Ongelijkheid is intellectueel troetelkind

    De groeiende inkomensongelijkheid bedreigt het monsterverbond tussen kapitalisme en democratie, aldus columnist Rochus van der Weg. Wil de democratie haar geloofwaardigheid behouden dan zal ze actief moeten optreden tegen ongelijkheid

    In Nederland verdient de ‘gemiddelde ’ AEX CEO een jaarlijks inkomen van 60 maal modaal en 100 maal het minimumloon. Natuurlijk zijn de verantwoordelijkheden en de werktijden van de AEX CEO vele malen groter dan die van de modale medewerker, maar toch zijn de verschillen overdreven groot. In de Verenigde Staten zijn deze verhoudingen nog navranter, daar verdienen volgens het maandblad Foreign Affairs ondernemingsbestuurders 400 maal het salaris van de laagstbetaalde medewerker. Veertig jaar geleden was deze factor nog maar 40; een aanzienlijke toename dus. Het is niet alleen de westerse wereld, die kampt met een groeiend ongelijkheid, ook in de opkomende BRICS economieën speelt deze problematiek. In Brazilië verdient de rijkste 10 procent van de bevolking 40 maal meer dan de armste 10 procent. Ter vergelijking; in Nederland is dit 10 maal. Inkomensvergelijkingen besteden weinig aandacht aan salarissen van topsporters; zo verdient de ‘gemiddelde’ Nederlands elftal speler 150 maal modaal; dat dit slechts een paar jaar van zijn leven is en heel resultaat gebonden, maakt het niet minder navrant.

    Kapitalisme heeft ongelijkheid nodig

    De oorzaak van deze grote inkomens verschillen is de kapitalistische maatschappijvorm, die wij met zijn allen democratisch omarmen. Het getalenteerde en sociaal bevoorrechte individu is eenvoudigweg beter in staat om kansen te benutten dan het minder getalenteerde en sociaal defensieve individu en genereert zo meer inkomen. Sterker nog inkomensverschillen zijn vaak een grotere stimulans voor prestaties dan de absolute inkomens. Alsof het een voetbalwedstrijd is, waar het verschil in doelpunten doorslaggevend is en niet het absolute aantal gescoorde doelpunten. Naarmate we meer naar een kennis intensieve ‘high tech’ wereld toegaan, worden talenten belangrijker en zullen de minder getalenteerden het moeilijker krijgen. Kortom, er is geen enkele reden te verwachten dat groei de inkomensongelijkheid zal afremmen, integendeel deze zal alleen maar toenemen. Zoals we nu zien in landen als Brazilië en Argentinië leidt ongelijkheid onvermijdelijk tot sociale onrust en onlusten, die op termijn het monsterverbond tussen kapitalisme en democratie bedreigen.

    De salon-elite

    Het verzet tegen deze groeiende ongelijkheid is vooralsnog uitsluitend een krachteloos salonverzet van een intellectuele elite, die zijn ‘vingers niet wil branden’. Het volksverzet van de Occupy-beweging is inmiddels overal ter wereld de mond gesnoerd. Een columnist als Marcel van Dam fulmineert tweewekelijks in zijn Volkskrant column tegen ongelijkheid, maar als de Occupy beweging uit protest zijn tenten op het Haagse Malieveld opzet, verlaat van Dam niet zijn landgoed Steigerberg op de Veluwe, om zich uit solidariteit bij de kamperende Occupiërs te voegen.
    De Hollandse tegelwijsheid 'wees een held als het telt' geldt niet voor de sociaaldemocratische verzetshelden tegen ongelijkheid
    Zijn sociaal democratische geestverwant - oud premier Wim Kok - maakt het nog bonter. Als premier sprak Wim Kok nog zwaar geïrriteerd van ‘exhibitionistische zelfverrijking’ bij het bespreken van de bonuscultuur. Enkele jaren later als Commissaris bij ING sprak hij berustend van ‘duivels dilemma’ bij de goedkeuring van de salarisverhoging van de toenmalige ING topman Michel Tilmant. Nog weer enkele jaren later tijdens de Parlementaire Enquête over de kredietcrisis vatte Wim Kok de situatie als volgt samen; ‘je kunt wel zeggen, ik doe daar niet aan mee, maar dan verander je ook niks’. De Hollandse tegelwijsheid ‘wees een held als het telt’ geldt zeker niet voor deze ‘verzetshelden’ tegen ongelijkheid. Het uiteindelijke resultaat van dit salonverzet is dat de ongelijkheid blijft groeien.

    Politici: neem actie!

    Wil de democratie haar geloofwaardigheid behouden, sterker nog; haar bestaansrecht zeker stellen dan zal ze actief moeten optreden tegen deze onrechtvaardige ongelijkheid. De geschiedenis kent diverse pogingen om een egalitaire non-kapitalistische samenleving te bewerkstelligen. In landen als Rusland en Cuba heeft het communisme geen welvaart en geen gelijkheid gebracht, maar wel veel economische en menselijke ellende. De hamvraag is hoe we de voordelen van het kapitalisme kunnen vasthouden en tegelijkertijd de inkomensongelijkheid kunnen verminderen. Basale democratische middelen zoals bindende referenda bieden vooralsnog weinig soelaas. Als we kijken naar Zwitserland, waar op 24 november 2013 een referendum is gehouden met de vraag of de bestuurder meer mag verdienen dan 12 maal het salaris van de minst verdienende werknemer, dan is 65 procent van de Zwitsers tegen. Als volksverzet, salonverzet en basale democratische middelen niet werken, dan komt de vraag toch op het bord van de politici. Laat de politici zich toch realiseren dat het huidige monsterverbond tussen democratie en kapitalisme niet te handhaven en onrechtvaardig is. Misschien is een aangepaste Balkenende-norm voor de private sector het overwegen waard voor zowel bestuurders als sporthelden.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Rochus van der Weg

    Rochus van der Weg heeft systeemtheorie gestudeerd in Groningen en in Toulouse en is vervolgens 20 jaar werkzaam geweest bij...

    Volg Rochus van der Weg
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren