© Door Ap320 - Eigen werk, CC BY-SA 4.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=41577257

Opsporingsexperts: ‘Nieuw onderzoek vuurwerkramp Enschede is gerechtvaardigd’

    Op deze laatste dag van het jaar publiceren we het laatste artikel van onze redacteur Rob Vorkink, die eerder deze maand overleed. Rob had zich vastgebeten in het onderzoek naar de Enschedese vuurwerkramp van 2000 en was blij dat er werd gepleit voor heropening van dat dossier. In de weken voor zijn dood werkte Rob aan een overzicht van de grootste controverses over het politieonderzoek naar de ramp. Dit is Robs ‘Onvoltooide’.

    Er is geen andere catastrofe in Nederland die zo vaak is onderzocht en waarover officiële instanties en criticasters zo van mening verschillen als de vuurwerkramp in Enschede. Op die zaterdagmiddag 13 mei 2000 waren er 23 doden en bijna duizend gewonden te betreuren, en lag een woonwijk in puin.

    Nog altijd is onduidelijk hoe de brand bij de vuurwerkopslagplaats van SE Fireworks aan de Enschedese Tollensstraat precies is ontstaan, al is er volop gespeculeerd over de oorzaak. Honderden complottheorieën zijn de revue gepasseerd, maar de diverse rechercheteams die zich over het onderzoek hebben gebogen, konden geen van allen uitsluitsel geven over de toedracht.

    Er is volop gespeculeerd, honderden complottheorieën passeerden de revue

    In oktober van dit jaar rondde oud-Europarlementariër en ex-klokkenluider Paul van Buitenen een omvattend rapport over de kwestie af. Inmiddels heeft hij, in een besloten sessie, de Tweede Kamer op de hoogte gebracht van zijn bevindingen. Van Buitenen constateerde onder meer misleiding door de rijksrecherche in het dossier. Follow the Money belicht enkele kwesties waarop de meningsverschillen tussen de opsporingsautoriteiten en de criticasters zich toespitsen.

    Kritische rechercheurs moesten in 2005 het veld ruimen

    De opsporingsinstanties (politie en Justitie) zeggen dat de waarheid thans niet meer is te achterhalen. Oud-rechercheurs Jan Paalman en Charl de Roy van Zuydewijn, die deel uitmaakten van het Tolteam – het rechercheteam dat is vernoemd naar de straat waar SE Fireworks was gevestigd – zijn het daar niet mee eens.

    Hun kritische houding moesten de twee rechercheurs in 2005 bekopen met hun ontslag, maar het duo beet zich vast in hun zoektocht naar de waarheid. In 2012 haakte De Roy van Zuydewijn af, maar Paalman bleef ijveren. Nu zegt hij: ‘De ware toedracht kan wel worden vastgesteld, maar dat mag niet.’

    Onderzoeken naar de vuurwerkramp
    • Het Tolteam (2000-2002). Rechercheteam vernoemd naar de straat waarin de ontplofte vuurwerkopslagplaats was gevestigd. Politie en justitie gaan op basis van dit Tolteam-onderzoek uit van brandstichting. De verdachte, André de Vries, wordt veroordeeld tot 15 jaar cel, maar krijgt een jaar later in hoger beroep vrijspraak.

    • Onderzoekscommissie Oosting (2000-2001). In opdracht van de regering onderzoekt voormalig nationaal ombudsman Marten Oosting de zaak. Zijn belangrijkste conclusie: SE Fireworks had te veel en te zwaar vuurwerk opgeslagen, en de overheid schoot tekort in toezicht en handhaving. Volgens Oosting was brandstichting waarschijnlijk de oorzaak van de ramp.

    • Bureau Interne Zaken Gelderland (2003). Intern politieteam dat in opdracht van burgemeester Jan Mans van Enschede onderzoek doet naar het functioneren van het Tolteam na aanhoudende kritiek van rechercheurs Jan Paalman en Charl de Roy van Zuydewijn. Conclusie: leidinggevenden en uitvoerenden binnen het strafrechtelijk onderzoek hebben de rechterlijke macht misleid en strafbare feiten gepleegd.

    • Rijksrecherche (2004). De Rijksrecherche start in opdracht van minister van Justitie Piet-Hein Donner een onderzoek naar aanleiding van de alarmerende conclusies van het Gelderse team. Hun rapport wordt vertrouwelijk gedeeld met de burgemeester van Enschede en de Twentse korpsleiding. Conclusie: op enkele slordigheden na, heeft het Tolteam prima gefunctioneerd en zijn er geen onregelmatigheden geconstateerd.

    • Commissie Herstel (2005). De Tweede Kamer eist opheldering na het ontslag van rechercheurs Paalman en De Roy van Zuydewijn. Conclusie, na een korte review van enkele door Donner vrijgegeven documenten uit het Rijksrechercheonderzoek: er zijn geen onregelmatigheden ontdekt.

    • Heropening justitieel onderzoek (2010-2012). Het OM heropent in mei 2010 het strafrechtelijk onderzoek naar aanleiding van nieuwe informatie over een bedrijfsongeval bij SE Fireworks. Drie achtereenvolgende politieteams (Esaltato,VerEsal en Daslook) doen tot eind 2012 onderzoek, met als uitkomst dat het ontstaan van de vuurwerkramp een raadsel blijft.

    • Review Paul van Buitenen (2014-2018). De stichting Expertgroep Klokkenluiders schakelt een van haar deskundigen in: voormalig Europarlementariër Paul van Buitenen. Hij doet onderzoek naar diverse rapporten en documenten, en voert tientallen gesprekken met hoofdrolspelers en met deskundigen op het gebied van opsporing, brandbestrijding en explosies. Conclusie: Justitie heeft doelbewust onderzoeksmateriaal gemanipuleerd om naar een vooringenomen uitkomst toe te werken, namelijk dat een brandstichter de ramp heeft veroorzaakt.

    Lees verder Inklappen

    Tunnelvisie

    Voor het Tolteam stond van meet af aan vast dat er sprake moest zijn van brandstichting. Twee Tolteam-rechercheurs treden in 2005 naar buiten als klokkenluiders: Jan Paalman en Charl de Roy van Zuydewijn. Ze hadden intern herhaaldelijk gemeld dat de verbeten jacht op een brandstichter bij de top van politie en justitie had geleid tot tunnelvisie. De verdenkingen tegen de de 26-jarige Enschedeër André de Vries werden volgens hen ‘opgeblazen’, terwijl ontlastend bewijs werd achtergehouden.

    Oud-rechercheur Jan Paalman: ‘De Vries moest gewoon “hangen”, linksom of rechtsom. De regels zijn overtreden om De Vries veroordeeld te krijgen, maar ik ben ervan overtuigd dat de man helemaal niets met de ramp te maken heeft gehad.’ Wanneer de top van justitie en politie hun kritiek negeert, starten Paalman met De Roy van Zuydewijn met hun particuliere recherchebureau zelf een zoektocht naar de toedracht, maar overal gaan ‘de deuren dicht’. De Roy van Zuydewijn haakt in 2012 af, maar Paalman blijft ijveren, en zegt getuige te zijn geweest van manipulatie van onderzoeksmateriaal door het OM en de politieleiding om De Vries veroordeeld te krijgen.

    Van Buitenen meent dat het OM in het onderzoek naar de ramp fouten heeft gemaakt

    Paalman krijgt nu bijval van Paul van Buitenen, die vier jaar geleden een nieuw onderzoek begon naar de zaak, en onlangs zijn lijvige rapport presenteerde. Van Buitenen meent dat het OM in het onderzoek naar de ramp fouten heeft gemaakt: er is naar een vooringenomen uitkomst toegewerkt. De schuld werd gezocht bij het bedrijf zelf, dan wel bij een brandstichter. Van Buitenen betoogt dat veel aspecten van de ramp niet – of niet goed – zijn uitgezocht. Ook meent hij dat een bedrijfsongeval als mogelijke oorzaak onvoldoende is onderzocht.

    De conclusies van Van Buitenen heb ik voorgelegd aan oud-rechercheur Dick Gosewehr, die eerder heeft meegewerkt aan onderzoek naar gerechtelijke dwalingen (zoals de zaak Ina Post en de Schiedammer parkmoord), en aan politiepsycholoog Harrie Timmerman, die tijdelijk deel uitmaakte van het Tolteam. Forensisch expert Rob ten Hove van het Nationaal Forensisch Onderzoeksbureau heb ik geraadpleegd over het technisch sporenonderzoek naar de voormalige verdachte De Vries. Gosewehr en Timmerman beamen Van Buitenens conclusie dat in het onderzoek van het Tolteam veel fouten zijn gemaakt in de zoektocht naar een brandstichter. Timmerman: ‘Andre de Vries loog in de verhoren weliswaar werkelijk overal over, maar het bewijs tegen hem is ondeugdelijk tot stand gekomen. Het is begrijpelijk dat hij in hoger beroep is vrijgesproken.’ Gosewehr onderschrijft dat.

    Oud-rechercheur Paalman is stellig: ‘De Vries heeft niets te maken gehad met de ramp.’ Betrokkenheid van een personeelslid van Fireworks bij de eerste brand acht hij veel waarschijnlijker. Hij doelt daarbij op de ‘klusjesman’.

    De uiteenlopende verdachten
    • Hennie Kloppenborg. Deze klusjesman van SE Fireworks is voor het Tolteam een serieuze verdachte. Kort na de ramp slaat hij op de vlucht, legt later tegenstrijdige verklaringen af en liegt over zijn aanwezigheid op het bedrijfsterrein voor de brand. Tolteam-rechercheurs Paalman en De Roy van Zuydewijn krijgen medio 2001 een verbod nader onderzoek naar hem te doen.

    • André de Vries. Politie en justitie zijn na zijn arrestatie begin 2001 van overtuigd dat De Vries betrokken was bij brandstichting op het terrein. Het belangrijkste bewijs tegen hem is een rood sportbroekje met sporen van het rampterrein. In augustus 2002 wordt De Vries door de rechtbank in Almelo veroordeeld tot 15 jaar gevangenisstraf, maar in hoger beroep volgt vrijspraak.

    • Willy Pater. De mededirecteur van SE Fireworks is aanvankelijk in beeld als verdachte: mogelijk is hij betrokken bij een bedrijfsongeval op het terrein, waardoor brand ontstaat. Het politieteam vermoedt dat Paters alibi rammelt, maar krijgt het bewijs niet rond. Wanneer  zijn schoonzus in 2010 uit de school klapt dat Pater kort voor de brand met anderen op het terrein is geweest om een tekstbord met vuurwerk af te maken, besluit het OM de zaak te heropenen.

    • De vluchtende blonde man. In het strafdossier zit een compositietekening van een man die kort na de brand van de opslagplaats wegrent. Volgens enkele Tolteam-rechercheurs is de tekening een match met verdachte André de Vries, die – net als de wegrennende man – een rode sportbroek draagt wanneer hij wordt opgepakt voor brandstichting in zijn auto, enkele weken na de ramp. De rest van signalement komt echter niet overeen. Het Tolteam heeft de identiteit van de wegrennende man nooit achterhaald.

    Lees verder Inklappen

    Na de vrijspraak van De Vries wordt de aanhoudende kritiek van Paalman en De Roy van Zuydewijn onderzocht door een intern politieteam, dat het functioneren van het Tolteam onder de loep neemt. Het Bureau Interne Zaken Gelderland constateert dat zowel leidinggevenden als uitvoerenden (politie en Justitie) de rechterlijke macht hebben misleid en strafbare feiten hebben gepleegd.

    Het Rijksrechercherapport van 2004 noemt deze controverses niet

    Het team baseert zich op de illegale opsporingsmiddelen die zijn gebruikt om de vermeende brandstichter op te sporen en bewijzen  tegen de man te verzamelen. Volgens Interne Zaken is er dusdanig slordig en onprofessioneel omgesprongen met wat later het belangrijkste bewijsstuk wordt – de rode sportbroek van De Vries, die tevens bij het signalement van de wegvluchtende man hoorde –  dat dit kledingstuk niet als bewijs had mogen worden ingebracht. Het OM hield volgens Interne Zaken tevens maandenlang ontlastend bewijs achter, teneinde De Vries in voorarrest te kunnen houden. Ander bewijs dat in het strafproces tegen De Vries werd aangevoerd, was ondeugdelijk. Voorts constateert Interne Zaken dat de Tolteam-leiding een rechercheur heeft gevraagd de datum van een procesverbaal te veranderen.

    Niets van deze conclusies en controverses is terug te vinden in het daaropvolgende, deels vertrouwelijke Rijksrechercherapport van 2004. Volgens Paalman en Van Buitenen heeft de Rijksrecherche de verzamelde informatie van het Bureau Interne Zaken niet gebruikt, en de gespreksverslagen met kritische agenten genegeerd.

    In 2010 heropent Justitie het strafrechtelijk onderzoek naar de ramp, op grond van nieuwe informatie aangeleverd door een schoonzus van mededirecteur Willy Pater. Zij meldt dat haar familie op de rampdag, kort voor de brand, nog op het terrein gewerkt heeft. Die informatie ondersteunt het scenario dat een bedrijfsongeval tot de ramp heeft geleidt. Er melden zich 50 nieuwe getuigen, maar na twee jaar onderzoek concludeert de Rijksrecherche dat er geen nieuwe relevante informatie is boven gekomen, en dat de schoonzus zich heeft gebaseerd op aannames en tweedehands informatie.

    ‘Nieuw en gedegen onderzoek is noodzakelijk’

    Forensisch deskundige Rob ten Hove begrijpt niet waarom de Rijksrecherche de kwaliteit van het sporenonderzoek naar de vermeende brandstichter niet heeft onderzocht, terwijl het Bureau Interne Zaken dat wel deed. Ook psycholoog en criminoloog Harrie Timmerman vindt dat er nieuw onderzoek moet komen. Hij mailt: ‘Er is onderzoek nodig naar wat er allemaal fout is gegaan en hoe dat mogelijk was. Er is weliswaar al veel onderzoek gedaan, maar er staan nog te veel vragen open. Het scenario van een bedrijfsongeval waarin de klusjesman van het bedrijf een rol zou hebben gehad, is onvoldoende uitgezocht, en ook het onderzoek naar de brandstichter was niet goed. Door alle fouten die gemaakt zijn, is nu niet met zekerheid vast te stellen of sprake is geweest van een bedrijfsongeval of opzettelijke brandstichting.’

    Onderzoeker Paul van Buitenen heeft begin december een klacht ingediend bij het College van procureurs-generaal, het hoogste adviesorgaan van het ministerie van Justitie. Hij beschuldigt de Rijksrecherche van misleiding: zij zou ernstige misstappen van politie en Justitie hebben verhuld. Inmiddels heeft Van Buitenen de Tweede Kamer verzocht een parlementair onderzoek naar de vuurwerkramp in te stellen.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Rob Vorkink

    Gevolgd door 206 leden

    Ervaren onderzoeksjournalist uit Twente. Rob is op 4 december 2018 onverwacht overleden; we laten zijn profiel intact.

    Volg Rob Vorkink
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren