© Flickr / Jintae Kim

    ’s Werelds beruchtste ISDS-zaak is na zeven jaar beslist: Sigarettenpakjes in Uruguay mogen worden voorzien van indringende waarschuwingen tegen roken. Tabaksproducent Phillip Morris, bekend van onder andere Marlboro, heeft de zaak verloren en moet nu 6,3 miljoen euro schadevergoeding betalen aan de Uruguayaanse staat.

    Tabaksproducent Philip Morris leed de afgelopen week een gevoelige nederlaag in de rechtszaal. Na zeven jaar procederen verloor het bedrijf achter de Marlboro Man een beruchte ISDS-zaak die het had aangespannen tegen de Uruguayaanse staat.

    ‘Landgenoten,’ sprak een dolblije Uruguaanse president Tabaré Vázquez na de uitspraak op de nationale televisie: ‘De claims van tabaksproducenten zijn afgewezen.’ Uruguay heeft gezegevierd in de wereldwijd hevig bekritiseerde ISDS-zaak die was aangespannen door tabaksproducenten.

    De overwinning van Uruguay op de tabakskolos Philip Morris en zijn mede-aanklagers werd door de president een voorbeeld voor de wereld genoemd: ‘Van nu af aan, wanneer tabaksproducenten proberen om via een proces de wet- en regelgeving te versoepelen, vinden zij een precedent op hun weg,’ zei Vázquez.

    Wat is ISDS?

    Het Investor State Dispute Settlement (ISDS) is de naam voor een geschillenbeslechtingmechanisme tussen een land en een bedrijf. ISDS staat beschreven in een speciale clausule die onderdeel is van veel handels- en investeringsverdragen. Landen sluiten die verdragen — CETA en TTIP zijn bekende voorbeelden — met elkaar af. De ISDS-clausule geeft bescherming aan bedrijfsinvesteringen, die in gevaar kunnen komen door nieuwe wet- en regelgeving, onteigening of bevooroordeling. Bedrijven kunnen landen aanklagen maar niet andersom.

    Een voorbeeld: zodra land A besluit tot nieuwe wet- en regelgeving die de investeringen van bedrijf in gevaar brengt, kan het bedrijf een ISDS-zaak starten via de clausule die het vestigingsland van het bedrijf, land B, heeft met land A. Het bedrijf zal in zo’n geval eisen dat land A de geleden schade compenseert.

    Het ISDS-mechanisme werkt meestal met drie arbiters (advocaten, rechters of professoren) die zijn gespecialiseerd in het uiterst gecompliceerde internationale investeringsrecht. Eén wordt aangesteld door de aanklagers, een door de verdedigers en de laatste door beide partijen. De voornaamste kritiek op ISDS heeft betrekking op die manier van rechtspraak: in sommige gevallen spreken de arbiters elkaar achter gesloten deuren in hotelkamers, en beslissen ze zo over miljoenenschade voor landen. Een schimmige business, waarover Follow the Money al eerder berichtte.

    Een ander kritiekpunt is de dreigende werking die uitgaat van een ISDS-zaak. Alleen al het dreigen met zo’n rechtszaak zou — volgens onderzoekers — hebben geleid tot het uitstellen (regulatory freeze) of versimpelen (regulatory chill) van nieuwe wet- en regelgeving.

    Follow the Money bericht veelvuldig over ISDS, zie hier de recente artikelen.

    Lees verder Inklappen

     

    Philip Morris versus Uruguay

    Uruguay (bbp in 2015: 65 miljard euro) werd in 2010 aangeklaagd door sigarettenmultinational Philip Morris vanwege zijn strikte antirookbeleid. Als onderdeel van Libre de Humo de Tabaco-wetgeving stelde Uruguay waarschuwende teksten op 80 procent van sigarettenpakjes verplicht. Afgeleide merken, zoals Marlboro Light en Gold, mochten niet meer worden verkocht. Tabaksreclame op straat of televisie werd vrijwel verboden. Follow the Money berichtte in 2014 ook over de zaak.

    Philip Morris International (jaaromzet in 2015: 67 miljard euro), de tweede tabaksproducent ter wereld en bekend van merken als Marlboro en L&M, vond die wetgeving veel te ver gaan. In 2010 startte het met enkele holdingbedrijven een ISDS-zaak tegen Uruguay, die mogelijk werd gemaakt door de ISDS-clausule in het investeringsverdrag dat Uruguay heeft afgesloten met Zwitserland. In dat land staat het hoofdkantoor van Philip Morris International.

    6,3 miljoen euro schadevergoeding

    De advocaten van Philip Morris gaven Uruguay in 2010 de keus: ‘Het terugtrekken van de gewraakte wetgeving of afzien van het toepassen van de wetgeving tegen onze investeringen, en het verstrekken van een schadevergoeding; Of, een schadevergoeding van ten minste 20 miljoen euro plus de rente en alle proceskosten.’ Uruguay gaf aan hier niet aan te zullen voldoen en de proceskosten te willen verhalen op de aanklagers.

    De proceskosten gaan voor een groot gedeelte — 842.000 euro — naar de arbiters

    De drie arbiters die waren belast met de zaak, kwamen op 8 juli tot een uitspraak. Een van de drie, de Amerikaan Gary Born, was het niet eens met afwijzen van Philip Morris’ claim, maar hij werd overstemd door de andere twee arbiters. Het 216 pagina’s tellende vonnis wijst Philip Morris aan als verliezer. Het bedrijf draait nu zelf op voor de proceskosten à 1,3 miljoen euro en moet aan Uruguay een schadevergoeding betalen van 6,3 miljoen euro. De proceskosten gaan voor een groot gedeelte — 842.000 euro — naar de arbiters.

    Philip Morris International schrijft na de uitspraak in een persbericht: ‘We hebben nooit getwijfeld aan Uruguays autoriteit met betrekking tot het beschermen van de volksgezondheid en deze zaak ging niet over de brede thema’s van het tabaksbeleid. De arbitragezaak behelsde een belangrijke, maar ongebruikelijke, set van feiten die opgehelderd moesten worden in het kader van het internationale recht, opheldering die de partijen nu hebben ontvangen. We danken het tribunaal voor haar beoordeling en we respecteren deze beslissing.’ Het bedrijf wilde niet reageren op vragen van Follow the Money.

    Controverse

    De afgelopen jaren is de ISDS-zaak tussen Uruguay en Philip Morris uitgegroeid tot een controverse. Actiegroepen wereldwijd hebben de zaak aangewend om te wijzen op de macht van multinationals om lastige wetgeving gericht op het verbeteren van de volksgezondheid tegen te houden of te versoepelen.

    De Canadese hoogleraar internationaal recht Gus Van Harten is een veel gehoord ISDS-deskundige. In juni was Van Harten nog in de Tweede Kamer om Kamerleden te informeren over ISDS. Hij is blij dat Uruguay de zaak heeft gewonnen. ‘Al had deze zaak eigenlijk nooit mogen plaatsvinden,’ laat hij weten aan Follow the Money. ‘Deze zaak is een voorbeeld van multinationals met diepe zakken en mega-rijke individuen die legitieme wet- en regelgeving proberen aan de vechten. ISDS zou niet gebruikt moeten kunnen worden om de rechterlijke onafhankelijkheid of de democratische verantwoording mee te neutraliseren.’


    Gus Van Harten

    "Deze zaak is een voorbeeld van multinationals met diepe zakken en mega-rijke individuen die legitieme wet- en regelgeving proberen aan de vechten"

    Van Harten benadrukt nog wel even dat er een dissident was onder het trio arbiters, de eerder genoemde Gary Born. Van Harten: ‘In toekomstige ISDS-zaken kan het standpunt van Born, dat ingaat tegen democratische regelgeving, potentieel wel de overhand krijgen. Dit kan dan enorme financiële gevolgen hebben voor overheidsinitiatieven op het gebied van de volksgezondheid, financiële stabiliteit en klimaatverandering.’

    Regulatory chill bij tabakswetgeving

    Een van de voornaamste critici van ISDS is het in Nederland gevestigde Transtional Institute. Onderzoekster Cecilia Olivet, afkomstig uit Uruguay, is expert op het terrein van arbitragezaken. Ze vindt de uitkomst van vorige week rechtvaardig, maar wil ‘absoluut niet spreken van een overwinning voor Uruguay.’

    ‘Landen als Paraguay, Nieuw-Zeeland en Costa Rica hebben vergelijkbare tabakswetgeving uitgesteld’

    Volgens Olivet is het Philip Morris wel degelijk gelukt om de lastige wetgeving tijdelijk op de schorten (een regulatory chill): ‘Het niet-etaleren van sigaretten in kiosken en het idee van een effen verpakking is uitgesteld tot het eindvonnis.’ Volgens Olivet is er ook een afschrikkende werking uitgegaan van de zaak in Uruguay. ‘Landen als Paraguay, Nieuw-Zeeland en Costa Rica hebben vergelijkbare tabakswetgeving uitgesteld,’ zegt ze.

    ISDS is ‘bizarre prioriteit’

    Er is veel maatschappelijke kritiek op ISDS. Een groot deel van de kritiek op de handelsverdragen CETA (tussen Europa en Canada) en TTIP (tussen Europa en de Verenigde Staten) gaat enkel over de ISDS-clausule in die verdragen. In CETA heeft de EU daarom een aanpassing voorgesteld, in de vorm van een speciaal ISDS-tribunaal. Voor professor Van Harten is het allemaal onzin: ‘Overheden zijn bereid vrijhandel te bereiken door buitenlandse investeerders meer rechten te geven ten koste van democratie en wetgeving. Het is een bizarre set prioriteiten, maar het geeft aan hoe nauw de ministeries van Handel zijn vervlochten met de belangen van het bedrijfsleven.’

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Mitchell van de Klundert

    Mitchell van de Klundert (1990) onderzoekt voor Follow the Money internationale handels- en investeringsverdragen, de voeding...

    Volg Mitchell van de Klundert
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren
    Dit artikel zit in het dossier

    Internationale vrijhandelsverdragen

    Gevolgd door 441 leden

    Tegen vrije handel tussen burgers, landen en continenten valt weinig in te brengen. Grote internationale vrijhandelsverdragen...

    Volg dossier