Let op: sparen kost geld

    In navolging van buitenlandse banken overweegt nu ook de Rabobank een negatieve spaarrente in te voeren. Hoe zit dat? De omgekeerde wereld of logisch gevolg van de ECB rentepolitiek?

    De Rabobank overweegt om als eerste grote Nederlandse bank een negatieve spaarrente te introduceren voor consumenten. Een unieke situatie, waarvoor de bank haar ICT-systemen in gereedheid moet brengen, omdat er nooit eerder rekening is gehouden met negatieve rentes voor spaarders. Voor bedrijven die kortstondig geld willen parkeren, bestaat de negatieve rente overigens al wat langer.

    Meerdere redenen

    Wat houdt een negatieve spaarrente eigenlijk in? Dat betekent dat u de bank betaalt om uw geld bij de bank op een spaarrekening te mogen zetten. Voor consumenten een unieke situatie. Is dat niet de omgekeerde wereld? De bank gebruikt uw inleg toch als basis om rentedragende kredieten uit te zetten, waar de bank ook al aan verdient? Als u moet betalen om geld bij de bank te plaatsen dan eet de bank toch van twee walletjes? En door het langdurig lage rentebeleid van de ECB zaten spaarders en gepensioneerden toch al in de hoek waar de klappen vallen. Waarom dan daar bovenop nog eens een negatieve rente rekenen?
    Sparen kost u straks geld: de omgekeerde wereld
    Daar zijn meerdere redenen voor. Allereerst speelt het rentebeleid van de Europese Centrale Bank (ECB) een rol. De banken lenen bij de ECB tegen een tarief van 0,05 procent en de ECB heeft gezegd de rente de komende jaren niet te zullen verhogen. Dit betekent, dat banken spotgoedkoop geld kunnen lenen bij de Centrale Bank van Europa, waardoor ze veel minder afhankelijk zijn van het aantrekken van spaargeld van consumenten, waarover een hogere rente moet worden betaald. Recent verlaagden de meeste banken hun spaarrente naar 1 procent, dat is nog altijd veel meer dan ze bij de ECB moeten betalen.

    Basel III

    Hiernaast speelt nog een ander element een rol. In het kader van Basel III zullen banken in de toekomst hogere eigen kapitaal buffers dienen aan te houden. De geijkte manier om die buffers te verhogen is natuurlijk winstinhouding: hoe hoger de winst van de banken, des te meer kunnen zij toevoegen aan hun Eigen Vermogen. Minister Dijsselbloem gaf dat gisteren ook grif toe in het parlement. De meeste grote banken zijn (deels) beursgenoteerd en zouden ook nieuwe aandelen kunnen uitgeven om hun vermogen te versterken, maar dat vinden hun aandeelhouders niet zo leuk, omdat dan hun winst per aandeel daalt en dus hun rendement op geïnvesteerd vermogen. Vanuit bancair aandeelhoudersperspectief is het dus begrijpelijk dat men de buffers via winstinhouding wil verhogen in plaats van door extra aandelenuitgifte. Dan is er ook nog de - niet onomstreden - Quantitative Easing (QE) van de ECB. Maandelijks wil de ECB voor zestig miljard euro aan staatspapier en bedrijfsobligaties opkopen van banken en beleggers in de hoop dat deze de vrijgekomen liquiditeitsruimte benutten voor extra kredieten aan burgers en bedrijven in de eurozone. Het is helemaal niet zeker dat de banken dit ook zullen doen. Uit hoofde van de eerder genoemde winstmaximalisatie ligt het eerder in de rede dat de banken hun liquiditeiten zullen aanwenden in meer lucratieve markten, zoals bijvoorbeeld beursgenoteerde aandelen. Het geld komt dan niet in de reële economie terecht, maar komt dan terecht in financial assets, met alle risico's van nieuwe zeepbellen van dien. Ook daarvoor waarschuwde minister Dijsselbloem.
    Een ander bezwaar is dat de ECB een 'bad bank' wordt
    Een ander bezwaar tegen dat ECB opkoopprogramma is dat slechte leningen van zwakke landen worden opgekocht die dan op de balans van de ECB terecht komen en uiteindelijk op het bordje van de Europese belastingbetaler. Gisteren nog werd bekend dat Italië maar liefst dertig procent van het TLTRO (Targeted Long Term Refinancing Operation) programma van de ECB had opgenomen.

    Inflatie

    Officieel luidt de rationalisatie van de ECB om een dergelijk omvangrijk opkoopprogramma te lanceren, dat zij dit doet om de inflatiedoelstelling van de bank [twee procent of dicht daarbij in de buurt, red.] te kunnen halen. De inflatie in de eurozone ligt daar momenteel (ruim) onder met minus 0,3 procent. Op het eerste gezicht lijkt die negatieve inflatie dus het ECB-beleid te rechtvaardigen. Maar daar valt wel het nodige op af te dingen.
    Zelfs de bank der centrale banken acht de vrees voor deflatie overdreven
    Als zelfs de denktank van de bank der centrale banken, de BIS (Bank for International Settlements), oordeelt dat de angst voor deflatie schromelijk wordt overdreven en dat het overheersende beeld dat een daling van het algemene prijspeil niet klopt, zeker als daar langdurig sprake van is en een economie onvermijdelijk op hoge kosten jaagt. De BIS voegde er nog aan toe dat er óók weinig bewijs is voor de aanname dat schulden onbetaalbaar worden door deflatie. Met andere woorden: die QE van de ECB is er niet om de inflatie aan te jagen, maar dient klaarblijkelijk een ander doel, bijvoorbeeld het versterken van de balansen van de Europese banken. Verreweg de meeste economen geloven niet dat QE een bijdrage levert aan meer geld voor het mkb of anderszins in de echte economie terecht komt. Wel dat QE bellen blaast op de internationale aandelenbeurzen.

    Pensioenen

    Voor onze pensioenbeleggers is het ECB rentebeleid vanzelfsprekend zeer ongunstig. Zij moeten rendement maken, maar dat wordt hen schier onmogelijk gemaakt. En aandelen en met name obligaties zijn al behoorlijk hoog geprijsd, dus de kans dat daar rendement op wordt gemaakt door de pensioenbeleggers is beperkt. En voor de spaarders geldt hetzelfde: de vergoeding die zij ontvangen op hun geld is historisch laag en mogelijk binnenkort dus zelfs negatief, als het aan de Rabobank ligt.
    De gevolgen van het ECB rentebeleid laten zich raden
    De gevolgen hiervan laten zich raden. Als mensen moeten betalen om hun spaargeld op de bank te mogen zetten dan is de kans groot dat ze het van de bank afhalen en thuis opbergen in een schoenendoos. Nul rente is nog altijd meer dan een negatieve rente. Een andere mogelijkheid is dat mensen hun overtollige middelen gaan investeren. Maar waarin? De meeste particulieren hebben weinig verstand van beleggen, zij zullen ongetwijfeld weer te laat en in de 'verkeerde' fondsen instappen op de beurs, zo vrezen professionals. Of men gaat beleggen in vastgoed, waarvan ook niet zeker is dat dit een veilig rendement oplevert. Veel marktkenners verwachten daarom dat er door de particuliere sector te hoge risico's genomen zullen worden.
    Hoe zou de wereld in 2010 op deze voornemens hebben gereageerd?
    Hoe zouden de financiële wereld en financiële media hebben gereageerd als maatregelen als een negatieve spaarrente in 2010 zouden zijn aangekondigd? Iedereen zou met de vinger naar het voorhoofd hebben gewezen. Maar vijf jaar later zijn de geesten stapje voor stapje rijp gemaakt voor een proces waarvan het einde nog niet in zicht is. 'De spaarder moet bloeden voor de schuldenberg' is dan ook een veel gehoorde kreet in de markt.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Jean Wanningen

    Gevolgd door 229 leden

    Jean Wanningen (Weert, 1957) is een veelkleurige persoonlijkheid. Ging na ‘verkeerde’ studies bij een gerenommeerde investmen...

    Volg Jean Wanningen
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren