Nederlandse agrifood snakt naar financiering

3 Connecties

Onderwerpen

Landbouwindustrie Startups

Organisaties

Agrifood
7 Bijdragen

Hoe krijg je internationale investeerders zover om te investeren in de Nederlandse agrifoodsector? Dat was het doel van het F&A Next-congres in Wageningen. Durfkapitaal is nog steeds de missing link. Economische Zaken kondigde de nodige steunmaatregelen aan, maar is dat genoeg om in Nederland een ‘Silicon Valley’ voor de voedingsindustrie te creëren?

‘Wij hebben voor ons idee 1,1 miljoen euro nodig om een marktaandeel te veroveren.’ ‘Wij hebben deze startupwedstrijden allemaal gewonnen.’ ‘Ons idee beantwoordt aan een toekomstige markt van anderhalf miljard, en wij hebben de patenten al veilig gesteld.’ Verschillende startups uit Wageningen en daarbuiten pitchen hun plannen voor een vierkoppige jury. Allemaal beloven ze een voorspoedige toekomst waarin een sector wordt gedisrupt en veel return on investment. Sommige ondernemers zijn wat zenuwachtig en er zijn zelfs drie no-shows. Desalniettemin is de jury tevreden.

‘Op ondernemerschap scoorden de pitches hoog. Er zit een natuurlijke selectie in en daarom staan deze jonge ondernemers hier. Maar ik denk wel dat er nog veel meer research en innovaties in Wageningen en op andere universiteiten zijn waar een goede onderneming in zou zitten. Die zie je hier dan weer niet,’ constateert Matthijs Baan van het investeringsfonds Green Soil Investments. Samen met Florentine Fockema van Shift Invest, Wilco Schoonderberg van PPM Oost en de Israëli Nitza Kardish vormde hij de vierkoppige jury die alle startups beoordeelden. Het Nederlandse trio van de jury vertegenwoordigt daarnaast een belangrijk deel van het binnenlandse durfkapitaal in de agrifoodsector.

Allemaal beloven ze een voorspoedige toekomst waarin een sector wordt gedisrupt

In de zaal zit nog veel meer durfkapitaal. De buitenlandse investeerders zijn naar het evenement gelokt om het broodnodige kapitaal over het ‘ecosysteem’ uit te strooien. Met in totaal 109 investeerders en fondsen klotste het geld over de plinten van de zaal. Dat kapitaal wist de weg naar de Europese startups in de agrifoodsector tot dusver niet echt te vinden. Volgens Agfunder zijn de investeringen in de sector in 2015 verdubbeld ten opzichte van het jaar daarvoor. In drie jaar tijd zijn de investeringen zelfs vertienvoudigd. Toch zijn in de agrifoodsector volgens het investeerdersnetwerk slechts acht startups uit Nederland gefinancierd. Een vreemd gegeven, gezien de internarionale reputatie van de Wageningen UR. Het doel van het evenement was om de aanwezige miljoenen te koppelen aan 152 startups uit binnen- en buitenland.

Het zwarte gat genaamd Silicon Valley

‘Dat de investeringen achterblijven, zien we overal,’ vertelt Rob Leclerc, medeoprichter van Agfunder. ‘Investeerders willen in ruil voor een kapitaalinjectie graag een plekje in de raad van bestuur. Als een fonds in zes verschillende bedrijven heeft geïnvesteerd, moeten ze dus al naar minstens 24 bestuursvergaderingen. Als je elke keer vanuit de Verenigde Staten naar Wageningen moet vliegen, is dat in totaal één vijfde van je tijd. Daarom zien we duidelijk dat investeerders liever in een straal van 75 kilometer rond hun vestiging investeren. En ja, dat is nu nog vaak de regio rond San Francisco. Andere hubs hebben precies hetzelfde probleem. Of het nu St. Louis, Canada of Australië is. Overal zitten ze verlegen om investeringen.’

Volgens Adam Anders, managing partner van Anterra, een afsplitsing van de Rabobank en een van de weinige durfkapitaalfondsen met een vestiging in Nederland, is het een kwestie van tijd voordat er een investeringsgolf de Nederlandse agrifoodsector overspoelt. ‘Vijf jaar geleden waren er nog helemaal geen durfinvesteringen in de agrifoodsector. Nu gaat het hard. Iedereen kijkt naar Silicon Valley, maar het is niet zo gek dat ze daar een paar jaar op de troepen vooruit lopen.’

‘Durfinvesteerders investeren liever in het op één na beste bedrijfje, als dat toevallig in Silicon Valley is gevestigd’

Volgens Leclerc is er een verband tussen de afstand tot Silicon Valley en de waardering van bedrijven. ‘Buiten Silicon Valley zijn de waarderingen van startups consequent lager. Durfinvesteerders investeren liever in het op één na beste bedrijfje dat toevallig in Silicon Valley is gevestigd, dan de startup die een bepaalde technologie al verder heeft ontwikkeld.’

Een groot probleem, vindt de Amerikaan. ‘Voor optimale innovatie wil je dat die investeerders hun geld in het beste bedrijf steken, en niet met een bak geld het tweede bedrijf omtoveren tot het beste bedrijf. Daarom zijn we bij Agfunder bezig met het opzetten van een fonds ter waarde van 20 miljoen dollar. Dat geld willen we investeren in veelbelovende startups. Daarnaast hebben we een community van ongeveer 19.000 leden. Dit zijn allemaal experts in de agrifoodsector of durfinvesteerders. We hopen dat we de kennis en connecties van al die mensen kunnen koppelen om zo de innovatie nog een boost te geven.’

De injectie van EZ

Staatssecretaris Martijn van Dam wil met een nieuw investeringsfonds zorgen dat er meer ondernemers uit de sector beginnen met een startup. Het ministerie van Economische Zaken legt 6 miljoen euro apart voor een fonds, dat met privaat geld moet worden aangevuld tot 12 miljoen. Van Dam: ‘Bij de eerste ton kost het vaak moeite om die vanuit de markt geïnvesteerd te krijgen. Wat wij doen is de drempel verlagen voor private investeerders door de helft bij te dragen vanuit de overheid. We maken er geen 100 procent overheidsgeld van omdat we juist willen dat ook private ondernemingen risico nemen. Als zij die bereidheid hebben, want we weten dat dit soort investeringen moeilijk zijn, zijn we bereid om een deel van dat risico op ons te nemen. Juist om te zorgen dat Nederland ook meer aanhaakt op het gebied van startups in de food- en agrosector.’

‘Je weet hoe dat werkt met startups; een paar slagen er, een heleboel slagen niet’

Met het fonds probeert Van Dam door middel van vroege fase-financiering de aanwas van startups aan te wakkeren. ‘Bij ons zit heel veel innovatie in grotere bedrijven,’ vertelt de staatssecretaris. ‘Ik geloof dat innovatie ook komt van de nieuwkomers, de starters die iets heel nieuws bedenken en buiten de gebaande paden gaan om zo de wereld op zijn kop te kunnen zetten. Dan heb je er wel genoeg nodig die allemaal met wilde ideeën komen. Je weet hoe dat werkt met startups; een paar slagen er, en worden iets heel bijzonders, en een heleboel slagen niet. Maar je hebt ze wel allemaal nodig om van die ideeën iets moois te maken.’

Verder kondigde minister Henk Kamp aan jaarlijks een bedrag van 50 miljoen euro vrij te maken voor alle startups. Dit bedrag moet via fiscale voordelen, zoals loonregelingen, de ondernemers achter een startup wat meer lucht bieden. Het resterende bedrag zal ook via een co-financieringsfonds worden geïnvesteerd, een regeling die is afgekeken van de oosterburen.

De volgende stap

Het blijft in het algemeen lastig voor startups om na het opstarten genoeg kapitaal binnen te krijgen voor de volgende stap. Vaak is dat het financieren van een proefopstelling om het product te testen voordat het echt op de markt komt. Florentine Fockema van Shift Invest erkent dit probleem. ‘Je ziet dat bedrijven die na een “seed-investering” of een financiering tot zeg maar 2,5 miljoen euro, het heel lastig hebben om de volgende investering binnen te krijgen, die misschien wel 10 miljoen vergt.’ Volgens de Australiër Adam Anders van Anterra is er voor de agrifoodsector nog een bijkomend probleem: ‘Als je in de landbouw iets wilt testen, heb je te maken met de seizoenen. Het kan zomaar zijn dat je een jaar moet wachten voordat je een tweede test kunt uitvoeren. Durfinvesteerders zijn dat niet gewend.’ Verder kan hij moeilijk verklaren waarom het durfkapitaal nog niet naar Nederland of Europa is gekomen: ‘Hebben we stilgezeten in het aantrekken van durfkapitaal naar Nederland? Ik durf het niet te zeggen, maar om de een of andere redenen is het tot op heden niet gelukt.’

‘Iedere startup heeft baat bij een ervaren grijsaard die kan helpen’

Volgens Rob Leclerc van Agfunder is het goed dat het fonds op basis van cofinanciering werkt. ‘Een overheid kan moeilijk zelf de winnaars voorspellen. Wat ze veel beter kunnen doen is een investering versterken. Het is van belang om investeerders te laten zien dat er voordelen zijn door te kiezen voor Europa.’ Adam Anders denkt dat er over een paar jaar pas kan worden beoordeeld of de initiatieven hebben gewerkt. ‘Als je jezelf met Silicon Valley wilt vergelijken, kun je zeggen dat we het niet hebben gered. Maar ik zie een heleboel mensen hun best doen om te zorgen dat het gat op den duur wordt gedicht.’

Anders is verder positief over de invulling van het ecosysteem zoals dat er nu ligt. ‘Over vijf jaar gaan we sowieso de grens van een miljard euro aan investeringen doorbreken. Tegen die tijd zullen er ook de eerste exits zijn, dat belooft een spannende tijd te worden.’ Ook de Amerikaanse durfinvesteerder Andrew Ziolkowski ziet kansen voor zijn fondsen. Ziolkowski beheert twee fondsen van in totaal 150 miljoen dollar. ‘Als ik de Wageningen UR vergelijk met de twee beste universiteiten in de VS, Cornell en UC Davis, dan zie ik dat mensen het hier goed doen. Ze zijn minstens zo goed, misschien zelfs beter. Het enige dat hier nog ontbreekt zijn ervaren ondernemers die de jonge starters kunnen helpen. Iedere startup heeft baat bij een ervaren grijsaard die kan helpen. Dat is het belangrijkste wat nog moet ontstaan. We gaan een aantal bedrijfjes volgen, waarschijnlijk zullen we in de komende jaren een aantal deals maken.’

Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

Over de auteur

Sem van den Brink

Schrijft voor Follow the Money over Wageningen en alles wat daarmee te maken heeft.

Dit artikel zit in het dossier

Wageningen & Food Valley

Gevolgd door 179 leden

Wageningen University & Research staat wereldwijd hoog aangeschreven. Maar de zorgen over de kwaliteit van het academisch ond...

Volg dossier