Nette handel financieren en de grootste food & agri-bank worden, vergt lenigheid van Rabobank

    Rabobank heeft de ambitie om de beste food- & agribank ter wereld te worden. De vraag is of die ambitie kan worden verwezenlijkt door alleen met nette bedrijven zaken te doen? Neem Rabo's nauwe banden met het Singaporese palmolieconcern Wilmar.

    ‘Mijn familie boerde ruim 37 jaar op dit land. We verbouwden plantain, palmolie, cocoyam en pepe.’ Aning Oja uit Ibogo Village in Nigeria toont de overblijfselen van zijn oogst; niet veel meer dan wat gekneusde bladeren die achterbleven nadat palmoliegigant Wilmar een week daarvoor met bulldozers het land platwalste. ‘We willen ons land terug. Het tropisch woud is onze enige bron van overleven. Door ons onze boerderijen te ontnemen, verklaart Wilmar ons dood.’ Ibogo Village is een van de talrijke boerendorpjes gelegen in het gebied dat te boek staat als de Obasanjo-concessie. Deze landbouwgrond ligt in het meest zuidoostelijke puntje van Nigeria en is in 2007 geconfisqueerd door de toenmalig gouverneur en overgedragen aan een privébedrijf van president Obasanjo. Toen deze niet genoeg financiële middelen had voor de aanleg van een plantage, verkocht Obasanjo het land aan het agribusiness-concern Wilmar dat verantwoordelijk is voor ruwweg 45 procent van de mondiaal verhandelde palmolie. Hoewel het gebied deels als jungle zou kunnen worden omschreven, bestaan er wel degelijk door mensen opgestelde wetten die beschrijven hoe overnames dienen te verlopen. De confiscatie door de gouverneur en de latere overdracht aan de president voldoen daar niet aan. Volgens het Rainforest Resources Development Centre (RRDC), dat waakt over duurzaam bosbeheer in Cross River State, is er sprake van een onwettige overname die in strijd is met Nigeria's Land Use Act No. 6 uit 1978. De overname van de landbouwgrond zou daarmee de rechten van de lokale gemeenschappen hebben geschonden.

    Landroof

    Feiten als deze staan genoemd in het rapport 'Exploitation and Empty Promises' van Friends of the Earth (FoE). FoE is een internationaal netwerk van milieubewegingen dat het huidige model van corporate gedreven globalisering uitdaagt. En de door Rabobank gefinancierde Palmoliegigant Wilmar staat al jaren in het vizier van deze activistische organisatie. De betrokkenheid van Wilmar bij landroof is een zich herhalend thema zoals ondermeer blijkt uit dit onderzoeksrapport uit 2014. De mede door Wilmar ingezette landbouwexpansie in onder meer Nigeria zou bovendien vergezeld gaan van uitbuiting van de lokale bevolking. Deze bevindingen van FoE over het aan de Singaporese beurs genoteerde agribusiness-concern contrasteren scherp met de eigen voornemens van het concern. Eind 2013 maakte Wilmar publiekelijk bekend zich niet meer met ontbossing en uitbuiting in te laten.
    De wanpraktijken brengen brengen ook de coöperatieve Rabobank in een pijnlijke spagaat
    In juli publiceerde FoE dus wederom een uiteenzetting over de wanpraktijken op basis van ooggetuigenverslagen, satellietkaarten en archiefgegevens van Wilmar en brengt daarmee ook de coöperatieve bank Rabobank in een pijnlijke spagaat. Rabobank is als wereldspeler op het gebied van financieringen van agri- en foodbedrijven een belangrijke financiële partner van Wilmar International Ltd. Op Follow The Money schonken we in juni aandacht aan de activiteiten die Wilmar in Nederland ontplooit. Onder begeleiding van Rabobank wist het de Rotterdamse Haven op de kaart te zetten als de belangrijkste EU-hub van plantaardige grondstoffen door twee palmolieraffinaderijen op de Maasvlakte neer te zetten. Rabobank staat genoemd in de lijst van grootste financiers van Wilmar. Over de precieze bedragen verschillen de meningen. Volgens het FoE-rapport staat er 144 miljoen euro aan Rabo-leningen uit bij het concern. Uit een onderzoeksrapport van het onafhankelijke economische bureau Profundo blijkt dat Rabobank International tussen 2010 en 2014 op zijn minst 366 miljoen euro geleend heeft aan Wilmar.

    De beste food & agribank ter wereld

    Voor een bank die tot doel heeft de beste food- & agribank ter wereld te worden, is deze zakelijke verwantschap niet verwonderlijk. Om deze ambitie te realiseren zul je logischerwijs moeten streven naar een sterke aanwezigheid in de belangrijkste voedings- en landbouwnaties. Landen waarin palmoliegigant Wilmar veelal opereert. Na Indonesië te hebben veroverd heeft het bedrijf voet aan wal gezet in Afrika. Dat deel van de wereld staat aangeschreven als de meest veelbelovende bestemming voor investeerders, waardoor het de bijnaam 'the new frontier' kreeg. De financiële relatie tussen Rabobank en Wilmar wordt bovendien ondersteund door de G8’s New Alliance for Food Security and Nutrition. Het samenwerkingsverband tussen Afrikaanse overheden, de private sector en ontwikkelingspartners als de EU - de Europese Unie is een fervent partner van de New Alliance met een totaal aan financiele steun van €1,2 miljard - maakt het gemakkelijker voor bedrijven om zaken te doen in Afrika via de versoepeling van exportcontroles en belastingwetgeving. Multinaltionals als Monsanto, Diageo, SABMiller, Unilever, Syngenta en Wilmar genieten via de ‘Nieuwe Alliantie’ nauwe banden met de Afrikaanse regering om hun commerciële belangen te behartigen. Voor de ontwikkeling van landbouw in rurale gebieden worden bovendien grote stukken land beschikbaar gesteld door de lokale overheden.
    Nigeria staat aangeschreven als de meest veelbelovende bestemming voor investeerders
    Agri- en foodbedrijven moeten echter wel handelen naar het prospectus van de New Alliance. Hiermee verbinden beide partijen, zowel Rabobank als Wilmar zich er bijvoorbeeld toe dat de investeringen een significante impact op de werkgelegenheid zullen hebben. Tevens zal er geïnvesteerd moeten worden in managementonderwijs en financiële steun aan kleine boeren. En zullen de zogenoemde ‘Corporate Responsibility’-activiteiten van Wimar en Rabobank een positieve invloed moeten hebben op lokale en rurale gemeenschappen door middel van gezondheidszorg, onderwijs, toegang tot drinkwater en huisvesting.

    Wilmar Nigeria Boeren die protesteren tegen de onteigening van hun boerderijen (nabij Ibogo Village).

    Rabobank is vanzelfsprekend zelf ook een groot voorstander van ethisch zakendoen. Of zoals de bank het in haar corporate missie helder omschrijft: ‘Rabobank Group puts the common interests of people and communities first. Based on its commitment to those interests, Rabobank Group aims to be a driving and innovating force that contributes to the sustainable development of prosperity and well-being. Its goal is to help people and communities achieve their present and future ambitions.’ Etc. etc.

    Ongelijke economische ontwikkeling

    Het welbevinden van mensen voorop stellen blijkt in de praktijk echter geen eenvoudige opgave voor sommige Rabo-bankiers die zich met de grote zakelijke kredieten bezighouden. Volgens talrijke rapporten van ngo’s gaat er in de dagelijkse praktijk nog altijd heel wat mis in de bedrijfsvoering van Raboklant Wilmar. ‘Wilmar beloofde de dorpshoofden om de gemeenschappen te compenseren, hun scholen op te knappen, wegen aan te leggen en de jongeren een baan te bezorgen. Van die beloftes is tot op heden weinig tot niets waargemaakt’, aldus Anne van Schaik die afgelopen mei namens FoE persoonlijk polshoogte ging nemen in Ibogo Village. ‘Wilmar heeft onvoldoende en pas achteraf sociale en milieu-effect rapportages gemaakt.’ ‘We hebben geen elektriciteit en de zogenaamde weg is een modderpoel’, vertelde chief Steven Omari haar. ‘De school is nog altijd een bouwval en onze jongeren worden te werk gesteld om palmbomen te planten. Voor de gekwalificeerde banen als bouwvakker of administrateur worden mensen van buitenaf aangetrokken.’
    Het welbevinden van mensen voorop stellen blijkt in de praktijk geen eenvoudige opgave voor de Rabo-bankiers
    Ook wetenschappelijke analyses zoals die van het Center for International Forestry Research (CIFOR), tonen aan dat de toenemende afhankelijkheid van de private sector in Cross River State waar het eerder genoemde Ibogo Village ligt, kleinschalige productiesystemen verdringen en louter de politieke elites en de betrokken multinationals verrijken. Volgens de Amerikaanse onderzoek- en onderwijsinstelling - The Fund for Peace – heeft dat ook te maken met het gegeven dat Nigeria een ‘fragile state’ is waar de heersende elites en overheidsinstellingen op één lijn liggen. Met behulp van het staatsapparaat zoals de veiligheidstroepen, presidentieel personeel, de centrale bank, diplomatieke diensten, de douane en incassobureaus, wordt ongelijke economische ontwikkeling in de hand gewerkt. Doordat constitutionele en democratische instellingen en processen worden geschorst of gemanipuleerd, treedt er vervolgens wijdverbreide schending van mensenrechten op. De media blijven ons dan ook overspoelen met voorbeelden van land- en bosbouwdeals die gemeenschappen van hun grond verdrijven, de ecocultuur vernietigen en de bevolking economisch juist benadelen in plaats van ten goede komen.

    'Medeplichtig'

    De harde kritiek op Wilmar en ook Rabobank is zeker niet nieuw. Rabobank wordt door Milieudefensie al sinds 2001 aangesproken op haar financiële betrokkenheid bij Wilmar omdat het bedrijf zich meerdere malen schuldig maakte aan landroof; in Indonesië, Liberia en Oeganda. Over de eerste kwestie heeft Milieudefensie inmiddels een klacht ingediend bij het National Contactpunt OESO-richtlijnen (NCP). De Oegandese boeren op de Kalangala eilanden nabij het Victoriameer zijn met hulp van FoE een civiele rechtszaak gestart tegen een joint venture van Wilmar International. 'Dat Rabobank wereldwijd één van de belangrijkste financiers is en blijft van palmoliebedrijf Wilmar, druist in tegen haar eigen Corporate Social Responsibility-programma,' stelt Van Schaik vast. ‘Sterker nog, het rücksichtsloze vertrouwen dat Nederlandse banken en pensioenfondsen geven aan agri-multinationals in ontwikkelingslanden lijkt hen eens te meer medeplichtig te maken aan grootschalige landroof, schending van mensenrechten en ontbossingen in natuurreservaten. De problemen nemen eigenlijk alleen nog maar toe. Krab jezelf dan achter de oren en vraag je af: hoe oprecht is zo’n duurzaamheidsbeleid?’
    Rabobank Group benadrukt steevast dat het de internationale mensenrechten respecteert
    In haar sustainability reports benadrukt de Rabobank Group immers steevast dat het de internationale mensenrechten, waar landrechten en rechten van inheemse volken deel van uitmaken, respecteert. ‘En dat verwachten we ook van onze klanten”, aldus Rabobank-woordvoerder Marie-Christine Reusken. Doordat de Rabobank sinds 2005 de VN-bedrijfsnormen voor de Rechten van de Mens heeft geïmplementeerd - ofwel de OESO-richtlijnen- committeert het zich niet alleen tot het voorkomen van mensenrechtenschendingen door de eigen bedrijfsvoering, maar ook tot in de productieketens van de bedrijven die zij financiert. ‘Ons doel is in het kort dat de wereld er iets aan heeft dat Rabobank bestaat’, is de omschrijving van de huidige directeur duurzaamheid Bas Rüter. Verder stelt de eigen Gedragscode van de Rabobank Groep dat het zich verplicht om aan de nationale wetgeving van de landen waarin zij actief is te houden, ook landen waar wetten niet of slecht worden gehandhaafd.

    Aansprakelijkheid

    Woordvoerder Reusken
 geeft echter aan dat het rapport van Milieudefensie (zusterorganisatie van FoE, red.) duidelijk terug gaat in de tijd. ‘Het bevat observaties die voor een deel reeds eerder bekend zijn gemaakt. Ook is uit de observaties niet altijd duidelijk wie (welk bedrijf) wat (welke handeling) heeft verricht en welk bewijs er voor is. We gaan met Milieudefensie in gesprek om helder te krijgen wat nu de nieuwe feiten zijn in dit rapport en wat daarvoor de onderbouwing is. Voor zover er sprake is van "nieuwe feiten" die betrekking hebben op de Rabobank en/of haar klanten, zullen we de betrokken klant om een toelichting vragen.’ Vragen over het belang om Wilmar te financieren wil Rabobank niet toelichten. ‘Inzage aangaande de omvang van eventuele financieringen zou de privacy van de klant raken. U zult begrijpen dat we daar niet op in kunnen gaan’, aldus Reusken. Anne van Schaik onderhandelt namens het Economic Justice team dat in Brussel is gevestigd momenteel over het opnemen van een VN-mandaat om het nakomen van de bedrijfsnormen voor de Rechten van de Mens, wettelijk verplicht te maken. ‘Wij zien in de praktijk dat zolang er geen aansprakelijkheid ten laste kan worden gelegd, multinationals zich blijven verschuilen achter richtlijnen en kaders. Maar in veel ontwikkelingslanden zoals Nigeria degradeert de belofte tot maatschappelijk verantwoord ondernemen tot niet meer dan een intentie dat er aan duurzaamheid in de breedste zin wordt gewerkt.’
    Over de auteur

    Annemarie van de Weert

    Schrijft columns over de betrokkenheid van het bedrijfsleven bij de georganiseerde misdaad, oorlogsmisdaden en mensenrechten.

    Lees meer

    Volg deze columnist

    Dit artikel krijg je cadeau van Follow the Money.

    Diepgravende onderzoeksjournalistiek kost tijd en geld. Steun ons en

    word lid