Coronacrisis

De coronapandemie zet de wereld op zijn kop. Wie betaalt de rekening? En wie profiteert? Lees meer

Het virus SARS-CoV-2, beter bekend als het coronavirus, dook eind 2019 op in de Chinese provincie Hubei. In een paar weken tijd veroorzaakte het virus daar een epidemie, waarna het zich over de rest van de wereld verspreidde. Begin maart 2020 verklaarde de World Health Organisation de ziekte tot een pandemie en gingen landen wereldwijd 'op slot'.

Al met al is met het coronavirus een crisis van historische proporties ontstaan. De gevolgen van deze crisis zijn nog grotendeels onbekend. Maar de maatregelen die we nu nemen, zullen bepalen hoe de samenleving van de toekomst eruitziet. Daarom volgt de redactie van FTM de ontwikkelingen op de voet. Welke oplossingen dienen welke belangen?

180 Artikelen

Beeld © ANP / Arie Kievit

Lid Outbreak Management Team verzwijgt financieel belang bij coronatesten

Arts-microbioloog Jan Kluytmans verdient aan coronatesten. Als lid van het Outbreak Management Team (OMT) adviseert hij gelijktijdig over het testbeleid en over de inzet van sneltesten, een bron van inkomsten voor zijn laboratorium en hemzelf. Maar dat financiële belang heeft hij niet gemeld. Het ministerie van VWS ontkent het bestaan van een belangenconflict niet, maar ziet geen probleem. Dit is niet het eerste incident rond belangenverstrengeling in het OMT: eerder al kwam de dubbele pet van collega Ann Vossen in beeld.

De witte jas zit hem als gegoten. Minister Hugo de Jonge (CDA) van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) is op 7 oktober op bezoek bij Microvida, het laboratorium van het Amphia Ziekenhuis te Breda. Hij wordt ontvangen door arts-microbioloog Jan Kluytmans, een autoriteit op gebied van testen.

Aanleiding voor het gearrangeerde persmoment is een demonstratie van een coronasneltest, die Microvida onder leiding van Kluytmans heeft onderzocht en goedgekeurd. De Jonge krijgt goed nieuws: hij test negatief en hij kan zijn fel bekritiseerde testbeleid een boost geven.

Kluytmans vertelde op 10 september in het tv-programma Op1 al over zijn leidende rol in het onderzoek naar deze nieuwe technologie, die de testcapaciteit sterk zal vergroten. Hij was toen voorzichtig optimistisch over de uitkomst. De dag van zijn ontmoeting met De Jonge schuift hij opnieuw bij Op1 aan, nu met een blijde boodschap: de sneltest is ‘beter dan hij had durven hopen’.

De betrokkenheid van deze Bredase arts bij de sneltesten is geen toeval. Als expert op het terrein van labdiagnostiek adviseert hij de minister al sinds de uitbraak van de pandemie in maart over het testbeleid. Kluytmans is lid van het Outbreak Management Team (OMT), het belangrijkste adviesorgaan van het kabinet inzake de bestrijding van de pandemie. Binnen het OMT is hij lid van de werkgroep Antigeentesten (sneltesten), onder leiding van Marion Koopmans.

In dat kader leverde Kluytmans een bijdrage aan de positieve sneltestadviezen voor De Jonge. Bovendien keurde hij de sneltest van fabrikant Becton Dickinson goed voor gebruik door de GGD, die opdrachtgever is van zijn laboratorium. De Jonge besloot eind oktober om sneltesten grootschalig in te zetten in de XL-teststraten en de gewone teststraten van de GGD.

Onafhankelijk advies

Zulke adviezen dienen onafhankelijk te zijn. Wetenschappers moeten daarbij immers alleen aan de volksgezondheid denken, niet (ook) aan hun portemonnee. Anders is er sprake van dubbele petten. Daarom moeten leden van het OMT een belangenverklaring ondertekenen, op grond van de Code ter voorkoming van oneigenlijke beïnvloeding door belangenverstrengeling.

Ook Kluytmans heeft deze verklaringen ingevuld; ze staan op de website van het RIVM (25 februari en 12 oktober). In de (vrijwel identieke) documenten verklaart hij geen persoonlijke financiële belangen te hebben. Daarbij gaat het om de vraag of het advies dat hij geeft ‘op welke manier dan ook’ financieel voordeel kan opleveren. Volgens de verklaring moeten we dan denken aan een dienstverband bij een bedrijf dat kan profiteren van een advies, of een aandelenbelang in zo’n bedrijf.

Kluytmans meldde geen persoonlijke financiële belangen hebben. Maar dat klopt niet.

Omissies in de belangenverklaring

Kluytmans meldt weliswaar dat hij verbonden is aan het Amphia Ziekenhuis en het Elisabeth-Tweesteden Ziekenhuis, maar niet dat hij via die zorginstellingen tevens verbonden is aan Microvida. Dat is een commercieel laboratorium van vier ziekenhuizen, waaronder de twee bovengenoemde.

Met tien andere vrijgevestigde artsen – dat wil zeggen dat ze niet in loondienst zijn – zit Kluytmans in een zogeheten maatschap, die zich verhuurt aan deze ziekenhuizen. Zo’n maatschap maakt afspraken met de zorginstelling over het honorarium van de artsen. Kluytmans maatschap heeft grote invloed op het reilen en zeilen van het lab: tot 1 oktober was Kluytmans collega in de maatschap, Bram Diederen, de directeur van Microvida. En binnenkort neemt een andere arts uit de maatschap dat roer over.

Nu komt het.

De omzet van de maatschap is dit jaar flink gestegen, door de grote hoeveelheid coronatesten die Microvida verricht voor de GGD

De omzet die Microvida dankzij corona draait, heeft grote invloed op het inkomen van de elf artsen in deze maatschap. Die omzet is dit jaar flink gestegen, door de grote hoeveelheid coronatesten die Microvida verricht voor de GGD. Voor elke zogeheten PCR-test ontvangt Microvida 65 euro uit publieke middelen. Interim-directeur Maxime Westendorp zei begin november na vragen van FTM dat Microvida’s testcapaciteit ‘maximaal enkele duizenden testen per week’ is. Microvida meldde zelf echter dat de locatie Bravis en Amphia samen al 2500 testen per dag aankunnen. Dat noemt Westendorp nu een ‘communicatiefout’. Het lab kan circa 3000 testen per dag uitvoeren, zegt ze.

Sinds 1 juni kan iedereen zich gratis bij de GGD laten testen. Gesteld dat het lab vanaf dat moment op 75 procent van de maximale capaciteit van 3000 testen draait, dan gaat het dit jaar om 30 miljoen euro omzet. Daar zit een gezonde marge op.

De sterk toegenomen omzet betekent ook een fors toegenomen honorarium voor vrijgevestigde artsen, zo bleek uit onderzoek van Follow the Money. Dat geldt ook voor Microvida, erkent Kluytmans in antwoord op vragen van FTM. ‘Er is sprake van een sterke toename van de productie met het daaraan gekoppelde honorarium. De maatschap waar ik bij aangesloten ben beraadt zich hoe hier op een uitlegbare, proportionele en maatschappelijk verantwoorde manier mee kan worden omgegaan.’

Geen plafond aan verdiensten

De verdiensten van de vrijgevestigde artsen kwamen in beeld door een brief van de Nederlandse Vereniging voor Medische Microbiologie (NVMM) van juli. Daarin staat dat er afspraken zijn tussen ziekenhuizen en vrijgevestigde artsen, die erop neerkomen dat zij meer verdienen naarmate de testomzet stijgt.

Dat de vrijgevestigde microbiologen – inclusief die van Microvida – per test cashen, riep verbazing op bij buitenstaanders. Want dat is niet hoe het systeem sinds 2015 werkt. Voordien betaalden ziekenhuizen de vrijgevestigde specialisten wel per verrichting. Die methodiek leverde echter een perverse prikkel op: die stimuleerde artsen om veel medische handelingen te verrichten. Hierdoor werd de zorg te duur.

Sinds 2015 geldt daarom een ander stelsel voor verzekerde zorg, waarbij geen een-op-een relatie meer bestaat tussen verrichting en honorarium. Een chirurg die meer operaties uitvoert dan gepland, krijgt niet per se meer betaald. Elk ziekenhuis krijgt een maximumbedrag (een zogeheten plafond) per zorgverzekeraar, en moet het daarmee doen.

De corona-labtesten staan echter buiten dit systeem. Ze vallen niet onder de verzekerde zorg, maar worden betaald uit het zogeheten OGZ-budget (Openbare Gezondheidszorg). De ziekenhuizen factureren de labtesten bij de GGD, en de GGD krijgt ze weer vergoed door VWS. Vervolgens betalen de ziekenhuizen de artsen uit, en zijn daarbij niet gebonden aan een plafond of wettelijke grenzen.

En daar gaat het mis, erkende de NVMM zelf in haar brief: het honorarium van vrijgevestigde artsen kan namelijk wél een-op-een worden gekoppeld aan de testomzet uit het OGZ-budget. En dankzij corona is die omzet extreem toegenomen. Zo kan het gebeuren dat geld uit het publieke OGZ-budget tot overwinsten bij de vrijgevestigde artsen leidt.

Lees verder Inklappen

Dat staat haaks op wat Bram Diederen, Kluytmans collega in de maatschap en de (voormalige) baas van Microvida, daarover in september tegen FTM zei. Overleg met de ziekenhuizen was volgens Diederen niet nodig, want ‘op dit moment is er geen sprake van onevenredigheid’ van het honorarium. 

‘Geen persoonlijke financiële belangen’

Toch stelt Kluytmans in zijn verklaring geen persoonlijke financiële belangen te hebben bij zijn adviezen over testen. Ook stelt hij dat zijn collega’s in de maatschap – die ook commercieel en operationeel leiding geven aan het lab – geen baat hebben bij zijn advisering.

Kluytmans meldt niet dat hij sinds het voorjaar verdient aan reguliere coronatesten (PCR-testen), verricht door Microvida. Hij ontkent desgevraagd dat er een directe relatie is tussen zijn adviezen over het testbeleid en het financiële voordeel dat Microvida behaalt met PCR-testen. (Wat een individueel lid bij het OMT inbrengt, is niet te achterhalen – de adviezen zijn altijd uit naam van het gehele OMT.)

Ten aanzien van de nieuwe sneltesten roept de belangenverklaring meer vragen op. Zoals hierboven uiteengezet, heeft Kluytmans positief geadviseerd over de inzet van de technologie. Hij was als OMT-lid persoonlijk betrokken bij de goedkeuring van een van de vijf sneltesten die thans in gebruik zijn, wat tot zijn persmoment met minister De Jonge leidde.

Minder openbaar is dat Kluytmans advies over sneltesten impact heeft op zijn eigen lab.

Sneltesten bij Microvida

Microvida is sinds kort ook betrokken bij de analyse en verwerking van de testen die de GGD Hart voor Brabant afneemt. Zo is er in samenwerking met Microvida in Tilburg een groot popup-lab gecreëerd voor ruim 1600 sneltesten per dag, dat half december van start gaat. Op vier locaties kan deze GGD dan bij elkaar 6800 sneltesten per dag uitvoeren. Ook de GGD West-Brabant werkt hiervoor alleen met Microvida samen. In januari loopt het aantal sneltesten daar op tot boven de 5000, zo laat een woordvoerder weten. Opgeteld kan het laboratorium derhalve straks bijna 12.000 sneltesten per dag analyseren.

Daarvoor ontvangt Microvida een vergoeding, zo bevestigt Kluytmans. Hoeveel dat precies is weet de arts niet, wel dat het tarief dat het lab ontvangt ‘substantieel lager’ is dan de vergoeding voor PCR-testen. Maar kostprijs van een sneltest is ook veel lager, en de testvolumes zijn veel hoger. Daarom zegt het lagere tarief weinig over de winstgevendheid en de beloning van betrokken artsen. VWS zegt nog te studeren op de hoogte van de vergoeding.

Dossier

Dossier: Coronacrisis

De maatregelen om de verspreiding van het coronavirus in te dammen zijn ongekend; de uitwerking ervan nog grotendeels onbekend. Welke oplossingen dienen welke belangen?

Volg dit dossier

Er is kortom een direct verband tussen het positieve advies van Kluytmans in het OMT en de business van Microvida. Sterker nog, de maatschap profiteert volgens de microbioloog van de sneltesten. En hijzelf dus ook.

Maar dat verband wil de microbioloog niet onder ogen zien.

‘Ik wil niet buitensporig verdienen’

Kluytmans laat weten dat hij het ‘persoonlijke besluit’ heeft genomen dat hij niet ‘buitensporig’ wil verdienen aan de pandemie. Wat hij inlevert, hangt af van de ‘lopende besprekingen’ tussen de maatschap en het ziekenhuis over matiging van zijn inkomen. ‘Mochten de besprekingen niet tot een voor mij acceptabel resultaat komen, dan zullen voor mij persoonlijk de inkomsten vanuit de maatschap in 2019 maatgevend zijn voor die van 2020. Als deze in 2020 hoger uitvallen zal ik het boventallige aan de openbare gezondheidszorg ten goede laten komen. Ik ben daarover al in gesprek met mijn accountant en heb concreet de opdracht verstrekt om dit uit te werken maar zoals u zult begrijpen is dit nog niet uitgekristalliseerd.’

Dat is charmant, maar waarom heeft hij zijn belangen niet genoemd?

Het mag dan bekend zijn dat Kluytmans voor Microvida werkt, het was niet algemeen bekend dat vrijgevestigde artsen-microbiologen zoveel verdienen aan de pandemie

‘Omdat dit niet relevant is in relatie tot mijn rol binnen het OMT,’ antwoordt hij. Bovendien voert hij aan dat zijn betrokkenheid bij Microvida en zijn status als vrijgevestigd specialist algemeen bekend is. ‘Dit was de situatie op het moment dat ik het verzoek kreeg om tot het OMT toe te treden en deze is niet veranderd.’ [Zie het gehele wederhoor onderaan dit artikel.]

Het mag dan bekend zijn dat Kluytmans voor Microvida werkt, het was niet algemeen bekend dat vrijgevestigde artsen-microbiologen zoveel verdienen aan de pandemie. Zelfs binnen de medische wereld was dat tot voor kort een goed bewaard geheim. Dat kreeg pas ruchtbaarheid toen FTM op 11 september onthulde dat de PCR-testen voor een kleine groep artsen een goudmijn vormen. Dat ook de sneltesten doorwerken in het inkomen van de artsen van Microvida is pas nu helder, na de toelichting van Kluytmans. Waarom deze verdiensten ‘niet relevant’ zijn voor zijn rol binnen het OMT wil hij niet verder toelichten.

Ook collega’s profiteren

De aanstaande directeur van Microvida is opnieuw een directe collega van Kluytmans in de maatschap: Anton Buiting, verbonden aan het Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis. Hij is tevens de voorzitter van de VMML: de Vereniging Medisch Microbiologische Laboratoria, een belangenbehartiger. De leden zijn ziekenhuislabs zoals Microvida, waarvan een groot deel nu test op corona. Buiting zat in de maanden september en oktober als VMML-voorzitter in de Landelijke Coördinatiestructuur Testcapaciteit (LCT) van VWS, dat beslist over uitbreiding van die capaciteit. 

Kortom, de adviezen van Kluytmans kunnen direct van invloed zijn op de belangen die zijn collega Buiting vertegenwoordigt als voorzitter van de belangenvereniging. Ook zijn andere collega’s in de maatschap profiteren van de sneltesten. Op de vraag of zijn maten baat kunnen hebben bij zijn advies, antwoordt Kluytmans echter ontkennend in zijn belangenverklaring.

RIVM stempelt belangenverklaring af

Kluytmans belangenverklaring is niettemin goedgekeurd door de secretaris van het OMT annex het hoofd Landelijke Coördinatie Infectieziektebestrijding (CIb) van het RIVM, Aura Timen. Volgens het RIVM vindt een beperkte toetsing plaats. ‘Dat wil zeggen dat gekeken wordt of in ieder geval de functies/werkzaamheden die bekend zijn bij het RIVM-CIb duidelijk vermeld staan.’ Ook gaat de secretaris na of de vermelde functies of andere belangen conflicteren met onderwerpen waarover geadviseerd moet worden, ‘in die zin dat de onafhankelijkheid van een OMT-advies gecompromitteerd zou kunnen worden. In dat laatste geval wordt aangetekend dat een lid niet, of op onderdelen niet, deel kan nemen aan het overleg’.

Het RIVM had kunnen weten dat Kluytmans een financieel belang heeft bij de coronatesten. Het is, zoals hij zelf opmerkt, geen geheim dat hij voor het commerciële Microvida werkt. En sinds de publicatie van FTM in september is het geen geheim meer dat de artsen-microbioloog profiteren van het massale testen. Op 12 oktober keurde het RIVM de onvolledige belangenverklaring goed.

De stelling dat het OMT nooit heeft geadviseerd over gebruik van specifieke testen is in strijd met hetgeen het RIVM hierover nota bene zelf meldt

Het RIVM stelt dat er niets mis is met de verklaring. ‘Het OMT adviseert niet over hoeveel testen op enig moment door welk laboratorium zullen worden uitgevoerd. De keuzes en besluiten daarover worden elders genomen. Wellicht ten overvloede: het OMT heeft ook nooit geadviseerd over gebruik van specifieke testen [..]. De inbreng van ervaren medisch-microbiologen in het OMT is van cruciaal belang voor de bestrijding van de corona-epidemie. De onafhankelijkheid van de OMT-advisering is nooit in het geding geweest.’

De stelling dat het OMT nooit heeft geadviseerd over gebruik van specifieke testen is in strijd met hetgeen het RIVM hierover nota bene zelf meldt. In de Status validatie SARS-CoV-2 antigeen sneltesten staat op pagina 16: ‘In Nederland heeft het OMT [..] beoordeeld dat de Panbio COVID-19-Ag rapid test (Abbott), de SARS-CoV-2 Rapid Antigen Test (Roche), BD Veritor COVID test (Becton Dickinson), Sofia SARS Antigen FIA (Quidel) en Standard F-Covid-19 Ag (SD Biosensor) gebruikt kunnen worden bij mensen met klachten in teststraten.’ Daarnaast heeft het OMT in meer algemene zin meermaals geadviseerd over de bruikbaarheid van sneltesten.

VWS ontkent het bestaan van een belangenconflict niet, maar ziet geen probleem. ‘De stem van prof dr. Kluytmans is er maar één van de vele naar welke wordt geluisterd,’ stelt een woordvoerder. ‘Steeds wordt getracht de beste keuze te maken door vele experts te betrekken en wordt er maar zelden of nooit op één advies geleund. Prof dr. Kluytmans is een gerenommeerd medisch microbioloog.’

De dubbele pet van OMT-lid Ann Vossen

Bij de NVMM worden de belangen van de artsen-microbioloog vertegenwoordigd door Ann Vossen. Zij volgde Jan Kluytmans op als NVMM-voorzitter. Nu zitten ze samen in het OMT, waarin Vossen lange tijd medeverantwoordelijk was voor het opschalen van de testcapaciteit.

Ook Vossen heeft een dubbele pet. Als voorzitter van de NVMM heeft ze zich hard gemaakt voor het weren van concurrenten met schaalgrootte op de testmarkt, zo berichtte Follow the Money eerder. Vooral de grote ‘testfabrieken’ uit Duitsland moesten buiten de markt worden gehouden, omdat die een existentiële bedreiging vormen voor de kleinere, duurdere ziekenhuislabs. Binnen de NVMM was dit al jaren een speerpunt van de goed georganiseerde lobby. De uitspraken van Vossen op dit terrein laten weinig te raden over (zie kader).

De strijd tegen de ‘testfabrieken’

Ann Vossen vond het belangrijk dat haar achterban – de ziekenhuislabs dus – controle houden over de teststroom. ‘In een land als Duitsland konden ze al sneller veel testen, doordat ze daar vooral gebruik maken van maar een paar grote laboratoria,’ zei ze eind mei tegen de NOS. ‘Wij gaan liever voor de kwaliteit die onze 50 afzonderlijke labs kunnen leveren. We willen in Nederland geen testfabrieken.’

Een paar dagen later schreef Vossen een e-mail, die in handen van NRC Handelsblad belandde. ‘In andere landen zijn veel kleinere labs al gefuseerd tot grote anonieme testfabrieken,’ citeert die krant. ‘Corona mag geen excuus zijn om dat in Nederland ook te gaan doen. We blijven ervoor strijden dat ook dan de medisch microbiologische labs in de lead blijven.’

Met andere woorden: liever de ‘kwaliteit’ van de kleine Nederlandse diagnostiek bewaken, dan snel veel testen – zelfs wanneer dat een testtekort veroorzaakt tijdens een pandemie. Zelfs collega-bestuurder Thijs Tersmette van de NVMM ging het wat ver dat Vossen als lid van het OMT zei dat ze buitenlandse labs wil weren: ‘Daar valt ze uit haar rol,’ zei hij tegen FTM. Later noemde Vossen haar uitspraak ‘onhandig’.

Op 3 september bracht televisieprogramma Nieuwsuur de strijd in beeld. In de uitzending noemde Vossen het gerechtvaardigd dat ze zich in juli verzette tegen een dreigende centralisering van de verdeling van testen: ‘Het kan geen kwaad [de ziekenhuislabs, red.] een steuntje in de rug te geven [..] want dat is nu even noodzakelijk in deze situatie.’

Lees verder Inklappen

Het verzet tegen de grote concurrenten had effect.

In de zomer werden geen nieuwe labs aangesloten op het systeem, ondanks aandringen van de speciaal coronagezant van het kabinet, Feike Sijbesma. Het OMT had VWS ervan overtuigd dat opschaling niet nodig was. Zo gingen we de herfst in met de beperkte testcapaciteit van de ziekenhuislabs, terwijl VWS wist dat de capaciteit tekort zou schieten gezien de prognose van het RIVM, zo bleek uit interne stukken die FTM in handen kreeg.

En toen ging het gruwelijk mis.

Minister De Jonge heeft zich afhankelijk gemaakt van een kleine groep artsen die juist geen belang hebben bij het contracteren van grote concurrenten

Vanaf eind augustus ontstond een ernstig testtekort. Mensen moesten dagen wachten op een afspraak bij de GGD en nog eens dagen op de uitslag. Het leidde tot grote en maatschappelijke onrust.

En tot de vraag of het wenselijk is om artsen als Vossen, die de economische belangen van de ziekenhuislabs vertegenwoordigt, een leidende rol te geven bij het opschalen van de testcapaciteit. Minister De Jonge heeft zich afhankelijk gemaakt van een kleine groep artsen die juist geen belang hebben bij het contracteren van grote concurrenten.

Klein wereldje

Op de vraag of Kluytmans op dit punt op dezelfde lijn zat als Vossen, antwoordt hij slechts dat het OMT zich hier ‘bij mijn weten’ nooit over gebogen heeft. Vossen was als voorzitter van de zogeheten Taskforce Moleculaire Diagnostiek evenwel een conservatieve stem binnen het OMT wat betreft de testcapaciteit. Dat erkende ze eerder ook tegenover FTM: ‘Ik heb – vanuit mijn vakinhoudelijke rol – mogelijk wél gezegd: ik weet niet of we dit [meer capaciteit, red.] nodig hebben.’

Het wereldje dat ons testbeleid bepaalt, is klein: Kluytmans adviseert met Vossen, zijn opvolger bij de NVMM, over dat beleid. Naast Vossen zit Jean-Luc Murk in het bestuur van de NVMM, en hij is weer een directe collega van Kluytmans in de maatschap die zich verhuurt aan Microvida, dat binnenkort onder leiding staat van een andere collega in de maatschap: Anton Buiting. Deze arts is weer voorzitter van de belangenvereniging van ziekenhuislabs (VMML) en was in die functie vertenwoordigd in het orgaan van VWS dat beslist over uitbreiding van de testcapaciteit.

Een duizelingwekkende kluwen van belangen.

Wederhoor Jan Kluytmans

‘De sterke toename van de diagnostiek binnen de openbare gezondheidszorg is een van vele onvermoede effecten van de pandemie. Er is, zoals u terecht, opmerkt sprake van een sterke toename van de productie met het daaraan gekoppelde honorarium. De maatschap waar ik bij aangesloten ben beraadt zich hoe hier op een uitlegbare, proportionele en maatschappelijk verantwoorde manier mee kan worden omgegaan. Hierbij worden ook de aandeelhouders van Microvida betrokken, die ook met sterk toegenomen inkomsten worden geconfronteerd. De besprekingen zijn nog gaande waardoor ik u niet kan berichten over de uitkomst.

Vooruitlopend op de gesprekken heb ik al enige tijd geleden het persoonlijke besluit genomen dat ik niet buitensporig wil verdienen aan de effecten van de pandemie. Mochten de lopende besprekingen niet tot een voor mij acceptabel resultaat komen dan zullen voor mij persoonlijk de inkomsten vanuit de maatschap in 2019 maatgevend zijn voor die van 2020. Als deze in 2020 hoger uitvallen zal ik het boventallige aan de openbare gezondheidszorg ten goede laten komen. Ik ben daarover al in gesprek met mijn accountant en heb concreet de opdracht verstrekt om dit uit te werken maar zoals u zult begrijpen is dit nog niet uitgekristalliseerd.’

1. In uw belangenverklaring staat dat u werkzaam bent voor het Amphia Ziekenhuis en Elisabeth Tweesteden Ziekenhuis. Waarom heeft u in uw belangenverklaring niet aangegeven dat u ook werkzaam bent voor Microvida?

‘Mijn contractuele relatie als vrijgevestigd specialist is met de genoemde ziekenhuizen. Microvida is een recent verzelfstandigde laboratorium organisatie waarvan vier ziekenhuizen aandeelhouder zijn, waaronder de twee waar ik aan verbonden ben. De diagnostische werkzaamheden worden binnen Microvida uitgevoerd. Het is vanuit mijn relatie met de ziekenhuizen, vanzelfsprekend dat ik betrokken ben bij de diagnostiek binnen Microvida. Dit is ook algemeen bekend, evenals mijn status als vrijgevestigd specialist. Dit was de situatie op het moment dat ik het verzoek kreeg om tot het OMT toe te treden en deze is niet veranderd.’

2. Welke adviezen die u in OMT gaf, hebben een relatie met uw werkzaamheden voor Microvida?

‘Geen.’

3. Covid-diagnostiek is voor Microvida een belangrijke bron van omzet. Als arts in de maatschap ontvangt u een deel van de omzet uit deze diagnostiek als inkomen. Dat heeft Bram Diederen eerder bevestigd tegenover FTM. Waarom blijken deze inkomsten niet uit uw belangenverklaring?

‘Zie antwoord vraag 1.’

4. Acht u het gerechtvaardigd dat vrijgevestigde artsen zoals uzelf extra verdienen aan de pandemie, terwijl u al gecompenseerd wordt voor de teruggevallen productie van andere diagnostiek?

‘Ik weet niet of dit zo is, mijn eigen afweging hierover staat in het eerste deel van deze mail.’

5. U heeft zich intensief bemoeid met sneltesten, en daarover positief geadviseerd. Microvida gaat op grote schaal sneltesten analyseren en verwerken voor de GGD West-Brabant en de GGD Hart van Brabant, en ontvangt daarvoor een vergoeding. Waarom blijkt dit niet uit uw belangenverklaring?

‘Omdat dit niet relevant is in relatie tot mijn rol binnen het OMT, zie ook antwoord op vraag 1.’

6. Verdient de maatschap ook aan de sneltesten? Zo ja, hoeveel? Zo nee, waarom niet?

‘Ja, deze zijn inmiddels onderdeel van het diagnostisch arsenaal zoals ook PCR, serologie en andere regulier toegepaste technieken. Overigens is het tarief voor de sneltest substantieel lager dan voor de PCR die hierdoor vervangen wordt.’

7. U gaf in uw belangenverklaring aan dat uw collega’s geen baat hebben bij uw advies. Microvida heeft evident baat bij uw positieve advies omtrent sneltesten gezien de zakelijke betrokkenheid van het lab bij sneltesten. Waarom heeft u er desondanks voor gekozen om dit buiten beschouwing te laten?

‘Voor mijn collega’s gelden dezelfde overwegingen. Overigens is het beleid ten aanzien van diagnostiek in Nederland niet anders dan in de ons omringende landen.’

8. Anton Buiting wordt directeur van Microvida. Hij is zoals u weet ook voorzitter van de VMML, en als zodanig vertegenwoordigd in het LCDK. Hij en zijn achterban kunnen baat hebben bij uw advies. Hoe blijft u onafhankelijk in deze constellatie?

‘Ik zie de relatie niet. Overigens is Anton Buiting bij mijn weten niet vertegenwoordigd geweest in het LCDK.’

9. Heeft u tijdens overleg in het OMT wel eens aangegeven dat u geen advies kan geven vanwege uw functies? Zo ja, om welk onderwerp ging dat? Zo nee, waarom niet? 

‘Dit is nooit aan de orde geweest.’

10. U zit met Ann Vossen in het OMT. Zij heeft zich sterk gekant tegen de komst van concurrentie (‘testfabrieken’). Vervolgens ontstond na de zomer een groot tekort aan testen. Heeft u binnen het OMT dezelfde lijn gevolgd als Vossen? Zo ja, waarom? Zo nee, waarom niet?

‘Het OMT heeft zich hier bij mijn weten nooit over gebogen.’

11. Gaat u uw belangenverklaring aanpassen?

‘Ja, dat is wel de verwachting. Ik ben namelijk gevraagd door VWS om de werkgroep “thuistesten” voor te zitten en zodra deze opdracht geformaliseerd is zal ik mijn belangenverklaring aanpassen. Deze werkgroep heeft als doel om het mogelijk te maken dat mensen zichzelf kunnen testen zonder tussenkomst van een laboratorium. Wellicht kan ik hiermee aan u duidelijk maken dat ik mij primair in wil zetten om deze pandemie te bestrijden en niet om mijn persoonlijke belangen te bevorderen.’

12. Is uw positie binnen het OMT houdbaar?

‘Naar mijn mening wel, maar dat laat ik graag aan anderen ter beoordeling.’

Lees verder Inklappen