Ook vaderlandsliefde gaat door de maag

    We leven in tijden van oplevend patriottisme en nationalisme, en de gevolgen daarvan beperken zich niet tot het stemgedrag van burgers. Zo vinden steeds meer Europeanen het van belang dat hun voedsel uit eigen land afkomstig is. Onzinnig, vindt Herman Lelieveldt, want afkomst zegt niks over kwaliteit.

    Steeds vaker zien we in de supermarkt etiketten waarop staat dat het product in de verpakking weidemelk van Hollandse koeien bevat. Ook bij Goudse kaas staat vaak expliciet vermeld dat hij gemaakt is met Nederlandse zuivel. Vaak staat er ook nog een vrolijk wapperend Nederlands vlaggetje naast, zodat je in één opslag kan zien dat het hier om Hollandse waar gaat.

    In het Europees Parlement gaan stemmen op om de nationale herkomst van producten op etiketten verplicht te stellen. Hierop vooruitlopend, voeren verschillende lidstaten al dergelijke regels in. Het lijkt er op dat we een ongekende opleving meemaken van het ‘gastronationalisme,’ een door de Amerikaanse socioloog Michaela de Soucey bedachte term voor het benadrukken van de nationale oorsprong van voedsel door bedrijven of politici. Hoe kunnen we deze golf van vaderlandsliefde door de maag verklaren? En moeten we er blij mee zijn?

    Schots vlees voor de Schotten

    Het meest pregnante voorbeeld van gastronationalisme zagen we in mei 2013, toen de Britse retailer Tesco besloot om zijn Schotse consumenten alleen nog maar Schotse kip voor te schotelen. Dat was een rechtstreeks gevolg van het paardenvleesschandaal waar Britse en Ierse supermarkten bij betrokken waren. Kant-en-klaarmaaltijden van retailers als Tesco en Waitrose bleken, anders dan de verpakking beloofde, in veel gevallen paardenvlees in plaats van rundvlees te bevatten. Het duurde niet lang voordat de verschillende voedselautoriteiten de toeleveranciers van het vlees in beeld kregen. Hun onderzoek toonde vooral aan dat het maken van een kant-en-klaarmaaltijd voor dit soort supermarktgiganten een echt Europese onderneming is. De route die het paardenvlees had afgelegd (zowel virtueel als daadwerkelijk) voordat het in de diepvrieslasagne eindigde, was duizenden kilometers lang. Tal van tussenhandelaren waren betrokken bij het verhandelen van de blokken diepgevroren schilfers vlees, die alleen met behulp van DNA-onderzoek tot rund of paard te herleiden waren.


    "Het enkele gegeven dat een product voor de volle 100 procent uit een bepaald land afkomstig is, biedt geen garantie op het voorkomen van fraude"

    Het is ronduit fascinerend dat Tesco ervoor koos om te proberen langs de lijnen van de steeds sterker wordende nationale — Schotse — identiteit het vertrouwen van consumenten terug te winnen. Immers, het enkele gegeven dat een product voor de volle 100 procent uit een bepaald land afkomstig is, biedt geen enkele garantie op het voorkomen van fraude. Ook binnen de grenzen van Schotland kan er immers volop met eten gerotzooid worden.

    Nationale herkomst

    Voedsel is voor de meeste landen een bron van nationale trots, dus het zou ons niet moeten verbazen dat een verwijzing naar de nationale wortels van een product voor veel mensen belangrijk is. Voor consumenten appelleert het aan de behoefte om iets te eten dat vertrouwd is en relatief gezien van dichtbij komt.

    Nationale herkomst doet het daarbij goed, want ook vandaag de dag is voor de meeste burgers hun nationale identiteit (en niet die van stad, regio of continent) nog altijd het belangrijkste identificatiekader. Dat zien we mooi terug in de uitkomsten van de Eurobarometer-peiling over het landbouwbeleid uit 2014. Daarin wordt consumenten gevraagd welke oorsprongsinformatie ze over zuivelproducten en vlees zouden willen hebben. Bijna driekwart van de EU-burgers wil weten uit welk land dat product komt, terwijl de helft van hen geïnteresseerd is in de productieregio en maar een derde louter wil weten of het van binnen of buiten de EU komt.

    Bijna driekwart van de EU-burgers wil weten uit welk land het product komt

    Maar waar komt die omhelzing van de nationale oorsprong toch vandaan? Nationale eetculturen zijn historisch gezien eigenlijk altijd heel open geweest en hebben zich ongemerkt de ingrediënten en maaltijden van andere culturen toegeëigend. De meest expliciete erkenning hiervan vinden we in de jaren ’70, toen fusion cooking het vermengen van eetculturen omarmde en er nieuwe smaken en eetstijlen mee ontdekte. Hoe anders is dat nu. We leven in het tijdperk van de demarcatie, een cultuur waarin mensen zich meer en meer willen afschermen van de invloeden van buitenaf.

    Nauwelijks nationale sturing

    In het boek Political conflict in Western Europe laat de Zwitserse politicoloog Hanspeter Kriesi met zijn team zien dat deze tendens een rechtstreeks gevolg is van de voortschrijdende globalisering en internationalisering die zich de afgelopen decennia in West-Europa heeft voorgedaan. Onze economische stelsels zijn hierdoor meer en meer met elkaar verknoopt geraakt en daardoor is het karakter van de nationale politiek veranderd. Waar regeringen vroeger nog redelijk goed in staat waren om via gericht beleid de economie te sturen, is dat vandaag de dag nauwelijks nog mogelijk.


    "We leven in het tijdperk van de demarcatie, een cultuur waarin mensen zich meer en meer willen afschermen van de invloeden van buitenaf"

    De huidige nationale politiek is veel minder in staat om te bepalen wie wat krijgt en de klassieke ideologische verschillen tussen links en rechts — op socio-economisch vlak — zijn daardoor uitgevlakt. Wat er voor in de plaats is gekomen, is een politiek debat dat zich veel sterker richt op culturele issues — op de vraag wie we zijn. Kriesi en zijn onderzoeksteam laten zien dat in die culturele strijd partijen die pleiten voor open grenzen en multiculturalisme tegenover partijen staan die een politiek van demarcatie bepleiten: houd de grenzen dicht en laat nieuwkomers zo snel mogelijk assimileren.

    Verplichte vermelding

    Als identiteit inderdaad een steeds belangrijkere factor is in de politiek en we leven in het tijdperk van de demarcatie, moet het ons niet verbazen dat ook debatten over voedsel zich langs deze lijnen afspelen. De nationale herkomst van ons voedsel vormt daarbij dan een nieuw baken en houvast in dit tijdperk van globalisering. Politici zullen ook voedsel gebruiken om deze identiteit te benadrukken en te onderstrepen.

    De meest venijnige vorm hiervan zien we in Frankrijk, waar het Front National zich keert tegen scholen die uit respect voor moslimleerlingen geen varkensvlees bij de lunch serveren. Mildere vormen zien we in het Europees Parlement, dat de resultaten van bovengenoemde Eurobarometer-studie gebruikte om te pleiten voor een verplichte vermelding van het land van herkomst van alle zuivel en vlees — ook het vlees dat verwerkt zit in kant-en-klare maaltijden of sauzen.

    Consumenten zouden tussen de 5 en 20 procent meer willen betalen voor producten met Italiaanse wortels

    Voor voedselproducenten is zo’n verplichting een regelrechte nachtmerrie: de grote multinationale voedselverwerkers halen hun grondstoffen overal vandaan, afhankelijk van marktprijs en beschikbaarheid, en zouden hier behoorlijk door op kosten worden gejaagd. De Europese melkproducenten hebben al laten weten dat de regel ze alleen maar geld kost zonder dat de melk er veiliger door wordt. Toch lijken ook nationale politici wel te porren voor een verplichte herkomstvermelding. Vooruitlopend op mogelijke Europese regelgeving, wil Frankrijk deze regels al vanaf 2017 invoeren. En in Italië kondigde premier Renzi op 22 mei — Wereldmelkdag  — gelijksoortige regels aan voor Italiaanse zuivel, tot groot genoegen van de 5000 aanwezige melkboeren. ‘We hebben het recht om te weten wat we eten,’ aldus Renzi. Maar dat het bij deze maatregel om meer gaat dan voedselveiligheid, blijkt wel uit de opmerkingen van de Italiaanse minister van landbouw De Martina, die aangaf dat consumenten tussen de 5 en 20 procent meer zouden willen betalen voor producten met Italiaanse wortels.

    Afgrenzing

    Niet alleen de voedselproducenten, maar ook de Europese Commissie — het dagelijks bestuur van de EU — zal deze ontwikkelingen met lede ogen aanzien. Dit soort maatregelen bedreigt niet alleen de interne markt, maar wakkert een politiek van afgrenzing alleen maar verder aan. In oktober kwamen ook Griekenland en Finland met gelijksoortige voorstellen voor zuivel. En hoewel Brussel dit soort nationale regels wel moet goedkeuren, zal het voor de Europese Commissie moeilijk zijn hier een stokje voor te steken omdat de etikettenverordening lidstaten dit soort ruimte lijkt te bieden. Alleen het in juni door de Roemeense regering gedane voorstel om supermarkten te verplichten minimaal de helft van het voedsel van regionale en nationale producenten te betrekken, is zo duidelijk in strijd met EU-regels dat de Commissie daar makkelijk tegen kan optreden.

    Onzinnig criterium

    De conclusie is niettemin duidelijk: gastronationalisme heeft de wind in de rug. Het is een van de exponenten van een herlevend nationalisme dat overal in Europa rondwaart — en het is net zo onzinnig en zorgelijk. Voor de voedselveiligheid schieten we er niets mee op als we weten uit welk land een product komt; daar hebben we inmiddels veel fijnmaziger traceerbaarheidssystemen voor. Voor de kwaliteit van ons voedsel zegt het land van herkomst ook helemaal niets. Italiaanse mozzarella is er in alle kwaliteitsniveaus: van nondescripte rubberen stuiterballen tot goddelijke buffelmozzarella uit Campanie, terwijl er inmiddels Nederlandse kaasboeren zijn die in ons eigen land een even goddelijke buffelmozzarella maken. En wie duurzaam wil consumeren, moet vooral letten op de manier waarop het product gemaakt is en zich niet te veel laten afleiden door de voedselkilometers, die maar een bescheiden impact op het milieu hebben. Toch zal het wel even duren voor de wind van het gastronationalisme is overgewaaid. Tot die tijd is het zaak om ons gezond verstand te blijven gebruiken als we voor het schap staan, en om vooral niet mee te gaan in de afgrenzing van onze eetcultuur op basis van het onzinnige criterium van nationale herkomst.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Herman Lelieveldt

    Gevolgd door 179 leden

    Auteur van 'De Voedselparadox’. Onderzoekt voor FTM de machten en krachten die bepalen wat er op ons bord komt.

    Volg Herman Lelieveldt
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren