Waarom is mobiel bellen in Nederland zo duur?

1 Connectie

Onderwerpen

Telecom

Nederland steeg van de 11e naar de 6e plaats in de Network Readiness Index van het World Economic Forum. Maar draadloos bellen is hier in verhouding duur. Ondanks of dankzij de concurrentie?

Je zou het niet zeggen nu half Vodafone-Nederland al een week lang nauwelijks draadloos kan bellen of internetten, maar ons land is wereldtop op het gebied van Network Readiness. In de gelijknamige index van het World Economic Forum steeg Nederland steeg zelfs van de 11 naar de 6e plaats. De top van de lijst wordt sinds jaar en dag gedomineerd door de Scandinavische landen, Zwitserland, Singapore, de VS Canada en Zuid-Korea. Zweden staat al drie jaar op nummer 1. 

 
De hoge positie van Nederland in de index is op zich goed nieuws. Kennelijk maken de bevolking en de bedrijven steeds meer en goed gebruik van de mogelijkheden die moderne informatie-en communicatietechnologie bieden. Maar wie wat dieper in de cijfers achter de index duikt, stuit op enkele merkwaardige feiten. 
 
Duur en niet goed
Zo scoort Nederland ronduit slecht op wat de onderzoekers de betaalbaarheid van mobiel bellen (uitgedrukt in kosten per minuut) noemen. Nederlands staat daarin op de 87e plaats, Hong Kong op 1. Om een indruk te geven: in de totale index staat de Dominicaanse Republiek op de 87e plaats. Ook met de betaalbaarheid van breedbandtarieven is het matig gesteld: een 54e plaats.
 
De relatief hoge prijs voor mobiel bellen zou nog te rechtvaardigen zijn als Nederland een uitstekend mobiel netwerk zou hebben. Maar ook dat is niet het geval: qua netwerkdekking staat ons land in de index op een verbazingwekkend matige 70e plaats. Dat gebrek aan kwaliteit werd vorige week pijnlijk duidelijk na een brandje in een netwerkcentrum van Vodafone. 
 
Een andere verklaring zou kunnen zijn dat telefoonmaatschappijen in Nederland weinig concurrentie kennen. Maar volgens de index is dat niet het geval. Integendeel, op het gebied van concurrentie van internet- en telefoonmaatschappijen neemt Nederland in de ranking de eerste plaats in. Ook zou het zo kunnen zijn dat Nederlandse bellers veelal dure mobiele breedbandabonnementen zouden hebben, wat de prijs per minuut voor 'gewoon' bellen duur zou kunnen maken. Maar ook dat blijkt niet het geval: 50e plaats in de ranking. 
 
Marktwerking
De conclusie dat de concurrentie tussen providers dus niet heeft gezorgd voor lage tarieven ligt dus voor de hand. Op papier ziet de concurrentie tussen de internet-en telecomproviders er in Nederland goed uit, maar in de praktijk is de marktwerking onvoldoende. Dat voedt het vermoeden dat de providers zich schuldig maken aan prijsafspraken. 
 
De index zet de jammerklachten van KPN e.a. over het verlies van inkomsten als gevolg van het toenemend  gebruik van alternatieven voor mobiel bellen en sms-en zoals Whatsapp en Ping in een ander daglicht. Hoge tarieven doen consumenten en ondernemingen zoeken naar goedkopere alternatieven, waaraan diezelfde telecommaatschappijen minder weten te verdienen. Eigen schuld dus. En werk aan de winkel voor de Opta, de autoriteit voor de telecom-markt die in Nederland verantwoordelijk is voor de concurrentiebevordering, stimulering van innovatie en consumentenbescherming. 
 
Naschrift:
In een reactie op het WEF-onderzoek laat Opta weten dat Nederland vermoedelijk zo laag scoort vanwege het 'gratis'  mobieltje wat in de minuuttarieven verrekend wordt. 'Als je kijkt naar de omzet per belminuten / volume (link voor de laatste cijfers kolom 30-06-2011, sheet 4 en 5) 1733362 (x 1000) / 11540544 (x 1000), dan kom je uit op 15 cent per minuut aan omzet. Dat is beduidend minder dan de 36 cent waar ze in dit onderzoek op uitkomen.'
 
 
 
Enkele feiten
  • Nederland heeft de hoogste penetratiegraad  van breedband internet ter wereld (bijna 40 abonnementen per 100 inwoners), ’s werelds meest competitieve internet- en telefoniemarkt, het op één na hoogste percentage computers per huishouden (92% van de huishoudens), en het op twee na hoogste percentage (bijna 91 %) huishoudens met internettoegang.
  • Nederland scoort relatief zwak op het gebied van de hoogte van de tarieven voor mobiel bellen (positie 87 van 142 landen), de hoogte (in termen van winstpercentage) van het belastingtarief (positie 76) en, misschien verrassend, de netwerkdekking van mobiel bellen (positie 70).
  • Zweden voor derde achtereenvolgende jaar in staat gebleken de mogelijkheden van ICT het beste te benutten, opnieuw gevolgd door Singapore en Finland. 
  • Ondanks structurele pogingen de impact van ICT op de groei van ontwikkelings- en opkomende landen te vergroten blijft er duidelijk sprake van een 'digitale kloof' in de wereld. Zelfs in Europa gaapt er een diepe kloof tussen noordelijke en zuidelijke landen.
 
Klik hier voor het volledige interactieve rapport, met daarin de ranking van de verschillende landen