Van wie is ons geld?

Waarom is de creatie van geld in handen van – particuliere – banken? En moet dat altijd gepaard gaan met schuld? Ofwel: kunnen we ons monetaire systeem op een eerlijkere manier organiseren? Lees meer

Het zijn vragen waar menig econoom zijn tanden op stuk gebeten heeft. Toneelgroep De Verleiders zette een brede discussie in gang door op te roepen tot een burgerinitiatief. Met 120.000 handtekeningen moest de politiek wel reageren en nadenken over de aard en wezen van ons geld en de manier waarop het wordt gecreëerd. Dat leidde tot een opdracht voor Wetenschappelijk Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) om onderzoek naar geldschepping te doen.

Op Follow The Money begon in 2015 het debat toen voormalig bankenlobbyist en auteur Robin Fransman reageerde met een open brief aan het toneelgezelschap, die werd beantwoord door Martijn Jeroen van der Linden, bestuurder van de Stichting Ons Geld. Daarnaast gaven tientallen lezers in het discussieforum hun visie op wat misschien wel dé vraag van het moment is: van wie is ons geld eigenlijk?

69 Artikelen

Minister Dijsselbloem en DNB dwarsbomen innovatie in de bankenwereld

Sinds de kredietcrisis is innovatie in de bankenwereld een onderwerp van politieke discussie. Echt innoveren in het bankwezen blijkt alleen nagenoeg onmogelijk: na twee jaar pingpongen tussen De Nederlandsche Bank (DNB) en het Ministerie van Financiën krijgt de ‘depositobank’ geen bankvergunning. Volgens de initiatiefnemers ontbreekt het bij Dijsselbloem en DNB vooral aan de wil om te innoveren en is dit ‘slechts het topje van de ijsberg.’

Na de kredietcrisis van 2008 ontstond er langzaam meer aandacht voor de rol van commerciële banken in het proces van geldcreatie. Het duurde even, maar acht jaar later, in maart 2016, vond er een plenair Kamerdebat plaats over geldschepping. Het Burgerinitiatief Ons Geld dwong dit debat af door 120.000 handtekeningen te verzamelen.

Naast Ons Geld kreeg een tweede initiatief tijdens dit debat opvallend veel aandacht: de Depositobank van Stichting Full Reserve. De Tweede Kamer nam zelfs een aparte motie aan om te onderzoeken hoe de Nederlandse wet kan worden aangepast om een pilot met de Depositobank mogelijk te maken. Het leek een veelbelovende ontwikkeling voor innovatie in het Nederlandse bankwezen, maar ruim een jaar later is het project nog geen stap dichter bij realisatie gekomen.

Depositobank

Richard van der Linde kwam in 2015 op het idee om een depositobank op te richten: een ouderwetse spaarbank die geen leningen verstrekt, maar je geld veilig in haar (digitale) kluis bewaart. ‘Zie het als de moderne versie van de oude sok onder het matras,’ zegt van der Linde. ‘Een digitale vorm van cash geld waarmee je wel met pinpas kunt betalen in de winkel.’

‘We hebben momenteel verschillende banken, maar de consument heeft geen echte keuze’

Het vergroten van marktwerking in het bankenlandschap was voor Van der Linde het belangrijkste doel om het initiatief te starten. ‘We hebben momenteel verschillende banken die met elkaar concurreren, maar de consument heeft geen echte keuze. Er bestaat slechts één type bank: de spaarbank die tegelijkertijd leenbank is. Het zou goed zijn als daar meer 'smaken’ bijkomen. De Depositobank zou daar één van kunnen zijn.’  

Wat maakt de Depositobank anders?

Wat is hier bijzonder aan? Bewaren andere banken mijn spaargeld dan niet in hun kluis? Nee. Banken verdienen geld door slechts een fractie van het bij hen geparkeerde spaargeld aan te houden en veel hogere bedragen uit te lenen. Dat noemen we ‘fractioneel reserve bankieren.’ Banken creëren zo nieuw geld en verdienen daar aan in de vorm van rente.

Als alle spaarders tegelijk hun spaargeld zouden ophalen bij de bank, ontstaat er een probleem: er ligt niet genoeg geld in de bankkluis om iedereen zijn geld terug te geven. De depositobank biedt daar een alternatief op door het geld wél in kas te houden. Je ontvangt geen rente op je spaargeld, maar krijgt in ruil daarvoor zekerheid geboden. Dat is interessant voor mensen die niet het risico willen lopen dat een bank door een crisis het geld niet kan verstrekken. De stichting heeft geen winstoogmerk, maar moet wel de operationele kosten kunnen betalen. Daar moet je als klant een klein bedrag voor betalen.

Van der Linde schreef op FTM een serie artikelen over de Depositobank.

Lees verder Inklappen

Europese richtlijnen

Net voor het Kamerdebat, in januari 2016, kreeg Stichting Full Reserve te horen dat DNB binnen de huidige wetgeving geen mogelijkheid zag voor een depositobank. Het initiatief leek voortijdig gestrand, maar de Kamermotie om te onderzoeken hoe wetgeving kan worden aangepast, bracht nieuwe hoop en enthousiasme om door te gaan.

In mei 2017 schrijft Dijsselbloem echter opnieuw aan de Kamer dat er geen opties zijn om de depositobank mogelijk te maken binnen Nederland: 'Het businessmodel dat Depositobank voor ogen heeft, vergt een fundamentele aanpassing van in Europees verband tot stand gekomen richtlijnen.'

Van der Linde vindt het onbegrijpelijk dat er een jaar overheen is gegaan om tot deze conclusie te komen. ‘Het initiatief heeft onnodig vertraging opgelopen en kosten gemaakt. Als de EU richtlijnen echt de blokkerende factor voor het experiment zijn, dan had de Minister dat ook al in maart 2016 kunnen vaststellen. Die richtlijnen zijn op dit punt niet veranderd in de tussentijd.’ Ook motie-indiener Wouter Koolmees, kamerlid van D66, vindt dat er veel tijd is verspild: 'Er is onnodig gepingpongd tussen het ministerie en DNB.'


Wouter Koolmees

"Er is onnodig gepingpongd tussen het ministerie en DNB"

Anne Hakvoort, partner bij FG Lawyers en advocate van Stichting Full Reserve, is het niet eens met de conclusie van Dijsselbloem: 'De Richtlijnen van de Europese Unie hoeven geen beperking te vormen voor een depositobank. We kennen binnen Nederland namelijk een bijzonder type bank: de vrijwillige bank. De Europese verordening die van toepassing is op reguliere banken geldt niet voor deze vrijwillige bank. Een depositobank kan daarom wel mogelijk gemaakt worden door een vrijwillige bankvergunning te verlenen, in combinatie met een aanpassing van toelatingsvoorwaarden door DNB.’

Volgens Hakvoort zijn er dus wel degelijk juridische opties om een experiment met een depositobank mogelijk te maken. Hakvoort: ‘Waar een wil is, is een weg, maar die wil lijkt te ontbreken — zowel bij Dijsselbloem als DNB.'

Werkdruk

'Dit is ook de manier waarop de Minister de Tweede Kamer inlicht,' vervolgt Hakvoort. 'Onderbouwing of bronvermelding ontbreekt, maar Kamerleden nemen dit soort stukken wel voor waarheid aan. Het blijft toch allemaal mensenwerk.'

‘Er is sprake van een structureel probleem,' aldus Richard van der Linde. ‘De vaste Kamercommissie Financiën gaat gebukt onder een absurde werkdruk. Het is daarom niet verwonderlijk dat Kamerleden niet altijd in de smiezen hebben hoe de minister van Financiën en zijn team de feiten spinnen. De casus van de Depositobank is 'slechts het topje van de ijsberg. Op deze manier komt innovatie niet van de grond.’

Richard van der Linde treedt per 1 juli af als voorzitter van de Stichting Full Reserve. Lees hier zijn volledige verhaal over hoe Stichting Full Reserve een jaar lang van het kastje naar de muur werd gestuurd en wat dit blootlegt over de innovatiemogelijkheden binnen de bankenwereld:

Thomas Bollen
Thomas Bollen
Onderzoekt als financieel econoom de 'economische religie' om nuttige inzichten van dogma's te scheiden.
Gevolgd door 4444 leden
Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
Annuleren