Langs de Maas

Natuurorganisaties Brabants Landschap en Natuurmonumenten verpachten grond aan boeren, maar willen daarvoor de helft van de daaraan gekoppelde EU-subsidie terug. Die subsidie is ingesteld als inkomenssteun voor de boer, maar de natuurorganisaties zien de subsidieafroming als noodzakelijk voor hun begroting. ‘We moeten onze eigen broek ophouden.’

Dit stuk in 1 minuut

Waarover gaat dit artikel?

  • Pachters die natuurgronden huren van Natuurmonumenten en Brabants Landschap betalen een deel van hun inkomenssteun uit Brussel aan de verpachter. 
  • Ook bij andere verpachters raken pachters een deel van hun EU-subsidie kwijt, maar op veel indirectere manier. Omdat de subsidie wordt verdeeld per hectare bewerkte landbouwgrond, drijft die subsidie de waarde op. 

Waarom moet ik dit lezen?

  • De landbouwsubsidies worden betaald uit de EU-begroting, waar alle belastingbetalers van de Europese Unie – dus ook Nederlandse – aan hebben bijgedragen.
  • Ze zijn ingesteld om boeren te voorzien van een redelijke levensstandaard, maar dat doel wordt door deze praktijk ondermijnd.

Hoe heeft Follow the Money dit onderzocht?

  • We spraken met pachters, pachtorganisaties en de boerenlobby. Ook konden we pachtcontracten inzien en vergelijken. Verder kregen we aanvullende informatie van onderzoekers van de Wageningen University.
Lees verder

Het begon met een anonieme tip van een lezer van Follow the Money, naar aanleiding van een eerder artikel over het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) van de EU. Of we wel wisten dat pachters van natuurgronden van verpachters zoals Natuurmonumenten hun GLB-geld aan die verpachters moesten afstaan. Dat GLB-geld is bedoeld als inkomenssteun voor boeren, maar Natuurmonumenten eist een deel van die EU-hulp op als onderdeel van het pachtcontract. 

Een woordvoerder van Natuurmonumenten zei in oktober desgevraagd dat daar niets van klopte. Dat antwoord wekte verbazing bij pachters en boerenorganisaties. ‘Nou, dan wil ik graag een deel van mijn betaalde pacht terug,’ reageerde een van de pachters. Dries van Rozen, adviseur van de Bond van Landpachters en Eigen-Grondgebruikers (BLHB) moest hard lachen om de ontkenning van Natuurmonumenten. ‘Dat is nieuw voor mij.’

50 procent

Tijdens een telefoongesprek met Jaap Rottink, teamleider Verwervingen en Beheer bij Natuurmonumenten, bleek de vraag onjuist te zijn beantwoord. Boeren die grond bij Natuurmonumenten pachten waarop je EU-subsidie kunt aanvragen, betalen Natuurmonumenten daar een vergoeding voor, in de regel 50 procent van het subsidiebedrag. Rottink ziet dat niet als ‘overdragen’, wat volgens hem het ontkennende antwoord verklaart.

‘Vraagt Natuurmonumenten een vergoeding voor betalingsrechten die zij beschikbaar stelt aan pachters? Dat is juist, dat doen wij. Die verdisconteren wij in de pachtprijs. In oktober is daar negatief op geantwoord, ik denk dat dat te maken heeft met de vraagstelling,’ zegt Rottink.

Of je het nu ‘overdragen’ noemt of een ‘vergoeding’, feit blijft dat EU-belastinggeld dat bedoeld was om boeren te helpen te voorzien in een redelijke levensstandaard, op deze manier bij Natuurmonumenten belandt. Om hoeveel belastinggeld dit jaarlijks gaat, heeft Rottink nooit uitgerekend.

Van toeslagrechten naar betalingsrechten

De lidstaten van wat begon als de Europese Economische Gemeenschap hebben al sinds 1962 een Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB), dat om de zoveel tijd wordt aangepast. Het GLB begon met als doel voedselzekerheid te creëren – na de Tweede Wereldoorlog – en boeren van een ‘redelijke levensstandaard’ te voorzien. Decennialang kregen boeren subsidies voor hun productie, maar dit leidde tot overschotten en oneerlijke concurrentie elders in de wereld. In opeenvolgende hervormingen is het beleid verschoven van subsidie voor productie naar subsidie voor het aantal hectare landbouwgrond. 

Tot 2015 konden boeren subsidies aanvragen via zogeheten toeslagrechten. Die waren gebaseerd op de historische productie van de subsidieaanvragen (referentieperiode 2000-2002). Sinds 2015 ontvangen de Europese landbouwers een subsidiebedrag per hectare landbouwgrond. Hierdoor is er geen prikkel meer om onnodig veel te produceren.

Het beleid werkt echter andere problemen in de hand, zoals uit dit artikel blijkt.

Sowieso bereikt de EU met de GLB-subsidies nauwelijks het doel van inkomenssteun, concludeerde de Algemene Rekenkamer in 2019. Uit een steekproef bleek dat voor 16 procent van de bedrijven de EU-subsidie het verschil maakte tussen een bruto inkomen onder of boven het wettelijk minimumloon (19.253 euro). Zo’n 36 procent van de boerenbedrijven die EU-subsidie ontvingen, bleef ondanks die steun onder het wettelijk minimumloon steken. Tweederde van al het subsidiegeld ging naar boeren die bruto al modaal verdienden, oftewel meer dan 33.000 euro.

Lees verder Inklappen

Natuurmonumenten, de op twee na grootste grondbezitter van Nederland, verpacht 22.000 hectare grond aan boeren, maar lang niet alle grond is subsidiabel. Rottink schat dat boeren ongeveer 10.000 hectare kunnen benutten om EU-subsidie aan te vragen. In 2019 was de waarde van een betalingsrecht 262,91 euro per hectare. Als 50 procent daarvan naar Natuurmonumenten is gegaan, kom je uit op een bedrag van 1,3 miljoen euro aan EU-subsidie dat via pachtbetalingen bij hen terechtkomt. ‘Dat zou kunnen,’ zegt Natuurmonumenten-teamleider Rottink. Daar bovenop vraagt de organisatie ook een vergoeding voor de zogeheten vergroeningspremie van 113,70 euro per hectare waarop boeren geregeld aanspraak kunnen maken. Volgens het jaarverslag 2019 van Natuurmonumenten waren de totale pachtopbrengsten uit grond dat jaar 4.650.000 euro – net geen 5 procent van de totale inkomsten dat jaar. Overigens maakt het jaarverslag geen enkele melding van de inkomsten uit betalingsrechten.

Waarom eist Natuurmonumenten een deel van de EU-subsidie op, die bedoeld is als inkomenssteun voor de boer? Die vraag is gerechtvaardigd, aangezien het hier gaat om geld van de Europese – en dus ook Nederlandse – belastingbetaler. 

Natuurmonumenten maakt in zijn jaarverslag geen melding van de inkomsten uit betalingsrechten

‘We moeten onze eigen broek ophouden,’ legt Rottink uit. ‘Wij kunnen niet verantwoorden naar onze leden en naar de natuur om niet marktconform te verhuren. De markt wil dit betalen.’ De pachtexpert vindt het logisch dat als subsidies gekoppeld zijn aan hectares landbouwgrond, dit in de grondprijs meegerekend wordt. Rottink: ‘Het is gewoon marktwerking. Zo gaat dat. Daar kunnen we iets van vinden, maar dat is meer aan de wetgever, die heeft het stelsel zo bedacht. Wij gaan er in mee.’

Brabants Landschap

Natuurmonumenten is niet de enige natuurorganisatie die via pachtcontracten een deel van de EU-landbouwsubsidies ontvangt. Ook het Brabants Landschap doet dat. Anders dan Natuurmonumenten heeft natuurbeheerder Brabants Landschap de opbrengsten uit de betalingsrechten expliciet opgenomen in de jaarverslagen: 1,5 miljoen euro in totaal in de periode 2016-2019.

De stichting lijkt zelfs in een van de jaarverslagen te omschrijven hoe de beheerder EU-regels heeft omzeild om toch te kunnen blijven profiteren van de landbouwsubsidies. Dat gebeurde nadat de EU overstapte van een systeem van zogeheten toeslagrechten naar betalingsrechten en na de invoering van de definitie ‘actief landbouwer’.

In het jaarverslag 2016 schrijft het Brabants Landschap dat de natuurorganisatie het beheer van een deel van de cultuurgronden tot 2014 financierde met de jaarlijks ontvangen toeslagrechten. ‘Bij het nieuwe systeem van betalingsrechten kan Brabants Landschap geen aanspraak meer maken op de uitbetaling van deze rechten, omdat het Brabants Landschap niet kwalificeert als ‘actief landbouwer’. In 2015 is gestart met het onderbrengen van een aantal akkers bij agrariërs, in de vorm van geliberaliseerde pacht. [..] Deze werkwijze [..] maakt de uitbetaling van betalingsrechten mogelijk.’

Actief omzeilen

Follow the Money legde die passage voor aan het Brabants Landschap, met de vraag of de stichting hiermee bewust de voorwaarde ‘actieve landbouwer’ heeft omzeild. Een woordvoerder laat per e-mail weten dat het besluit om een deel van de akkers te verpachten tot doel had ‘de beheerlast en beheersrisico’s van het akkerbeheer te verminderen’ en niet het verzilveren van betalingsrechten. Dat laatste is een ‘mooie (maar toevallige) bijkomstigheid’, zowel voor de pachter als verpachter. Het Brabants Landschap stelt dat de stichting ‘een hele goede verstandhouding’ heeft met de boeren in Noord-Brabant.

Verder zegt het Brabants Landschap dat het de betalingsrechten voor 50 procent van de waarde verhuurt. ‘Beide partijen profiteren hier dus evenveel van en delen in de kosten die ze hebben aan het beheer,’ schrijft de woordvoerder. ‘Deze werkwijze is destijds afgestemd met landbouworganisatie ZLTO. Daarnaast kan de gebruiker, vaak met behulp van onze grond, daarop nog een vergroeningspremie aanvragen. Die komt volledig de gebruiker toe. Bij de lopende reguliere pachtcontracten zijn de rechten toegekend aan de pachters.’

‘Het woord “afstemming” impliceert instemming. Daar was geen sprake van. Wij hadden het liever anders gezien’

Afstemming? Ja, het Brabants Landschap heeft de plannen met de Zuidelijke Land- en Tuinbouworganisatie (ZLTO) besproken, zegt Gerard Willems, bedrijfsadviseur bij ZLTO. Maar die gesprekken eindigden in een patstelling. ‘Het woord “afstemming” impliceert instemming. Daar was geen sprake van. Wij hadden het liever anders gezien.’

De contracten die Natuurmonumenten en Brabants Landschap sloten, vallen onder geliberaliseerde pacht (zie kader). De naam zegt het al: daarin is veel mogelijk.

Natuurpacht?

De overeenkomsten die Natuurmonumenten en de landschappen gebruiken, zijn zogenaamde geliberaliseerde pachtcontracten. De pachtprijs is daarbij niet aan een maximum gebonden. Dat is anders dan bij het reguliere pachtcontract, waarvoor Wageningen Economic Research jaarlijks maximale pachtprijzen vaststelt in opdracht van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. Ook de pachtperiode bij geliberaliseerde pachtcontracten is vrij; dikwijls betreft het kortlopende contracten.

Voor de verpachter is het een prettige, flexibele vorm, maar de pachter is ‘zo ongeveer vogelvrij’, zegt Dries van Rozen van pachtersbond BLHB. ‘Vergelijk het met het verschil tussen een vast arbeidscontract en flexwerk. Bij reguliere pacht is de bescherming van de pachter optimaal, bij geliberaliseerde pacht is die afwezig.’

Boerenbelangenorganisatie LTO pleit voor een speciale pachtvorm, toegesneden op de bijzondere omstandigheden bij het pachten van Natuurmonumenten en de landschappen: de natuurpacht. Die zou een looptijd van twaalf jaar moeten hebben en een gereguleerde pachtprijs. Bovendien zouden daarbij niet alleen de betalingsrechten, maar ook de beheersgelden aan de pachter moeten toekomen.

Overigens is het grootste deel van landbouwgrond in Nederland in eigendom (zie grafiek hieronder).

Lees verder Inklappen

Toch heeft pachtadvocaat Monique de Oude van kantoor Wijnkamp & Keulers haar vraagtekens. Zij keek op ons verzoek naar de pachtcontracten van Natuurmonumenten. ‘Ik lees in de contracten dat Natuurmonumenten de betalingsrechten tijdelijk overdraagt aan de pachter. Dat bevreemdt mij. Zoiets kan alleen eigenlijk alleen als een boer – actief landbouwer dus – grond verpacht aan een ander. Het is mij niet bekend waar Natuurmonumenten zijn claim op de betalingsrechten aan ontleent.’

De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) is de uitvoeringsorganisatie die de subsidies uit het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid uitkeert en tevens het secretariaat voert van de grondkamers, waar pachtcontracten worden geregistreerd. Een woordvoerder laat weten dat er geen wettelijk verbod is op wat de natuurclubs doen: ‘Het staat landbouwers vrij om grond en/of betalingsrechten te huren of pachten, ook van bijvoorbeeld Natuurmonumenten of Brabants Landschap. Onder welke voorwaarden dat gedaan wordt, is een privaatrechtelijke aangelegenheid.’

De RVO heeft de betreffende betalingsrechten in 2015 aan Natuurmonumenten en Brabants Landschap toegekend. Dat jaar kon dat nog net, omdat ze met een landbouwactiviteit bij de Kamer van Koophandel stonden ingeschreven. Sinds 1 januari 2016 zijn de voorwaarden aangescherpt en moet landbouw de hoofdactiviteit zijn. ‘Aan deze voorwaarde voldoen Natuurmonumenten en Brabants Landschap niet,’ zegt de RVO. Maar ze blijven in bezit van de oude betalingsrechten. ‘Niet voldoen aan de eis van actieve landbouwer is geen reden voor het laten vervallen van betalingsrechten,’ zegt de RVO.

"Grond is een raar ding. Boeren worden stapelgek als ze te pachten grond langs zien komen"

Versluierd incalculeren

De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland erkent dat de verdeling van de EU-inkomenssteun op basis van hectare landbouwgrond ‘natuurlijk pachtprijsverhogend’ werkt. ‘Het is ons niet bekend of dit probleem al eens is voorgelegd aan de rechter; hieruit zou je kunnen afleiden dat de grondkamers dat nooit geprobeerd hebben,’ zegt de RVO. Wel wijst de woordvoerder erop dat zelfs als de grondkamer een expliciete bepaling over betalingsrechten als buitensporig zou schrappen, ‘men in het vervolg zal uitwijken in de richting van een verhoging van de pachtprijs, waarin een (deel van) bedoelde subsidie versluierd is ingecalculeerd’.

Voor pachters is het in Nederland, waar grond een schaars goed is, vaak een kwestie van slikken of stikken, zeggen pachters van Natuurmonumenten tegen Follow the Money. Ook Dirk Bruins, voorzitter van LTO Noord, hoort met enige regelmaat de klachten van boeren die bij Natuurmonumenten en de landschappen pachten.

‘Er is een duidelijk arrest van de Arnhemse pachtkamer van eind 2018 dat de betalingsrechten bij de pachter thuishoren en niet bij de verpachter,’ zegt Bruins. ‘Wij adviseren onze leden daarom niet akkoord te gaan met contracten waarin gesteld wordt dat de rechten aan de verpachter toevallen. Maar vaak voelen ze zich toch gedwongen toe te stemmen. Het is lastig voor een boer om aan grond te komen. Het is een kwestie van vraag en aanbod. Als je niet bereid bent je betalingsrechten in te leveren, kan de verpachter gewoon de pachtprijs verhogen. We zijn wel in gesprek met de terreinbeherende organisaties over dit soort kwesties, maar het is lastig er de vinger achter te krijgen.’

‘Grond is een raar ding,’ zegt een pachtende boer. ‘Boeren worden stapelgek als ze te pachten grond langs zien komen. Als de een er 100 euro voor over heeft, zegt de ander: ik pak ’m wel voor 150 euro − ook al kan hij er niet veel opbrengst vanaf halen. Dan laat je je als boer ook tegen elkaar uitspelen.’

Jurist Willem Bruil, verbonden aan het Instituut voor Agrarisch Recht in Wageningen, hekelde de praktijk in 2015 al in een column voor Boerderij. ‘Betalingsrechten zijn voor boeren, niet voor vliegvelden, overheden, sportparken en natuurorganisaties,’ schreef Bruil. In een e-mail aan Follow the Money bevestigt hij dat pachters die hun pachtovereenkomst wilden hernieuwen, moesten tekenen voor de overdracht van de betalingsrechten. ‘Potentiële pachters konden dat natuurlijk weigeren, maar dan kregen ze de grond niet in gebruik. Het mag allemaal – je mag overeenkomen wat je wilt – maar toch vond ik het niet in de haak,’ zegt Bruil.

Slikken en doorgaan

Pachtadvocaat Monique de Oude zegt: ‘Al in 2010 heeft de Arnhemse pachtkamer bepaald dat toeslagrechten, de voorloper van de betalingsrechten, aan de pachter toekomen omdat ze als inkomenssteun voor de boer zijn bedoeld. Het zou wellicht goed zijn als eens over dit soort contracten werd geprocedeerd.’

Gerard Willems van ZLTO stelt dat de boerenorganisatie destijds de juridische weg niet heeft bewandeld, omdat de boeren en de natuurorganisaties ‘toch met elkaar verder’ moesten en de verpachters bovendien bij verlies van de betalingsrechten alsnog de pachtprijs hadden kunnen verhogen. ‘Soms moet je gewoon slikken en dan doorgaan,’ zegt Willems.

Toen Brabants Landschap en Natuurmonumenten na de invoering van het betalingsrechtensysteem hun plannen aan pachters bekend maakten, klopten sommigen met hun bezwaren aan bij Dries van Rozen van pachtersbond BLHB. ‘Wij vonden het ook oneigenlijk gebruik,’zegt Van Rozen, ‘want het doel van de gelden is de boeren te ondersteunen. Het probleem is dat de terreinbeherende organisaties (tbo’s) de macht hebben. Als je te veel protesteert, krijg je de grond gewoon niet.’

Indirect erkent Rottink van Natuurmonumenten dat. ‘Een boer hoeft niet bij ons te pachten. Maar er zijn heel veel boeren voor wie het heel goed past in hun bedrijfsvoering. Boeren staan bij ons in de rij.’ Volgens Rottink vooral omdat de totale pachtprijs bij Natuurmonumenten juist aantrekkelijk is. ‘We vragen niet het onderste uit de kan. Dat wil ik wel even gezegd hebben.’ 

Blije pachters

Volgens Rottink pachten de meeste boeren bij Natuurmonumenten voor 100 à 150 euro per hectare. ‘De pacht bij Natuurmonumenten is heel laag, door de bank genomen. Die staat in geen verhouding tot de gemiddeld 800 euro die betaald wordt in het land. Daar zitten wij ver onder. Ga maar eens een rondje maken. We hebben allemaal blije pachters.’

Uit de rondgang die FTM maakte, blijkt dat een hachelijke uitspraak. De onvrede is groot bij pachtende boeren. Een van hen zegt dat hij zich regelmaat een ‘horige’ voelt van de ‘feodale leenheer’ Natuurmonumenten. Een ander zocht het hogerop, bij de RVO. ‘In 2015 ging het nieuwe GLB van start en werden toeslagrechten betalingsrechten. Ik kreeg een nieuw contract voorgeschoteld, waarbij Natuurmonumenten de betalingsrechten ging innen. Toen ik dat bij de RVO aankaartte, werd er gezegd: “U heeft gelijk dat de rechten aan u als pachter toekomen, maar teken toch maar.” Daar heb je dan ook niet veel aan.’ 

Daar ontvangen ze ook nog eens 150 euro beheersgeld van het Rijk voor. Dat is een leuke business voor grond die je vaak voor een symbolisch bedrag in eigendom hebt gekregen

Rottink van Natuurmonumenten pareert de kritiek met de opmerking dat die ‘ook het standpunt van de LTO’ is. ‘Maar goed, hoeveel pachters hebben we? Dat u er een paar gevonden heeft die het er niet mee eens zijn, ja, dat zal. Dat zal ook altijd zo blijven.’ 

Natuurmonumenten zegt dus dat het ‘marktconform’ is om de subsidieopbrengsten uit de EU-begroting ‘in te prijzen’ in de pachtprijs. Of dat klopt, is moeilijk na te gaan (zie kader). Het is sowieso moeilijk om pachtprijzen te vergelijken, want de ene hectare is de andere niet. Sommige bodems zijn heel geschikt voor melkveehouders maar waardeloos voor akkerbouwers, en ook de vruchtbaarheid speelt een rol. Dit wordt normaal gesproken ook in de pachtprijzen verdisconteerd. 

Waar alle boeren echter over klagen: de tarieven die met name Natuurmonumenten rekent, zijn te hoog voor de natuurgronden waarom het gaat. In vier pachtcontracten die FTM inzag, liggen de hectareprijzen beduidend hoger dan Rottink schetst, op zo’n 300 euro, en in één geval 470 euro. We zagen echter ook een voorbeeld van een aanzienlijk lagere pachtprijs van nog geen 65 euro per hectare. Die verschillen hebben te maken met de opbrengst: die varieert per te pachten terrein – natuurgrond of met deels agrarische bestemming. 

René Berden, voorzitter van Limousin Regionaal, een verband van zoogkoeienhouders in Limburg, wijst op de in zijn ogen goede deal voor Natuurmonumenten: ‘De gemiddelde hectareprijs is 150 euro en daar komt dan nog de helft van de betalingsrechten bovenop. Dan beuren ze dus ruim 300 euro aan pachtgeld per hectare. Daar ontvangen ze ook nog eens 150 euro beheersgeld van het Rijk voor. Dat is een leuke business voor grond die je vaak voor een symbolisch bedrag in eigendom hebt gekregen.’

EU-subsidies in de pachtprijs: marktconform?

De meeste pachtcontracten zijn niet openbaar, dus is het lastig te bepalen wat ‘marktconform’ is. Hoe pakken andere verpachters de EU-subsidies aan?

De standaard pachtovereenkomst van de provincie Noord-Holland vermeldt expliciet: ‘De verpachter zal geen aanspraak maken op enige vergoeding in welke vorm dan ook verband houdende met de betalingsrechten.’ Een woordvoerder laat weten dat de pachtprijzen volledig marktconform zijn ‘omdat we deze helemaal door de markt laten bepalen’. Indirect spelen EU-subsidies echter wel een rol, omdat potentiële pachters die meewegen in de prijs die ze willen betalen.

Gelderland, Friesland,Drenthe, Groningen, Zeeland, Overrijssel en Noord-Brabant laten de opbrengst van EU-subsidies evenmin meewegen. ‘Maar het kan wel dat een pachter bij zijn bieding rekening houdt met een mogelijke subsidie. Daar hebben wij geen zicht op, dat is een bedrijfseconomische afweging die de boer maakt,’ aldus een woordvoerder van Noord-Brabant.

Staatsbosbeheer is als semi-overheidsorganisatie niet in staat om betalingsrechten te claimen. Wel hoort Follow the Money klachten over de behandeling van de pachters, die vergelijkbaar zijn met die over Natuurmonumenten: de verpachter heeft de grond goedkoop of gratis gekregen, incasseert de zogenaamde SNL-subsidies voor het beheer, en schotelt de pachter dan een pachtprijs voor die niet in verhouding staat tot de opbrengst van de grond. Staatsbosbeheer is inmiddels een proef begonnen om percelen op de veilingsite www.pachtgrond.nu te plaatsen. Daarmee wil het naar eigen zeggen de transparantie bevorderen en toetsen of de gerekende pachtprijzen marktconform zijn.

ASR Real Estate is naar eigen zeggen de grootste private eigenaar van landbouwgrond in Nederland. Bij het bepalen van de prijs bij geliberaliseerde pacht en erfpacht houdt ASR ‘geen rekening met de EU-subsidies die de agrarisch ondernemer ontvangt’.

Bij Trustkantoor Fagoed, dat landbouwgrond in erfpacht verhuurt, is er ‘geen relatie’ tussen de EU-subsidies en de jaarlijks te betalen canon.

Lees verder Inklappen

Follow the Money vroeg de RVO of die een idee had van het totale bedrag aan EU-subsidies uit het GLB dat op de rekening van verpachters eindigt. ‘Zo'n inschatting kan de RVO onmogelijk maken. Wij beschikken slechts over partijdossiers – die geheim zijn – en houden zeker op dit punt geen statistieken bij,’ zegt een woordvoerder. Ook de Europese Rekenkamer is onbekend met deze praktijk.

In het rapport Economie van de pacht (2019) noemen onderzoekers Huib Silvis en Martien Voskuilen (Wageningen Economic Research) betalingsrechten als voorbeeld van ‘beleidsmaatregelen [die] invloed [hebben] op de positie van verpachters en pachters omdat ze de waarde van het pachtobject mede bepalen’. Maar Silvis laat weten geen onderzoek te hebben gedaan naar het totaalbedrag aan EU-subsidies dat via de pachtprijs weglekt.

Gereguleerde pacht

Niet alleen in de geliberaliseerde pacht speelt de hectaresubsidie een rol, maar ook in de gereguleerde pacht. Kenmerkend aan die tweede vorm zijn de maximale pachtprijzen, die Wageningen Economic Research jaarlijks vaststelt in opdracht van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV).

De pachtnormen worden mede bepaald door te kijken naar de inkomsten van landbouwbedrijven. De inkomenssteun uit Brussel wordt meegeteld bij die bedrijfsopbrengsten, verklaart de Wageningse onderzoeker Silvis per mail. ‘Als de overige opbrengsten en kosten niet veranderen, hebben hogere subsidies een opwaarts effect op de pachtprijs. Omgekeerd hebben lagere subsidies een drukkend effect op de pachtprijs.’

De Europese Commissie laat weten dat ze niet bijhoudt hoe lidstaten hun grondmarkten reguleren. Die wetgeving is nationaal geregeld. ‘De Commissie geeft geen commentaar op deze specifieke zaak, aangezien het buiten het toepassingsgebied van de GLB-wetgeving ligt,’ zegt een woordvoerder.

Twee jaar uitstel

De komende twee jaar blijft de inkomenssteun sowieso gekoppeld aan de hoeveelheid landbouwgrond. De reguliere hervorming van het Gemeenschappelijk Landbeleid, die aanvankelijk per 1 januari zou ingaan, is met twee jaar uitgesteld. Onderhandelaars van het Europees Parlement zijn dezer dagen in gesprek met landbouwministeries hoe het GLB er vanaf 2023 uit moet zien. Europarlementariërs willen onder meer maximumbedragen invoeren, om te voorkomen dat het grootste deel van het geld naar een kleine groep landbezitters gaat. Maar het onderliggende principe om de subsidies te verdelen per hectare, staat niet ter discussie.

Europese subsidies afromen, zoals met name Natuurmonumenten doet, is niet onwettig. Maar het zet kwaad bloed

In een reactie erkent het ministerie van LNV dat Nederland de overstap naar subsidies per hectare steunde, omdat dit eerlijker was dan de oude methodiek waarbij steun afhing van de historische productie. Dat die nieuwe verdeelsleutel gevolgen heeft gehad voor pachtprijzen en grondprijzen noemt LNV vanuit economisch perspectief niet vreemd. ‘Het is aannemelijk dat landbouwgronden die in aanmerking komen voor GLB-inkomenssteun in de markt een hogere prijs hebben, of het nu gaat om pacht of koop. Daarmee zal een deel van het effect van de inkomenssteun ‘weglekken’ naar grondeigenaren die grond voor pacht of koop aanbieden,’ zegt een woordvoerder.

‘Nederland zet nu in op een verschuiving van middelen voor inkomenssteun naar doelgerichte betalingen, waarmee de boer zijn inkomen kan aanvullen met maatschappelijke diensten op het gebied van duurzaamheid. Daarbij zijn ‘weglekeffecten’ niet of nauwelijks te verwachten.’ 

Blijft de vraag staan of het afromen van Europese subsidies zoals met name Natuurmonumenten dat doet, redelijk en verstandig is. Onwettig is het niet, maar het zet kwaad bloed bij pachtende boeren en hun belangenorganisaties – die Natuurmonumenten toch ook nodig heeft om natuur en landschap in Nederland vooruit te helpen. ‘We hebben inderdaad onze partners harder dan ooit nodig’, zegt Evelien Verbij, bestuurslid van Natuurmonumenten en tevens directeur van BoerenNatuur. ‘Vijf, zes jaar geleden is besloten tot het afromen, maar de context was toen heel anders. De tijden gaan snel. We staan nu samen voor de opgave om de stikstofproblematiek aan te pakken, en het klimaatvraagstuk. Dan kijk je als Natuurmonumenten verder dan je eigen natuurgebieden en moet je het gesprek aangaan met boeren en hun organisaties over natuur en landbouw in Nederland. De kwestie van de betalingsrechten is daarbinnen één klein puntje.’

Landschap met eigen bedrijf

Sommige landschappen slagen er wel degelijk in de betalingsrechten op eigen naam te krijgen. Zo heeft het Limburgs Landschap in 2016 een eigen landbouwbedrijf opgericht, dat betalingsrechten toebedeeld krijgt voor de terreinen die het zelf beheert – in 2019 zo’n drie ton. Daarmee zondigt het niet tegen de letter van de Europese regels, maar wel tegen de geest ervan – de inkomenssteun uit Brussel is niet bedoeld voor organisaties die al ruim van subsidie worden voorzien. Dit laatste is onderdeel van een breder probleem met de inkomenssteun uit Brussel: hij komt nauwelijks terecht bij de boeren die hem het hardst nodig hebben.

Volgens Limburgs Landschap-medewerker Harry Bussink speelt ook een kwaliteitsargument mee bij de oprichting van het bedrijf. ‘Onze natuurgronden zijn lastig te beheren. Onze eigen Galloways houden het terrein beter bij dan de melkkoeien, vaak jong vee, van de pachtende boeren. Wij hebben kuddes rond een moederkoe die wel dertien jaar op een perceel kan rondlopen. De terreinkennis wordt van moeder op kalfje doorgegeven.’

Boeren die pachten bij het Limburgs Landschap ondertekenen een formulier dat hen verplicht betalingsrechten te innen op een perceel en bij beëindiging van de pacht over te dragen aan hun opvolger. ‘Dat doen we niet om die rechten zelf te innen’, zegt Bussink. ‘Maar we vinden het belangrijk dat er betalingsrechten aan onze gronden zijn gekoppeld. Dat maakt ze aantrekkelijk voor volgende pachters.’

Lees verder Inklappen