Management fees zijn een 'rip off'

Managers van private equity- en hedgefondsen zijn veel en veel te duur en presteren ondermaats.

Vergelijkend waren onderzoek wijst uit: de meeste fondsmanangers van private equity- en hedgefondsen zijn een absolute 'rip off'. De Britse multimiljonair Terry Smith pakt de benchmark aller benchmarks erbij om zijn punt te onderstrepen: Warren Buffett. 
 
Smith is een goede bekende waar het gaat om de zakenwereld een spiegel voor te houden. Achttien jaar geleden publiceerde hij het boek Accounting for Growth waarin zonder enige terughoudendheid de creatieve accounting-praktijken van grote bekende bedrijven onder de loep nam. Het boek zorgde destijds voor een aardbeving in de accountancywereld. 
 
Exorbitante management fees
Dit keer richt hij zijn pijlen op de verdiensten van fondsmanagers van private equityfondsen waarin ook grote delen van onze pensioenen worden belegd. In de wereld van de private equity is het een standaard gebruik om jaarlijks een beheerfee van 1 tot 2 procent te rekenen en daar boven op nog eens 20 procent van de winsten uit het fonds toe te eigenen. De eerste 'kosten' worden als managementfee voorgesteld, de tweede is de zogenoemde performance fee. Deze tarieven zijn sinds het begin van de jaren negentig, mede dankzij de versnelde opkomst van het venture capital in de Silicon Valley, tot de standaard verheven. Terry Smith legt uit waarom deze winstnemingen van fondsmanagers uitzinnig zijn te noemen en ervoor zorgen dat op de lange termijn maar een persoon werkelijk zijn zakken vult: de fondsmanager.
 
Kings of OPM
Om te beginnen mogen de fondsmanagers gokken met het geld van andere mensen - other peoples money - en kennen ze om die reden niet het risico van de 'downside'. Wel pakken ze 20 procent van de winst als het goed gaat, sowieso zijn ze jaarlijks verzekerd van 2 procent van de totale fondsinleg. Een fonds met een inleg van 500 miljoen euro levert de fondsmanager dus ieder jaar 10 miljoen euro op. Echt rijk worden de managers van de winstdeling. Hoe zeer dat ten koste gaat van de vermogensaanwas van de fondsinvesteerders (als gezegd: veelal pensioenfondsen), toont Smith door de meest succesvolle belegger aller tijden als vergelijkingsmateriaal in te zetten.
 
Superbelegger Warren Buffett wist de laatste 45 jaar gemiddeld 20,46 procent rendement per jaar te behalen. Wanneer iemand bij de oprichting van het Berkshire Hathaway in 1965 1000 dollar geïnvesteerd zou hebben, dan zou deze slimme belegger daar eind 2009  4,8 miljoen dollar aan over hebben gehouden. Als Buffett zich de marges van moderne fondsmanagers had toegeëigend, dan was 4,4 miljoen dollar naar Buffett gegaan en 4 honderdduizend dollar naar de belegger. Op de site van Smith staat een grafiek die deze spread pijnlijk inzichtelijk maakt. 
 
Wat Smith betreft is het dus ook terecht dat er steeds mee aandacht ontstaat op de Total Expense Ratio's (TER) van beleggingsfondsen. Afgelopen zomer onthulde The Daily Telegraph in welke mate fondsmanagers hun handen in de zakken van spaarders en beleggers laten glijden. Uit het onderzoek van de Britse krant bleek dat spaarders en beleggers dankzij de verborgen 'kosten' (lees: winstheffingen) nauwelijks enige kans maken op een fatsoenlijk rendement. De praktijken waarbij de verschillende aanbieders van fondsen (banken en verzekeraars) elkaar kick-backs geven en afspraken maken over de hoogte van fees, worden als een 'gelegaliseerd kartel' omschreven.
 
Ook in Nederland
In Nederland bestaan dezelfde praktijken waar toezichthouders AFM en DNB niet of nauwelijks naar kijken, laat staan ingrijpen. Met name verzekeraars weten zich dankzij hun 'huisfondsen' die in tal van verzekeringsproducten worden gestopt, in extreme mate ten koste verzekerden te verrijken. Een zeer actuele kwestie gezien het grote belang van dit type beleggingsfondsen in pensioenproducten van verzekeraars. De pensioenmarkt wordt door de verzekeraars als de belangrijkste groeimarkt gezien. De premies van ruim 700 duizend Nederlanders verdwijnen al maandelijks in deze fondsen. De verwachting is dat dit aantal snel groter zal worden.
 
Alan Miller, een mede-oprichter van chique Londense vermogenbeheerder  Spencer Churchill Miller Private deed over zijn beroepsgroep in The Daily Telegraph een stellige uitspraak: 'The time is right for exposure of various elements of the industry. It is riddled with blatant self-interest and conflicts of interest that would never be tolerated elsewhere. Investors have become victims as the charges they have to pay have risen and risen while the returns they get have been consistently below par and the actual cost of managing their money has continued to fall'.

Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

Over de auteur

Eric Smit

Gevolgd door 4971 leden

Mede-oprichter van FTM. Als voormalig professioneel squasher gewend om klappen te incasseren en uit te delen.

Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
Annuleren