Minister Kamp en staatssecretaris Dijksma tijdens de ondertekening van een akkoord over herbruikbare grondstoffen op 24 januari 2017.
© ANP

Nederland eist krachtig klimaatbeleid van Europa, maar niet van zichzelf

    Binnen een etmaal namen zowel minister Kamp van Economische Zaken als staatssecretaris Dijksma van Milieu deel aan de Europese ministerraad. Met twee compleet verschillende pleidooien. Oproepen tot ambitie werkt niet, als je niet tegelijkertijd ook zelf stappen zet, bleek eens te meer.

    Staatssecretaris Sharon Dijksma van Milieu reisde gisteren naar Brussel af voor een belangrijke bijeenkomst van de Europese milieuministers. In haar koffer een ambitieus plan om het klimaatbeleid van de EU te hervormen. De Europese Unie heeft afgesproken om de uitstoot van broeikasgassen in 2030 met ten minste 40 procent te verminderen ten opzichte van 1990. Centraal daarin staat het emissiehandelssysteem ETS. Zo’n 11.000 bedrijven uit de Europese industrie- en energiesector krijgen binnen dit systeem een hoeveelheid CO2-uitstootrechten toegewezen, die elk jaar met een vast percentage afneemt.

    Maar het ETS werkt niet en moet grondig op de schop. Sinds de economische crisis van 2008 is de vraag naar uitstootrechten lager dan verwacht. Dit heeft geleid tot een overschot aan rechten, waardoor de CO2-prijs naar een ongekend dieptepunt is gezakt van slechts enkele euro’s per ton. Aan de verkoop van overtollige rechten verdiende de industrie de afgelopen jaren zelfs miljarden euro's.

    De CO2-prijs zakte naar een ongekend dieptepunt

    Dijksma maakte zich echter ‘grote zorgen’ over de voorgestelde hervormingen. EU-voorzitter Malta had onder druk van enkele Oost-Europese landen het aanvankelijke idee van een afname van de hoeveelheid rechten met 2,4 procent per jaar afgezwakt naar 2,2 procent. Tot aan 2050 zou dat slechts een totale afname van het aantal rechten met 85 procent beteken, in plaats van de geplande 93 procent bij 2,4.

    ‘Ik wil dat de Europese Commissie kiest voor ambitie,’ hield ze de bijeengekomen ministers in Brussel dan ook voor. Dijksma’s inzet was een krachtig 2,4. Zelfs als dat betekende dat er geen overeenkomst zou worden bereikt. Samen met Luxemburg, Zweden en Frankrijk zou Nederland in dat geval een kopgroep van Europese landen kunnen vormen die wel aan een ambitieus handelssysteem wilden werken. Desnoods zou zelfs de samenwerking met Canada of enkele Amerikaanse staten gezocht kunnen worden, als Europa het helemaal zou laten afweten.

    Groenste jongetje van de klas

    Nederland probeerde het groenste jongetje van de Europese klas te zijn. Probeerde, want Nederland is nu verre van groen. Op maandag, een dag voor Dijksma’s bezoek aan Brussel, kwamen de Europese ministers van energie ook al bij elkaar. Uit de ‘State of the Energy Union,’ het energierapport dat de Europese Commissie aan hen presenteerde, bleek opnieuw dat Nederland een van de slechts presterende landen in Europa is als het gaat om duurzame energie. Ook Luxemburg en Frankrijk, twee andere deelnemers aan de voorgestelde kopgroep van Dijksma, doen het slecht.

    Volgens de gemaakte afspraken moet Nederland in 2020 voor 14 procent op duurzame energie draaien. Als enige land lag Nederland in 2014 niet op koers om dit doel te halen, en de Commissie gelooft ook niet dat we dat voor 2020 gaan inlopen. Minister Henk Kamp van Economische Zaken, die over duurzame energie gaat, ontkent de aantijgingen en zegt dat de Commissie zich baseert op oude cijfers. Maar ook onze eigen Nationale Energieverkenning liet afgelopen najaar zien dat we hooguit op 12,7 procent zullen blijven steken.

    State of the Energy Union

    "Nederland is een van de slechts presterende landen in Europa in duurzame energie"

    Wankel fundament

    Een van de manieren waarop minister Kamp toch aan de 14 procent denkt te komen is door de grootschalige inzet van de bijstook van biomassa, voornamelijk houtpellets uit de bossen van Canada en de Verenigde Staten, om de gestelde doelen te halen.

    De bijstook van biomassa is, naast het emissiehandelssysteem ETS, de tweede gebroken pijler onder het Europese milieubeleid. Zo’n tweederde van alle duurzame energie in de gehele Europese Unie (63,1 procent in 2014) is toe te schrijven aan biomassa of afvalverbranding. In 2020 is dit naar verwachting nog steeds 57 procent. Voor Nederland bedroeg dit aandeel in 2015 zelfs 67,5 procent. Minster Kamp heeft minstens 3 miljard euro subsidie aan energiebedrijven uitgetrokken om de bijstook mogelijk te maken. Om de gestelde energiedoelen te halen heeft Europa, en Nederland voorop, er dus een enorm belang bij de om biomassa als ‘duurzaam’ te blijven aanmerken.

    Bijstook is eigenlijk het ineffciënt verbranden van miljarden euro's belastinggeld

    Aan het klimaateffect van deze bijstook valt echter sterk te twijfelen. Follow the Money liet begin vorig jaar al zien dat deze bijstook in wezen de inefficiënte verbranding van miljarden euro’s belastinggeld betreft. En het bewijs stapelt zich steeds verder op. Vorige week bracht de Britse denktank Chatham House nog een nieuw rapport naar buiten waarin het liet zien hoe de bijstook van hout uit bossen in bijna alle gevallen niet klimaatneutraal is, en soms zelfs tot meer CO2-uitstoot leidt dan fossiele brandstoffen.

    Desondanks blijft de inzet van deze zeer bedenkelijke vorm van duurzame energie een belangrijke pijler onder het Nederlandse en Europese klimaatbeleid. In de raad van ministers sprak Nederland maandag de hoop uit dat de bijstook onderdeel kan blijven uitmaken van de door Europa gehanteerde definitie van hernieuwbare energie en daar subsidie voor mag blijven ontvangen. Wat Kamp betreft moet het Europese beleid erop gericht zijn de uitstoot van broeikasgassen op de meest kosten-effectieve (lees: de goedkoopste) manier terug te dringen. En niet op richtlijnen voor vastgestelde hoeveelheden duurzame energie.

    Toch een overeenkomst

    Met zijn pleidooi legt minister Kamp niet alleen een motie naast zich neer die begin december door de Tweede Kamer werd aangenomen. Deze verzocht het kabinet om de subsidie op biomassa per direct stop te zetten. Kamp doet zelfs het tegenoverstelde en probeert ook op Europees niveau de bijstook voor de komende jaren veilig te stellen.

    Staatssecretaris Dijksma toonde meer klimaatambitie dan minister Kamp

    Staatssecretaris Dijksma legde meer klimaatambitie aan de dag. Het mocht niet baten. De Europese milieuministers besloten de afname van het aantal rechten bij 2,2 procent te houden. Ondanks haar dreigementen ging ook Dijksma hiermee akkoord, omdat is toegezegd dat er vanaf 2024 alsnog een groot aantal extra rechten zal worden geschrapt. Een echt ambitieuze hervorming laat daarmee nog zeven jaar op zich wachten.

    Binnen een etmaal werd ondertussen het dubbele beleid van dit kabinet duidelijk. Nederland wees met een opgeheven vingertje naar de splinter van het ETS, maar vergat de houten biomassa-balk in het eigen oog er uit te trekken. Of zoals voormalig milieuminister Pieter Winsemius (VVD) gisteravond in Nieuwsuur betoogde: het is mooi dat Sharon Dijksma een kopgroep wil vormen, maar dat betekent dat Nederland eerst uit de Europese achterhoede naar voren moet komen.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Bart Crezee

    Milieuwetenschapper en schrijft over olie- en gasboringen, de energietransitie en klimaatverandering.

    Volg Bart Crezee
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren