De leden van het Europees Parlement stemmen herhaaldelijk voor meer transparantie en aansprakelijkheid van de GEA.

Samen met journalisten uit heel Europa controleren we de macht in Brussel. Lees meer

Steeds meer ingrijpende besluiten worden op Europees niveau genomen. Maar zolang burgers niet weten wat er gaande is in Brussel, kunnen politici er verborgen agenda’s op nahouden en hebben lobbyisten vrij spel. Om hier verandering in te brengen lanceert Follow the Money ‘Bureau Brussel’. Drie EU-specialisten controleren in samenwerking met collega’s uit heel Europa structureel de macht.

85 artikelen

De leden van het Europees Parlement stemmen herhaaldelijk voor meer transparantie en aansprakelijkheid van de GEA. © European Parliament

Europarlementariërs willen meer transparantie over onkostenvergoedingen, maar doen daar zelf amper aan mee

1 Connectie

Organisaties

Europees Parlement
13 Bijdragen

Leden van het Europees Parlement krijgen een maandelijkse vergoeding van 4778 euro voor hun kantoorkosten. Controle op de besteding daarvan is er niet. Wel kunnen Europarlementariërs sinds 2019 op de website van het Parlement verklaren dat ze dit belastinggeld rechtmatig hebben besteed. Nog geen 4 procent van de 705 leden blijkt dat te hebben gedaan.

0:00

Maandelijks ontvangen leden van het Europees Parlement 4778 euro voor hun kantoorkosten. Deze algemene onkostenvergoeding (general expenditure allowance, GEA) ontvangen ze bovenop hun salaris, reiskostenvergoeding en een vergoeding voor verblijfkosten (zoals hotels en maaltijden).

Volgens de website van het Parlement kunnen Europarlementariërs de algemene onkostenvergoeding gebruiken voor uitgaven als ‘de huur van een kantoorruimte en administratiekosten, telefoon- en abonnementskosten, vertegenwoordigingsactiviteiten, computers en telefoons, of de organisatie van conferenties en tentoonstellingen’.

Maar zou iemand dat geld gebruiken om er een nieuwe auto van te kopen of op vakantie van te gaan, dan kraait daar geen haan naar. Er is nauwelijks toezicht op hoe parlementsleden hun algemene onkostenvergoeding besteden. Ze hoeven geen bonnetjes te bewaren en de ambtenarij van het Parlement verricht geen audits.

Op 7 april ging een meerderheid van het Parlement akkoord met de raming van de ontvangsten en uitgaven van volgend jaar. De post GEA zal flink groeien: van 39,6 miljoen euro dit jaar naar 43,1 miljoen euro in 2023.

Roep om meer transparantie

Europarlementariërs hebben zelf vaker gevraagd om meer transparantie en verantwoording over hoe zij het GEA-geld besteden. Dat zou dan geregeld moeten worden door het ‘Bureau’, een groep Europarlementariërs die verantwoordelijk is voor allerlei interne zaken.

In de ramingsresolutie van april deden Europarlementariërs opnieuw zo’n verzoek aan het Bureau. Een ruime meerderheid (337 stemmen voor, 119 stemmen tegen en 38 onthoudingen) vroeg het Bureau ‘de nodige besluiten te nemen om de transparantie en de verantwoordingsplicht [van de GEA] te vergroten’.

Maar een belangrijke maatregel die Europarlementariërs zelf al kunnen nemen om die doelen na te leven, wordt nu nauwelijks gebruikt. Dat blijkt uit onderzoek van Follow the Money.

Sinds het begin van dit parlementaire mandaat, na de verkiezingen van mei 2019, kunnen Europarlementariërs op de website van het Parlement publiekelijk verklaren dat ze hun maandelijkse onkostenvergoeding netjes besteden. Die verklaring (of audit) kunnen ze bij het Parlement inleveren. Die wordt vervolgens op hun persoonlijke profielpagina op de website van het Parlement gepubliceerd.

Vlak voor de stemming van 7 april heeft Follow the Money met behulp van een scraper vastgesteld welke profielpagina’s zo’n verklaring over de GEA bevatten. Slechts 26 van de 705 Europarlementariërs hadden er een ingeleverd.

Slechts één EP-lid dat voor meer transparantie stemde, is zelf transparant

Van de 337 Europarlementariërs die op 7 april voor meer transparantie en verantwoording stemden, was er maar één die zo’n verklaring had gepubliceerd: de Deen Morten Petersen, lid van de liberale Renew Europe fractie. Naast Petersen had één ander lid van Renew Europe die verklaring ingediend: Karen Melchior, eveneens Deens.

De meeste Europarlementariërs die een verklaring hebben ingediend, zijn lid van de Groene fractie. Hoewel die voorstander is van meer transparantie, stemde ze tegen de resolutie. Dat was omdat ze vond dat de geraamde uitgaven te hoog waren.

Maar zelfs binnen de Groene fractie zijn de leden die een verklaring publiceerden in de minderheid: 24 leden deden het wel, 47 niet. Een woordvoerder van de Groenen kan niet verklaren waarom de meerderheid het niet deed. Er is ook geen duidelijke nationale scheidslijn te bekennen: zeven Europarlementariërs van de Duitse Groenen dienden een verklaring in, veertien anderen van dezelfde partij niet. Bij de Deense en Franse groene partijen speelt eenzelfde willekeur.

Van de andere politieke fracties – de Europese Volkspartij (EVP), de Progressieve Alliantie van Socialisten en Democraten (S&D), Identiteit en Democratie (ID), de Europese Conservatieven en Hervormers (ECH), en de Linkse Fractie in het Europees Parlement – had tot begin april niemand gebruik gemaakt van de optie een verklaring in te dienen, terwijl dat al sinds halverwege 2019 mogelijk was.

Groene fractie is het meest transparant over haar GEA-uitgaven

Nadat Follow the Money de uitkomsten voorlegde aan de fracties, is er één Europarlementariër bijgekomen: ook de Finse Silvia Modig van de Linkse Fractie heeft nu een verklaring ingediend. Zij bracht het totaal op 27 van de 705.

Van de 29 Nederlanders in het Europees Parlement hebben alleen de drie leden van GroenLinks een verklaring laten publiceren op de EP-website. Anja Hazekamp (Partij voor de Dieren) laat weten dat ze bezig is dit te doen, maar dat de pandemie het verificatiewerk van haar accountant heeft vertraagd. Verschillende partijen, zoals D66 en ChristenUnie, publiceren op hun eigen website een verklaring over de onkostenvergoeding.

Reacties

‘Uiteindelijk is het een individueel besluit, niet een fractiebesluit, aangezien het vergoedingen zijn voor individuele leden,’ zegt een woordvoerder van de EVP, de grootste fractie.

‘ECH Europarlementariërs voldoen volledig aan de huidige regels,’ zegt een woordvoerder van de conservatieve groep. ‘Desalniettemin steunen ze meer transparantie en verantwoordingsplicht.’

Sommige Europarlementariërs van de Groenen en de Linkse fractie gebruiken hun persoonlijke websites of partijwebsite, in plaats van de officiële site van het Parlement. De Groenen hebben zelf als beleid dat leden een overzicht van hun bestedingen moeten publiceren indien iemand ze daar naar vraagt. Maar de fractie verplicht hen niet om de website van het Parlement daarvoor te gebruiken.

´Het staat Europarlementariërs vrij om al dan niet een verklaring af te leggen, en ze kunnen de informatie op andere manieren openbaar maken als ze daartoe besluiten,’ zegt een woordvoerder van het Europees Parlement.

Een woordvoerder van de Linkse Fractie (39 leden) ontdekte na vragen van Follow the Money ‘dat veel leden niet op de hoogte waren van de mogelijkheid om een vrijwillige audit te uploaden naar hun profiel op de Parlementswebsite’. Volgens hem hebben diverse delegaties gezegd dat nu wel te zullen doen. De woordvoerder wees er ook op dat veel Europarlementariërs nieuw verkozen waren.

Toch zijn alle nieuwe parlementsleden in hun ‘welkomstpakket’ geïnformeerd over de mogelijkheid een audit of verklaring over de onkostenvergoeding te uploaden. En inmiddels zijn we alweer over de helft van de huidige parlementaire termijn.

Bovendien hebben Europarlementariërs meermaals gevraagd om herinnerd te worden aan de mogelijkheid een audit te publiceren. Op 14 mei 2020 verklaarde een meerderheid van de Europarlementariërs in een resolutie tevreden te zijn dat ze nu een verklaring konden publiceren. Ze riepen het Parlement daarbij op om ‘communicatie met de leden over deze mogelijkheid en de manier waarop deze in de praktijk kan worden gebruikt, te verbeteren’. Een jaar later nam het Parlement een resolutie aan waarin het ‘de diensten van het Parlement [verzoekt] de leden jaarlijks aan die mogelijkheid te herinneren’.

Onduidelijk is waarom Europarlementariërs wel de administratie van het Parlement kunnen vragen hen een herinnering te sturen over de optie een verklaring in te dienen, maar die optie zelf vervolgens vrij massaal links laten liggen.

Een woordvoerder van het Europees Parlement zegt dat het niet mogelijk is een overzicht te geven hoe vaak het Parlement de Europarlementariërs heeft herinnerd aan de mogelijkheid een verklaring over de GEA in te dienen. Ze voegde eraan toe dat het secretariaat van het Parlement de Europarlementariërs ‘op een dagelijkse basis bilateraal en informeel adviseert over ethiek en transparantiezaken’.

Aparte bankrekening maar geen bonnetjes

Strengere eisen omtrent de besteding van de onkostenvergoeding zal van het Bureau moeten komen. Dat bestaat uit de voorzitter van het Europees Parlement en de veertien vicevoorzitters.

In 2018 besloot het Bureau dat Europarlementariërs voortaan een aparte bankrekening moesten hebben om hun onkostenvergoeding op te ontvangen – ze mochten niet meer de rekening gebruiken waarop hun salaris wordt gestort. Dat was op verzoek van een meerderheid van het Parlement. De volksvertegenwoordigers wilden verder dat bonnetjes voortaan bewaard moesten worden, en dat GEA-geld dat aan het einde van de termijn niet besteed is, terug zou gaan naar het Parlement. Het Bureau negeerde die laatste twee wensen.

Een intern document van 5 april 2022 dat Follow the Money kon inzien, toont aan dat het Bureau een werkgroep heeft ingesteld om het besluit uit 2018 te evalueren. Die evaluatie moet uiterlijk in november klaar zijn en zal gepaard gaan ‘met aanbevelingen en/of voorstellen waar toepasselijk’.

Het is de vraag hoe revolutionair die aanbevelingen zullen zijn. Het interne stuk bevat een mandaat dat behoorlijk restrictief geïnterpreteerd kan worden: ‘Elke voorgestelde wijziging van de huidige regels moet voorkomen dat er onnodige administratieve lasten ontstaan voor de leden, hun bureaus en de diensten van het Parlement.’