© Boomerang

Oorlog om de duurzame waterfles

    De markt voor de duurzame waterfles groeit explosief. Onderzoek van Follow the Money wijst echter uit dat achter de goede reputatie van de fles een keiharde concurrentiestrijd tussen de 'sociale' ondernemers schuil gaat. In dit watergevecht wordt vuil spel niet geschuwd.

    ‘Kijk zelf maar,’ zegt Geraldo Vallen, de oprichter van Join the Pipe. Hij laat een foto zien die hij een paar dagen eerder in Nairobi heeft genomen. Een rivier vol plastic flessen. ‘Verschrikkelijk, toch? Wij doen hier écht iets aan.’

    Het gaat goed met de branche voor duurzaam drinkwater. De hippe flessen van bedrijven als het Haarlemse Dopper en het Amsterdamse Join the Pipe worden veelvuldig gebruikt als reclamemateriaal en zijn een geliefd onderdeel van kerstpakketten, sinterklaassurprises en goodie bags. De ontwerpers van de flessen wonnen prijzen zoals de Dutch Design Award en mogen zich presenteren op grote podia zoals TEDx.

    Ook kranten en nieuwszenders berichten vol lof over de sociale ondernemers. Het NRC wijdde afgelopen weekend nog een uitgebreid verhaal aan de 'succesfles' van Dopper. Bij de oprichting van dat bedrijf schreef De Volkskrant in een interview met ceo Merijn Everaarts: ‘Hij doet het niet om er rijk van te worden: de opbrengsten gaan naar Simavi, een organisatie die schoon drinkwater in de Derde Wereld brengt.’ Ook de politiek is razend enthousiast: met name GroenLinks en de VVD staan voor duurzaam ondernemerschap in Nederland.

    Maar hoe nobel en onzelfzuchtig is de sector eigenlijk? Uit onderzoek van FTM blijkt dat de markt voor duurzaam drinkwater stilletjes aan net zo rücksichtlos competitief aan het worden is als alle andere. De tamelijk idealistische ondernemers zijn verwikkeld in een heus watergevecht waarin rechtszaken, belangenverstrengeling en achterkamertjespolitiek verre van uitzonderlijk zijn.

    Duurzaamheid en ondernemerschap

    Naar eigen zeggen zijn de voornaamste beweegredenen van de ondernemers in de branche het tegengaan van de plasticsoep, het promoten van kraanwater als gezond alternatief voor frisdrank en het streven naar wereldwijde toegang tot schoon drinkwater.

    Dat het verkooppraatje werkt, moge duidelijk zijn. Dopper verkocht in 2015 ruim 1,3 miljoen flessen en was daarmee goed voor een omzet van 7 miljoen euro — bijna een verdubbeling ten opzichte van 2014. Tevens worden er aan de lopende band prijzen voor duurzaamheid en ondernemerschap in de wacht gesleept. Zo staat Dopper in Synergie’s top 40 van inspirerende bedrijven op een respectabele derde plaats; alleen Tesla en Tony Chocolonely scoren beter.

    Dopper verkocht in 2015 ruim 1,3 miljoen flessen en was daarmee goed voor een omzet van 7 miljoen euro

    Voor het Haarlemse bedrijf was de plasticsoep dé reden om een duurzame fles te introduceren. Oprichter Merijn Everaarts putte zijn inspiratie voor de fles naar eigen zeggen uit een documentaire over het probleem. Dit is terug te zien op de website van het bedrijf. Daarop staat als hoofddoel: ’Bewustwording creëren over de impact van single-use plastic afval en mensen inspireren om zelf een verandering in gang te zetten.’

    Ook KRNWTR en Join the Pipe bieden een duurzame fles aan. Van die laatste stond de nieuwe ‘BOGO’-fles onlangs centraal in een vergadering van de Verenigde Naties — niet de minste plek om een product te promoten. Naast duurzame flessen verkoopt Join the Pipe voornamelijk watertappunten. Dit bedrijf heeft als doel ‘het bouwen van de langste waterleiding om zo iedereen, overal ter wereld, van schoon drinkwater te voorzien.’ De watertappunten zijn inmiddels te vinden over de hele wereld, maar vooralsnog staan de meeste tappunten in Amsterdam — zoals bijvoorbeeld op de Universiteit van Amsterdam en het Leidseplein.

    Grote mond

    Geraldo Vallen, de oprichter en ceo van Join the Pipe, heeft een uitgesproken mening over de toekomst van maatschappelijke ontwikkeling. ‘Ze moeten iemand van de PVV minister maken van ontwikkelingssamenwerking, dat meen ik echt,’ zegt hij. ‘Zo iemand kijkt tenminste kritisch naar ontwikkelingshulp. Er gaan miljarden die kant op en nog drinken mensen uit de sloot. Dat is niet te rijmen. Er wordt grof geld verdiend over de ruggen van de armsten.’

    Als zakenman is Vallen verre van onomstreden; hij wordt ook wel de ‘enfant terrible van de goededoelenwereld’ genoemd. Op de vraag waarom Join the Pipe geen subsidie krijgt, antwoordt hij: ‘Heel simpel. Ik krijg geen subsidie, want ik heb gewoon een te grote mond.’

    Over het gebrek aan schoon drinkwater in Afrika is Vallen stellig: ‘Er is in Afrika geen waterprobleem, er is een pompenprobleem.’ De reden? ‘Er zijn geen sancties. Niemand die slecht werk heeft geleverd in Afrika en de situatie misschien zelfs heeft verslechterd, wordt daarvoor gestraft. Join the Pipe zorgt ervoor dat waterpompen die ooit neer zijn gezet en stuk zijn gegaan, weer gemaakt worden.’

    "De wondere wereld van de duurzame waterfles concurreert net zo hard als elke commerciële markt"

    Rechtszaak

    Samen vormen de organisaties een beweging die concurreert met drankgiganten als Nestlé, Coca-Cola en Spa — miljardenbedrijven die met hun tientallen watermerken en enorme marketingbudgetten de drijvende kracht zijn achter de productie van vervuilende PET-flessen en ongezonde frisdrankjes. Dit betekent echter niet dat de organisaties samenwerken voor een zo goed mogelijk alternatief. Integendeel: de wondere wereld van de duurzame waterfles concurreert net zo hard als elke commerciële markt. Tussen Geraldo Vallen en Dopper loopt zelfs een rechtszaak wegens smaad.

    Op persoonlijke titel beschuldigde Vallen Dopper begin dit jaar van plagiaat. Op Twitter zei Vallen dat het ontwerp van de Dopper-fles gestolen is uit Rusland. Ook is de ontwerpwedstrijd die leidde tot de fles volgens hem nep geweest. Vallen verloor het kort geding en mag van de rechter geen uitlatingen meer doen over Dopper. Hij laat het hier echter niet bij zitten; binnenkort volgt de bodemprocedure waarin hij alsnog zijn gelijk wil halen.

    Ook Jean-Paul Jacobs, een medewerker van Join the Pipe, heeft weinig goede woorden over voor de concurrent. Hij omschrijft Dopper als ‘lariekoek’ en zegt: ‘Het slaat nergens op wat ze allemaal roepen. Hoe kan je zeggen dat je een sociaal ondernemer bent als je zeven ton pakt?!’ Jacobs wil verder absoluut niet met Dopper geassocieerd worden, maar wijst wel op een vergelijkende consumententest — ‘die wij overigens wonnen. Niet gek, want hun fles lekt.’

    Het probleem van de plasticsoep ligt bovendien niet in Nederland, vervolgt Jacobs: ‘Een plastic fles die in de gracht belandt, vist Waternet er gewoon weer uit. Hij bereikt nooit de Noordzee.’ Het is een impliciete sneer naar de afzetmarkt van Dopper: de duurzame fles is vooral populair in Nederland. Het Haarlemse bedrijf verkoopt haar flessen volgens Jacobs dus niet in gebieden waar het probleem vandaan komt.

    De medewerkers van Join the Pipe zijn niet de enigen met een afkeer jegens Dopper. Zo kwam een recente beslissing het bedrijf op flinke kritiek te staan: terwijl ceo Everaarts bij de oprichting nog zei de volledige winst van Dopper naar ngo Simavi te zullen overmaken, wordt nu slechts 5 procent gereserveerd voor een maatschappelijk doel. Deze 5 procent vloeit via de eigen ‘Dopper Foundation’ naar zelfgekozen doelen, niet meer direct naar een derde partij.

    "Everaarts zei bij de oprichting nog de volledige winst van Dopper naar ngo Simavi te zullen storten; nu is dat 5 procent van de omzet"

    Anbi-status

    De bedrijfsstructuur van Join the Pipe vertoont zelf echter ook onduidelijkheden. Join the Pipe profileert zich op haar website als een stichting met anbi-status. Zonder heel technisch te worden, betekent die status dat donaties belastingvrij geschonken kunnen worden. Een voorwaarde is wel dat de cijfers openbaar worden gemaakt. De cijfers zijn inderdaad openbaar toegankelijk, maar ze zijn wel weggestopt in een dropbox-link — zelfs Vallen geeft toe dat ze lastig te vinden zijn.

    Uit deze documenten blijkt dat stichting Join the Pipe sinds 2014 haar naam heeft veranderd naar ‘JointhePipe International’. Vallen zit zelf in het bestuur van deze stichting, die in anderhalf jaar tijd via donaties ‘slechts’ 55.000 euro heeft binnengekregen. Op de balans van de stichting is echter niks terug te vinden over de verkoop van flessen en tappunten. Deze worden namelijk weer verkocht via Join the Pipe B.V., een ander onderdeel van de Vallen Holding.

    De Amsterdamse zakenman erkent dit: ‘Wij verkopen de flessen en waterkranen gewoon via de B.V.’ Volgens Vallen is dit echter een rechtvaardiger model dan dat van zijn concurrenten. Join the Pipe heeft door het BOGO-systeem namelijk een constante donorstroom van flessen richting Afrika. ‘Enerzijds heeft in ruraal Afrika iedereen een fles, anderzijds verdienen wij geld in Amsterdam, waar we weer nieuwe dingen mee kunnen ondernemen.’

    Moreel kompas

    Ondanks de onenigheid claimen zowel Join the Pipe als Dopper voor een vergelijkbaar hoger doel te werken. Everaarts beaamt het voordeel van samenwerking en spreekt zijn teleurstelling uit over hoe het nu gaat. ‘Mijn bedrijf strijdt voor een betere wereld,’ zegt hij. ‘In deze strijd zoeken wij geregeld gelijkgestemden op — samen staan wij tenslotte sterker. Wij vinden het jammer dat meneer Vallen van Join the Pipe deze mening niet deelt.’

    Vallen reageert dat hij ‘100 procent’ achter zijn uitspraken blijft staan. ‘Ik heb misschien een ander moreel kompas, maar ik kom wel mijn beloftes na. Alle conflicten gaan uiteindelijk over geld, ook in deze sector.’

    ‘Alle conflicten gaan uiteindelijk over geld, ook in deze sector’

    Vallen is zelf groot geworden met Czar, een reclamebedrijf dat net als Join the Pipe B.V. onder zijn Vallen Holding valt. Maar waar Join the Pipe zich het doel stelt ‘het gebruik van milieuvervuilend voorverpakt bronwater tegen te gaan,’ maakt Czar reclame voor Heineken en Nestlé. Die laatste is met 52 watermerken de grootste producent van voorverpakt water ter wereld.

    Vallen ziet hier zelf geen tegengesteld belang in. Hij zegt helemaal niet tegen de PET-fles te zijn. Join the Pipe verkoopt zelf bovendien ook PET-flessen met kraanwater in de biologische supermarkt Marqt. Volgens hem zijn de plasticwaterzakjes in Azië en Afrika de grootste vervuiler. ‘De zakjes worden opgedronken en weggegooid en waaien vervolgens zo de zee in,’ aldus Vallen.

    Zoals gezegd is Vallen zelf ook niet bepaald onomstreden. Meerdere bronnen binnen de sector zeggen negatieve ervaringen gehad te hebben met de Amsterdammer. Volgens sommige critici gebruikt hij de politiek — GroenLinks en de VVD — om druk te zetten op concurrerende partijen, concurrenten zwart te maken en zijn doelen op zijn eigen manier te bereiken. Ook wijst Vallen anderen graag op hun fouten — zeker als dit hem zelf goed uitkomt. Zo tipte hij bijvoorbeeld AT5 over de waterverspilling van de happertjes in Amsterdam. Deze zijn nu deels aangepast: als onderdeel van een pilotproject hebben ze een knop gekregen die het water laat stromen. Vallen begrijpt dat hij hier geen vrienden mee maakt, ‘maar hé, don’t shoot the messenger.’

    Commercieel belang

    Goede spullen moeten van een concurrerende markt komen, aldus Vallen. Op dit moment is dat volgens hem niet het geval. 'De waterpunten van Join the Pipe dienen een watermeter te hebben. Om deze uit te lezen moet elk punt elk jaar uitgegraven worden. Dat alleen al kost per jaar 150 euro extra.’ Waternet heeft deze extra kostenpost niet; een oneerlijke concurrentiepositie, aldus Vallen. De VVD is het met hem eens: ‘die vond het belachelijk dat Waternet het monopolie heeft op waterpunten. Waternet moet zich houden bij de primaire taak, waarom moeten zij waterpunten aanbieden? Gaan ze straks ook kranen maken, en keukenmeubelen?’

    Vallen’s droom is dat alle toeristen in Amsterdam straks in plaats van een fles Spa Blauw een Join the Pipe-fles kopen

    Er zit echter ook een commercieel belang achter Vallen’s kritiek. Als een watertappunt bij Join the Pipe wordt gekocht, mag er een plaats worden aangewezen voor een tweede punt. Dit kan in Afrika zijn, maar ook gewoon in Amsterdam. Vallen’s droom is dat alle toeristen in Amsterdam straks in plaats van een fles Spa Blauw een Join the Pipe-fles kopen. Voor elke BOGO-fles die gekocht wordt, gaat er dan automatisch één naar Afrika: een win-winsituatie. Vervolgens kunnen de toeristen met een app zien waar Join the Pipe-tappunten staan. Deze app en de tappunten bieden weer allerlei mogelijkheden voor reclameadvertenties. Op deze manier worden de openbare waterhappertjes ingewisseld voor commerciële waterpunten.

    In een reactie laat Waternet weten dat hun happertjes al ruim 100 jaar openbaar water aanbieden. ‘Waarom zou dit nu ineens van een goed doel moeten komen? De heer Vallen verplicht ons min of meer via zijn connecties bij GroenLinks Amsterdam om de Join the Pipe-waterpunten aan te schaffen. Hij blijft aanhouden. Wij willen het liefst geen diversiteit aan watertappunten in de openbare ruimte.’

    De markt voor duurzaam drinkwater begint dus net zo competitief te worden als iedere andere. Dat is ook niet verrassend: de markt wordt bevolkt door bedrijven, en bedrijven zijn nu eenmaal op winst uit. De ideële waarde van de branche kan misschien beter gezocht worden in datgene wat er met die winst gerealiseerd kan worden. Het hoofddoel is en blijft echter om te groeien — ook als dit ten koste gaat van het maatschappelijk belang.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Yourick Untied

    Politicoloog gespecialiseerd in politieke economie en voeding.

    Volg Yourick Untied
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren