Nieuwjaarsoproep: 'rijken, help ons aan een derde Gouden Eeuw'

    Particulieren zetten Amsterdam rond 1880 als wereldstad weer op de kaart met eigen initiatieven als Vondelpark, Rijksmuseum en Paleis voor de Volksvlijt. Wat, vraagt columnist Hans de Geus zich af, dreef ondernemers en welgestelden van toen om zich zo in te zetten voor de stad? Kunnen de hedendaagse Quote 500-miljonairs daar nog een beetje aan tippen?

    '…altijd bereid te steunen wat de bloei der stad bewerken kan, bevorderen van de algemene welvaart, voor hun minder rijke stadsgenoten onbekrompen doch verstandige weldoeners. Hun vermogens, hun werkkracht ter beschikking stellend aan de gemeenschap', lezen we over de mentaliteit van mannen als Gerard Heineken (de opa van Freddy), Samuel Sarphati, A.C. Wertheim en Christiaan van Eeghen rond 1880 in het uitstekende boek Gerard Heineken – De man, de stad en het bier van journalist Annejet van der Zijl. Ze behoorden tot een nieuwe generatie ondernemers, die rond 1880 de lamlendige sfeer in de stad wisten te doorbreken. Van de glans van het 17e-eeuwse Amsterdam was vóór zij opstonden namelijk niet veel meer over. Renteniers belegden hun geld liever in Amerikaans spoorwegen of Duitse mijnen dan het te investeren in de toekomst van hun eigen stad en land; de spoorlijn tussen Amsterdam en Haarlem moest nota bene gefinancierd worden met Brits geld. Maar tijdens Gerard Heinekens leven onderging de stad een metamorfose. In oppervlakte werd Amsterdam ruim twee keer zo groot, moderne gebouwen als het Concertgebouw en het Rijksmuseum stonden symbool voor het nieuwe elan van de stad, haar ‘Tweede Gouden Eeuw’. Het openbare leven bloeide op in grand café’s van Parijse allure.

    Willen de nieuwe Heinekens opstaan

    Allemaal heel mooi en de stad teert nog altijd flink op het werk van deze weldoeners en hun bereidheid om, met een ruim gebaar uit hun portemonnee, duidelijk te maken dat hun woonplaats de moeite waard was om geld in te steken. Maar dat is geweest - en nu? Hoe moet het verder met de stad? Staan er vandaag weer mensen op om met ideeën, geld en initiatief een Derde Gouden Eeuw uit te tekenen en in te leiden, vanuit het perspectief van de uitdagingen en kansen waar we nú voor staan? Uiteraard leven we nu in een heel ander tijdperk. Toen: geen verzorgingsstaat, de wereld klein en overzichtelijk. Het geld veel meer in handen van individuele industriëlen en niet bij NV's met anonieme aandeelhouders. Je terugtrekken en anoniem-rijk-zitten-zijn zat er misschien ook wel niet in, de ethiek van het weldoen werd aldus afgedwongen door de sociale druk van een kleine gemeenschap. En anders herinnerden oproerkraaiers je wel aan maatschappelijke misstanden met een wandelingetje door je voortuin. Er was ook nog weinig – dus nog genoeg ruimte om wat neer te zetten. Inspiratie uit voorbeeldsteden Parijs of Londen was snel gevonden. Aan goede doelen geven we grif, daar ligt het niet aan – grotendeels via de grote landelijk loterijen, overigens. Ook in natura wordt flink geschonken, musea als het Mauritshuis leunen voor de collectie flink op kunstwerken afkomstig van particulieren. Sommige bezitters van grachtenpanden besparen kosten noch moeite om - hun eigen - historisch erfgoed in stand te houden.
    in het Concertgebouw kunnen we de namen van hedendaagse donateurs bewonderen in een kerstboom van glimmende koperen plaatjes
    Hebben we het over het Concertgebouw, dan kunnen we binnen de namen van hedendaagse donateurs bewonderen in een soort kerstboom van glimmende koperen plaatjes. En mocht je onverhoopt zelf geen goed doel kunnen bedenken, dan neemt je Private Bank je die moeite wel uit handen.

    Bedenk eens iets nieuws

    Maar misschien wringt daar wel de schoen. Hoe zit het met onze betrokkenheid met de problemen van déze tijd? Hoe zetten we ons daar voor in – behalve door belasting te betalen in de hoop dat de overheid het wel oplost? Geweldig dat De Pont, misschien wel het spannendste moderne kunstmuseum in Nederland, overeind is geholpen uit het legaat van een autohandelaar, en dat iemand als beurshandelaar Rob Defares zich inzet voor het Stedelijk Museum. Vooruit, het DeLaMar Theater tellen we mee - hoewel het natuurlijk ook gewoon Joop van den Ende’s eigen standbeeld en een podium voor zijn eigen producties is. En hoewel ijdelheid geen bezwaar hoeft te zijn, is het natuurlijk het nobelst om in stilte goed te doen. Wie weet hoe vaak dat gebeurt.

    Andere mentaliteit

    Toch bekruipt mij het gevoel dat veel Quote 500-rijken zich wat minder om hun omgeving bekommeren dan een Gerard Heineken vorige eeuw. En dat ze hun welvaart vandaag, meer dan toen, toeschrijven aan hun eigen merites, los van de maatschappij en los van de toevallige omstandigheden waaraan zij zelf hun bloei te danken hebben.
    Succes is 'een keuze' tegenwoordig En armoede iemands eigen schuld
    En dat iemand als zij daarom het volste recht heeft om de vruchten ervan (lees: de pegels) voor zichzelf te houden, al dan niet gebruikmakend van slimme fiscale routes en klagend over een bemoeizuchtige overheid. Succes is 'een keuze' tegenwoordig. En armoede iemands eigen schuld. Terwijl het tegendeel waar is. Ondernemerschap is in onze hoogontwikkelde en van instituties aan elkaar hangende maatschappij juist veel meer een collectieve activiteit dan een individuele, schrijft de dwarse econoom Ha-Joon Chang treffend. Denk bij instituties niet alleen aan het rechtssysteem en universiteiten maar ook aan gedeelde waarden en onderling vertrouwen waardoor het überhaupt mogelijk is om tot transacties te komen. In ieder minder ontwikkeld land, waar je voor elke habbekrats eerst iemand moet omkopen en je auto steeds stukloopt op grote gaten in de weg, zouden weinig Quote 500-ers het als kleine ondernemer langer dan een week uithouden, verwacht Chang. Sterker, iemand als Bill Gates kon de rijkste mens op aarde worden niet zozeer door de aanwézigheid van een sterk rechts- en patentsysteem, maar vooral door dit systeem slim te bespélen en zo voor zijn, volgens velen overigens vrij matige, software een bijna-monopolie op te werpen. Het tegenovergestelde van wat in de economieboekjes staat over de zegeningen van concurrentie en vrije markt blijkt waar te zijn, juist in de VS, de kraamkamer van het hedendaags kapitalisme. 'Competition is for losers; look to build a monopoly', zegt ook venture-capitalist Peter Thiel. Om dit, tentatief, te vertalen naar onze eigen Quote 500: hoeveel van dat vermogen zou intact blijven als, bijvoorbeeld, sommige vastgoedondernemers níet dankzij contactjes bij gemeenten handig hadden kunnen inspelen op veranderende bestemmingsplannen? Bill Gates is met zijn filantropie om een andere reden een treffend voorbeeld. Want ja, hij geeft veel aan liefdadigheid, bijvoorbeeld door medicijnen uit te delen in arme landen. Maar dat doet hij op een manier die nu juist meer kwaad doet dan goed omdat het innovatie en verspreiding tegenhoudt: hij houdt in de farmaceutische industrie exact die belemmering in stand waar hij zijn eigen ‘succes’ in de software aan te danken heeft, namelijk een zeer stringent patentenstelsel. Dus ja, net als Gerard Heineken geeft ook Bill Gates de wereld waarin hij rijk kon worden wat terug, maar wel geheel op zijn manier. En als de verwerving van fondsen een onfrisse bijsmaak heeft, zoals de stichting Ammodo  in Nederland, die mooi weer speelt met geld afkomstig van het pensioenfonds van Rotterdamse en Amsterdamse havenarbeiders, dan hoeft het voor ons ook niet. Daar zijn we dus níet naar op zoek. Wat dan wel?

    De Geest van Gerard – een oproep aan de lezers!

    Wat Heineken c.s. rond 1880 voor Amsterdam deden was vóór hun tijd het voorstellingsvermogen van velen waarschijnlijk te boven gegaan. Net zo is daarom anno nu niet zomaar te zeggen wat we als gemeenschap van de Quote 500 verwachten om iets terug te geven aan de gemeenschap – en met welk doel voor ogen. Daar gaat het nu juist om: we willen ook verrast worden met iets nieuws.
    help onze Quote 500 aan ideeën om bij te dragen aan een Derde Gouden Eeuw
    Vandaar een oproep: help onze Quote 500 aan ideeën om bij te dragen aan een Derde Gouden Eeuw, voor Nederland of breder. Denk daarbij vooral aan de problemen van nú in relatie tot de maatschappelijke omstandigheden waaronder de rijken hun rijke vruchten konden plukken. Een paar voorbeelden voor ideëen: - Bijdragen aan integratie en kansen voor allochtonen met stages, scholing, talencursussen - Hard op zoek gaan naar goedkope en schone energie - In hun eigen bedrijfsvoering zorgen voor meer koopkracht bij burgers (dat is ook wat Heineken deed overigens) - Bijdragen aan betere journalistiek, zoals Amazon oprichter Jeff Bezos deed door in de Washington Post te investeren - Of misschien vindt u wel dat ondernemers eerst maar eens netjes het volle pond aan belasting moeten betalen zodat de democratie het heft in handen neemt? Uw reactie wordt zeer op prijs gesteld!

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Hans de Geus

    Gevolgd door 170 leden

    Commentator & journalist financiële markten en economie.

    Volg Hans de Geus
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren