© AFP Photo / Uli Deck

    Een aanstaande uitspraak van het Europese Hof van Justitie over het beleid van de ECB kan mogelijk verstrekkende gevolgen krijgen. In het uiterste geval zou het betekenen dat Duitsland de eurozone moet verlaten. Hoe zit dat?

    Het opkoopprogramma van de Europese Centrale Bank (ECB) ligt in Duitsland al tijden onder vuur. Critici vinden dat wat de bank doet — per maand voor 60 miljard euro aan staats-en bedrijfsobligaties opkopen uit de eurozone — in strijd is met het verdrag van Maastricht. Na uitgebreide beraadslagingen over de zoveelste klacht hierover, kwam het Bundesverfassungsgericht onlangs met zijn oordeel.

    De Duitse rechters zeggen dat er ‘belangrijke redenen’ zijn die erop wijzen dat het ECB-beleid strijdig is met het verdrag van Maastricht en dat de ECB dus buiten zijn mandaat zou treden. Toch willen ze horen wat het Europese Hof van Justitie in Luxemburg ervan vindt en vragen ze dat Hof, voor de tweede keer, om zijn oordeel.

    Voor de tweede keer, want de Duitse rechters deden dat ook met de klacht tegen de voorgenomen (maar nooit uitgevoerde) plannen van de ECB om ongelimiteerd staatsobligaties van de eurolanden op te kopen met een maximale looptijd van drie jaar: het zogeheten OMT-opkoopprogramma.

    De gevolgen van het oordeel uit Luxemburg kunnen in extremis vergaand zijn

    Deze tweede verwijzing lijkt niets nieuws onder de juridische zon in Europa te zijn. In de kern gaat het immers om dezelfde vraag: Duitse rechters willen van hun Europese collega’s weten of wat de ECB doet wel te rijmen is met het verdrag van Maastricht. Ook lijkt het verzoek mosterd na de maaltijd te zijn; de ECB heeft deze week nota bene aangekondigd per januari 2018 te beginnen met het ontmantelen van dat beleid.

    Toch is deze tweede verwijzing niet te vergelijken met de eerste. De gevolgen van het oordeel uit Luxemburg kunnen in extremis vergaand zijn: het kan zelfs in het uiterste geval betekenen dat Duitsland verplicht uit de eurozone moet treden.

    Bij welk oordeel van Luxemburg zou dat moeten? En hoezo, moet treden? Om dat te begrijpen, moeten we eerst terug in de tijd.

    Tijdbom

    We spreken begin jaren negentig.Terwijl in heel Europa een bijna euforische stemming heerst omdat Europese landen in Maastricht afgesproken hebben uiterlijk in 1999 een gemeenschappelijke munt in te voeren, deponeert een groep Duitsers in de brievenbus van het Hof in Karlsruhe een klacht. De klagers willen dat het Hof de Duitse deelname aan onder meer een muntunie in Europa verbiedt. Met andere woorden: dat deze het Verdrag van Maastricht afschiet. Op 12 oktober 1993 openbaart het Hof zijn wat sindsdien het Maastricht-oordeel heet: de rechters wijzen alle klachten af.

    Maar diep in de uitspraak, bedolven onder juridisch-Duitse argumentatie, plaatst het Hof in Karlsruhe een tijdbom die in de toekomst geactiveerd kan worden. Er staat namelijk dat ‘het concept van de muntunie als een Stabilitätsgemeinschaft de basis is van de Duitse deelname. Als de muntunie het overeengekomen stabiliteitsmandaat niet blijft waarmaken, dan zou die daarmee het concept waarop het Verdrag van Maastricht is gebaseerd, verlaten.’

    "Als het aan het Duitse Hof ligt, is deelname aan de euro alleen op voorwaarde dat deze de stabiliteit waarborgt"

    Een hele mondvol, maar simpelweg betekent het dit: als het aan het Duitse Constitutionele Hof ligt, is de Duitse deelname aan de muntunie alleen op voorwaarde dat deze de stabiliteit waarborgt.

    Een cruciaal aspect van die stabiliteitswaarborg is dat de ECB het verbod op monetaire financiering van begrotingstekorten van de eurolanden moet respecteren. In april 2005 concludeerden de juridische experts van de Bundestag, het Duitse parlement, in een rapport dan ook dat het Hof ‘een uittreding uit de [monetaire, red.] unie als ultima ratio in het vooruitzicht heeft gesteld, mocht de stabiliteit van de muntunie in gevaar komen.’

    Udo di Fabio, een expert in Europees recht en voormalig rechter bij het Duitse Constitutionele Hof, gaat nog verder. Hij stelde enkele jaren geleden dat het Duitse Constitutionele Hof Berlijn moet opdragen de eurozone te verlaten, mocht de ECB het verbod op financiering van begrotingen in de muntunie schenden.

    Geen garanties

    Overtreedt de ECB het verbod op monetaire financiering? Volgens Karlsruhe zijn er aanwijzingen genoeg, maar het Europese Hof van Justitie moet de Duitse rechters een handje helpen om tot een definitief oordeel te komen.

    Met de eerdere uitspraak over het geplande maar nooit uitgevoerde OMT-programma in de hand, is het echter nauwelijks voor te stellen dat het Europese Hof iets anders kán besluiten dan dat de ECB met haar quantitative easing-programma inderdaad het Verdrag van Maastricht geschonden heeft. Het Hof in Luxemburg oordeelde destijds immers dat het verbod op monetaire financiering níet betekent dat de ECB geen staatsobligaties mag kopen.

    Oordeelt het Hof dat dit het Verdrag van Maastricht niet schendt, dan is Vrouwe Justitia in de EU niet geblinddoekt

    Wat volgens het Hof belangrijk is, is dat er ‘voldoende garanties zijn ingebouwd om te voorkomen dat de ECB met het opkopen van staatsobligaties de facto het verbod op monetaire financiering omzeilt.’ Het Hof oordeelde dat de ECB dat verbod niet omzeilt met het OMT-programma, omdat de bank vooraf geen informatie zou geven over of ze staatsobligaties ging kopen en zo ja, hoeveel. Ook kan de ECB altijd besluiten de opgekochte staatsobligaties te verkopen. Een derde garantie dat het OMT-programma geen de facto monetaire financiering van begrotingstekorten zou zijn, was dat de ECB alleen staatsobligaties met een looptijd van maximaal drie jaar zou kopen.

    Bij het huidige opkoopprogramma doet de ECB echter precies het tegenovergestelde van dat alles. De bank liet immers alles en iedereen weten staatsobligaties tot minstens eind 2017 te kopen — en voor 60 miljard euro per maand. Vanaf januari wordt dat 30 miljard euro per maand, en dat blijft tot minstens september 2018 zo.

    De ECB koopt daarnaast staatsobligaties met een looptijd van tussen één en dertig jaar; bovendien heeft het bestuur sinds het oordeel van het Europese Hof van Justitie besloten geen staatsobligaties te verkopen ‘in de nabije toekomst’. Elke mogelijke verkoop zou slechts incidenteel zijn en ‘om technische redenen’ plaatsvinden.

    Blinddoek

    Vrouwe Justitia wordt geblinddoekt afgebeeld. Dat symboliseert dat ze niet op basis van een bepaalde ideologie en zonder aanzien des persoons rechtspreekt. Ze kijkt slechts naar de feiten en daden. Het verzoek van Karlsruhe zal laten zien of het Europese Hof inderdaad geblinddoekt is of niet.

    De gevolgen kunnen hoe dan ook verregaand en ernstig zijn. Oordeelt het Hof dat de ECB ook met kwantitatieve verruiming het Verdrag van Maastricht niet schendt, dan valt te concluderen dat Vrouwe Justitia in de Europese Unie niet geblinddoekt is.

    Oordeelt het Hof daarentegen dat de ECB inderdaad buiten haar mandaat opereert, dan kun je stellen dat de tijdbom uit de uitspraak van de hoogste Duitse rechters van 12 oktober 1993 geactiveerd wordt. In dat geval is de basis voor de Duitse deelname aan de euro weggevallen — en moet Duitsland uit de euro stappen.

    Dit artikel is in een verkorte vorm eerder verschenen in Elsevier Weekblad.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Edin Mujagic

    Gevolgd door 785 leden

    Een onafhankelijke macro-econoom, spreker en publicist. Zijn nieuwste boek gaat over de Nederlandse monetaire geschiedenis.

    Lees meer

    Volg deze auteur en blijf op de hoogte via e-mail

    Volg Edin Mujagic
    Verbeteringen of aanvullingen?   Tip de auteur Annuleren
    Dit artikel zit in het dossier

    De ECB-miljarden

    Gevolgd door 643 leden

    Bij wie komen de miljarden aan publiek geld terecht? Het monetair beleid van de Europese Centrale Bank (ECB) lijkt een ver-va...

    Lees meer

    Volg dit dossier en blijf op de hoogte via e-mail

    Volg dossier