Workers make protective masks at a factory of a medical equipment in Urumqi, Xinjiang Uighur Autonomous Region, China January 27, 2020. Picture taken January 27, 2020.
Coronacrisis

De coronapandemie zet de wereld op zijn kop. Wie betaalt de rekening? En wie profiteert? Lees meer

Het virus SARS-CoV-2, beter bekend als het coronavirus, dook eind 2019 op in de Chinese provincie Hubei. In een paar weken tijd veroorzaakte het virus daar een epidemie, waarna het zich over de rest van de wereld verspreidde. Begin maart 2020 verklaarde de World Health Organisation de ziekte tot een pandemie en gingen landen wereldwijd 'op slot'.

Al met al is met het coronavirus een crisis van historische proporties ontstaan. De gevolgen van deze crisis zijn nog grotendeels onbekend. Maar de maatregelen die we nu nemen, zullen bepalen hoe de samenleving van de toekomst eruitziet. Daarom volgt de redactie van FTM de ontwikkelingen op de voet. Welke oplossingen dienen welke belangen?

173 Artikelen

Workers make protective masks at a factory of a medical equipment in Urumqi, Xinjiang Uighur Autonomous Region, China January 27, 2020. Picture taken January 27, 2020. © Reuters

Ook in Nederland duiken mondkapjes op die door Oeigoerse dwangarbeiders zijn gemaakt

Twee Chinese fabrieken worden in verband gebracht met dwangarbeid door Oeigoeren. Hun chirurgische mondneusmaskers zijn de afgelopen maanden verkocht door vooraanstaande Europese leveranciers van medische hulpmiddelen: OneMed en McKesson. Dit blijkt uit een internationaal onderzoek onder leiding van onderzoekscollectief OCCRP, waaraan Follow the Money deelnam. Ook in Nederland zijn verdachte maskers beland.

Dit stuk in 1 minuut
  • Over de overwegend islamitische Oeigoeren, een etnische minderheid in de Chinese regio Xinjiang die stelselmatig wordt onderdrukt, kwam deze week het nieuws naar buiten dat minstens een half miljoen van hen  op katoenplantages dwangarbeid verrichten.
  • In juli van dit jaar toonde The New York Times aan dat Oeigoeren ook worden ingezet bij de productie van medische mondneusmaskers.
  • Onder leiding van het Oost-Europese onderzoekscollectief OCCRP deden zeven media, waaronder Follow the Money, mee aan een onderzoek naar de productie van medische mondneusmaskers in Xinjiang en de inkoop daarvan door medische groothandels en overheids- en zorginstellingen.
  • In meerdere Europese landen zijn verdachte maskers ingekocht door de vooraanstaande medische groothandels OneMed en McKesson waarna ze belandden bij overheden, ziekenhuizen en apotheekketens.
  • Ook in Nederland zijn verdachte chirurgische mondmaskers verkocht.
Lees verder

Vrolijk lachende jonge Oeigoerse vrouwen zitten met blauwe haarnetjes en blauwe werkkleding achter naaimachines in een Chinese fabriek. Ze zijn hard aan het werk om persoonlijke beschermingsmiddelen te maken, zoals mondkapjes. Eerder zijn ze in twee rode dubbeldeksbussen door de straten van de stad Songzhi de Chinese provincie Hubei binnengebracht. Nieuwsgierige bewoners stonden langs de weg om het tafereel te aanschouwen. De 130 Oeigoerse vrouwen hebben vorig jaar maart hun huis in Karakax regio Xinjiang – grofweg 3000 kilometer verderop – verlaten om te gaan werken in de mondkapjesfabriek van Hubei Haixin. De arbeidsmigranten hebben in principe een jaarcontract, maar door de uitgebroken coronacrisis – en de gigantische vraag naar mondneusmaskers – bleven ze tot afgelopen september werken.

Lokale media doen verslag van een ideale wereld waarin de Oeigoerse vrouwen elke maandagochtend vrolijk het Chinese volkslied zingen en de nationale vlag hijsen. Maar op de achtergrond speelt een minder vrolijk verhaal: grove mensenrechtenschendingen. In de noordwestelijke regio Xinjiang worden de Oeigoeren, een etnische minderheid die overwegend islamitisch is, stelselmatig onderdrukt. Er zijn detentiecentra waar ze verplicht de Chinese taal moeten leren, in de Chinese normen en waarden worden onderwezen, en in ‘vaderlandsliefde’. Bij veel kampen staan fabrieken waar de Oeigoeren aan het werk worden gezet. De bewegingsvrijheid van Oeigoeren in Xinjiang is zwaar beperkt: overal is camerabewaking en journalisten – zo was onlangs te zien in een Nieuwsuur- reportage – worden geweerd.

China presenteert de ‘heropvoedingskampen’ en ‘werkverschaffing’ als een strategie om armoede te bestrijden en moslimextremisme tegen te gaan. Kritiek op de kampen en mensenrechtenschendingen ligt gevoelig. De Noorse omroep NRK – net als Follow the Money deelnemer aan een gezamenlijk onderzoek, onder de vleugels van het OCCRP, naar de productie van mondneusmaskers in Xinjiang en de verkoop daarvan in Europa – vroeg de Chinese ambassade in Oslo om een reactie. Hun antwoord: ‘De “mensenrechtenschendingen” in Xinjiang en de “vervolging van etnische minderheden” zijn de grootste leugens van deze eeuw die zijn bedacht door extremistische anti-Chinese krachten.’

Internationale mensenrechtenorganisaties zoals Human Rights Watch achterhaalden dat er de afgelopen jaren honderden interneringskampen zijn gebouwd en een miljoen Oeigoeren zijn vastgezet in detentiecentra. Daar blijft het niet bij: China kent ook werkprogramma’s, de zogeheten labour transfer programs, waarbij Oeigoeren per trein en bus worden ‘uitgezonden’ naar fabrieken in andere regio’s. In het geval van deze 130 Oeigoerse vrouwen: de fabriek van Hubei Haixin, 3000 kilometer verderop.

‘Hun rekrutering vindt plaats in een gemilitariseerde gesloten omgeving en onder toezicht van kaderleden van de Chinese overheid’

Volgens experts is er sprake van dwangarbeid. ‘Waar die vrouwen vandaan komen is sprake van hevige indoctrinatie en brainwashing. De rekrutering vindt plaats in een gemilitariseerde gesloten omgeving en onder toezicht van kaderleden van de Chinese overheid,’ zegt Adrian Zenz in een interview met de Zweedse publieke omroep SVT. Zenz is data-expert en onderzoekt de detentiekampen in Xinjiang. ‘De vrouwen worden vervolgens – onder het toeziend oog van bewakers – op de trein naar hun nieuwe werkplek gebracht.’ Bewegingsvrijheid hebben de Oeigoerse dwangarbeiders nauwelijks. ‘Ze verblijven in afgescheiden slaapgelegenheden met camerabeveiliging en bewakers. Ze hebben niet de vrijheid om te vertrekken en zijn niet vrij om te doen wat ze willen.’

Onderzoek met het OCCRP

De Chinese regering stelt de Oeigoeren gedwongen te werk daar waar arbeidstekorten zijn. Zo werden zij, vanwege de grote tekorten aan medisch beschermingsmateriaal, de afgelopen maanden tewerkgesteld in grote mondkapjesfabrieken, zoals die van Hubai Haixin. Signalen over deze praktijken bij Hubai Haixin waren er al eerder dit jaar. Het Australian Strategic Policy Institute, een onafhankelijke denktank, achterhaalde in maart dat dit bedrijf actief is in de mondkapjesproductie in Xinjiang. En in juli publiceerde The New York Times een onderzoek naar dwangarbeid bij de mondkapjesfabricage van Hubei Haixin; de producten bleken in de Verenigde Staten te worden verkocht. 

Het Oost-Europese onderzoekscollectief OCCRP breidde de afgelopen maanden dit onderzoek uit, in samenwerking met zeven mediapartners, waaronder Follow the Money. We onderzochten meerdere Chinese fabrikanten van medische mondkapjes en probeerden te achterhalen door welke medische distributeurs en groothandels deze producten op de Europese zorgmarkt zijn gebracht, en waar deze beschermingsmiddelen vervolgens zijn beland.

Katoenpluk onder dwang

Het gezamenlijke OCCRP-onderzoek leidde naar een grote producent van mondkapjes: Zhende Medical Co. Ltd. Dit bedrijf is in Shanghai aan de beurs genoteerd ( marktwaarde : 1,6 miljard euro, 5000 personeelsleden) en is een van de grootste Chinese exporteurs van medische goederen. In openbare stukken vonden we dat een deel van de productieketen gevestigd is de regio Xinjiang. Zhende heeft onder meer een katoenfabriek in Alashankou (Xinjiang) en haalt katoen en andere grondstoffen uit deze regio. Een aantal toeleveranciers zijn gelieerd aan de staat. 

Een belangrijke toeleverancier van Zhende staat bovendien onder beheer van de Xinjiang Production and Construction Corp (XPCC). Deze paramilitaire overheidsorganisatie, die als een soort administratieve autoriteit fungeert, biedt indirect werk aan naar schatting 12 procent van de bevolking van Xinjiang. Ook runt deze organisatie een groot deel van de detentiecentra voor Oeigoeren. De XPCC domineert bovendien de grootschalige katoenproductie in Xinjiang, en heeft daarin minstens een half miljoen Oeigoeren verplicht tewerkgesteld. In Xinjiang wordt circa 80 procent van alle Chinese katoen geproduceerd. XPCC neemt daarvan ongeveer een derde voor zijn rekening.

Op 2 december kondigde de VS aan dat alle katoen(producten) van XPCC en aan hen verwante ondernemingen in beslag  worden genomen, zodra die het land binnenkomen

Op 31 juli plaatste de Verenigde Staten de XPCC op de sanctielijst vanwege ‘rapportages van serieuze mensenrechtenschendingen van etnische minderheden in Xinjiang, waaronder willekeurige massadetentie en ernstig fysieke mishandeling’. Op 2 december kondigde de VS bovendien aan dat alle katoen(producten) van XPCC en aan hen verwante ondernemingen in beslag zullen worden genomen, zodra die het land binnenkomen.

Er is geen direct bewijs dat in de productieketen van Zhende sprake is van dwangarbeid. Maar hun aanwezigheid in Xinjiang en hun link met een toeleverancier die onder het bewind van de XPCC valt, is een duidelijke rode vlag. Volgens Louise Brown, een Zweedse expert op het gebied van corporate social responsibility en China, moeten Europese inkopers zich afvragen of ze wel zaken met Zhende willen doen. ‘Ben je bereid dat risico te nemen terwijl er internationale aanbevelingen zijn die wijzen op mensenrechtenschendingen en dwangarbeid. Kies je hen dan als leverancier? En waar sta je als bedrijf voor?’

Zenz is stelliger: hij zegt dat Westerse bedrijven zich verre moeten houden van alle Chinese fabrikanten die activiteiten in Xinjiang ontplooien. ‘Bedrijven moeten wegblijven van producenten zoals Zhende, die fabriceren in Xinjiang en daar katoen en andere grondstoffen inkopen. Dat is een totale red flag, gezien de huidige omstandigheden daar.’

Verkoop in Europa

Niet iedereen heeft boodschap aan deze ethische keuze. Uit het gezamenlijke OCCRP-onderzoek blijkt dat de chirurgische maskers en andere persoonlijke beschermingsmiddelen van Hubai Haixin en Zhende Medical de afgelopen maanden op grote schaal in de Europese Unie zijn verkocht. Dat gebeurde onder meer door vooraanstaande Europese medische groothandelaren zoals OneMed, een Zweedse distributeur met afdelingen in meerdere Europese landen, waaronder Nederland. Ook Europese dochtermaatschappijen van de beursgenoteerde multinational McKesson verkopen chirurgische mondkapjes uit risicogebieden.

Op de persfoto’s met de Noorse premier zijn de omstreden maskers van Hubai Haixin te zien

Zo verkocht OneMed ongeveer 700 duizend maskers en 2,3 miljoen schorten van Hubei Haixin aan de Noorse overheid. De Noorse premier Erna Solberg nam op 23 maart op het vliegveld een lading chirurgische mondmaskers in ontvangst. Op de persfoto’s zijn de omstreden maskers van Hubai Haixin te zien. In Zweden verkocht OneMed maskers van Hubei Haixin aan talloze steden, ziekenhuisregio’s en overheidsinstanties. In Italië belandden de maskers van Hubei Haixin – geïmporteerd door McKesson – in de schappen van McKessons apotheekketen LloydsPharmacy. Ook in Letland, Litouwen, België en Denemarken zijn de betwiste beschermingsmiddelen verkocht.

De blinde vlek van Europa

De Nederlandse Europarlementariër Samira Rafaela (D66/Renew Europe Group) stelde eind juli vragen aan de Europese Commissie naar aanleiding van de bevindingen van The New York Times inzake dwangarbeid van Oeigoeren bij de mondkapjesproductie. ‘Ik heb vier maanden moeten wachten en ik werd daar niet wijzer van. En dus ook niet blijer, zegt Rafaela. ‘De Commissie kon mij geen ja/nee antwoord geven op de vraag of er mondkapjes op de Europese markt zijn verkocht die het resultaat zijn van dwangarbeid. Dat vind ik frustrerend. En nu blijkt dat er Europese groothandels deze maskers nog verkopen. Dat is kwalijk en dat kan niet.’

Rafaela wil dat de Commissie meer actie onderneemt, en vestigt haar hoop op een nog te verschijnen Europese richtlijn omtrent ‘verplichte zorgvuldigheidseisen’. Die richtlijn moet Europese bedrijven verplichten om onderzoek te doen naar misstanden in hun productie- en toevoerketen. De verwachting is dat het voorstel volgend jaar gepresenteerd wordt. ‘Ik hoop dat het voorstel bedrijven bij de les zal houden; als ze niet aan de zorgvuldigheidseisen voldoen, moeten er sancties volgen. Het is verschrikkelijk wat er met de Oeigoeren in China gebeurt; Europa heeft eigenlijk nog geen effectief instrument om zulke praktijken tegen te gaan. We kunnen nu eigenlijk alleen maar een moreel appèl doen op bedrijven. We moeten bedrijven kunnen wijzen op hun verantwoordelijkheid, en ze moeten ingrijpen zodra de productieketen ondoorzichtig is.’

In Nederland werden er begin december twee moties ingediend om de import van kleding waarvoor Oeigoeren aan het werk zijn gezet, aan banden te leggen. De minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, Sigrid Kaag (D66), ontraadde de motie. 

Een complicerende factor is de handelsrelatie met China. Kritiek op zijn Oeigoeren-beleid neemt China hoog op. Rafaela: ‘Het ligt gevoelig, want er is een economische afhankelijkheidsrelatie met China, maar we mogen mensenrechtenschendingen nooit accepteren. Ik vind het ongelofelijk dat China dat afdoet als anti-Chinese retoriek. We zijn niet anti-China, we zijn anti-mensenrechtenschendingen. De Europese Unie moet zich daar hard tegen uitspreken.’

Lees verder Inklappen

Verkoop OneMed in Nederland

En OneMed Nederland? Dat is een belangrijke partner van het Landelijk Consortium Hulpmiddelen (LCH), het centrale inkoopteam dat op 24 maart door het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport is opgericht om persoonlijke beschermingsmiddelen in te kopen. OneMed en Mediq zijn de twee belangrijkste marktpartijen waarmee de overheid binnen het LCH samenwerkt.

Pieter Jongeling, directeur van OneMed Nederland: ‘We hebben gedurende de crisis nationale overheden proberen te helpen om de crisis te bestrijden. Nederland had vooral een sourcing-probleem, persoonlijke beschermingsmiddelen waren bij de A-fabrikanten vrijwel niet verkrijgbaar. Mediq en wij hebben toen bij het ministerie van VWS aangegeven: maak gebruik van onze bestaande kanalen.’ De rolverdeling: OneMed Nederland verzorgt de logistiek, oftewel, het beheer en de uitlevering van de noodvoorraad in de loods van het LHC. De inkoop voor het LCH verliep via de medische groothandel Mediq.  Mediq en OneMed verzorgen samen het portaal waar ziekenhuizen hun persoonlijke beschermingsmiddelen kunnen bestellen uit de centrale voorraad.

Dossier

Dossier: Coronacrisis

De maatregelen om de verspreiding van het coronavirus in te dammen zijn ongekend; de uitwerking ervan nog grotendeels onbekend. Welke oplossingen dienen welke belangen?

Volg dit dossier

De omstreden chirurgische maskers afkomstig uit de fabriek van Hubei Haixin (te weten: Hubai Haixin Health, Evercare Basic en Evercare Essentia) heeft OneMed volgens Jongeling niet op de Nederlandse markt verkocht. ‘Wij verkopen in Nederland alleen Type IIR maskers van Evercare, maar die komen niet uit de fabriek van Hubei Haixin.’ In Nederland is FTM deze ‘Oeigoeren-maskers’ inderdaad niet via distributie door OneMed tegengekomen.

Uit het OCCRP-onderzoek blijkt echter dat OneMed zich vorig jaar september bij Hubai Haixin heeft gemeld met zorgen over Oeigoerse arbeiders in hun fabriek. Die bleken er inderdaad te werken

Jongeling stelt dat OneMed groot belang hecht aan een zuivere productieketen. ‘Als een van de weinige distributeurs auditen we onze fabrieken op alle aspecten: van slavernij en kinderarbeid tot werkomstandigheden. Als we daarin problemen constateren, dan grijpen we onmiddellijk in en wordt de samenwerkingsovereenkomst ontbonden.’

Uit het OCCRP-onderzoek blijkt echter dat OneMed zich vorig jaar september bij Hubai Haixin heeft gemeld met zorgen over Oeigoerse arbeiders in hun fabriek. Die bleken er inderdaad te werken, zo blijkt uit een intern document . Hubei Haixin beloofde OneMed in januari dat ze deze werknemers in maart zouden terugsturen naar hun huis in Xinjiang, maar dat is niet gebeurd. De 130 Oeigoerse medewerkers zaten tot afgelopen september nog achter de naaimachines om chirurgische mondmaskers te maken. Het excuus van Hubei Haixin: de medewerkers konden niet naar huis terugkeren in verband met de reisrestricties vanwege corona. Ondertussen bleef OneMed al die tijd de Chinese maskers afnemen en verkocht die aan Europese afnemers.

Medische maskers van Zhende in Nederland

Hoewel OneMed ze elders in Europa wel heeft geleverd, verkoopt OneMed Nederland geen maskers van Hubei Haixin. De andere medische maskers die in het OCRRP-onderzoek opdoken – die van Zhende Medical, dat zijn katoen uit de regio Xinjiang haalt, bij een verdachte katoenproducent – zitten wel in hun assortiment. Een woordvoerder bevestigt dat tegenover Follow the Money. Deze maskers zijn verkocht aan OneMeds reguliere klanten, zoals ziekenhuizen, privéklinieken en ambulancediensten. Informatie over hoeveelheden en afnemers wil OneMed Nederland niet verstrekken; dat zou ‘bedrijfsgevoelig’ en ‘vertrouwelijk’ zijn.

In een rondgang langs webshops en via inkopers van ziekenhuizen en verpleeghuizen stuitten we herhaaldelijk op mondmaskers van Zhende. Het Albert Schweitzer Ziekenhuis blijkt 30 duizend medische maskers van Zhende op voorraad te hebben. Het Amsterdam UMC heeft recent 500 duizend exemplaren gekocht.

Ook in de webshop van een groothandel voor sport-medische benodigdheden zijn ze te vinden. De maskers van Zhende worden verder aan particulieren verkocht via BENU, dat met 481 aangesloten apotheken de grootste keten in zijn soort is in Nederland. BENU maakt weer onderdeel uit van de groothandel Brocacef Groep, dat in handen is van McKesson (45 procent) en het Duitse concern Phoenix (55 procent). Volgens een woordvoerder van Brocacef hebben zij dit jaar ‘4000 tot 5000 verpakking à 30 stuks’ van de maskers van Zhende op de markt gebracht. Oftewel: tussen de 120 en 150 duizend exemplaren.

Deze maskers zijn niet rechtstreeks bij de Chinese fabrikant ingekocht; Brocacef nam ze af bij de Nederlandse dochter van de Zweedse medische groothandel Mölnlycke. Brocacef: ‘We voeren daar zelf geen checks op uit omdat we het niet rechtstreeks inkopen. We zijn ons niet bewust van enig verband met Oeigoeren.’

Een medewerker van de Nederlandse vestiging van Mölnlycke bevestigt de levering aan Brocacef en meldt dat deze chirurgische maskers inderdaad bij Zhende zijn ingekocht. De Zweedse moederorganisatie zegt echter dat deze maskers niet in Xinjiang zijn geproduceerd, dat de grondstoffen afkomstig zijn uit de buurt van de fabriek in Zhejiang, en dat er audits zijn gedaan bij Zhendes productiefaciliteiten. ‘Tijdens deze audits zijn er geen signalen naar voren gekomen dat de Code of Conduct is geschonden.’ De woordvoerder van Mölnlycke Zweden belooft dat er voor de zekerheid een nieuwe audit zal worden uitgevoerd.

Hubei Haixin via België

De maskers van Hubei Haixin lijken minder wijdverspreid in Nederland. Het Amsterdam UMC heeft ze aangeboden gekregen van de Nederlandse vestiging van Abena, een leverancier van medische hulpmiddelen, maar heeft ze toen niet besteld. Abena blijkt in oktober een order voor 1,8 miljoen stuks te hebben geplaatst bij Hubei Haixin. ‘Zij zijn een nieuwe leverancier, met wie we niet eerder hebben gewerkt, maar om aan de enorme vraag naar mondneusmaskers in de zorg te voldoen, zijn wij op zoek gegaan naar meer fabrikanten,’ zegt Abena’s product manager Lizzy Bruno. De maskers van Hubei Haixin worden in januari geleverd. Deze maskers zijn volgens Abena ná 30 september geproduceerd, dus op het moment dat de 130 Oeigoerse vrouwen alweer vertrokken waren.

‘Abena heeft people, planet and profit hoog in het vaandel staan. Wij wachten de resultaten van de aanstaande audit af’ 

Naar aanleiding van de reportage van The New York Times, die in juli verscheen, deed Bruno navraag bij het hoofdkantoor van Abena in Denemarken. Daar overlegde men vervolgens een audit van Hubei Haixin en een door dat bedrijf ondertekende verklaring van Abena’s Code of Conduct. Bruno: ‘Zoals gezegd controleert ons kantoor in China alle fabrieken waar wij zaken mee doen. Onze Code of Conduct is niet alleen getekend door Hubei Haixin, ook onze eigen medewerkers hebben controles uitgevoerd. Wij controleren onder andere de arbeidsomstandigheden van de medewerkers, maar ook de kwaliteit van de maskers.’

De maskers van Hubai Haixin zijn in Nederland voorts verkocht via de online webwinkel van de Belgisch-Limburgse apotheek Viata. Eigenaar Kristien Vanmeer schrikt als ze van de oorsprong van deze maskers hoort. ‘Ik ben licht gechoqueerd over deze bevindingen. Wij kopen de maskers gewoon via de Belgische groothandel Cophana. We bestellen dan steeds een paar doosjes. Ik heb nu direct gevraagd om ze van onze website af te halen.’

Wederhoor

Follow the Money heeft navraag gedaan bij het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport of er in het afgelopen jaar via het Landelijk Consortium Hulpmiddelen (LCH) maskers zijn ingekocht van Hubei Haixin en Zhende. Het Ministerie doet geen uitspraken over leveranciers. De inkooppartner van het LCH, Mediq, verstrekte deze informatie ook niet. FTM heeft in oktober een artikel gewijd aan de intransparantie van het inkoopbeleid van covid-19 gerelateerde spullen.

Cophana/McKesson:

Cophana mailde FTM een algemene verklaring van moederconcern McKesson. Daarin zegt McKesson Europe te hechten aan ‘good corporate citizenship’ en ‘ethical sourcing’. ‘Toeleveranciers moeten instemmen met de McKesson Sustainable Supply Chain Principles (MSSP). Dat omvat compliance met relevante wetgeving en daarnaast naleving van onze strikte beleid met betrekking tot de bescherming van medewerkers, de voorbereiding op ongevallen (emergencies), het identificeren en managen van milieurisico’s, en het beschermen van het milieu.’ De verklaring sluit af met: ‘For more information, click Corporate Responsibility Report .’ McKesson ging niet in op specifieke vragen.

OneMed:

Robert Schmidt, hoofd productie bij OneMed, zegt in een reactie op onze bevindingen dat OneMed eind 2019 signalen kreeg dat er in de fabriek van Hubei Haixin Oeigoeren werkzaam waren. De relatie werd voortgezet toen geen bewijs van dwang of discriminatie in de toevoerketen werd gevonden. Met betrekking tot Zhende erkent Schmidt dat het bedrijf materialen voor wondverzorgingsmiddelen heeft ingekocht bij een fabriek in Xinjiang, maar volgens Zhende komt haar katoen uit Kazachstan en de Verenigde Staten. Zhende heeft volgens Schmidt gezegd dat er in de Xinjiang-fabriek geen Oeigoeren werkzaam zijn.

Het Zweedse hoofdkantoor van OneMed publiceerde vorige week een statement op zijn website: ‘Update on status and activities - Xinjiang’. Daarin staat onder meer: ‘At Zhende's cotton factory in Xinjiang, an external audit is currently being carried out by a well-known organization. As soon as possible, an internal audit will be carried out to ensure the safety and rights of the people who work there. During follow-up external, and internal, audits of Haixin's factory in Hubei in the autumn of 2020, we found no signs of discrimination of the workforce.’

Zhende en Hubai Haixin:

De Chinese fabrikanten hebben niet gereageerd op vragen van journalisten die deelnamen aan het OCCRP-onderzoek. Zhende heeft wel een verklaring gestuurd naar zijn Europese afnemers. In dit document zegt het bedrijf: “Het is voor Zhende onacceptabel om gebruik te maken dan wel mee te werken aan dwangarbeid.’

 

Lees verder Inklappen