© ANP / Bart Maat

De Facultatieve

Ons prijswinnende dossier over de afgetreden VVD-voorzitter. Lees meer

Voormalig VVD-partijvoorzitter Henry Keizer werd in 2012 voor een schijntje mede-eigenaar van een florerend miljoenenbedrijf. Met drie partners nam hij de aandelen over van de Koninklijke Vereniging voor Facultatieve Crematie, waaraan hij zelf als ‘gecommitteerd adviseur’ verbonden was. Ook andere VVD-prominenten, onder wie Loek Hermans, speelden een bedenkelijke rol bij deze transactie, waarmee de vereniging en haar leden voor tientallen miljoenen euro werden benadeeld.

Het spitwerk van FTM leidde tot Keizers vertrek als partijvoorzitter. In mei 2018 deed de FIOD onder leiding van het OM invallen bij de Facultatieve en vier betrokkenen. Bij Keizer persoonlijk werd voor 20 miljoen beslag gelegd. 

Keizer overleed op 5 oktober 2019. Hij werd 58 jaar. Met ingang van 7 oktober draagt dit dossier daarom niet langer zijn naam meer, maar heet het ‘De Facultatieve’.

43 Artikelen

Lakeman schoot uit de heup en trof geen doel in tuchtklacht tegen accountant

De ‘summierlijk’ onderbouwde tuchtklacht van Pieter Lakeman tegen EY-accountant Marcel de Kimpe werd door de Accountantskamer afgewezen. Experts noemen een hoger beroep ‘kansloos’.

Nogal ‘summier’ onderbouwd was de tuchtklacht die Pieter Lakeman tegen de voormalige accountant van de Koninklijke Vereniging voor Facultatieve Crematie had ingediend. Dat stelde Michiel Werkhoven, de voorzitter van de Accountantskamer, al op 22 september bij aanvang van de zitting in de rechtbank in Zwolle. Werkhoven had Lakeman uitdrukkelijk gewaarschuwd dat hij zijn klacht niet ter zitting kon uitbreiden, maar hij liet Lakeman niettemin zijn volledige spreektijd gebruiken voor een verwoede poging om zijn klacht tegen EY-accountant Marcel de Kimpe van meer inhoud te voorzien. Tevergeefs.

Vorige week maandag publiceerde de Accountantskamer haar uitspraak. Daarin werd het aanvullende verhaal van de SOBI-voorman van tafel geveegd. Dat wil zeggen: er werd geen enkele zin uit het twaalf pagina’s tellende pleidooi meegenomen in de beoordeling. De Accountantskamer achtte de ‘aanvulling van de klacht ontoelaatbaar’. Lakeman had eerder de kans gehad om zijn ‘niet met feiten onderbouwde’ tuchtklacht aan te vullen, maar had daar geen gebruik van gemaakt. Opmerkelijk was dat de Accountantskamer in de uitspraak optekende dat de verwijten die de bedrijfsaanklager in zijn pleitnota naar voren bracht ‘overigens als klacht moet worden opgevat’.

Accountant Marcel de Kimpe van Big Four-accountantskantoor EY was ten tijde van de verkoop van het crematieconcern B.V. Beheermaatschappij ‘de Facultatieve’ de controlerend accountant van de eigenaar van dat miljoenenbedrijf: de Koninklijke Vereniging voor Facultatieve Crematie. Op 20 december 2012 kwam het winstgevende bedrijf met een omzet van 106 miljoen euro voor een investering van 30 duizend euro en een lening van 470 duizend euro in handen van Henry Keizer en zijn drie zakenpartners De Bruijn, De Meyer en Pickard. De Koninklijke Vereniging werd bij die transactie ernstig benadeeld, zo oordeelde ook Lakeman. En accountant De Kimpe — die ook nog eens de jaarrekening van het nieuwe bedrijf van Keizer c.s. tekende — had het allemaal goedgekeurd.

Op 10 mei 2017 diende Lakeman zijn klacht in. De Kimpe had volgens Lakeman als controlerend accountant 'onware verklaringen in de jaarrekening 2012 van B.V. Beheermaatschappij de Facultatieve en de jaarrekening 2012 van De Facultatieve Groep B.V. afgelegd en daarmee ernstige financiële benadeling van de Koninklijke vereniging voor Facultatieve Crematie minder zichtbaar gemaakt’. Ook had De Kimpe het nagelaten om de bewuste aandelentransactie aan de Financial Intelligence Unit (FIU) te melden. De verwijten werden in slechts enkele alinea's onderbouwd.

Tijdens de zitting tapte Lakeman dus uit een ander vaatje. Hij ging vooral in op de waarderingsrapporten die door drie ‘onafhankelijke’ adviseurs waren opgesteld en die hadden gediend voor de bepaling van de verkoopprijs van het crematieconcern. Lakeman, die woorden als ‘oplichting’ niet schuwde, haakte daarmee in op het schriftelijke verweer van De Kimpe: de EY-accountant had daarin gesteld dat op basis van die rapporten de partijen ‘goed geïnformeerd’ waren en er een ‘zorgvuldige besluitvormingsprocedure’ had plaatsgevonden.

Deze verwijten werden pas ter zitting naar voren gebracht, waardoor accountant De Kimpe niet in staat was om zich daarop ‘voor te bereiden en zijn verdediging daarop in te richten’, aldus de Accountantskamer. Wat resteerde, was de door de Accountantskamer als ‘summier’ omschreven klacht die Lakeman op 10 mei had ingediend. Het oordeel:  ‘De Accountantskamer is van oordeel dat betrokkene de door klaagster summierlijk aangedragen feiten en omstandigheden op steekhoudende wijze heeft weerlegd, welke weerlegging klaagster niet althans onvoldoende heeft weersproken.’

Lakeman liet onmiddellijk na de publicatie van de uitspraak weten dat hij in beroep zou gaan. Meerdere kenners van de inhoud van de tuchtklacht en de werking van de Accountantskamer omschrijven die poging tegenover FTM evenwel als ‘kansloos’.

Eric Smit
Eric Smit
Mede-oprichter van FTM. Als voormalig professioneel squasher gewend om klappen te incasseren en uit te delen.
Gevolgd door 6859 leden
Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
Annuleren