapport en ik denk dat wanneer de juiste conclusies worden getrokken, er geen poging wordt gedaan om een doorstart te maken van het Huis. Dat is overigens niet de conclusie van de onderzoeker zelf, die denkt dat er een Huis 2.0 moet komen. Ik denk van niet. Niet dat een Huis voor Klokkenluiders geen bestaansrecht heeft – dat heeft het zeker. Ergens moet er een goede plek zijn waar mensen naartoe kunnen om veilig hun verhaal te doen, deugdelijk advies te krijgen en – indien nodig – psychische hulp. Alleen is er geen Huis voor Klokkenluiders nodig waar de overheid iets mee te maken heeft.

    Dat is in mijn ogen een van de belangrijkste oorzaken van het falen van het Huis: de betrokkenheid van ambtenaren. In dit geval waren het de ambtenaren van het ministerie van Binnenlandse Zaken. Ze hebben het volkomen verprutst en dat ligt voor een deel aan een belangrijk uitgangspunt van het Huis; dat het zelf onderzoek doet naar misstanden. Dat is tot mislukken gedoemd en hoort in mijn ogen ook geen overheidstaak te zijn.

    Gênante resultaten

    Het Huis voor Klokkenluiders is het politieke kindje van SP-Kamerlid Ronald van Raak. Hij is het ook die zo heeft geijverd voor die onderzoekstaak. De SP’er wordt vanzelfsprekend in het rapport aangehaald voor wat betreft de doelen van het Huis. ‘Van Raak zei daarover tijdens de Eerste Kamerbehandeling van 9 februari 2016: “Het doel van het Huis is onderzoek doen naar een misstand en vragen hoe we die opgelost krijgen”’. Maar het onderzoek doen naar misstanden is volkomen mislukt, zo blijkt uit de cijfers die al eerder naar buiten kwamen en die ook in het rapport worden genoemd. 

    Hoe afschrikwekkend is het niet voor andere klokkenluiders om te zien dat er met meldingen niets wordt gedaan?

    Het zijn gênante resultaten. Er werden 965 ‘adviesverzoeken’ (meldingen) gedaan. Daarvan bleken 495 na beoordeling geen klokkenluiderszaak. Dat is overigens iets waar ik begrip voor heb. Wij krijgen als journalisten ook veel meldingen van misstanden binnen die niet veel om het lijf hebben. Maar liefst 338 gevallen werden op een ambtelijke plank geschoven; er was meer informatie nodig om tot een oordeel te komen. 113 meldingen (plus 19 bestaande kwesties) bleken echte klokkenluiderszaken te zijn. Uiteindelijk werden er 28 verzoeken tot onderzoek gedaan. Daarvan werden er 14 afgewezen, 7 zijn in behandeling en 7 zijn er door de juristen van Binnenlandse Zaken (BZK) ontvankelijk verklaard. Maar: ‘De afdeling Onderzoek heeft sinds de oprichting van het Huis geen onderzoek met een onderzoeksrapport afgerond.’

    Dat is dieptriest. Nog afgezien van de miljoenen die er zijn verkwist, je zult er maar met je verhaal hebben aangeklopt. Hoe afschrikwekkend is het niet voor andere klokkenluiders om te zien dat er met meldingen niets wordt gedaan, dat je voor niets grote risico’s loopt?

    Met het gif in de poriën

    Triest is ook hoe de opzet van het begin af aan al van de rails loopt. Het rapport maakt melding van een ‘kwartiermaker’ die op verzoek van het ministerie van BZK de medewerkers voor het Huis uit drie bestaande organisaties haalt. ‘Voor veel medewerkers van de drie organisaties was het onderbrengen van hun taken in het Huis geen vanzelfsprekendheid, of sterker: zij zagen een overgang van hun werk en henzelf in sommige gevallen “helemaal niet zitten”’, schrijft Ruys in zijn rapport.

    Let wel, dit zijn mensen die allemaal hoge salarissen toucheren. Minimaal salarisschaal 12/13 (60-70 duizend euro bruto) voor onderzoekers tot bestuursleden die op schaal 18/19 worden beloond (100-130 duizend euro bruto). Mensen die dus met het gif in de poriën werkten aan plannen, protocollen, processen, agenda’s, regelingen en projecten die maatschappelijke misstanden betreffen. Onbegrijpelijk. Wat heb je in een huis voor klokkenluiders te zoeken als je niet intrinsiek gemotiveerd bent? Antwoord: He-le-maal niets.

    Uit de carrière-carrousel

    De bewuste kwartiermaker is overigens iemand die in het rapport niet bij naam wordt genoemd. Het vergt echter weinig moeite om uit te vinden wie het is: Koos van der Steenhoven. Deze topambtenaar was in 2010 de eerste directeur van ABDTOPConsult, de carrière-carrousel van het ministerie van Binnenlandse Zaken die we eind oktober op FTM tegen het licht hielden. Van der Steenhoven – die in 2015 in opspraak kwam vanwege zijn minder scherpe oog op de toepassing van de integriteitsregels bij het Rotterdamse museum Het Nieuwe Instituut – toucheert jaarlijks meer dan twee ton voor zijn werkzaamheden.

    Van der Steenhoven zeurt over hoge tijdsdruk en dat huisvesting en ICT-faciliteiten niet op orde waren, zo blijkt uit het rapport. ‘Zowel het bestuur als de medewerkers van het Huis hebben niet de gelegenheid genomen en gekregen om elkaar goed te leren kennen en de verschillende achtergronden en “gevoelens” bij de fusie te bespreken en daaraan te werken. Het Huis is “gewoon” begonnen met de werkzaamheden,’ schrijft Ruys. En hij haalt ook een eerder rapport aan: ‘Er is nog geen synergie. Geen gemeenschappelijke identiteit. Het verhaal, de historie van de organisatie bestaat uit de diverse culturen, werkwijzen en verhalen uit de oude organisatie. Er is veel te weinig tijd geweest (genomen) om bij de aanvang bewust te werken aan de identiteit en onderlinge verbinding binnen het Huis. Daardoor is het een stormachtige start geweest, zonder bedding van verbinding en synergie en is er al snel spanning en simplistische beeldvorming ontstaan.’

    Stormachtig is goed

    Wat een deprimerend navelstaarderig proza. In mijn wereld geldt dat ‘stormachtig’ goed is. Dan gebeurt er wat en komt er spanning op. Onder druk worden zaken vloeibaar. Zo niet in het Huis. De duurbetaalde ambtelijke ‘professionals’ die het huis bevolken, zijn vooral met zichzelf bezig. De werknemers – het zijn vooral juristen – maken zich met name zorgen over de eigen onafhankelijkheid (onder andere ten opzichte van de werkgever van de klokkenluider) en weten met wetteksten in de hand het gros van de meldingen niet ontvankelijk te verklaren. Passiviteit is de norm.

    ‘Juristen vormen het zand in de raderen van de samenleving,’ pleegde mijn vroegere hoofdredacteur mr. J. Kelder veelvuldig te roepen. Als het gaat om het doen van onderzoek heeft hij volkomen gelijk. Ik moet er niet aan denken dat we bij Follow the Money bij ieder onderzoeksvoorstel een jurist hebben staan die daarvan iets mag vinden. Juristen horen ook helemaal geen onderzoek te entameren. Ze komen in het beste geval kijken wanneer bepaalde risico’s van een publicatie moeten worden ingeschat. 

    Welke ambtenaar gaat net als Woodward of Bernstein graven om de onderste steen boven te krijgen?

    Het onderzoek naar maatschappelijke misstanden hoort ook helemaal niet door een Huis voor Klokkenluiders te worden verricht dat wordt bevolkt met ambtenaren die van hogerhand kunnen worden ingefluisterd. Welke ambtenaar gaat net als Woodward of Bernstein graven om de onderste steen boven te krijgen? Kansloos. 

    Klokkenluiders verdienen een goed advies. Ze moeten weten wat voor risico’s ze lopen. Ze moeten vooral weten dat ze beter af zijn wanneer ze anoniem blijven. Ze moeten zich veilig kunnen voelen en opgevangen worden wanneer ze psychisch in de problemen raken. Ze moeten ook weten dat wanneer ze een belangrijke melding doen, er ook iets mee wordt gedaan. Voor onafhankelijk onderzoek naar misstanden in de samenleving hebben we gelukkig beproefde instanties: de vrije pers. De onderzoeksjournalistiek. En als er via de pers onverkwikkelijke zaken naar buiten komen, dan kunnen justitie, toezichthouders, rechtspraak en de politiek hun rol spelen. Daar vertrouwde Deep Throat Mark Felt ook op.

    Over de auteur

    Eric Smit

    Gevolgd door 844 leden

    Mede-oprichter van FTM. Als voormalig professioneel squasher gewend om klappen te incasseren en uit te delen.

    Lees meer

    Volg deze auteur

    Dit artikel krijg je cadeau van Follow the Money.

    Diepgravende onderzoeksjournalistiek kost tijd en geld. Steun ons en

    word lid
    Verbeteringen of aanvullingen?   Tip de auteur Annuleren