Beeld © JanJaap Rijpkema

Chinese staat sluipt het Nederlandse klaslokaal in

De Chinese overheid heeft Confucius Instituten in het leven geroepen om via taal- en cultuurlessen invloed uit te oefenen op scholen in het buitenland. Terwijl deze instituten overal ter wereld worden gesloten vanwege hun directe relatie met de Chinese overheid, worden in Nederland op middelbare scholen nog steeds banden met China aangehaald. Waarom doen de scholen dit? En welke risico’s zijn eraan verbonden? ‘De contactpersonen gingen een beetje drukken, deden steeds meer verzoekjes.’

Handen in de lucht en de heupen los. Een delegatie van zeven bestuursleden en directeuren van Nederlandse middelbare scholen amuseert zich in 2015 kostelijk met een avondje karaoke tijdens een werkbezoek in China. Ze worden tijdens deze reis geïnterviewd door de Chinese staatstelevisie, en later komt nog een vrolijke video online van een aan de Chinese staat gelieerd taalinstituut. Voor sommigen is het bezoek aan China ‘amazing’, voor anderen ‘wonderful’. Maar het meest enthousiast is directeur Bert Oosting van scholengemeenschap CS Vincent van Gogh (Assen en Beilen): ‘China has been a kind of flower opening up to me’.

In de video zien we ook hoe de delegatie van Beijing via de Verboden Stad naar het hoofdkwartier van de wereldwijde Confucius Instituten reist, eveneens in de Chinese hoofdstad.

Confucius Instituten

Confucius Instituten zijn door de Chinese overheid gesponsorde taalinstituten die over de hele wereld samenwerken met buitenlandse kennisinstellingen. Ze zijn officieel in het leven geroepen om de Chinese taal en cultuur te verspreiden. De instituten worden daarom wel vergeleken met de Alliance Francaises of Duitse Goethe-instituten, maar kennen belangrijke verschillen. Ze worden aangestuurd door de Chinese overheid, verzorgen onderwijsprogramma’s in het Nederlands voortgezet onderwijs en kunnen op die manier Chinese denkbeelden en beleid propageren. In de landen waar ze zitten, neemt de kritiek op de instituten toe. Ze zijn gelinkt aan spionage en het organiseren van protestmarsen.

In de landen waar ze zitten, neemt de kritiek op de instituten toe

In Nederland pleit het ministerie van onderwijs voor meer Chinees op school, door de opkomst van China als economische grootmacht. Een stuk of veertig scholen bieden al Chinese lessen aan. Sommige scholen doen dat in samenwerking met de Confucius Instituten. De scholen krijgen 10.000 dollar per jaar als ze een Confucius Classroom oprichten: een leslokaal voor Chinese lessen met wat extraatjes om de lessen op te leuken. De school kan het geld besteden aan de openingsceremonie, lesmateriaal uit China, leuke versieringen of aan een docent Chinees. Enkele scholen hebben een samenwerking in de vorm van een Teaching Point, waarbij ze een variabel bedrag ontvangen.

In Nederland zijn er op dit moment 13 van zulke Confucius Classrooms en Teaching Points; een veertiende is in de opstartfase. FTM zocht uit hoe die samenwerkingen verlopen, nu de kritiek op China ook in Nederland toeneemt.

Groningen

Om een Confucius Classroom of Teaching point op te zetten, moeten scholen altijd een samenwerking aangaan met een Confucius Instituut.

In Nederland zijn thans nog twee Confucius Instituten actief: een in Maastricht en een in Groningen. Aan het Groningse instituut zijn 11 van de 12 Confucius Classrooms en Teaching Points verbonden. Dat bereikte daarmee in 2018 nog 2872 Nederlandse scholieren, en kreeg in datzelfde jaar in China de Advanced Confucius Institute Award ‘voor de vele en breed georiënteerde activiteiten die het ontwikkeld heeft’.

Ook de reizen van de Nederlandse schooldirecteuren naar China worden om de paar jaar – voor het laatst in 2018 – georganiseerd door het Confucius Instituut in Groningen. Dat instituut organiseert deze reizen, naar eigen zeggen, zodat de directeuren meer inzicht krijgen in de Chinese taal en cultuur. ‘Zo helpen [de reizen] hopelijk bij het verder opzetten en ontwikkelen van Chinese taal- en cultuurcursussen op middelbare scholen.’

Confucius Instituten en de Chinese overheid

Confucius Instituten worden wereldwijd aangestuurd en betaald door Hanban (inmiddels onder een andere naam: Education Centre for Language Education and Cooperation). Deze organisatie is deel van de Chinese Communistische Partij (CCP) en onderdeel van het Chinese ministerie van onderwijs. De instituten vallen onder de zogeheten soft power van China. Dat is een strategie om via charme-offensieven politieke doelen te bereiken (in tegenstelling tot hard power, wanneer het echt gaat om militaire/economische invloed).  

In hun onderwijsmateriaal wordt soms lovend gesproken over oud-dictator Mao Zedong (1893-1976). Pijnlijke onderdelen van de Chinese geschiedenis en politiek worden als het even kan gemeden. Doel van de Confucius Instituten is om de reputatie van China in het buitenland te verbeteren. Internationaal raakten de instituten evenwel in opspraak door het schenden van de academische vrijheid en (pogingen tot) spionage.

Meer lezen: https://www.ftm.nl/artikelen/universiteit-groningen-confuciusinstituut

 

Lees verder Inklappen

Stopzetten samenwerking

Rector Joris Bovy van het Kandinsky College Nijmegen ging in 2018 mee met zo’n groepsreis naar China. Voor die reizen hoeven de scholen alleen het vliegtuigticket en een visum te betalen, de rest van de reis betaalt het Confucius Instituut.

Bovy was tijdens de reis vooral op zoek naar Chinese scholen om mee samen te werken voor uitwisselingen. ‘Het is belangrijk om de blik van onze leerlingen op de wereld te verruimen,’ zegt hij tegen FTM. ‘Veel onderwijs is angelsaksisch georiënteerd. Ik vind het heel belangrijk dat kinderen eveneens over landen als China leren, ook door er zelf heen te gaan en een beeld te krijgen.’

Zijn school heeft al sinds 2013 een Confucius Classroom, waar Chinese lampionnen de ruimte versieren. Met de 10.000 dollar van de Chinese overheid kocht het Kandinsky College lesmateriaal van het Confucius Instituut in, onder toeziend oog van hun docent Chinees. Ook organiseerde de school extraatjes voor het leren van de Chinese taal en cultuur, zoals een kalligrafie- en tai chi-workshop.

Met de jaren kwam er evenwel meer kritiek op de Confucius Classrooms en de Confucius Instituten. De documentaire ‘Xi Xi wat jij niet ziet’ uit 2018 van het televisieprogramma Medialogica liet voor het eerst in Nederland zien wat de risico’s kunnen zijn van geïmporteerd Chinees lesmateriaal. In de documentaire zegt Willem Gebuis, de toenmalige directeur van het Stedelijk College Eindhoven, terwijl hij het boek Grootmoeders’ China voor de camera houdt: ‘We hebben niet gekeken wat voor materiaal er werd opgestuurd, met het idee: het zal wel goed gaan.’

Het lesmateriaal op het Eindhovense college bleek niet zo onschuldig

Maar het lesmateriaal op het Eindhovense college bleek niet zo onschuldig. Zo vertelt Grootmoeders’ China, een reis van een oude vrouw door de tijd, niet het feitelijke verhaal over de studentenprotesten van 1989 op het Tiananmen-plein. Evenmin staat vermeld dat de demonstranten protesteerden tegen onderdrukking door de overheid, noch dat het leger hardhandig ingreep en er voor langere tijd zware repressies volgden.

Naar aanleiding van de documentaire van Medialogica stelde CDA-Kamerlid Harry van der Molen Kamervragen, onder meer over hoe de relatie tussen Nederlandse kennisinstellingen en China eruit zou moeten zien.

Ook internationaal kwamen de instituten en classrooms steeds meer in opspraak. De in Canada opgenomen documentaire ‘In the name of Confucius’ uit 2017 liet zien dat het op Canadese scholen gebruikte lesmateriaal uit China propagandamateriaal bevat over de liefde voor Beijing en voor oud-dictator Mao Zedong.

In 2019 werden diverse instituten en classrooms in onder andere Australië, Zweden en Amerika gesloten door zorgen over spionage, en omdat het voor de landen steeds duidelijker werd dat de instituten fungeren als propagandamiddel. In Nederland sloot de Universiteit Leiden datzelfde jaar het plaatselijke Confucius Instituut, ‘omdat het niet meer aansluit bij de Chinastrategie van de universiteit’.

"Als je kinderen onderwijst met als doel wereldburgerschap, dan horen uitwisselingen tussen Chinese en Nederlandse kinderen erbij"

Twijfel

In Nijmegen beginnen in 2019 rector Joris Bovy en zijn collega’s ook te twijfelen over de Confucius Classroom op hun school. ‘Niet omdat we enige beïnvloeding uit China voelden, maar we wilden iedere schijn van afhankelijkheid vermijden,’ zegt Bovy. Het Kandinsky College besloot daarom vorig jaar om de 10.000 dollar vanuit China niet meer aan te nemen. ‘We houden wel nog de samenwerking aan,’ zegt Bovy. ‘Voor het netwerk.’

De samenwerking daarbij met de Chinese staat, neemt de rector bewust voor lief. ‘Als je kinderen onderwijst met als doel wereldburgerschap, dan horen uitwisselingen tussen Chinese en Nederlandse kinderen erbij. Dat kan je niet doen zonder contact met een Chinese school. Dat zijn overheidsscholen, dus ook dat kan je zien als een samenwerking met de Chinese staat.’

Uitwisselingen organiseren gaat nu eenmaal gemakkelijker via de Confucius Classroom, rechtvaardigt Bovy zijn beslissing. ‘Je moet op zoek gaan naar een goede balans, waarbij onafhankelijkheid voorop staat.’

Een ander college, het Christelijk Gymnasium Sorghvliet in Den Haag, heeft als enige zijn Confucius Classroom volledig opgezegd, in mei 2021. Om praktische redenen, zegt de directeur. Het geld wilde hij op zich wel, maar heeft hij nooit gekregen omdat hij ‘er te weinig tijd en energie in kon steken’.

Dossier

Dossier China

Wat betekent de opmars van China voor Nederland en Europa?

Volg dit dossier

Nieuwe opening

Als de scholen buiten het Confucius-netwerk om toch behoefte hebben aan een netwerk Chinees, biedt Nuffic, een overheidsorganisatie die zich bezighoudt met internationalisering van het onderwijs, een alternatief. ‘We zijn een soort helpdesk voor de scholen die Chinees als vak aanbieden,’ zegt coördinator Jessica Paardekooper.

Toch houden genoeg scholen hun samenwerking – en het geld dat ze ervoor krijgen – wel aan. In Alkmaar opende bijvoorbeeld PCC Het Lyceum in 2016 een Confucius Classroom. Op de muur in de klas is een grote Chinese muur geschilderd, en er hangen overal lampionnen.

Een leerling die Chinese les volgde, stoort zich evenwel aan het gebrek aan transparantie van zijn school over de samenwerking met China. Hij noch een andere leerling van het PCC die FTM sprak, wisten dat er geld mee kwam met de Classrooms. ‘Ze mogen daar opener over zijn tegen de leerlingen en de ouders. Je zou denken dat ze er trots op zijn als ze de classroom nog hebben.’

Wat vindt de school daar eigenlijk zelf van? De verantwoordelijk afdelingsleider geeft aan ‘geen belangstelling te hebben’ om FTM van reactie te voorzien.

Eén school haalde recent nog nieuwe banden met China aan. Op 1 juni 2021 krijgt de directeur van het Haarlemmermeer Lyceum via e-mail te horen dat de aanvraag van de school voor een Confucius Classroom is goedgekeurd.

De docent Chinees en de aftredende directeur deden de aanvraag en waren heel enthousiast over de goedkeuring, vertelt huidig directeur Bart Roth. Hij moet zelf nog beslissen of en hoe de classroom vorm krijgt. ‘Op de begroting is het bedrag een schijntje. Het geld teruggeven zou je dan enkel doen om gedoe te voorkomen. Maar als daarvoor iets extra leuks gedaan kan worden: waarom niet?’

Toch twijfelt Roth nog. ‘Nu jij belt merk ik weer: blijkbaar ligt het toch gevoeliger dan ik zou denken. Aan de andere kant: de docent Chinees en mijn voorganger hebben er veel moeite voor gedaan.’

Officiële opening

De opening van een Confucius Classroom gaat regelmatig gepaard met een grootse en officiële ceremonie. Daar zijn ‘belangrijke mensen’ aanwezig, iets wat in de Chinese cultuur belangrijk wordt geacht.

Bij PCC Het Lyceum in Alkmaar geeft Yiwei Wang van de onderwijstak van de Chinese ambassade een speech bij de opening, net als de Alkmaarse burgemeester Piet Bruinooge en de directeur van het Groningse Confucius Instituut Jingyi Liu (de foto’s). 

In Tilburg opent het Theresialyceum in 2014 de Confucius Classroom met een leeuwendans, een Chinees lied en een gongslag door burgemeester Peter Noordanus. 

In Wassenaar laat de Chinese ambassadeur WU Ken de leerlingen een film zien over de twee reuzenpanda’s die naar Nederland zijn gekomen, in het gezelschap van directeur van het Confucius Instituut Jingyi Liu en burgemeester Charlie Aptroot.

Lees verder Inklappen

Basisschool

De Nederlandse scholen met een Confucius Classroom zijn allemaal middelbare scholen. Maar ook een basisschool ging de samenwerking aan. In de schoolgids 2016-2017 van basisschool Polygoon uit Almere staat dat ze in schooljaar 2014-2015 een samenwerking met het Confucius Instituut in Leiden – inmiddels gesloten – zijn aangegaan. ‘Deze samenwerkingsovereenkomst zullen we in de komende jaren verder gaan uitbreiden om zo mogelijk meer Chinese lessen op Polygoon aan te kunnen bieden en een echte Confucius Classroom te worden,’ schrijft de school in de schoolgids.

Het initiatief voor het programma Chinees kwam vanuit een aantal ouders, vertelt de woordvoerder van Polygoon. Bij een brainstorm over wat ze de hoogbegaafde kinderen op school extra konden aanbieden, werden lessen Chinees geopperd. De school kon het ‘Chinees Leercentrum’ in Amsterdam niet betalen, aldus de woordvoerder. Zo kwam Polygoon uit bij het Confucius Instituut Leiden, en van dat instituut zou de school zelfs geld toe krijgen voor Chinese lessen.

Bij een brainstorm over wat ze de hoogbegaafde kinderen op school extra konden aanbieden, werden lessen Chinees geopperd

Polygoon kreeg uiteindelijk een Chinese subsidie van 8.000 euro en koos bewust van meet af aan voor een docent van het Chinees Leercentrum in plaats van een van het Confucius Instituut zelf. Maar steeds vaker merkte de school de aanwezigheid van het Confucius Instituut. ‘Het instituut zocht al snel meer contact met de school,’ zegt de woordvoerder. ‘De contactpersonen gingen een beetje drukken, deden steeds meer verzoekjes. Bijvoorbeeld of de school bepaalde excursies kon organiseren. Of dat een leraar vanuit het Confucius Instituut toch niet af en toe les mocht geven. Daar ging de school niet op in.’

Uiteindelijk bood de sluiting van het Confucius Instituut Leiden in 2019 een makkelijke uitweg. Polygoon zocht geen nieuwe financiering van de Confucius Instituten en stopte met de lessen Chinees. ‘Ook door de negatieve publiciteit over de instituten,’ erkent de woordvoerder. 

Had de school bij aanvang dan geen vragen bij de samenwerking? ‘Toen is daar denk ik niet echt over nagedacht,’ aldus de woordvoerder. ‘Er werd anders aangekeken tegen China in die periode. De bewustwording was nog niet zo sterk. Pas later kwam de samenwerking tussen universiteiten en Confucius Instituten meer in de publiciteit. Het vak Chinees aanbieden was ook iets waarop de school trots was.’

Voordelen

Waarom kiezen sommige scholen dan toch nog steeds voor zo’n samenwerking? ‘In de eerste plaats vanwege een leuker aanbod voor leerlingen,’ zegt Danny Nobel, die vanuit trainings- en adviesorganisatie Globi betrokken is bij het opzetten van uitwisselingen tussen Nederlandse en Chinese scholen, en een goed zicht heeft op de lessen Chinees op de scholen. Daarnaast geeft Chinees volgen via een Confucius Classroom volgens hem ook een zeker prestige. Een onderscheidend kwaliteitslabel, en daar ‘zoeken scholen’ volgens Nobel naar.

Vanaf het moment dat de samenwerking staat, zal een school die niet snel opzeggen. Dat ziet Nobel bij zo’n vier scholen die niet langer geld ontvangen, maar de samenwerking toch niet volledig hebben opgezegd. ‘Rectoren vinden het soms gênant. Ook om hoe ze aanvankelijk over de samenwerking naar buiten zijn getreden. Bij de opening van classrooms trommelden ze vaak veel media op. Daarnaast is met het Confucius Instituut ook op persoonlijk niveau een vriendschappelijke relatie opgebouwd, juist ook tijdens en door de reizen. Het is moeilijk dat enkele jaren later dan ineens te verbreken.’

Vanaf het moment dat de samenwerking staat, zal een school die niet snel opzeggen

Als het aan Nobel ligt, hoeven de scholen niet per se te stoppen met de samenwerking met Confucius Instituten. ‘Op de meeste scholen is er geen sprake van directe beïnvloeding. Maar een docent moet niet te zwaar leunen op het materiaal van het Confucius Instituut. Dat is makkelijker als een docent stevig in de schoenen staat en kritisch denkt. Sommige docenten zijn misschien opgegroeid in China, en niet echt met politiek bezig, die zullen dus makkelijker dat materiaal gebruiken zonder er kritische noten bij te plaatsen.’

In een blogpost biedt hij een checklist aan om een goede samenwerking mee te rechtvaardigheden. ‘Scholen moeten wel steeds blijven nadenken,’ benadrukt hij. ‘Niet alleen: hoe kunnen we samen verder? Maar ook of je het wel moet willen. Want je blijft als school meetellen als een ‘invloedpunt’ in de beleidsstatistieken die China jaarlijks publiceert.’

Loskoppelen

In antwoord op Kamervragen naar aanleiding van het FTM-artikel over Confucius Instituten van mei dit jaar, en in het verlengde van onderzoek van Clingendael, gaf minister Ingrid van Engelshoven van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) het advies om Confucius Instituten op afstand te zetten (‘te ontkoppelen’) van de Nederlandse universiteiten en hogescholen. 

Hoe dat er in de praktijk uitziet? ‘Dat mogen de instellingen zelf bepalen,’ zegt het ministerie van OCW. ‘We vragen de instellingen om de uitkomsten van hun gedachtebepaling over dit onderwerp met OCW te delen.’

Ook de middelbare scholen met Confucius Classrooms mogen van het ministerie zelf beslissen hoe ze de samenwerking invullen: ‘Het behoort bij de professionaliteit van leraren hoe invulling te geven aan lessen Chinese Taal en Cultuur. Aangezien het hier gaat om bevoegde leraren Chinees, hebben we er vertrouwen in dat zij meerdere kanten van China kunnen belichten.’

De middelbare scholen met Confucius Classrooms mogen van het ministerie zelf beslissen hoe ze de samenwerking invullen

Het ministerie ziet op dit moment ‘geen aanleiding of signalen op basis waarvan we zouden moeten concluderen dat er sprake is van ongewenste vormen van samenwerking met Confucius Instituten’.

Die signalen waren er wel bij de samenwerking tussen de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) en het Groningse Confucius Instituut. De inspectie van het onderwijs heeft in juni 2021 naar aanleiding van de mediaberichten over het Confucius Instituut Groningen een verkenning gedaan bij de RUG, in het kader van wetenschappelijke onafhankelijkheid. De RUG had tot augustus 2021 een contract met de Chinese organisatie boven de Confucius Instituten, die onder voorwaarden de helft van de leerstoel van een Groningse hoogleraar financierde. Daar zag de inspectie een risico. De RUG gaf aan het contract niet te verlengen.

Sindsdien zijn in het academisch onderwijs en onderzoek alle banden verbroken met het Confucius Instituut. Zo voldoet de RUG volgens de inspectie aan alle wettelijke vereisten rond onafhankelijkheid. De Groningse universiteit kijkt intussen – mede door het advies van de minister – wel of ze het Confucius Instituut fysiek (in een ander gebouw) en bestuurlijk op afstand kan zetten, zegt de woordvoerder tegen FTM.