Coronavirus

De ECB-miljarden

Bij wie komen de miljarden aan publiek geld terecht? Het monetair beleid van de Europese Centrale Bank (ECB) lijkt een ver-van-mijn-bed-show doorspekt met moeilijk jargon en financiële termen. In dit dossier onderzoekt FTM de implicaties het ECB beleid voor de burger. Wat houdt het lage-rentebeleid in en wat zijn de gevolgen van 'quantitative easing' (QE) voor Nederland? Lees meer

Het monetair beleid moet onze economie aanjagen, maar de resultaten blijven uit. Hoewel de hoge rekening voor ons allemaal is, wordt er geen politiek debat gevoerd over de miljardenbestedingen. De ECB verschuilt zich achter een masker van onafhankelijkheid, maar voert ondertussen een begrotingsbeleid voor de gehele Eurozone waarvan niet iedereen evenredig profiteert. Wat doet de ECB precies en mag dat allemaal zonder daarvoor democratische verantwoording af te leggen? Is dit nog wel monetair beleid, of is het economische politiek?

47 Artikelen

Nóg lagere rente: het zinloze medicijn tegen het coronavirus

4 Connecties

Onderwerpen

Wereldeconomie FED Renteverlaging

Organisaties

ECB
65 Bijdragen

Het coronavirus heeft ernstige gevolgen voor de wereldeconomie. Net als bij vorige crises vertrouwen beleidsmakers erop dat centrale banken ons met renteverlagingen voor een recessie behoeden. IJdele hoop: lagere rente is geen medicijn voor alle kwalen.

Niet alleen mensen die ermee zijn besmet, ook de rest van de samenleving ondervindt inmiddels de effecten van het coronavirus. De wereldeconomie hapert: bedrijven zien hun omzet teruglopen en de aandelenbeurzen gingen hard onderuit. De omvang van de economische schade valt volgens het Centraal Planbureau nog moeilijk in te schatten, maar de gevolgen zijn over de hele wereld merkbaar

De onzekerheid rond de pandemie deed vorige week de aandelenbeurzen kelderen. Om het vertrouwen van beleggers te herstellen, verlaagde de Federal Reserve (Fed), de Amerikaanse centrale bank, daarom op 3 maart de rente met een half procent: naar een bandbreedte van 1 tot 1,25 procent. Ook de Europese Centrale Bank liet van zich horen: ‘Ze staat klaar om in te grijpen, indien nodig.’ Omdat de depositorente in de eurozone al op een recordlaagte van min 0,5 procent staat liet de ECB het bij woorden. 

En dat is maar goed ook, want in de Verenigde Staten pakte de renteverlaging averechts uit. De beurskoersen zakten juist verder in. Hoewel Fed-president Jerome Powell tijdens zijn aankondigingsspeech tegelijkertijd benadrukte dat de Amerikaanse economie er goed voor staat, boezemde de renteverlaging beleggers meer angst in dan vertrouwen. 

Dat is niet zo gek. Powells verhaal is ambigu. Rente verlagen doen centrale banken normaliter niet wanneer de economie er sterk voor staat. Bovendien staat de effectiviteit van renteverlagingen stevig ter discussie. Economen wijzen erop dat langdurig lage rente meer economische schade aanricht dan goed doet.

In theorie moeten lage rentetarieven ervoor zorgen dat banken meer geld uitlenen, waardoor investeringen toenemen, de economie opbloeit, uiteindelijk ook de lonen stijgen en de inflatie omhoog wordt gestuwd naar 2 procent, de officiële doelstelling  van de ECB en de Fed. De praktijk is weerbarstiger: het geld wordt amper in de reële economie geïnvesteerd maar verrijkt juist de speculanten in de financiële wereld. Het goedkope krediet komt ook terecht bij grote bedrijven, die het gebruiken om hun eigen aandelen terug te kopen of overnames te financieren. Dat veroorzaakt bubbels op aandelenbeurzen en huizenmarkten. Leuk voor speculatieve beleggers, slecht voor starters die een woning zoeken.

Je weet van te voren dat het soort medicijn niet werkt bij het type ziekte waarmee de patiënt kampt

Een virus is geen bacterie

De achterliggende logica van de Amerikaanse renteverlaging is nog verder te zoeken. De economische gevolgen van het coronavirus bestrijden met lagere rente is zoiets als het virus te lijf gaan met antibiotica: je weet van te voren dat het soort medicijn niet werkt bij het type ziekte waarmee de patiënt kampt. Maar je weet wel dat er allerlei bijwerkingen zijn. 

De kwaal is hier immers duidelijk: Chinese fabrieken liggen stil, Europese handelsbeurzen zijn afgelast, mensen annuleren hun zakenreis naar Beijing of Milaan en stellen hun vakantietrip uit. Dat werkt door op zowel de aanbodzijde als de vraagzijde van de economie. Slecht nieuws voor veel bedrijven – uitgezonderd de verkopers van mondkapjes en producenten van desinfecterende zeep. 

Net als het virus zelf werden ook de economische gevolgen ervan als eerste zichtbaar in China. Maar als Chinese fabrieken geen onderdelen meer leveren voor auto’s, tv’s en wasmachines is dat geen lokaal probleempje, maar loopt de supply chain van onze globale economie vast. Ook Europese en Amerikaanse bedrijven ondervinden daar gevolgen van: hun productieprocessen duren langer en kosten meer. Tegelijkertijd daalt de vraag naar vliegreizen en overnachtingen: een strop voor luchtvaartmaatschappijen en hotels. 

Door de indirecte gevolgen van het coronavirus valt de omzet van al deze bedrijven terug. Maar ze moeten wel hun personeel betalen en hun financieringskosten aftikken. Hoe langer het coronavirus en de beangstigende berichtgeving erover aanhouden, hoe meer bedrijven – die in de kern gewoon gezond zijn – in betalingsproblemen komen.

Is er een dokter in de zaal?

Het is in niemands belang dat gezonde bedrijven omvallen vanwege deze tijdelijke schok. Dat zou waardevolle productiecapaciteit vernietigen en nodeloos leed veroorzaken bij mensen die hun baan verliezen. De grote vraag: hoe voorkom je dat rampscenario, en wiens verantwoordelijkheid is het om zich daarover te bekommeren? 

Veronderstellen dat uitgestelde vakanties alsnog worden geboekt omdat de rente lager wordt, is nog absurder

Sinds de krediet- en eurocrisis lijkt het standaardantwoord op economische uitdagingen: maak je geen zorgen, de centrale bank jaagt de economie wel weer aan met een renteverlaging. Maar dat is eigenlijk een vreemde reflex. In de eerste plaats omdat het hier specifieke bedrijven in bepaalde sectoren betreft die worden geraakt, niet de gehele economie. Het zou dus logischer zijn om gerichter (financiële) noodhulp te bieden. Bovendien is gebleken dat verdere renteverlagingen niet meer effectief zijn om kredietverlening in de reële economie te stimuleren. De economie lijkt ‘resistent’ te zijn geworden voor de lage rente; verlagingen hebben nauwelijks nog effect op de vraag naar krediet. Veronderstellen dat uitgestelde vakanties alsnog worden geboekt omdat de rente lager wordt, is nog absurder. 

Waar centrale banken in de 40 jaar voor de kredietcrisis vooral de inflatie bevochten, zijn ze in het afgelopen decennium verworden tot algehele hoeders van de economie. Maar centrale banken gaan nog steeds alleen over de uitvoering van monetair beleid, en dat is niet het medicijn voor ál onze economische kwalen. In sommige gevallen is begrotingsbeleid het beste instrument om de operatie mee uit te voeren. In andere gevallen lost het probleem zich vanzelf op. Dan kun je de markt beter met rust laten en de ‘patiënten’ laten uitzieken.

De keuze om al dan niet in te grijpen bij een crisis (en indien wel: op welke manier), vereist per definitie een politieke afweging; zo’n actie heeft immers verschillende gevolgen voor verschillende bevolkingsgroepen en bedrijfstakken. Het huidige monetaire beleid is bijvoorbeeld gunstig voor grote bedrijven die zichzelf via obligatiemarkten financieren, maar niet voor kleine ondernemers die bij hun bank nog steeds de volle mep betalen voor bedrijfsfinancieringen. 

Economisch crisisbeleid hoort in een politieke arena te worden voorgelegd, zodat parlementariërs de afwegingen van beleidsmakers kunnen controleren. De centrale bank is per definitie niet zo’n omgeving. Centrale banken zijn ondoorzichtige en ondemocratische instituten die zich, onafhankelijk van de politiek, bezig zouden moeten houden met het uitvoeren van bureaucratisch monetair beleid. Beleid dat nauw aansluit op hun beperkte mandaat: de prijsstabiliteit bewaken

Maar dat mandaat wordt in praktijk enorm opgerekt. Of het nu de kredietcrisis, de eurocrisis of de coronacrisis betreft, het is de centrale bank die de hete kolen uit het vuur moet halen, terwijl regeringen lijdzaam toekijken. Werkelijk alle gebeurtenissen met economische gevolgen – nu dus zelfs een pandemie veroorzaakt door een nieuw virus – wordt onder het mom van het bewaken van de prijsstabiliteit op het bordje van de centrale bank geschoven. Dat is een slechte ontwikkeling voor al wie waarde hecht aan het afleggen van democratische verantwoording.

En het is ook een slechte ontwikkeling voor de economie, omdat het de ruimte voor maatwerk beperkt. Een virusuitbraak vraagt om andere maatregelen dan een Amerikaanse hypotheekcrisis, of een Europees land dat zijn schulden niet meer kan dragen. Maar in het dokterskoffertje van de centrale banken zit slechts een spuit. 

Het medicijn van renteverlaging werd toegediend als pijnstiller tegen de krediet- en eurocrisis. Wie nu ook nog verwacht dat diezelfde injectie werkt als coronavaccin maakt zich schuldig aan wensdenken. Hoog tijd dus dat er een andere dokter in de zaal opstaat. 

Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

Thomas Bollen
Thomas Bollen
Onderzoekt als financieel econoom de 'economische religie' om nuttige inzichten van dogma's te scheiden.
Gevolgd door 3996 leden
Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
Annuleren