'Nederland laks bij bestrijding corruptie'

    De OESO zegt dat Nederland zich harder moet opstellen ten aanzien van bedrijven die betrokken zijn bij buitenlandse corruptie.

    De OESO werkgroep voor corruptie komt met een zorgwekkende rapport over het Nederlandse rechtssysteem. Nederlandse bedrijven hebben te weinig te vrezen van aanklagers als het om buitenlandse corruptie gaat. De OESO spreekt over 22 corruptiezaken in Nederland, waarvan justitie er maar acht heeft onderzocht. En dikwijls zonder resultaat, want in slechts twee zaken heeft het onderzoek ook echt geleid tot een aanklacht. 'Nederland faalt bij het onderzoeken van buitenlandse omkopingsaantijgingen en moet meer doen om haar buitenlandse omkopingswetten na te leven,’ constateert de OESO dan ook. 

     

    Nederland deelt ook te lage boetes uit als er kwalijke zaken zijn geconstateerd. De OESO wijst op boetes die werden gegeven aan Nederlandse bedrijven in het kader van een schikking in 2008 voor het overtreden van het sanctieregime tegen Irak. De bedrijven betaalden boetes van 31.000 euro tot 119.000 euro. Lang niet genoeg vindt de OESO. De OESO adviseert dan ook de wet te veranderen zodat er boetes tot 10 procent van de omzet van een bedrijf kunnen worden uitgedeeld.  

     

    De werkgroep zegt vooral teleurgesteld te zijn in de weinig proactieve houding van de Nederlandse justitie ten aanzien van corruptie zaken waarbij brievenbusbedrijven zijn betrokken. Omdat Nederland meer dan 20.000 brievenbusbedrijven telt, bedrijven die hier alleen zitten om gebruik te maken van ons belastingregime en verdragennetwerk. Van de twaalf aantijgingen van buitenlandse omkoping waarbij brievenbusbedrijven zijn betrokken worden er momenteel maar twee onderzocht, constateert de OESO. Justitie geeft in antwoord op vragen van de OESO ook aan dat ze onvoldoende mankracht heeft om door te procederen in alle zaken. ‘Nederland is slechts een klein land, met beperkte middelen om de wet te handhaven.’

     

    Bovendien is de OESO bezorgt over de precedentwerking van de Trafigura zaak, waarbij de hoge raad besliste dat Trafigura Beheer (een van de grootste brievenbusbedrijven in Nederland) niet verantwoordelijk kan worden gehouden voor het dumpen van chemisch afval aan de Ivoriaanse kust. Alle feiten vonden plaats buiten Nederland; geen van de betrokken personen had de Nederlandse nationaliteit; en de commerciële activiteiten van het bedrijf vonden allen plaats buiten Nederland. Als deze redenering stand houdt zo vreest de OESO kan Nederland een vluchthaven worden voor corrupte bedrijven. 

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Redactie

    Gevolgd door 255 leden

    Volg Redactie
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren