Een nieuw samenwerkingsverband van ngo’s moet een impuls geven aan de lobby voor strengere lobbyregels. Woensdag was er meteen de presentatie van een eerste onderzoek naar het besluitvormingsproces rond het bestrijdingsmiddel glyfosaat. De roep om meer transparantie in de Haagse lobby wordt met deze nieuwe coalitie een stuk luider, maar ook eenzijdiger.

    Het wil maar niet vlotten met de aanpak van de ondoorzichtige lobby in Nederland. Vorige maand kwam er weer eens kritiek uit Europa. De anti-corruptiecommissie van de Raad van Europa (GRECO) is niet te spreken over de Nederlandse voortgang op het gebied van lobbyregels die hier al praktisch non-existent zijn. Volgens GRECO ontbreekt het bij ons nog altijd aan regels voor Kamerleden in de omgang met lobbyisten.

    Zoals wel vaker, reageert het kabinet lauwtjes op de kritiek: er zijn al algemene integriteitregels, zo is de boodschap. Desondanks vindt het Europese adviesorgaan extra regels rond de omgang met lobbyisten zinvol. De kabinetsreactie toont duidelijk de passieve houding van de regering in het aanhoudende debat over meer lobbytransparantie.

    Zoals wel vaker, reageert het kabinet lauwtjes op de kritiek

    Onlangs reageerde het kabinet namelijk ook al terughoudend op het initiatiefvoorstel Lobby in daglicht, een plan van PvdA-Kamerleden Bouwmeester en Oosenbrug voor meer inzicht in het wetgevingstraject. Na bijna een jaar kwam het eindelijk met een reactie, maar daarin gaf het kabinet slechts aan dat heel veel al goed ging; de kabinetsbrief bevatte nauwelijks noemenswaardige veranderingen. Mochten die er al komen, dan zal het nog langer duren voordat we dat van het kabinet vernemen. Verantwoordelijk minister Plasterk verwees in de brief namelijk herhaaldelijk naar een ander aangekondigd stuk voor een verdere reactie op de voorstellen van de twee PvdA’ers. Die kabinetsnotitie is eveneens vertraagd.

    Weinig druk

    Het kabinet laat zich bepaald niet opjagen door de roep voor meer transparantie. Voor een deel is die stroeve houding te wijten aan de verdeeldheid binnen het kabinet op dit thema. Een aantal ministers, zoals Jeroen Dijsselbloem, is wel bereid tot meer openheid. Daar tegenover staan ministers als Henk Kamp, die weinig heil zien in meer lobbytransparantie. Zoekend naar een eenduidige reactie, wint in de regel de status quo.

    Een andere verklaring is dat er weinig druk op het kabinet wordt gezet om iets te veranderen. Veel maatschappelijke partijen vinden meer transparantie wel belangrijk. Zelfs lobbyisten staan ervoor open. Toch is er, los van het PvdA-initiatief, weinig enthousiasme te bespeuren voor concrete maatregelen op dit vlak. Want het mag dan wel een belangrijk thema zijn, iedereen heeft iets te verliezen. Buiten de Tweede Kamer is er nauwelijks structurele aandacht voor het gebrekkige inzicht in politieke beïnvloeding. Naast incidentele berichtgeving in de media over lobbyschandalen, zet alleen Transparency International Nederland zich continu in voor meer lobbytransparantie. Die inzet blijkt te weinig om Den Haag in beweging te krijgen.

    Roep wordt luider

    Het nieuwe Lobbywatch NL moet daar nu verandering in brengen. Het samenwerkingsverband van verschillende ngo’s werd donderdag in het Haagse perscentrum Nieuwspoort gelanceerd. Transnational Institute, Foodwatch, Stichting Onderzoek Multinationale Ondernemingen (SOMO), Transparency International Nederland en Milieudefensie gaan zich gezamenlijk sterk maken voor strengere lobbyregels. Ook Greenpeace en Meer Democratie hebben zich aan aangesloten. Voor haar oprichting ontving Lobbywatch een beurs van de Open Society Foundation, de filantropische stichting van miljardair George Soros die initiatieven ondersteunt gericht op het versterken van de democratie. Door de handen ineen te slaan wordt de roep om lobbytransparantie ineens een stuk luider.

    Door de handen ineen te slaan wordt de roep om lobbytransparantie ineens een stuk luider

    Lobbywatch neemt een voorbeeld aan Europese organisaties die zich hard maken voor lobbyregels. Dat heeft een reden. ‘De aangesloten organisaties lid van de Europese koepel die hiermee bezig is, ALTER-EU. Onze Europese partners hebben gezegd: zou het niet goed zijn als er in Nederland meer aandacht voor komt? Die handschoen hebben we nu opgepakt,’ verklaart Niels Jongerius van het Transnational Institute.

    In hun manifest doen de samenwerkende ngo’s zes aanbevelingen die moeten zorgen voor transparante belangenbehartiging en gelijke kansen om gehoord te worden door de politiek en overheid. Het zijn veelal bekende voorstellen: een lobbyparagraaf, openbare agenda’s van bewindslieden, een lobbyregister en een afkoelperiode voor politici en ambtenaren. Het schamele resultaat tot nu toe: de summiere openbaarheid van de agenda’s. Tot slot wil Lobbywatch openheid over de opdrachtgevers van wetenschappelijk onderzoek dat gebruikt wordt voor besluitvorming, en moet er een onafhankelijke autoriteit in het leven worden geroepen die toeziet op al deze regels.

    Houdgreep

    Met een heel eisenpakket in de hand zet Lobbywatch zich in de markt als een belangrijke nieuwe gesprekspartner voor de politiek. Wordt er over lobby gesproken, dan zal Lobbywatch van de partij zijn. Om aan te tonen waarom strengere lobbyregels nodig zijn, presenteerde Lobbywatch gelijk haar eerste onderzoek, naar de lobby rond het bestrijdingsmiddel glyfosaat. Volgens Lobbywatch is de Nederlandse instemming om dit middel toe te blijven staan in Europa ingegeven door de grote chemische concerns en boeren. Over het middel is veel gedoe, onder meer over de vraag of het mogelijk kankerverwekkend zou kunnen zijn.

    De onderzoekers concluderen dat de lobby rond glyfosaat een klassiek voorbeeld is van corporate capture: de overheid laat te veel de oren hangen naar bedrijfssectoren waarin veel geld omgaat, de materie uiterst complex is en de markt wordt bepaald door een handvol partijen. Het belang van de onwetende en niet-betrokken burger sneeuwt dan onder. Bij het besluit om glyfosaat te blijven toestaan is dit volgens Lobbywatch ook het geval. Het Europese beginsel om geen stoffen toe te staan waarbij twijfel bestaat over de schadelijkheid, is in dit geval namelijk aan de kant geschoven. Wat is nu de remedie tegen deze houdgreep van de overheid door het bedrijfsleven? Juist, strengere lobbyregels.


    "Wat is nu de remedie tegen deze houdgreep van de overheid door het bedrijfsleven? Juist, strengere lobbyregels"

    Verwijten vliegen over en weer

    De toehorende lobbyisten schuiven af en toe ongedurig op hun stoeltje in het zaaltje van Nieuwspoort. Zij zien de bui alweer hangen en trekken hun eigen conclusie: het bedrijfsleven heeft het weer gedaan. Nadat de onderzoekers klaar zijn met hun verhaal ontbrandt er een bij vlagen venijnige discussie met de aanwezigen.

    Eerst ontstaat er onenigheid over het onderzoek. ‘Eenzijdig’, aldus een lobbyist op de eerste rij. ‘Jullie kijken wel naar corporate capture, maar hoe zit het met de lobby van de ngo’s? vraagt Hein Greven van lobbykantoor GKSV zich af. De lobbyist van de Duitse chemiereus Bayer die ook op de eerste rij zit wijst op een onjuistheid in het rapport: ‘In het onderzoek staat dat wij glyfosaat maken en op de markt brengen, maar doen wij helemaal niet.’ Ook lobbyprofessor Arco Timmersmans mengt zich in de discussie. Zijn leerstoel aan de Universiteit Leiden wordt betaald door de beroepsvereniging van de lobbyisten, de BVPA, maar wil even benadrukken dat hij ‘volledig neutraal’ heeft geluisterd voordat hij zijn bezwaren uit. Volgens Timmermans is het onderzoek gebaseerd op allerlei aannames en heeft twijfels bij de zorgvuldigheid ervan: ‘Zeg gewoon dat je een agenda hebt.’

    ‘Zeg gewoon dat je een agenda hebt’

    De onderzoekers verweren zich en stellen dat de macht van het bedrijfsleven nu eenmaal veel groter is. Het onderzoek naar de schadelijkheid van glyfosaat wordt teveel gestuurd door het bedrijfsleven. De betrokken bedrijven schermen hun onderzoeken veel te veel af waardoor peer-review onmogelijk is. Veel meer openheid over wetenschappelijk onderzoek die aan de basis ligt van politieke besluiten is dus echt nodig. Een eis waar de lobbyisten zich ook wel in kunnen vinden.

    Onafhankelijkheid

    Tegen die tijd is er een aardige mistdeken opgetrokken doordat het debat in een technische discussie is ontaard. Het leidt af van de vraag hoe transparante lobby eruit moet zien. Eenmaal op dat punt aanbeland, worden er wederom over en weer verwijten gemaakt. De voorzitter van de BVPA, Jaap Jelle Feenstra, vraagt zich hardop af of Lobbywatch wel zo onpartijdig is als het zich presenteert. Wordt er net zo kritisch gekeken naar de lobby van de aangesloten organisaties als naar die van het bedrijfsleven? Het is een vraag waar meerdere aanwezigen mee zitten. Volgens Feenstra is Lobbywatch-lid Greenpeace zeker niet het braafste jongetje in de klas. Hij verwijt de milieuclub onlangs verkeerde informatie te hebben verspreid voor een Kamerdebat.

    Anne Scheltema Beduin, directeur van Transparency International, snapt de vraag wel. De ngo voert al langer campagne voor regels rondom lobby. Nu haar organisatie samenwerkt met andere ngo’s, kan er mogelijk met andere ogen worden gekeken naar haar onafhankelijke positie. Voorafgaand aan de presentatie zegt ze dat dit een discussiepunt is geweest: ‘We hebben hier uitgebreid over gesproken. Onze gedachte is om ngo’s mee te nemen in transparantere lobby. Voor ons is het een voorwaarde om mee te doen dat de anderen hier bewust mee omgaan. De voorstellen van Lobbywatch richten zich nu vooral op de overheid. We proberen daarmee niet alleen naar het bedrijfsleven te wijzen. Juist vanwege dat mogelijke verwijt hebben we ervoor gekozen ons niet te richten op de lobby van grote bedrijven. Het gaat ons om ethisch lobbyen en dat kan door iedereen goed of slecht worden gedaan.’ 

    Feenstra houdt achteraf twijfels over Lobbywatch: ‘Als je al een oordeel wilt uitspreken over lobbypraktijken, dan is het niet zo handig als lobbygroepen daar zelf inzitten. Ik zou dat liever in de handen leggen van een onafhankelijke groep. Nu keurt een slager het vlees van een andere slager.’ Feenstra vindt Transparency International nog het meest neutraal, maar ziet weinig in de coalitie die de organisatie nu gesloten heeft. ‘Ik zou haar graag willen behoeden voor het ondergraven van haar eigen positie.’

    ‘Nu keurt een slager het vlees van een andere slager’

    In de discussie is er niet alleen kritiek op Lobbywatch, ook de BVPA komt aan de beurt. Feenstra wordt fel aangesproken op zijn verhaal dat de beroepsvereniging de zaakjes prima op orde heeft. Volgens hem werkt de eigen klachtenregeling prima, en het feit dat er slechts één keer een klacht is behandeld, toont aan dat er geen misstanden zijn onder de leden. Onzin, reageert Scheltema Beduin. Er wordt wel degelijk over elkaar geklaagd, alleen hebben lobbyisten er totaal geen belang bij om officiële klachten in te dienen bij de beroepsvereniging.


    Anne Scheltema Beduin, Transparency International

    "We richten ons niet op de lobby van grote bedrijven. Het gaat ons om ethisch lobbyen en dat kan door iedereen goed of slecht worden gedaan"

    Lachende derde

    De komst van Lobbywatch zet de verhoudingen in het debat over de lobby op scherp. Het is een debat waarin tot nu toe veel partijen het eens zijn over de wenselijkheid van transparantie, maar dat niettemin tot bitter weinig leidt. PvdA-Kamerlid Lea Bouwmeester is dan ook blij met de komst van Lobbywatch. ‘Ik merk al langer dat iedereen voor transparantie is, maar als het erop aankomt ligt het allemaal heel anders. Het schiet zo niet heel erg op. Blijkbaar is er toch een vuist nodig, want anders verandert er niks. Lobbywatch springt in een gat. Het is jammer dat het nodig is, maar goed dat ze het doen.’

    Lobbywatch brengt leven in de brouwerij. Toch kun je je afvragen of dat tot meer resultaten leidt. Het gevaar van een strijd tussen de nobele ngo’s en het boze bedrijfsleven ligt op de loer. Een idee waaraan de meeste lobbyisten een broertje dood hebben, niet alleen die van het bedrijfsleven. In dat geval is de politiek namelijk de lachende derde: ze kan de discussie langs zich heen laten gaan, terwijl het juist in de centra van de politieke macht is waar de meeste inspanning geleverd moet worden wil de lobbywereld echt van haar schimmigheid verlost raken.

    Over de auteur

    Pieter van der Lugt

    Gevolgd door 169 leden

    Pieter van der Lugt (1990) studeerde politicologie aan de Radboud Universiteit. Tijdens zijn studie zette hij zijn eerste sta...

    Lees meer

    Volg deze auteur
    Dit artikel zit in het dossier

    De #Lobbycratie

    Gevolgd door 269 leden

    Leven we in een lobbycratie of is lobbyen een wezenlijk element van een gezonde democratie? Zeker is dat de lobbywereld wordt...

    Lees meer

    Volg dossier

    Dit artikel krijg je cadeau van Follow the Money.

    Diepgravende onderzoeksjournalistiek kost tijd en geld. Steun ons en

    word lid