UPDATE: Kooistra dieper in problemen

Heineken kondigde het al aan en woensdagochtend is het geschied: nog twee Amsterdamse Kooistrakroegen zijn ontruimd. FTM onderzocht het Kooistra-imperium.

Via een kort geding probeerde de horecabaas ontruiming te voorkomen, maar de rechter gaf Sjoerd Kooistra daarin dinsdag ongelijk. Voor de cafés April in de Reguliersdwarsstraat en het grote Three Sisters/NY Steakhouse op het Rembrandtplein is Kooistra volgens de rechter nog 1 miljoen euro aan Heineken schuldig.

 

Heineken ging daarom woensdagochtend tot ontruiming over. Eerder sloten Exit en Dante al de deuren, zodat nu in vier grote Amsterdamse zaken voorlopig geen druppel bier meer uit de tap komt.

 

Enschede

En dan wordt in Enschede ook nog de executieverkoop van de hele inventaris van Kooistra's lokale Drie Gezusters voorbereid. Volgende week vrijdag gaan de barkrukken en tafels onder de hamer. Daar lijkt Kooistra in conflict met Grolsch.

 

Kooistra maakt zich zoals altijd nergens druk om en wil van geen geldproblemen weten. De claims van Heineken noemde hij eerder tegenover FTM al 'het grootste gelul dat er is', de ontruimde kroegen ten spijt.

 

Claims

Het lijkt er vervelend uit te zien voor Kooistra. En het is allemaal nog veel erger, zo blijkt uit onderzoek van FTM. Lees het deze week in Nieuwe Revu en hieronder op FTM.nl: de miljoenenclaims groeien Kooistra boven het hoofd. Is 's lands grootste kroegbaas blut?

 

Update: De val van een horecatycoon.


Kooistra deed er nogal luchtig over, toen de rechter eind maart bepaalde dat hij Heineken zo'n 2 miljoen euro schuldig was aan achterstallige pacht van enkele cafés in Amsterdam. “Krijgen ze nog geld van me? Dan maak ik dat vandaag nog over.”

Anderhalve maand later is nog maar een klein deel van het verschuldigde bedrag bij Heineken binnen, terwijl de rechter de horecamagnaat opdroeg binnen twee weken te betalen. De bierbrouwer gooide daarom zijn café Exit in de Reguliersdwarsstraat op slot en doet bij het naastgelegen April een dezer dagen hetzelfde. Ook café Dante, aan het Spui, is dicht. Het nabijgelegen Grand Café Luxembourg blijft voorlopig open.

Voortdurend is Kooistra de afgelopen jaren in conflict geweest met bierbrouwers en pachters, die het gevoel hebben dat ze door de Groninger belazerd worden. Maar volgens Kooistra staat zijn ruzie met Heineken volledig op zichzelf. In een ingewikkelde constructie huurt Heineken 31 panden van Kooistra's moederbedrijf Plassania, waarbij tussen Heineken en de pachter van elke zaak weer een BV staat die de pacht namens Heineken int. Dat is steeds Kropa Exploitatie of Gouden Kooi. Het probleem: sinds eind 2009 maken deze bedrijven de geïnde pacht niet meer aan Heineken over. In totaal zegt Heineken 7 miljoen van Kooistra te krijgen, om de overige cafés dreigen nieuwe rechtszaken.

“Wie dat bedrag uiteindelijk betaalt maakt ons niet uit. Kropa, Plassania: wat ons betreft hoort het allemaal bij het Kooistra-concern, we willen gewoon ons geld”, zegt Heineken-woordvoerder Hans-Sjouke Koopal. Op zijn beurt beweert Kooistra nog geld van Heineken tegoed te hebben. Het zou gaan om zo'n 4 miljoen euro, omdat door toedoen van Heineken een groot cafépand in het centrum van Groningen anderhalf jaar leeg heeft gestaan en de brouwer bovendien door een boekhoudkundig foutje nog huur zou moeten betalen voor Groningse panden over twee periodes in 2005 en 2007. Volgens Heineken is dat onzin.

'Ze snappen het niet'

Vanaf zijn ziekbed op Ibiza – hij werd vorige week bij een beroving in zijn buik gestoken en lag enkele dagen op de intensive care – zegt een opmerkelijk monter klinkende Kooistra niets met Kropa en Gouden Kooi van doen te hebben. Dat deze bedrijven het geld niet meer aan Heineken betalen, is daarom het probleem van Heineken, aldus Kooistra. De enige relatie die hij in de betreffende cafés met de brouwer heeft, is die van verhuurder (Kooistra) en huurder (Heineken).

“Heineken wil mij partij maken in die zaak, maar dat is het grootste gelul dat er is. Ik ben geen eigenaar van die bedrijven, geen directeur, niks. Ze zijn bij Heineken gewoon verward, omdat er te veel mensen aan dat dossier werken. Ze snappen het niet meer. Ze kunnen nu blijkbaar de pacht niet innen, maar daar heb ik niets mee te maken.” De steekpartij op het vakantie-eiland heeft hem niet minder strijdbaar gemaakt. Waarom de twee bedrijfjes de pacht ineens niet meer afstaan, zegt Kooistra niet te weten.

Toch is de link tussen Kooistra en Gouden Kooi gemakkelijk gelegd. De vennootschap is door Kooistra zelf in 1999 opgericht, hij was bestuurder tot 2005. Enig aandeelhouder is tegenwoordig Grietje van der Veen, naar verluidt een nichtje van hem. En wie neemt bij de Groningse vestiging van Kooistra's Plassania de telefoon op terwijl ze zich voorstelt als zijn secretaresse? Grietje van der Veen. Waarom de pacht niet aan Heineken wordt afgedragen, wil ook zij niet zeggen. “Die zaken lopen allemaal nog.” Wel bevestigt ze aandeelhouder van Gouden Kooi te zijn.

De BV Kropa dan: die wordt geleid door Kooistra's boekhouder Henk Wustenveld. Het pand in Lelystad waar Kropa geregistreerd staat – kennelijk het woonadres van Wustenveld – is eigendom van Kooistra. Dus ook hier is de link met de opperbaas niet ver weg.

En inderdaad concludeerde de rechter in het laatste door Heineken aangespannen kort geding, dat bij drie kroegen ook de verhouding tussen de twee pacht innende bedrijven en Heineken 'uiteindelijk het werk van de verweerder' was – Kooistra dus. Voor het verschuldigde bedrag is Kooistra daarom hoofdelijk aansprakelijk. Bij twee andere zaken, Dante en Three Sisters op het Amsterdamse Rembrandtplein, was volgens de rechter meer onderzoek nodig om ze tot het Kooistra-imperium te kunnen rekenen.


Zelf legt Kooistra het liever anders uit. “Heineken heeft al drie keer een kort geding verloren waarbij ze mij partij wilden maken bij hun problemen om de huur te innen. Twee keer bliezen ze een kort geding op het laatste moment af, omdat ze weten dat ze toch niet kunnen winnen. Ik zal het nog een keer zeggen: ik ben daar geen partij in.”

Niet van weelde


Maar Heineken staat niet alleen. De afgelopen tijd meldden zich meer partijen die geld van de ondernemer tegoed zeggen te hebben. In januari nam de politie de kas in beslag van twee cafés van Kooistra in de Regulierdwarsstraat, omdat een oud-medewerker nog recht had op 30.000 euro aan salaris. Eind april stapte koffieleverancier Smit & Dorlas naar de rechter, omdat Plassania zou weigeren een bedrag van 400.000 euro te betalen voor geleverde koffie. Ook met die kwestie heeft Kooistra naar eigen zeggen niets te maken. “Wij hebben alleen een contract met dat bedrijf voor de reclame die ze mogen maken in onze zaken. Pachters bepalen zelf welke koffie ze schenken.”


Enigszins overmoedig gaat Smit & Dorlas eind mei bij de rechter niet alleen proberen het geld te krijgen, maar vraagt hun advocaat ook meteen het faillissement van miljoenenbedrijf Plassania aan. Kooistra: “Ze doen maar. Als ze dat willen dan zal ik even met een bankgarantie zwaaien. Bovendien kunnen ze helemaal geen faillissement aanvragen, want de rechter heeft nog nooit vastgesteld dat ze geld van me krijgen. Het is een dom verhaal, het slaat helemaal nergens op. Ik heb ook nog geen dagvaarding gezien.”

En nu dient zich een nieuwe schuldeiser aan: de Belgische bierbrouwer InBev. “Er zijn de laatste tijd een paar problemen gerezen”, zegt InBev-advocaat Fred Stiekema. “Kooistra loopt enkele maanden achter met het betalen van de huurpenningen van een aantal kroegen.” InBev wil daarom van Kooistra af. Volgens Stiekema gaat het om een klein tiental kroegen, verspreid over heel Nederland. Het verschuldigde bedrag, dat inmiddels enkele tonnen bedraagt, wil Kooistra verrekenen met geld dat hij nog van InBev tegoed heeft, maar dat accepteert de brouwer niet. InBev begint daarom een procedure om het contract met Kooistra te laten ontbinden en de cafés te laten ontruimen. Dat Kooistra niet betaalt is volgens Stiekema 'niet van weelde'.


Kooistra bevestigt dat hij de huur voor de kroegen al een tijdje niet meer aan InBev overmaakt. De brouwer moet volgens hem eerst over de brug komen met een vergoeding voor schade die ze hebben aangericht aan een pand van Kooistra in de Groningse Poelestraat, de voormalige Dance Club 29. “Dat pand is ontruimd, en InBev is verantwoordelijk voor de gigantische schade die ze hebben achtergelaten. Daarover zijn we nog in gesprek. Zo lang dat niet is opgelost blokkeer ik het bedrag dat ze van mij krijgen, dat zou iedereen toch doen?”

Financiële problemen

Heineken, Smit & Dorlas en nu weer InBev: de vraag werpt zich op of Kooistra in financiële problemen zit. Het is immers crisis, en daar heeft de horeca de afgelopen tijd zwaar onder geleden. En Kooistra is niet alleen een verhuurder van kroegen – waarbij huurders als Heineken het risico dragen van een tegenvallende bieromzet – in een belangrijk deel van de cafés is zijn opbrengst direct afhankelijk van de omzet die de pachter draait en aan een Kooistra-gerelateerde BV afstaat.

Een blik in de boeken bevestigt het vermoeden dat zijn imperium in zwaar weer verkeert. Kooistra's centrale bedrijf Plassania blijkt al jaren een negatief resultaat te noteren van enkele miljoenen. In 2008 ging het bedrijf voor 5,3 miljoen euro in de rode cijfers. Vermoedelijk was dat verlies in het crisisjaar 2009 eerder groter dan kleiner (die cijfers zijn nog niet bekend). Grootste boosdoener is de rente die Kooistra moet betalen over de forse schuld van het bedrijf van meer dan 120 miljoen euro. De verliezen van het moederbedrijf worden gecamoufleerd door 'buitengewone baten' in de vorm van de verkoop van panden of geschuif met geld in de wirwar van de meer dan dertig Kooistra-BV's.

En hoewel Kooistra sinds vorig jaar Gouden Kooi gebruikt om pacht te innen namens Heineken blijkt die BV eind 2009 juist leeggehaald. Andere tot het imperium te rekenen ondernemingen, zoals Kropa, blijken nogal eens papieren tijgers. Aan het einde van elk boekjaar blijven daar maar weinig middelen op de balans over. Zo noteerde Gouden Plein eind 2008 maar iets meer dan 300.000 euro aan middelen. Daar stond tegelijk een schuld van ruim 460.000 euro tegenover. In Gouden Plein heeft Kooistra sinds een paar jaar een groot aantal Amsterdamse kroegen in die vennootschap is ondergebracht, evenals 49 werknemers. Hoeveel geld nog in de veelheid aan ondergeschikte BV's zit is nauwelijks te controleren. Maar het is niet waarschijnlijk dat Kooistra juist in die vennootschappen zijn kapitaal heeft ondergebracht.

Wat zijn positie ook niet helpt, is dat Kooistra dit jaar nóg twee forse schadeclaims boven het hoofd hangen. De rechter doet later deze maand uitspraak in een bodemprocedure die de Brabantse ondernemer Jos Migchelbrink heeft aangespannen rond de verkoop van discotheek De Danssalon in Eindhoven. Volgens Migchelbrink kocht Kooistra enkele jaren geleden het pand van hem voor 1,2 miljoen euro, maar heeft hij maar 440.000 euro ontvangen. Migchelbrink eist daarom meer dan 2 miljoen euro aan gederfde inkomsten. In een tussenvonnis stelde de rechter hem in het gelijk.

Daarnaast is in Groningen het in 2005 uitgesproken faillissement van de cafés aan de zuidzijde van de Grote Markt, waaronder de bekende Drie Gezusters en Groote Griet, nog niet afgehandeld. Pikant: dit zijn de cafés waar het voor Kooistra decennia geleden allemaal begon. Curator Leen Hooites eist via de rechter 1 miljoen euro, omdat Kooistra in 1999 een winstgarantie zou hebben afgegeven aan de nieuwe pachter van de zaken. “Zonder die winstgarantie was de pachter er nooit in gestapt. Kooistra zou eventuele verliezen aanzuiveren via Plassania, maar dat is niet gebeurd”, aldus Hooites.

Stille reserves

Kooistra maakt zich ondertussen nergens druk over. Met de hem kenmerkende Groningse bluf riep hij in maart dat de onderzoekers van de Quote 500 nog voorzichtig waren, als ze zijn vermogen op 130 miljoen euro schatten. Voor een faillissement hoeft de magnaat ook niet meteen te vrezen, ondanks de kennelijk tegenvallende bedrijfsresultaten. Alleen al de 31 panden die hij aan Heineken verhuurt zijn zo'n 100 miljoen euro waard en Kooistra bezit in totaal meer dan zeventig panden door het hele land. Zijn schuldenlast wordt bijna volledig gedekt door Heineken, dat garant staat voor 60 miljoen euro en voor tientallen miljoenen hypotheken aan Kooistra heeft verstrekt.

Door de crisis hebben zijn kroegen wel 'een stukje omzetdaling' gehad, zo geeft Kooistra toe. “Maar bij meerdere kroegen is het nu zo geregeld als met Heineken. Dan voelt de huurder het, maar hoeft Plassania niet direct te lijden onder lagere omzetten.” Kooistra's belangrijkste kapitaal zijn de vele 'stille reserves': eigen panden die voor weinig of niets op de balans staan, maar inmiddels vaak meer dan een miljoen euro waard zijn. “Kijk bijvoorbeeld naar het Febo-pand aan de Grote Markt in Groningen. Dat heb ik ooit voor 100.000 gulden gekocht en staat nu voor minder dan 17.000 euro op de balans. Dat pand is inmiddels 1,8 miljoen waard.”

Die stevige positie neemt niet weg dat Kooistra veel moeite moet doen om met de huur en pacht die hij uit de horecazaken haalt de rente over zijn schulden te betalen, laat staan zijn schulden af te lossen. Anderen in zijn positie zouden zich daarom vermoedelijk grote zorgen maken over het escalerende conflict met Heineken. Het is immers de zakenpartner die garant staat voor een groot deel van zijn schulden en veel geld heeft verstrekt in de vorm van hypotheken. Bovendien is het zijn belangrijkste bierleverancier. Zo niet Kooistra. Heineken zal niet van hem af willen, zegt hij stellig. “Heineken wilde voor die kroegen een contractuele binding tot 2021. Die hebben ze gekregen. Ik blijf gewoon zaken met ze doen.” Op 1 april, een dag na de uitspraak in het laatste door Heineken aangespannen kort geding, liet Kooistra zijn advocaat Oscar Hammerstein een brief aan Heineken sturen. Daarin schrijft hij dat Heineken best het contract voor de huur van de 31 panden mag opzeggen, als ze dat graag willen. Tot vandaag heeft hij geen reactie ontvangen.

Het is wat: een crisis die de inkomsten drukt, conflicten over bier en koffie en nog wat miljoenenclaims daar bovenop. Maar dat het tegenzit zul je Kooistra niet horen zeggen. “Ze doen maar. Ik word er niet zenuwachtig van. Het is allemaal gelul.”