Verbeter de financiële sector en begin een bank

    Het overrompelende succes van Burgerinitiatief Ons Geld bracht ondernemer Richard van der Linde op het idee zelf de bank te beginnen waar Ons Geld om vraagt: een pure depositobank. Tijdens dit proces zal Van der Linde via FTM verslag doen van hoe dat gaat: een eigen bank beginnen.

    Wat zou u vinden van een bank die u geen rente geeft, maar geld vraagt om geld te bewaren? Een bank waarbij u niet mag rood staan. Een bank waar u zelfs niet bij naar binnen kunt lopen. Ik ben ondernemer en ben er van overtuigd dat velen van u behoefte hebben aan een dergelijke bank. U bent zich er alleen nog niet bewust van. FTM heeft mij de ruimte geboden om u in een serie artikelen mee te nemen in het proces van de oprichting van deze bank en zo wellicht uw consumentenharten te stelen. In dit eerste deel de aanleiding.

    'Uber' voor koeriers

    Laat ik mijzelf kort introduceren. Ik ben 33 jaar en woonachtig in Amsterdam. Na een studie bedrijfskunde ben ik als consultant strategie & innovatie gaan werken, maar na verloop van tijd kreeg ik de behoefte om eigen ideeën uit te werken en niet die van grote ondernemingen. Zo ontstond de onschuldige website van Loopjongens, waar IKEAproducten online konden worden besteld in een tijd dat IKEA zelf bewust nog niet online verkocht. Een kleine ‘hack’ in het business model. Het was hard werken voor weinig geld, maar het innoveren voelde goed en er werd ook echte waarde gecreëerd, zowel voor de consument als voor de koeriers. Inmiddels is het bedrijf –zonder mij- geëvolueerd tot een soort ‘Uber’ voor koeriers. Vervolgens ben ik met een aantal partners een bedrijf in de golfbranche begonnen. Golfers spelen steeds minder en het lidmaatschap van een club heeft bijna geen maatschappelijke waarde meer. Clubs vergrijzen, lopen leeg en veel golfers vinden de dagprijs voor een ronde alleen acceptabel bij optimale weersomstandigheden. Bij gebrek aan een geschikt afrekenmodel hebben we een abonnement ontwikkeld met maandelijks speelrecht bij meer dan 30 golfbanen. Vervolgens worden clubs in contact gebracht met golfers die bij hen passen. Zo lijken ze inmiddels sneller tot elkaar te komen. Waar de federatie van clubs (NGF) met goede bedoelingen de clubs toekomstbestendig probeert te maken, zijn het m.i. vooral de marktinitiatieven die het verschil maken.

    Nieuwe bank

    Door die bril kijk ik ook naar de financiële sector, de sector waar ik mij vanaf mijn studie veel mee bezig heb gehouden. Ik lees met groot plezier hervormingsvoorstellen voor het bankwezen en opiniestukken of zelfs meer academisch werk van economen. Voor mensen als Dirk Bezemer en Bas Jacobs heb ik grote bewondering. Hun academische gave heb ik niet, maar uit mijn ondernemersperspectief komen soms gelukkig ideeën voort die in discussies over met name de bancaire sector als interessant worden ervaren. En zo ontstond er ooit een hypothetische bank die inmiddels een niet-hypothetische vergunning bij DNB gaat aanvragen. Veel discussies gaan momenteel over het voorrecht van banken om geld te creëren. Hoe geldcreatie in zijn werk gaat, wordt in een artikel van Paul Buitink goed uitgelegd. In een verkennend onderzoek van het Sustainable Finance Lab (Dixhoorn, 2013) worden alle voor- en nadelen van fractional reserve banking en full reserve banking netjes op een rijtje gezet. Full reserve banking wordt algemeen gezien als iets rechtvaardiger in allocatie van geld (en winsten) tegenover afname van efficiëntie. Maar niemand weet precies hoeveel rechtvaardiger of hoeveel minder efficiënt. En zo komen we op het punt dat zelfs academische filosofen de discussie te diffuus vinden en symposia organiseren over geldcreatie. Zelf sta ik er eerlijk gezegd nog agnostisch in de discussie.

    Marktkans

    Als ondernemer zie ik echter ruim 113.000 handtekeningen opgehaald worden voor een Burgerinitiatief dat full reserve banking op de agenda wil krijgen. Uitverkochte zalen waarin de sprekers pleiten voor het ontkoppelen van nutsbankieren en rendementsbankieren. Door mijn mentale filters zie ik op dat moment een geweldige marktkans ontstaan. Wie zegt dat banken moeten worden gesplitst, zegt in mijn belevingswereld: 'Ik wil voor (een deel van) mijn geld een bank die niet investeert'. Wie roept dat banken tegen zijn of haar wil in leningen verstrekt met behulp van hun spaargeld roept in mijn belevingswereld: 'Ik wil een bank die geen leningen verstrekt met behulp van mijn spaargeld'. Zodoende is het idee ontstaan voor een ‘full reserve’ depositobank; een nutsbank; digitale kluis. Noem het hoe u wilt, het is in ieder geval risicoloos bankieren, want er wordt niets met het geld gedaan. Zodoende is er ook geen rendement. Maar, mocht u het hebben gemist, ook geen risico. Zoals contanten in een fysieke kluis, maar met het gemak van giraal geld. U kunt er namelijk gewoon mee betalen en uw salaris op ontvangen. Het enige verschil met uw huidige bank is dat deze bank geen leningen verstrekt. De verkrijgbaarheid van leningen is ontzettend belangrijk voor een economie. Ik denk echter dat het minstens zo belangrijk is dat er minimaal één bank bestaat die geen leningen verstrekt. Deze bank onderscheidt zich op dat moment door de hoogst mogelijke graad van zekerheid te bieden.

    Risico delen, winst niet

    Alle andere banken beroepen zich op het depositogarantiestelsel (DGS) voor de dekking van spaargeld tot 100.000 euro (1)(2)(3). Voor veel mensen (inclusief mijzelf) zal die dekkingsgrens toereikend zijn. Maar het is precies een externe garantie als het DGS dat risico wegneemt bij de partij die het risico neemt en dus perverse prikkels verschaft. Het DGS dicteert namelijk dat banken voor elkaar garant staan. Neemt een bank hoog risico met de kans op hoog rendement, dan is er ook een grotere kans op verlies. Bij winst plukt de betreffende bank de vruchten van het genomen risico. Bij verlies deelt ze het probleem met andere banken die moeten bijspringen. En nog iets: wie staat garant voor wie bij een systeemcrisis? De term moral hazard zal de meeste mensen bekend voorkomen.  Die is door het DGS tevens van toepassing op spaarders, die tot 100.000 euro voor de hoogste rente kunnen kiezen, zonder daarbij rekening te hoeven houden met risico’s. Deze zijn immers afgedekt door een overheidsmaatregel, het DGS. Zo kon het gebeuren dat voorheen Icesave veel spaarders met hoge rente aantrok, terwijl het bedrijf niet stabiel was. Het lijkt een kwestie van tijd voordat nieuwe partijen hetzelfde business model op de Nederlandse markt loslaten. Het DGS zorgt dus voor een vreemd functionerende markt. Het argument is stabiliteit, maar in hoeverre geldt dat ook voor de lange termijn? In ieder geval houdt het argument geen stand op het moment dat er risicovrije alternatieven voor spaargeld zijn. Dat is dan ook een belangrijke doelstelling van deze basisbank: bijdragen aan de afschaffing van het DGS.

    De bank als kluis

    De bank zal een non-profit instelling worden om een afruil tussen klant- en aandeelhoudersbelang in de vervulling van een nutsfunctie te voorkomen. De initiële financiering zal privaat zijn, maar zal bij voldoende buffers worden afgebouwd. Ze zal volledig transparant zijn in haar eigen financiën en deze ook te allen tijde gescheiden houden van de tegoeden van cliënten. Ze is ook geen geldscheppende instelling. De reële kosten voor opslag en verplaatsen van giraal geld zullen met een kleine opslag voor overheadkosten in rekening worden gebracht bij de gebruikers. Daar zal de uitdaging dan ook liggen: het doorbreken van paradigma dat basisdiensten van banken zowel gratis als risicoloos kunnen zijn. Net als bij lenen geldt namelijk: 'Geld bewaren kost geld'. Mijn streven is een diverse markt, niet een afgebakende. Vooralsnog gedraagt DNB zich als een portier van de befaamde club Roxy. 'Alleen toegang voor leden', waarna vervolgens blijkt dat je alleen binnen lid kunt worden. Daarom zal ik de komende tijd veelvuldig mijn ervaringen bij het oprichten van een nieuwe bank delen op FTM. Zodoende ontstaat er hopelijk een ‘handboek soldaat’ voor hen die ook iets toe willen voegen aan de pluriformiteit in bankenland. Van risicoloos tot extreem risicovol; hoe meer smaken, hoe beter. Mits iedereen eigen risico’s draagt. En waarom zou een grootbank nog méér too-big-too-fail zijn dan een andere large corporate op het moment dat ze niet meer noodzakelijk is voor het faciliteren van ‘plain vanilla’ betalingsverkeer? Game on.
    Over de auteur

    Richard van der Linde

    Lees meer

    Volg deze columnist

    Dit artikel krijg je cadeau van Follow the Money.

    Diepgravende onderzoeksjournalistiek kost tijd en geld. Steun ons en

    word lid