(22 december 1968) DEN HELDER: De onderzeeboot "Walrus", die op 16 december 3-1/2 uur zoek was, is zaterdag in Den Helder aangekomen. Op de foto verlaat de bemanning het schip, op weg naar huis.
© Cor Hout / ANP Historisch Archief

Op inlichtingen-jacht met Nederlandse onderzeeërs

    Volgend jaar beslist de regering over de toekomst van de Nederlandse onderzeeboten. Maar waar worden die boten eigenlijk voor gebruikt? En wat is er over bekend? FTM sprak met Jaime Karremann, wiens boek over de schepen vandaag verschijnt.

    Het klinkt als een scene uit een spionagethriller van Tom Clancy: zes onderzeeboten die in het diepste geheim inlichtingen verzamelen over de vijand. Onopgemerkt Sovjetschepen volgen. Foto’s maken. Deze afluisteren en soms zelfs tot op een meter naderen. Bijna niemand is op de hoogte van deze missies en slechts een handjevol vertrouwelingen buiten de Marine weten wat er speelt. Ongelofelijk, maar dit was in de periode 1968 tot 1991 Nederlandse realiteit.

    Journalist en voormalig marineman Jaime Karremann onthult dit in In het diepste geheim, zijn boek over de Nederlandse onderzeemissies tijdens de Koude Oorlog dat vandaag verschijnt. Follow the Money sprak hem over het doorspitten van scheepsjournalen in het Nationaal Archief in Den Haag, zijn persoonlijke gesprekken met oudgedienden van de Onderzeedienst en de toekomst van Nederlandse spionage via onderzeeboten.

    Weinig bekend

    Enthousiast wijst Karremann naar de foto op pagina 201 in zijn boek: ‘Dat is een van de nog nooit eerder gepubliceerde foto’s. Vanuit de periscoop gezien kijk je hier naar een Russisch vliegdekschip.’ De vorige keer dat FTM Karremann sprak, wist hij nog niet zeker of het hem zou gaan lukken om alle bronnen bij elkaar te krijgen. Nu ligt het boek er; het is dus toch gelukt. Maar hoe dan precies?

    ‘Deze operaties blijven altijd geheim’

    Karremann vertelt: ‘Dat was best lastig. Deze operaties blijven altijd geheim, dus dat ik er over kan schrijven heeft niets te maken met verjaring. Sommige dingen zijn zo algemeen, die kun je wel vertellen. Andere dingen kun je vertellen omdat ze — met het uiteenvallen van de Sovjetunie bijvoorbeeld — politiek gezien een afgesloten hoofdstuk vormen. Het interessante is dat de meeste mensen wel weten dat onderzeeboten “iets” doen met inlichtingen verzamelen, en zich kunnen voorstellen wat ze ongeveer doen, maar er is weinig bekend over de basics.’

    Want hoe onderzeeboten precies doen wat ze doen, waar ze dat precies doen, en hoe lang, dat blijft vaak geheim. Karremann besloot daarom contact op te nemen met de zogeheten Traditiekamer Onderzeedienst: een club vrijwilligers die hoort bij de Onderzeedienst en officieel onderdeel uitmaakt van het Marine museum. ‘Daar ben ik langs gegaan, in Den Helder. Maar de man met wie ik een afspraak had gemaakt was de afspraak vergeten, dus teleurgesteld ging ik weer terug. Net voor ik in de trein richting huis stapte werd ik gebeld: “er is net iemand anders binnengekomen, en die weet er ook wel wat van.” Ik ging terug en bleek met mijn neus in de boter te zijn gevallen,’ vertelt hij glunderend.

    De betreffende persoon die ‘er wel wat van wist’ bleek iemand te zijn die 25 jaar lang had gevaren en vol zat met verhalen. ‘Hij wist wel wat hij had meegemaakt, maar niet meer onder welke commandant en op welk schip het nou allemaal precies had plaatsgevonden,’ vertelt Karremann. ‘Je moet je voorstellen: als je goed bent, word je continu op pad gestuurd. Alle onderzeeboten zien er van binnen hetzelfde uit, en de routine is ook grotendeels gelijk – dan gaan na een aantal decennia herinneringen door elkaar lopen.’

    Scheepsjournalen

    Om te kijken of hij meer informatie bij de anekdotes kon vinden die oudgedienden (van matroos tot onderofficier tot commandant) hem toevertrouwden, nam Karremann vervolgens contact op met het Nederlands Instituut voor Militaire Historie (NIMH) in Den Haag. ‘Eigenlijk was ik op zoek naar de patrouille-rapporten. Dit zijn feitelijk oorlogsverslagen. Hier staat in wie wat heeft meegemaakt en gezien. Maar iedereen, ook de inlichtingendienst, zei tegen mij “dat is geheim”. Archiefmedewerkers zeiden dat ze niet eens wisten waar die verslagen zijn opgeslagen.’


    Jaime Karremann

    "Hoe minder informatie er stond vermeld, hoe zekerder ik wist dat het een geheime operatie was"

    Het enige wat wel openbaar bleek te zijn, waren de scheepsjournalen. Hier staat in waar de boot heeft gevaren, vanaf waar, en hoe lang. ‘Ik had niets anders, dus ik besloot toch maar eens te gaan kijken.’ Dit bleek een goede beslissing: ‘Veel journalen van die operaties verraden hun inhoud al door het stempel “geheim” erop. Zo kon ik er al een paar identificeren.’

    Ook bleek het gebrek aan informatie veelzeggend. Karremann: ‘Er staat niet in: “dit is een patrouille”, of “dit is een geheime operatie”. Je leest bijvoorbeeld dat een onderzeeboot van Den Helder naar Den Helder is gevaren en daar 6 weken over heeft gedaan. Maar je ziet wel aan de geografische posities dat ze steeds noordelijker zijn gegaan. Bij bijzonderheden staat bijna niets, hooguit “geruisloze vaart”. Ik heb 60 van dit soort geheime missies in de Koude Oorlog geïdentificeerd. Hoe minder informatie er bij de journalen stond vermeld, des te zekerder ik wist dat het een geheime operatie was.’

    Operaties inkleuren

    Vervolgens zocht Karremann bij deze 60 operaties de namen van de onderzeeboot, de commandant en de bemanning op. ‘Ik had van al die commandanten de loopbaan in kaart gebracht en zo kon ik identificeren wie welke missie gevaren moest hebben. Die heb ik gesproken. Soms wisten ze zelf niet eens meer hoeveel ze precies hadden gevaren.’ Karremann grijnst: ‘Dat kon ik ze precies vertellen. Aan de hand van die gesprekken en anekdotes die werden verteld heb ik deze operaties kunnen inkleuren.’

    ‘Eigenlijk hadden ze in de jaren ’70 onder water gewoon robot wars

    Het resultaat is zijn boek In het diepste geheim, dat hij vandaag presenteert in Den Helder. Niet alleen heeft Karremann de geheime missies die Nederland voer in de Koude Oorlog weten te identificeren, ook heeft hij het leven op de onderzeeboot gereconstrueerd. ‘Er zijn zoveel grappige, maar ook rare verhalen,’ vertelt hij. ‘Zo’n patrouille is namelijk soms heel spannend, maar soms ook wekenlang heel erg saai — en je moet je toch vermaken. Er zijn tussentijds geen oefeningen, en met sommige operaties ben je gewoon zes weken nonstop onder water. Je ziet geen haven, niks. Je bent alleen maar bezig met het luisteren naar Sovjetschepen.’

    ‘Zo was de onderzeedienst tijdens de Koude Oorlog bijvoorbeeld helemaal gek van tanks. Ze vonden modeltanks fantastisch en die bouwden ze dan aan boord, maar dan wel met allemaal motortjes en attributen erin. Eigenlijk hadden ze in de jaren ’70 onder water gewoon robot wars,’ grinnikt Karremann.

    ‘Ook hadden ze in de Koude Oorlog te maken met wat wij nu “fake news” zouden noemen,’ vertelt Karremann. ‘Zo maakte een clubje de scheepskrant; die bestond uit nieuwsberichten, maar ter vermaak voor de bemanning deden ze er soms ook hun eigen verzonnen berichten in. Alleen hadden ze er geen rekening mee houden dat als je 6 weken opgesloten in een onderzeeboot zit, en dat je enige vorm van nieuws van buitenaf is, je per ongeluk alles serieus neemt. Gevolg: sommige bemanningsleden begonnen te twijfelen of er niet toch Russen aan boord waren, want dat stond tenslotte in de scheepskrant.'

    ‘Elk pompje, elk tandwiel heeft zijn eigen geluid’

    Grote vingerafdruk

    Maar wat was dan de meerwaarde van dat luisteren naar Sovjetschepen? Karremann: ‘Strategische informatie verzamelen van een potentiële tegenstander. De belangrijkste reden om dit soort missies uit te voeren, was het verzamelen van unieke karakteristieken van Sovjetschepen.’

    Hoe dat ging? ‘Ieder schip maakt zijn eigen geluid. Het is niet één bonk-geluid, maar feitelijk een grote vingerafdruk. Elk pompje, elk tandwiel heeft zijn eigen geluid. De combinatie ervan helemaal. De Marine Inlichtingendienst analyseerde dit en haalde er vervolgens een profiel uit. Dat combineerden zij met de radaruitzending en het gedrag van het schip.’

    ‘Zo is het heel handig om te weten dat bijvoorbeeld de Russen elke ochtend om zes uur een praatje hebben van de commandant en rond dat tijdstip verzamelen op het dek. Dat betekent dat 6 uur ‘s ochtends een uitgelezen kans is om foto’s van de andere zijde van het schip maken. Plus het wisselen van de wacht: als daar een patroon is zit, weet je ook het ideale moment om aan te vallen. Deze informatie was toen van belang, en dat soort informatie is nog steeds van belang. Ik kan mij voorstellen dat er bij de krijgsmacht nog steeds behoefte is aan die gegevens.’

    Is de Nederlandse onderzeedienst dan zo speciaal? Andere landen hebben tenslotte toch ook onderzeeboten? ‘Wat Nederland heeft aan kennis en kunde over onderzeeboten is echt uniek,’ aldus Karremann. ‘De oorsprong is dat wij in de jaren ’30 al onderzeeboten bouwden die grote afstanden konden overbruggen, want die moesten in Nederlands Indië kunnen opereren. De Duitsers konden dat in de Tweede Wereldoorlog ook, maar die mochten dat daarna niet meer.’


    Jaime Karremann

    "Ik was vorig jaar bij de hoorzitting over de onderzeedienst in de Tweede Kamer en schrok een beetje. Er werd dus echt gevraagd of ‘een drone dat niet kan doen’"

    ‘Tegelijkertijd hebben wij in de Tweede Wereldoorlog samen met de Britse marine veel ervaring opgedaan,’ vervolgt Karremann. ‘Gaandeweg zijn Britten en Amerikanen zich gaan specialiseren in nucleaire onderzeeboten; die kunnen ontzettend veel, maar sommige dingen ook niet.’ Zoals? ‘Nucleaire onderzeeboten kunnen niet in ondiep water gaan en dus ook niet dichtbij de kust komen.’

    Dit was zeker in de Koude Oorlog van groot belang. Karremann: ‘De Sovjetboten hadden geen eigen havens, maar ankerplaatsen. Daar konden dus geen nucleaire onderzeeboten naar toe. Wij zaten daar ook nog eens 6 weken lang, en namen dus rustig de tijd om inlichtingen te verzamelen.’

    Toekomst

    De Nederlandse regering besluit in 2018 over de toekomst van de onderzeedienst. Op de vraag waar politici vooral rekening mee moeten houden, is Karremann kort en krachtig: ‘het moet op basis van de juiste informatie gebeuren.’  Met zijn boek probeert hij de kennis over onderzeeboten — voor zover hij deze heeft kunt reconstrueren — te delen met een breder publiek. Daar vallen ook de politici die wellicht in de toekomst over het onderwerp moeten besluiten onder. Karremann: ‘Je kunt het politici ook niet kwalijk nemen, want er wordt gewoon heel weinig verteld. Ik was vorig jaar bij de hoorzitting over de onderzeedienst in de Tweede Kamer en ik schrok een beetje. Er werd dus echt gevraagd of “een drone dat niet kan doen”. Dat is zó veelzeggend.’

    De commandant kreeg letterlijk te horen: “tot over 6 weken, jij weet hoe het moet, dus zoek het maar uit”

    Karremann maakt zich zorgen over het ‘kennisgat’ in de politiek: ‘Veel politici denken dat je met drones altijd hetzelfde kan [als met een onderzeeër], maar dan goedkoper. Voor onderzeeboten zou dat betekenen dat je dus een drone hebt die je in Den Helder te water laat, en je die dan pas ter plekke in de zee moet gaan laten bedenken wat ‘ie moet doen. En je hebt geen communicatie, want je kunt onder water niet communiceren. Dat is juist ook het hele punt van onderzeeboten. Door de eigenschappen van het water kun je er niet goed doorheen kijken en worden elektromagnetische signalen verstoord. Verstoppen is dus makkelijk, en communiceren is moeilijk. Je moet veranderende situaties onder water  dus zelfstandig kunnen inschatten, en dat kunnen computers nog lang niet.’

    Als de Nederlandse regering in 2018 dus besluit over de onderzeedienst, is het geen overbodige luxe zich te informeren over wat deze precies kan. Karremann: ‘Je moet je voorstellen: zo een onderzeeboot ging tijdens de Koude Oorlog weg. De commandant werd gebriefd door de inlichtingendienst, en kreeg dan letterlijk te horen: “tot over 6 weken, jij weet hoe het moet, dus zoek het maar uit”. Er was heus niet elke dag contact tussen Den Helder en de onderzeeboot. De commandant moet dus kunnen anticiperen. Niemand wist dat hij op dat moment onder een Russische onderzeeboot doorvoer.’ Dan, lachend: ‘Het was niet zo dat hij vlak voordat hij er onder ging nog even een belletje pleegde met de minister van defensie.’

    Ook voor niet-politici is Jaime Karreman’s debuut “In het diepste geheim” vanaf vandaag ongerubriceerd te verkrijgen.

    Over de auteur

    Dieuwertje Kuijpers

    Gevolgd door 234 leden

    Geopolitiek junkie. Statistiek-pieler. Niet geïnteresseerd in politieke poppetjes, wel in mechanismes die deze voortbrengen.

    Lees meer

    Volg deze auteur

    Dit artikel krijg je cadeau van Follow the Money.

    Diepgravende onderzoeksjournalistiek kost tijd en geld. Steun ons en

    word lid