Libië en Amerika onderzoeken oliebedrijven

2 Connecties

Relaties

Libie

Werkvelden

Olie
0 Bijdragen

Verschillende oliebedrijven worden onderzocht vanwege vermeende corruptie in de tijden van het regime Khadaffi.

De autoriteiten in Amerika en Libië gaan onderzoek doen naar de relaties die oliegiganten als Eni SpA (Italië) en Total (Frankrijk) hadden met het gevallen regime van Khadaffi. De sancties die daaruit voortvloeien kunnen eventueel de ambitie van de oliebedrijven om uit te breiden in het gebied in de weg zitten.

Het Openbaar Ministerie (OM) van Libië is “Libische en buitenlandse exploitanten” aan het onderzoeken voor mogelijke “financiële ongeregeldheden ”, aldus de plaatsvervangend hoofdaanklager Abdelmajeed Saad.

NOC
In een brief die door The Wall Street Journal is ingezien, staat dat het Libische OM heeft gevraagd aan de hoofdaccountant van Libya National Oil Company (NOC) om documenten te overhandigen. In de brief worden olietransacties genoemd die tussen NOC en internationale handelaren Vitol Group en Glencore International hebben plaatsgevonden.

Eni
Ook Eni SpA staat onder controle. De Securities and Exchange Commission (SEC) doet onderzoek naar de Libische activiteiten van het Italiaanse oliebedrijf tussen 2008, toen Eni nieuwe contracten aanging, en 2011, het jaar dat de Libische dictator Khadaffi viel. De Amerikaanse financiële waakhond kijkt of er toen sprake is geweest van “illegale betalingen aan Libische functionarissen die mogelijk een Amerikaanse corruptiewet overtreden.”

Het afgelopen jaar, toen er een burgeroorlog in het Noord-Afrikaanse land ontwaakte, lag bijna de gehele productie van ruwe olie stil, waardoor er tekorten ontstonden op de oliemarkten. Inmiddels draaien de meeste oliebedrijven weer op normale kracht.

Eni haalde 15% van de totale inkomsten uit Libië totdat de burgeroorlog begon. In een verklaring zegt de Italiaanse firma dat het dit jaar weer op het niveau komt van voor het gewapende conflict, maar met een aanklacht van corruptie in de boeken is dat niet helemaal meer zeker.

Olieminister
Dan nog iets
. Na de dood van Khadaffi kreeg Libië in november een interim-regering waarbij Abdulrahman Ben Yezza werd aangesteld als de olieminister. Ben Yezza was eerder ooit de voorzitter van de joint-venture Eni Oil Co, een samenwerking tussen Eni en NOC. Ook was Ben Yezza consultant bij Eni en in 2005 heeft hij het oliebedrijf geholpen om aan boorcontracten te komen. Een schrijnend geval, maar geen aanleiding voor de corruptieaanklachten van de SEC.

De SEC, Eni en Glencore weigerden om commentaar te geven op vragen over het onderzoek. Total en Vitol waren niet beschikbaar voor commentaar.

De hoofdaanklager, meneer Saad, zegt dat als wordt aangetoond dat er onjuist is gehandeld “de boete minstens twee keer zo hoog zal zijn als de hoeveelheid geld” die de Libische regering eraan heeft verloren. De sancties zullen ook “effect hebben op toekomstige contracten.”

R