Opportunistische westerse pers meet met twee maten

    Om de gunst van de lezer te winnen laat de Westerse pers zich steeds meer leiden door wat zij ziet als het 'Gesundes Volksempfinden'. Door sommige landen en leiders te demoniseren waar zij anderen ongemoeid laten, kunnen media een funeste invloed hebben op de politieke besluitvorming, waarschuwen Rochus van der Weg en Rens Knegt. 

    Op 3 juli 1988 stortte een Airbus A300 van Iran Air neer in de Perzische Golf, op weg van Teheran naar Dubai. Neergehaald door een raket van de Amerikaanse kruiser USS Vincennes. Het aantal slachtoffers bedroeg 290. Dit voorval doet denken aan het afschuwelijke ongeluk op 17 juli 2014 met de Boeing 777 van Malaysia Airlines op weg van Amsterdam naar Kuala Lumpur,  de beroemde vlucht MH17. Ook neergehaald, maar ditmaal door een Russische raket, afgevuurd door – onvoldoende getrainde – pro-Russische separatisten boven oorlogsgebied in Oost-Oekraïne. Ook hierbij kwamen alle inzittenden om het leven: in totaal waren er 298 slachtoffers. In beide gevallen was het neerhalen naar alle waarschijnlijkheid het gevolg van een foutieve inschatting door militairen.

    Selectieve ontluistering

    De nasleep van deze twee ongevallen verliep volstrekt verschillend. Rusland, dat het betreffende raketsysteem had geleverd, wordt in de Westerse pers heftig veroordeeld, in de VN Veiligheidsraad ter verantwoording geroepen en kan slechts door een eigen veto een speciaal MH17 tribunaal voorkomen. Dit terwijl de Verenigde Staten ten tijde van hun militaire misstap een dergelijke mondiale ontluistering bespaard bleef.
    Vladimir Poetin wordt voor het neerhalen van vlucht MH17 als hoofdschuldige aangemerkt en in de Westerse pers gedemoniseerd
    De Russische president Vladimir Poetin wordt voor het neerhalen van vlucht MH17 als hoofdschuldige aangemerkt en in de Westerse pers gedemoniseerd. Van een mondiale veroordeling door dezelfde pers van Ronald Reagan, Amerika's president ten tijde van het incident met de Airbus van Iran Air, is echter nooit sprake geweest. Sterker, een door vertedering gekleurde herinnering is nu nog steeds zijn deel. De Nederlandse kwaliteitspers ondersteunt dit subjectieve polariserende denken, of misschien nog ernstiger, stimuleert dit zelfs.

    Soevereiniteitsschending

    Zo vormen de inname van de Krim en de oorlog in delen van Oost-Oekraïne met door Rusland gesteunde 'separatisten’ de initiële rechtvaardiging van Westerse sancties. Het schenden van de soevereiniteit van een natie door een buitenlandse mogendheid is te allen tijde onaanvaardbaar. De inval in Irak van 2003 door een Westerse kongsi, was evenzeer een schendig van de soevereiniteit van een onafhankelijke natie. Van de heftige veroordeling in de pers van deze kongsi, zoals nu Rusland ten deel valt, is echter nooit sprake geweest. Dit terwijl het aantal slachtoffers tengevolge van de inval in Irak naar schatting het miljoen ruim is gepasseerd. Een veelvoud van het aantal slachtoffers in Oekraïne en op de Krim. De pers speelt een sleutelrol in de onevenwichtige en vooringenomen veroordeling van deze vergelijkbare gebeurtenissen.

    Koude Oorlog-retoriek herleeft

    Deze vooringenomenheid wordt op navrante wijze bevestigd door de verslaggeving in de Volkskrant van 29 juli 2015. De krant wijdt een voorpagina-artikel, met foto, aan de vermeende spionage van een jonge Russische wetenschappelijke onderzoeker aan de TU Eindhoven op basis van een vermoeden van de Duitse Inlichtingendienst. De kop: ‘Een Russische spion in Eindhoven’. Het waarheidsgehalte van deze Koude Oorlog-retoriek is moeilijk te beoordelen, maar het vermelden op de voorpagina sterkt de lezers in ontluikende anti-Russische gevoelens. Het vermoeden rijst dat de redactie van de krant hierbij vooral opportunistische motieven heeft gehad; het inspelen op de veronderstelde wensen van zijn klant, de lezer.

    Riskant inspelen op onderbuikgevoel

    De pers, die de taak heeft om lezers objectief voor te lichten om vervolgens een genuanceerde opinie te formuleren, laat zich in verslaggeving en opinie te veel leiden door de commercie. Het lijkt erop dat opportunistisch inspelen op een verondersteld onderbuikgevoel het richtsnoer is voor de berichtgeving. Met als doel het behoud van lezers. Dat een warenhuisketen zich bij haar marketing laat leiden door dit onderbuikgevoel is professioneel, dat de pers dit doet, stemt tot zorg en is niet zonder risico.
    journalistiek opportunisme vormt een risico voor de politieke besluitvorming in een land
    Dit journalistiek opportunisme vormt een risico voor de politieke besluitvorming in een land. Media die inspelen op wat wordt gepercipieerd als ‘Gesundenes Volksempfinden’ ('Amerika en Israël zijn oké, Rusland en Iran zijn slecht, de EU deugt niet') bepalen mede wat politici als standpunt kiezen. Het gaat immers om de gunst van het electoraat, simpel gezegd: om stemmen.

    Europa bashing

    De EU is net zo goed een voorbeeld van deze tendens. Sinds het referendum van 2005 over wat, ten onrechte, in de media een 'grondwet' werd genoemd is het bon ton 'Europa' alles te verwijten wat niet goed gaat. Zelfs een internationaal georiënteerde partij als de VVD gedraagt zich daarnaar. De feiten, ondersteund door wetenschappelijk onderzoek, zijn anders. Onze welvaart is door de EU aanzienlijk toegenomen, de bankencrisis van 2008 was zonder de EU onoplosbaar geweest. Een pleidooi voor een meer onbevooroordeelde berichtgeving en minder commercieel gemotiveerd opportunisme in de pers is zeker gerechtvaardigd. Dit zal de politieke besluitvorming ten goede komen en het populisme naar de achtergrond verdringen.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Rochus van der Weg

    Rochus van der Weg heeft systeemtheorie gestudeerd in Groningen en in Toulouse en is vervolgens 20 jaar werkzaam geweest bij...

    Volg Rochus van der Weg
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren