Niko Paape 1944-2010

2 Connecties

De toegewijde Amsterdamse fraudebestrijder Niko Paape is niet meer. Via omwegen kwam hij in aanraking met de schaduwwereld van het geld. Hij bleek over de zeldzame wil te beschikken om er iets tegen te doen. 'Financiële misdaad loont en het lijkt mij dat een rechtsstaat dat niet mag toelaten'.

 Niko Paape werkte de laatste jaren van zijn leven vooral aan zijn grote droom: het opzetten van een goed functionerend systeem om financiële fraude te voorkomen. In de ogen van Paape was het voorkomen van fraude enige effectieve manier om het aantal slachtoffers van financieel malverserende figuren te laten dalen. Hij had het plan bedacht om in samenwerking met het Openbaar Ministerie en het bedrijfsleven fraudepreventieloket op te zetten dat net als alarmnummer 112 dag en nacht bereikbaar zou zijn voor mensen die twijfels hadden over financiële aanbiedingen. 113 was de werktitel voor zijn project. Zijn pogingen om de verschillende mensen uit de politiek, overheid en private sector van zijn initiatief te overtuigen, vonden weerklank. Tot een daadwerkelijk uitvoering van zijn plan kwam het echter nog niet.

De in Betondorp in Amsterdam-Oost opgegroeide Paape kwam pas laat in zijn leven in contact met de wereld van het geld. Hij beschikte een bijzonder wiskundig inzicht, maar voelde zich in de jaren zestig meer tot de creatieve sector aangetrokken. Na een verblijf op de Filmacademie was hij betroken bij de oprichting marktonderzoeksbureau Interview. Experimentele film en videokunst trok hem uiteindelijk toch meer. Zijn werkzaamheden brachten hem in de late jaren tachtig weer in contact met het bedrijfsleven. Pas in de jaren negentig werd Paape gegrepen door enkele fraudeurs en besloot er zijn hobby van te maken om dit soort lieden te ontmaskeren. 

Met zijn lange haren, schamel gekleed en immer omgeven door een gordijn van sigaarrook, trok hij erop uit. Paape zag met eigen ogen hoeveel schade en ellende de praktijken van oplichters en bedriegers konden aanrichten. Na jaren slachtoffers van fraude en oplichting te hebben bijgestaan kwam hij tot de conclusie dat een overheid niet goed is toegerust om de daders op te sporen en te vervolgen. Hij zag dat de mensen die de vaak complexe materie van financiële zwendel konden doorgronden, vooral in het bedrijfsleven actief waren. Hij ontwaarde daarnaast een steeds grotere vindingrijkheid en brutaliteit aan de zijde van de in aantallen almaar uitdijende groep van fraudeurs.

Tegelijkertijd kon Paape zich hevig opwinden over de breed aanvaarde notie dat slachtoffers van oplichting, dom of hebzuchtig waren geweest. Hij had zelf veel mensen leren kennen die in hun onwetendheid en goedgelovigheid hun spaargeld in rook hadden zien opgaan. De afwachtende houding van de overheid om mensen beter over de loerende gevaren van financiële fraude voor te lichten, was hem een doorn in het oog.

Korte tijd geleden werd bij Paape kanker geconstateerd. Dat weerhield hem er niet van om tot het laatst aan toe bezig te zijn met zijn missie om de 113-hulplijn op te zetten en aandacht te vragen voor het belang van fraudepreventie.